afdeling strafrecht parketnummer: 23-001134-17 datum uitspraak: 3 augustus 2017 TEGENSPRAAK (gemachtigde raadsman) Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 20 maart 2017 in de strafzaak onder parketnummer 13-741048-17 tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1994, adres: [adres 1] . Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep De verdachte is door politierechter in de rechtbank Amsterdam vrijgesproken van hetgeen aan hem onder 2 primair en 2 subsidiair is ten laste gelegd. Het hoger beroep is door de verdachte onbeperkt ingesteld en is derhalve mede gericht tegen de in eerste aanleg gegeven beslissing tot vrijspraak. Gelet op hetgeen is bepaald in artikel 404, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering staat voor de verdachte tegen deze beslissing geen hoger beroep open. Het hof zal de verdachte mitsdien niet-ontvankelijk verklaren in het ingestelde hoger beroep, voor zover dat is gericht tegen de in het vonnis waarvan beroep gegeven vrijspraak. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 20 juli 2017 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg. Tegen voormeld vonnis is door de verdachte hoger beroep ingesteld. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht. Tenlastelegging Aan de verdachte is, voor zover thans nog aan de orde, ten laste gelegd dat: 1:hij op of omstreeks 1 december 2016 te Amsterdam, althans in Nederland, ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening (in/uit een woning gelegen aan de [adres 2] ) weg te nemen een of meer goed(eren) en/of een geldbedrag geheel of ten dele toebehorend aan [benadeelde] en/of (woningbouwvereniging) [woningbouwvereniging] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan hem, verdachte, en zich daarbij de toegang tot die woning te verschaffen en/of die/dat weg te nemen goed(eren)/geldbedrag onder zijn bereik te brengen door middel van braak/verbreking en/of inklimming, zich naar die woning heeft begeven en/of een (achter)deur heeft opengebroken/geforceerd, in elk geval heeft getracht open te breken/te forceren en/of een raam (van de woonkamer) heeft opengebroken/geforceerd en/of die woning (via dat raam) is binnengegaan en/of die woning heeft doorzocht; (artikel 311 jo artikel 45 Wetboek van Strafrecht) Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad. Vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere bewezenverklaring komt dan de politierechter. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat: 1:hij op 1 december 2016 te Amsterdam ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning gelegen aan de [adres 2] weg te nemen een of meer goederen en/of een geldbedrag, geheel of ten dele toebehorend aan [benadeelde] , en zich daarbij de toegang tot die woning te verschaffen door middel van braak, zich naar die woning heeft begeven en een achterdeur heeft getracht open te breken/te forceren en een raam van de woonkamer heeft opengebroken en die woning is binnengegaan en die woning heeft doorzocht. Hetgeen onder 1 meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken. Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat, zoals deze na het eventueel instellen van beroep in cassatie zullen worden opgenomen in de op te maken aanvulling op dit arrest. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het onder 1 bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het onder 1 bewezen verklaarde levert op: poging tot diefstal, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak. Strafbaarheid van de verdachte Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte ten aanzien van het onder 1 bewezen verklaarde uitsluit, zodat de verdachte strafbaar is. Oplegging van straf De politierechter in de rechtbank Amsterdam heeft de verdachte voor het in eerste aanleg onder
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.