afdeling strafrecht parketnummer: 23-004363-16 datum uitspraak: 18 mei 2018 TEGENSPRAAK Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 15 november 2016 in de strafzaak onder parketnummer 15-010965-16 tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977, adres: [adres] . Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 7 mei 2018 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg. Tegen voormeld vonnis is door de verdachte hoger beroep ingesteld. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsvrouw naar voren is gebracht. Tenlastelegging Aan de verdachte is tenlastegelegd dat: hij op of omstreeks 8 december 2015 te Zaandam, gemeente Zaanstad, [benadeelde] heeft mishandeld door meermalen althans eenmaal die [benadeelde] in het gezicht te slaan. Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad. Vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd om proceseconomische redenen. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat: hij op 8 december 2015 te Zaandam, gemeente Zaanstad, [benadeelde] heeft mishandeld door meermalen die [benadeelde] in het gezicht te slaan; Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken. Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat, zoals deze na het eventueel instellen van beroep in cassatie zullen worden opgenomen in de op te maken aanvulling op dit arrest. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het bewezen verklaarde levert op: mishandeling. Strafbaarheid van de verdachte Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte ten aanzien van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat de verdachte strafbaar is. Oplegging van straf De politierechter in de rechtbank Noord-Holland heeft de verdachte voor het in eerste aanleg bewezenverklaarde veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 60 uur, bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door 30 dagen hechtenis. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen. Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en gelet op de persoon van de verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan mishandeling door het slachtoffer meermalen in het gezicht te slaan met zijn vuist. De verdachte heeft daarmee de lichamelijke integriteit van het slachtoffer geschonden, die hierdoor pijn, letsel en psychische klachten heeft ondervonden en zijn werkzaamheden gedurende een aantal maanden niet (volledig) heeft kunnen uitoefenen. Het slachtoffer was werkzaam als conciërge op een basisschool en hielp als klaar-over schoolgaande kinderen met oversteken. Toen hij de vrouw van de verdachte aansprak omdat zij hun auto vlakbij het zebrapad parkeerde en hij (het slachtoffer) de opgestoken vinger van die vrouw had weggeduwd, heeft de verdachte het slachtoffer meermalen in het gezicht gestompt, terwijl hij hem in een nekklem vasthield. Het slachtoffer droeg als klaar-over bij aan de veiligheid in de publieke sfeer, de mishandeling vond plaats in aanwezigheid van schoolgaande kinderen op de openbare weg en het slachtoffer was fysiek geen partij voor de verdachte die een stuk groter, breder en jonger is dan het slachtoffer en tevens geoefend in vechtsporten die mede gericht zijn op (zelf)beheersing. Het hof neemt de verdachte het feit dan ook bijzonder kwalijk. De raadsvrouw heeft ter terechtzitting aangevoerd dat de verdachte reeds veel nadelige gevolgen van deze gebeurtenis heeft ondervonden, doordat hij is afgeschilderd als een agressief persoon op de school die zijn kinderen bezochten en negatief over hem in de krant is bericht. Het hof ziet hierin echter geen reden de op te leggen straf te matig en acht de in eerste aanleg opgelegde, en ook in hoger beroep gevorderde taakstraf alleszins gerechtvaardigd. Vordering van de benadeelde partij [benadeelde] De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 1.686,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.