beschikking GERECHTSHOF AMSTERDAM Afdeling strafrecht AV-nummer: 001489-17 Parketnummer: 23-002998-17 Uitspraak d.d.: 28 juni 2018 Beschikking van de meervoudige kamer op het klaagschrift ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering van: [klager] , geboren te [geboorteplaats] [geboortedatum] 1971, adres: [adres]. Inhoud van het klaagschrift Het klaagschrift strekt tot het geven van een last tot teruggave aan klager van het in de strafzaak met parketnummer 23-002998-17 onder klager in beslag genomen geldbedrag van € 3.477,
- Het klaagschrift is behandeld op de openbare raadkamer van het hof op 14 juni
- Procesgang Het hof heeft kennis genomen van het procesdossier in de strafzaak met parketnummer 23-002998-17 en van het onderhavige klaagschrift. Klager is op 21 augustus 2017 door de politierechter in de rechtbank Noord-Holland veroordeeld ter zake van, kort gezegd, het voorhanden hebben van een vuurwapen en munitie. Bij dat vonnis heeft de politierechter de teruggave van voornoemd geldbedrag aan klager gelast. Tegen dit vonnis is namens klager op 21 augustus 2017 hoger beroep ingesteld. Beoordeling Klager is, bijgestaan door zijn advocaat, ter zitting van 14 juni 2018 gehoord. De advocaat heeft ter zitting aangevoerd dat klager zijn klaagschrift niet wenst te handhaven, nu hij daar geen belang meer bij heeft aangezien het hof een beslissing over voornoemd geldbedrag zal nemen bij het in de bovengenoemde strafzaak tegen klager te wijzen arrest. De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijk verklaring van klager in zijn klaagschrift, nu klager heeft aangegeven bij voortgezette behandeling van het klaagschrift geen belang meer te hebben. Het hof is van oordeel dat klager niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn beklag, nu het hof bij arrest van heden in de strafzaak tegen de verdachte onder parketnummer 23-002998-17 reeds een beslissing over het voornoemde inbeslaggenomen geldbedrag heeft genomen, in die zin dat het geldbedrag aan de klager zal worden teruggegeven, zoals verzocht, en klager heeft medegedeeld dat het klaagschrift als ingetrokken kan worden beschouwd. Hierdoor is het belang van klager bij een beslissing op het klaagschrift komen te vervallen. Het hof zal klager daarom niet-ontvankelijk verklaren in het beklag. Beslissing Het hof: Verklaart klager niet-ontvankelijk in het beklag. Deze beschikking is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.E. Kleene-Krom, mr. H.S.G. Verhoeff en mr. S.M.M. Bordenga, in tegenwoordigheid van A.D. Renshof, griffier, en is uitgesproken op de openbare raadkamer van dit gerechtshof van 28 juni 2018.