beschikking GERECHTSHOF AMSTERDAM Rekestnummer: R 001030-15/ (591a Sv) Parketnummer in hoger beroep: 23-001649-14 Beschikking op het verzoekschrift op de voet van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering van: [verzoeker] Geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1994 domicilie kiezende ten kantore van zijn advocaat mr. F.N. Dijkers Leliegracht 10a, 1015 DE Amsterdam. 1Inhoud van het verzoek Het verzoekschrift strekt tot het toekennen van een vergoeding uit ’s Rijks kas ter zake van: kosten die verzoeker stelt te hebben gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van de strafzaak met voormeld parketnummer ten bedrage van € 3.855,06, kosten ten behoeve van het opstellen, indienen en in raadkamer toelichten van dit verzoekschrift ten bedrage van € 280,00 (zonder mondelinge behandeling) dan wel € 550,00 (met mondelinge behandeling), zijnde de geldende standaardbedragen. 2Procesverloop De voorzitter heeft kennis genomen van de stukken in de strafzaak met voormeld parketnummer en heeft op 27 januari 2016 de advocaat-generaal en de advocaat van verzoeker ter gelegenheid van de openbare behandeling van het verzoekschrift in raadkamer gehoord. Verzoeker is niet verschenen. De advocaat heeft in raadkamer het verzoekschrift toegelicht en medegedeeld dat op de urenspecificatie abusievelijk verkeerde data vermeld staan. De uren zijn niet in mei 2015 geschreven, maar in april 2015 en in onderhavige zaak. De advocaat verzoekt de voorzitter de urenspecificatie verbeterd te lezen en de kostenvergoeding toe te wijzen. De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot toewijzing van het verzoek. 3Beoordeling van het verzoek Het verzoekschrift is tijdig ter griffie van dit hof ingediend. De strafzaak met voormeld parketnummer is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht. Het arrest in die strafzaak is inmiddels onherroepelijk geworden. Gelet op de door de advocaat bij de behandeling in raadkamer gegeven toelichting over de data vermeld op de urenspecificatie acht de voorzitter gronden van billijkheid aanwezig voor toekenning van een vergoeding zoals verzocht ter zake van de kosten van rechtsbijstand ten bedrage van € 3.855,06 De voorzitter zal voorts toewijzen het verzoek van de advocaat tot het verkrijgen van een vergoeding uit ’s Rijks kas ter zake van de kosten van rechtsbijstand voor het opstellen, indienen en in raadkamer toelichten van het onderhavige verzoekschrift ten bedrage van € 550,00, zijnde het geldende standaardbedrag. De voorzitter zal het bedrag van € 4.405,06 ingevolge het bepaalde in artikel 90, derde lid, Sv, verrekenen met door verzoeker aan de Staat (CJIB) verschuldigde bedragen. Het hof gaat hierbij uit van de juistheid van het CJIB-overzicht openstaande zaken van 26 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.