beschikking ___________________________________________________________________ GERECHTSHOF AMSTERDAM ONDERNEMINGSKAMER zaaknummer: 200.201.244/01 OK beschikking van de Ondernemingskamer van 14 december 2016 inzake
- de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [A] , gevestigd te [....] ,
- de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid ROYAUMS B.V., gevestigd te Amsterdam, VERZOEKSTERS, advocaat: mr. T. Steffens en mr. T. Welschen, beiden kantoorhoudende te Amsterdam, t e g e n de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid ROYAUMS B.V., gevestigd te Amsterdam, VERWEERSTER, advocaat: mr. B. Coskun, kantoorhoudende te Amsterdam, e n t e g e n
- de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [B] , gevestigd te [....] ,
- [C], wonende te [....] , BELANGHEBBENDEN, advocaat: mr. B. Coskun, kantoorhoudende te Amsterdam.
- Het verloop van het geding 1.1 In het vervolg zullen de hierna te vermelden personen als volgt worden aangeduid: verzoekster sub 1 als [A] ; verzoekster sub 2, tevens verweerster, als Royaums; belanghebbende sub 1 als [B] ; belanghebbende sub 2 als [C] ; [D] als [D] . 1.2 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 11 en 15 november 2016 in deze zaak. Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer - voor zover thans van belang - bij wijze van onmiddellijke voorziening, vooralsnog voor de duur van het geding, [D] en [C] als bestuurders van Royaums geschorst, mr. J.G. Molenaar tot bestuurder van Royaums benoemd en bepaald dat de aandelen in het kapitaal van Royaums - met uitzondering van één aandeel van ieder van de aandeelhouders - ten titel van beheer zijn overgedragen aan mr. J.H. van Woudenberg. 1.3 Bij brief van 29 november 2016 heeft mr. Molenaar de Ondernemingskamer verzocht om te worden ontheven uit de functie van bestuurder van Royaums. 1.4 Bij brief van 30 november 2016 heeft de secretaris van de Ondernemingskamer partijen in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over dat verzoek. 1.5 Bij brief (met bijlagen) van 2 december 2016 heeft mr. Welschen namens [A] verzocht om de bij wijze van onmiddellijke voorziening uitgesproken schorsing van [D] te beëindigen. 1.6 Bij brief (met bijlagen) van 6 december 2016 heeft mr. Coskun namens [C] verzocht om - naar de Ondernemingskamer begrijpt - de schorsing van [C] te beëindigen, dan wel de getroffen onmiddellijke voorziening ten aanzien van het bestuur te beëindigen. 2De gronden van de beslissing 2.1 De door de Ondernemingskamer benoemde bestuurder heeft aan zijn verzoek onder meer ten grondslag gelegd dat hij zijn bestuurstaak niet kan vervullen nu Royaums thans geen bedrijfsmiddelen heeft om haar activiteiten voort te zetten of haar schuldeisers te voldoen, nagenoeg de gehele administratie uit het kantoorpand van Royaums is verwijderd, en noch [D] (Holding) noch [C] (Holding) in staat is zekerheid te stellen voor de kosten van de bestuurder. 2.2 De Ondernemingskamer zal mr. Molenaar ontheffen uit diens functie van bestuurder, reeds omdat hij daarom in zijn brief van 29 november 2016 heeft verzocht. 2.3 Gelet op de toelichting van het verzoek van mr. Molenaar en de reacties daarop van partijen, zal de Ondernemingskamer partijen en de beheerder van aandelen in de gelegenheid stellen zich schriftelijk uit te laten over de al dan niet voortzetting, praktische uitvoerbaarheid en financiering van de getroffen onmiddellijke voorzieningen. 2.4 Voorts zal de Ondernemingskamer, afhankelijk van de inhoud van deze reacties een mondelinge behandeling gelasten op donderdag 12 januari a.s. te 9:30 uur ter gelegenheid waarvan de onder 1.5 en 1.6 weergegeven verzoeken zullen worden behandeld. 3De beslissing De Ondernemingskamer: ontheft mr. J.G. Molenaar te Amsterdam uit de functie van bestuurder van Royaums, zoals bedoeld in de beschikking van 11 november 2016; stelt partijen in de gelegenheid zich uiterlijk op dinsdag 3 januari 2017 te 16:00 uur schriftelijk uit te laten als bedoeld in 2.3 hiervoor; houdt iedere verdere beslissing aan; verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. A.C. Faber, voorzitter, mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en drs. P.G. Boumeester en prof. drs. E. Eeftink RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. R. Verheggen, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. Broekhuijsen-Molenaar op 14 december 2016.