← Nederland

ECLI:NL:GHAMS:2016:4887

15/870661-16 GERECHTSHOF AMSTERDAM, MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER BESCHIKKING in raadkamer op het hoger beroep in de zaak van [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1997, wonende te [adres], thans verblijvende in het huis van bewaring Detentiecentrum Schiphol te Badhoevedorp, tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlemmermeer van 2 november 2016, voor zover houdende bevel tot zijn gevangenhouding. De feiten en de rechtsgang Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlemmermeer van 4 november 2016, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld van voormelde beschikking van die rechtbank. Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, namens mr. P.P.J. van der Meij bijgestaan door mr. I. Raterman. De beoordeling Het hof verenigt zich met de beschikking waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en de gronden waarop deze berust. De verdachte is tien minuten na de overval op loopafstand van de plaats delict hijgend aangetroffen. De bevindingen van de verbalisanten ten aanzien van de verdachte daarbij en de omstandigheid dat op de vluchtroute kleding is aangetroffen met daarin materiaal dat matcht met het DNA van de verdachte, maken dat het hof voldoende ernstige bezwaren aanwezig acht voor het op de vordering inbewaringstelling vermelde feit. Gelet op de justitiële documentatie van de verdachte, waaruit naar voren komt dat de verdachte bij vonnis van 2 juli 2015 is veroordeeld en er ernstige bezwaren zijn dat de verdachte tijdens de bij dat vonnis opgelegde proeftijd is gerecidiveerd, is het hof van oordeel dat het stellen van voorwaarden de verdachte er kennelijk niet van kan weerhouden te recidiveren. Daarnaast merkt het hof op dat de door de reclassering in het rapport van 22 november 2016 genoemde risicofactoren een schorsing van de voorlopige hechtenis eveneens in de weg staan. Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis zal derhalve worden afgewezen. 15870661-16 De beslissing Het hof: WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen. WIJST AF het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis. Deze beschikking is gegeven op 23 november 2016 in raadkamer van dit hof door mr. F.A. Hartsuiker, voorzitter, mrs. J.L. Bruinsma en J.H. Wesselink, raadsheren, in tegenwoordigheid van mr. S.A.M. Borg als griffier. De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte. Amsterdam, 23 november 2016, de advocaat-generaal

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.