← Nederland

ECLI:NL:GHAMS:2018:2651

beschikking ___________________________________________________________________ GERECHTSHOF AMSTERDAM ONDERNEMINGSKAMER zaaknummer: 200.159.002/01 OK beschikking van de Ondernemingskamer van 26 juli 2018 inzake 1. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid VERENIGING VAN EFFECTENBEZITTERS (voorheen genaamd VEB NCVB), gevestigd te Den Haag, 2. [A], wonende te [....] , 3. [B], wonende te [....] , 4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [C] , gevestigd te [....] , 5. [D], wonende te [....] , 6. [E], wonende te [....] , 7. [F], wonende te [....] , 8. [G], wonende te [....] , VERZOEKERS, advocaten: aanvankelijk mrs. P.J. van der Korst en J. van Bekkum, beiden kantoorhoudende te Amsterdam, thans mr. P.W.J. Coenen, kantoorhoudende te Den Haag, en mrs. G.T.J. Hoff en J.M.K.P. Cornegoor, beiden kantoorhoudende te Haarlem, t e g e n 1. de naamloze vennootschap SRH N.V. (voorheen genaamd SNS REAAL N.V.), gevestigd te Utrecht, 2. de naamloze vennootschap DE VOLKSBANK N.V. (voorheen genaamd SNS BANK N.V.), gevestigd te Utrecht, VERWEERSTERS, advocaten: mrs. H.J. de Kluiver, P.N. Ploeger en J.L. van der Schrieck, kantoorhoudende te Amsterdam, e n t e g e n 1DE STAAT DER NEDERLANDEN, gevestigd te Den Haag, BELANGHEBBENDE, advocaat: mr. R.G.J. de Haan, kantoorhoudende te Amsterdam, e n t e g e n 2. de stichting STICHTING BEHEER SNS REAAL, gevestigd te Utrecht, BELANGHEBBENDE, advocaten: mrs. S. Perrick en I. Spinath, beiden kantoorhoudende te Amsterdam, e n t e g e n 3. de stichting STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR BEHEER FINANCIËLE INSTELLINGEN, gevestigd te Den Haag, BELANGHEBBENDE, advocaten: mrs. A.R.J. Croiset van Uchelen en A.J.F. de Bruijn, beiden kantoorhoudende te Amsterdam, e n t e g e n 4. de stichting RESTITUTIE ONTEIGENDE OBLIGATIEHOUDERS SNS STICHTING, gevestigd te Amsterdam, 5. [H], wonende te [....] , 6. [J], wonende te [....] , BELANGHEBBENDEN, advocaten: mrs. K. Rutten en J.R. Hurenkamp, beiden kantoorhoudende te Utrecht, e n t e g e n 7 [K] , wonende te [....] , BELANGHEBBENDE, advocaat: mr. A.R. Oosthout, kantoorhoudende te Leiden. 1Het verloop van het geding 1.1 Partijen worden hierna als volgt aangeduid: verzoekers met VEB c.s.; verzoekster sub 1 met VEB; verweersters sub 1 en 2 gezamenlijk met SNS Reaal c.s. en afzonderlijk met SNS Reaal onderscheidenlijk SNS Bank; belanghebbende sub 1 met de Staat; belanghebbende sub 2 met Stichting Beheer; belanghebbende sub 3 met NLFI; belanghebbende sub 4 met ROOS; belanghebbende sub 5 met [H] ; belanghebbende sub 6 met [J] ; belanghebbenden sub 4 tot en met 6 gezamenlijk met ROOS c.s.; belanghebbende sub 7 met [K] . 1.2 In deze beschikking zullen voorts de volgende aanduidingen worden gebruikt: Property Finance SNS Property Finance B.V., in citaten ook aangeduid als SPF of SNSPF, na de Onteigening genaamd Propertize B.V.; Reaal Reaal N.V., zie ook 2.7 hierna; [L] , voorzitter van de raad van bestuur van SNS Reaal voorzitter van de raad van commissarissen van Property Finance tot 15 april 2009; [M] , voorzitter van de raad van bestuur van SNS Reaal en voorzitter van de raad van commissarissen van Property Finance vanaf 15 april tot 1 februari 2013; [N] , CFO van SNS Reaal vanaf 15 april 2009 en lid van de raad van bestuur van SNS Bank en lid van de raad van commissarissen van Property Finance vanaf 2 juni 2009 tot 1 februari 2013; [P] , CFO van SNS Bank van 1 oktober 2005 tot 1 januari 2012; [Q] , lid van de raad van bestuur van SNS Bank en directievoorzitter van Property Finance tot 1 oktober 2009; DNB De Nederlandsche Bank N.V.; SREP-besluit besluit van 27 januari 2013 van DNB in het kader van het Supervisory Review and Evaluation Process 2012 tot het geven van een aanwijzing aan SNS Bank op de voet van artikel 3:111a lid 2 Wft, inhoudende dat SNS Bank uiterlijk op 31 januari 2013 haar kernkapitaal met minimaal € 1,84 miljard moet hebben aangevuld, althans een ‘finale oplossing’ zou moeten presenteren met een voldoende kans van slagen; Onteigening de onteigening van de vermogensbestanddelen van SNS Reaal c.s. en door SNS Reaal c.s. uitgegeven effecten bij besluit van de minister van Financiën van 1 februari 2013; Commissie ENS de Evaluatiecommissie Nationalisatie SNS Reaal, bestaande uit dr. J.M.G. Frijns en mr. R.J. Hoekstra, welke commissie in opdracht van de minister onderzoek heeft gedaan naar – kort gezegd – de Onteigening en daarover op 23 januari 2014 heeft gerapporteerd. 1.3 Voor het verloop van het geding tot de hierna te noemen beschikking van de Ondernemingskamer van 8 juli 2015 verwijst de Ondernemingskamer naar die beschikking. Samengevat en voor zover hier van belang houdt dat procesverloop het volgende in: VEB c.s. hebben bij verzoekschrift van 6 november 2014 de Ondernemingskamer verzocht een onderzoek te bevelen naar het beleid en de gang van zaken van SNS Reaal, SNS Bank en Propertize vanaf 1 januari 2006 "tot en met het moment waarop het onderzoek is afgerond" en met betrekking tot de in het verzoekschrift aangeduide onderwerpen, met hoofdelijke veroordeling van SNS Reaal, SNS Bank en Propertize in de kosten van het geding. De Ondernemingskamer heeft aanleiding gezien een mondelinge behandeling te bepalen uitsluitend met betrekking tot de bevoegdheid en ontvankelijkheid van VEB c.s. SNS Reaal c.s., Propertize en de Staat hebben elk bij afzonderlijk verweerschrift geconcludeerd tot niet-ontvankelijkheid van VEB c.s. in hun verzoek. Bij verweerschrift van 22 januari 2015 heeft Stichting Beheer de Ondernemingskamer verzocht een onderzoek te bevelen naar het beleid en de gang van zaken van SNS Reaal over de periode vanaf 1 januari 2012 tot een nader in het verzoekschrift beschreven tijdstip. 1.4 In haar beschikking van 8 juli 2015 heeft de Ondernemingskamer: bepaald dat ROOS in het vervolg van de procedure kan toelichten op welke gronden zij als belanghebbende moet worden aangemerkt (r.o. 3.11); beslist dat de onteigening van de aandelen in SNS Reaal op 1 februari 2013 door de minister van Financiën op grond van de Interventiewet, geen beletsel is om VEB c.s. en Stichting Beheer bevoegd te achten tot doen van een enquêteverzoek (r.o. 3.26); VEB c.s. niet-ontvankelijk verklaard in hun verzoek voor zover het betrekking heeft op Propertize (r.o. 3.31 en dictum); e beslissing met betrekking tot de ontvankelijkheid van VEB c.s. in hun verzoek voor zover het betrekking heeft op SNS Bank aangehouden (r.o. 3.32); de beslissing op het verweer van SNS Reaal c.s. dat VEB c.s. en Stichting Beheer onvoldoende belang hebben bij een enquête aangehouden (r.o. 3.37). 1.5 Bij de beschikkingen van 4 november 2016 heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van de Staat en NLFI en het cassatieberoep van SNS Reaal c.s. tegen de beschikking van 8 juli 2015 verworpen (ECLI:NL:HR:2016:2456 en ECLI:NL:HR:2016:2518). 1.6 SNS Reaal c.s. hebben bij verweerschrift, ingekomen ter griffie van de Ondernemingskamer op 26 april 2017, geconcludeerd tot niet-ontvankelijkheid van VEB c.s. voor zover hun enquêteverzoek is gericht tegen SNS Bank en tot afwijzing van de enquêteverzoeken van VEB c.s. en van Stichting Beheer die zijn gericht tegen SNS Reaal. 1.7 De Staat en NLFI hebben bij afzonderlijke verweerschriften, ingekomen ter griffie van de Ondernemingskamer op 26 april 2017, geconcludeerd – kort gezegd – tot niet-ontvankelijkheid van VEB c.s. voor zover hun enquêteverzoek is gericht tegen SNS Bank en tot afwijzing van het verzoek tot gelasten van een enquête bij SNS Reaal en SNS Bank. Subsidiair heeft de Staat verzocht een te gelasten enquête in tijdspanne en ten aanzien van de te onderzoeken onderwerpen te beperken, met het oog op de belangen van SNS Reaal c.s. en de Staat. 1.8 ROOS c.s. hebben bij verweerschrift, ingekomen ter griffie van de Ondernemingskamer op 26 april 2017, geconcludeerd tot toewijzing van de verzoeken van VEB c.s. met veroordeling van SNS Reaal c.s. in de kosten van het geding. 1.9 SNS Reaal c.s. hebben bij aanvullend verweerschrift, ingekomen ter griffie van de Ondernemingskamer op 24 mei 2017, geconcludeerd dat ROOS c.s. niet als belanghebbenden kunnen worden aangemerkt, althans dat ROOS c.s. niet-ontvankelijk zijn in hun zelfstandig tegenverzoek, althans dat dit verzoek moet worden afgewezen en een te gelasten onderzoek niet moet worden uitgebreid met de door ROOS c.s. aangevoerde gronden. 1.10 Het verzoek van VEB c.s. en het zelfstandig verzoek van Stichting Beheer zijn behandeld ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 8 juni 2017. Mrs. Van der Korst en Van Bekkum (namens VEB c.s.), mrs. De Kluiver, Ploeger en Van der Schrieck (namens SNS Reaal c.s.), mr. De Haan (namens de Staat), mr. De Bruijn (namens NLFI), mrs. Perrick en Spinath (namens Stichting Beheer), mrs. Rutten en Hurenkamp, alsook mr. H. Pasman, advocaat te Utrecht, (namens ROOS c.s.) en mr. Oosthout (namens [K] ) hebben de standpunten van de partijen toegelicht, allen aan de hand van aan de Ondernemingskamer en de andere partijen overgelegde pleitaantekeningen. Daarbij zijn de volgende op voorhand aan de Ondernemingskamer en de wederpartijen gezonden nadere productie(

  1. s)overgelegd: producties 86 tot en met 89 door VEB; producties 12 tot en met 18 door ROOS; twee producties door [K] . 2De feiten 2.1 Op 1 februari 2013 heeft de minister van Financiën (hierna de minister te noemen) – onder meer – de aandelen in SNS Reaal onteigend (deze gebeurtenis wordt hierna aangeduid met de Onteigening), gebruik makend van de hem in deel 6 van de Wet op het financieel toezicht (hierna kortheidshalve Interventiewet te noemen) gegeven bevoegdheid. 2.2 Voorafgaand aan de Onteigening hield Stichting Beheer 50,00000921% van de gewone aandelen in SNS Reaal en zes aandelen B in SNS Reaal. 2.3 De overige aandelen in SNS Reaal werden tot aan het tijdstip van de Onteigening verhandeld aan de beurs te Amsterdam. 2.4 SNS Reaal hield ten tijde van de Onteigening alle aandelen in SNS Bank. Sinds 30 september 2015 houdt Volksholding B.V. alle aandelen in SNS Bank. NLFI beheert alle aandelen in Volksholding B.V. 2.5 SNS Bank hield alle aandelen in Propertize, toen nog SNS Property Finance B.V. geheten, totdat zij die aandelen op 31 december 2013 overdroeg aan NLFI. 2.6 Van 1 januari 2006 tot aan de Onteigening bestonden de raden van commissarissen van SNS Reaal en van SNS Bank uit dezelfde personen. De raden van bestuur van SNS Reaal en SNS Bank vormden geen personele unie. Een aantal leden van de raad van bestuur van SNS Reaal maakte tevens deel uit van de raad van bestuur van SNS Bank. 2.7 Vereenvoudigd weergegeven zag de structuur van SNS Reaal er ten tijde van de Onteigening als volgt uit: 2.8 Tot 2006 was Stichting Beheer enig aandeelhouder van SNS Reaal. Op 18 mei 2006 verkreeg SNS Reaal een beursnotering aan Euronext Amsterdam, tegen een emissiekoers van € 17 per aandeel. Het met het oog op deze beursgang door SNS Reaal uitgegeven prospectus houdt onder meer in dat SNS Reaal voornemens is de opbrengst van de uit te geven aandelen mede aan te wenden voor acquisities: “The Company intends to use the net proceeds (…) entirely for general corporate purposes to sustain growth and capture new growth opportunities, both organically and through selected acquisitions” (…) Acquisition decisions at SNS REAAL are based on strong strategic and business fit, strengthening of existing market positions or expansion in new adjacent markets, moderate integration and execution risks, and attractive level of achievable synergies, thus creating value and contributing to stated financial targets. The Company believes it is a natural consolidator in the Dutch-focused retail financial services market, (…).” 2.9 Nadat ABN AMRO begin juli 2006 SNS Reaal had benaderd met een voorstel tot overname door SNS Reaal van Bouwfonds Property Finance (het latere Propertize), heeft SNS Reaal op 6 juli 2006 een niet bindend indicatief bod van € 1 miljard op Bouwfonds Property Finance (in hierna opgenomen citaten ook aangeduid als BPF) gedaan. 2.10 Een op 25 juli 2006 gepresenteerd concept rapport van een in opdracht van SNS Reaal uitgevoerde preliminary due diligence door Houthoff Buruma hield onder meer in: “8. Compliance and Regulatory (…) 8.1.3 Our general observation is that a number of regulatory and compliance requirements (…) are not up-to-date or duly observed. Furthermore, the relevant procedures for a number of these compliance and regulatory requirements need to be observed more accurately and adequately. Management has indicated that for number of these regulatory requirements, the update, inventory or adjustment is not a priority for them. (…) 8.1.5 Pursuant to our due diligence investigation, we understand that notwithstanding the priority that was set to the projects set out above, the Company (i.e. management) has had a lot of difficulty to fulfill, meet or complete the relevant projects.” 2.11 De presentatie op 27 juli 2006 door KPMG van een door haar in opdracht van SNS Reaal uitgevoerde financiële due diligence hield onder meer in: “30% of BPF’s activities are conducted outside the Netherlands and future profitable growth is expected to be mainly generated abroad. Quality of loan portfolio is sound and relatively well diversified from an underlying object perspective. Risk management seems satisfactory; some aspects need further formalisation.” 2.12 De presentatie op 28 juli 2006 door JP Morgan, een door SNS Reaal ingeschakelde adviseur, hield onder meer in: “Excellent fit with SNS REAAL strategy.” “BPF is very risk aware and has in the past been able to adequately monitor and steer credit and market risk.” “The overall risk-profile of the combination of SNS Bank and BPF will shift from conservative to moderate.” 2.13 Met goedkeuring van de raad van commissarissen heeft SNS Reaal op 30 juli 2006 een intentieverklaring (Letter of Intent) ondertekend met betrekking tot een overname van Bouwfonds Property Finance voor € 840 miljoen. Bij persbericht van 31 juli 2006 heeft SNS Reaal de overname van Bouwfonds Property Finance aangekondigd. 2.14 Een in opdracht van SNS Reaal opgesteld due diligencerapport van KPMG van 1 augustus 2006 bevat onder meer de volgende key findings: Het management van Bouwfonds Property Finance verwacht vooral groei in het buitenland en de strategie van Bouwfonds Property Finance is daarop gericht. De combinatie van SNS Reaal en Bouwfonds Property Finance past niet zonder meer bij de eerder gecommuniceerde strategie. “The virtual dataroom process was not well managed by the vendor. Certain key information was made available at a very late stage, information was not easily accessible and responses to questions were either provided late or not at all.” De kwaliteit van de lening-portefeuille is “sound” en de onderliggende objecten zijn “relatively well diversified”. “Credit risk management has been strong (…).” “Loans in default (…) are not monitored on a quarterly basis.” In de vendor due diligence zijn 88 van de 3.340 leningen onderzocht en “no comfort is provided on the loans that were not included in the selection (…)”. In geval van groei en productdifferentiatie zijn aanvullende investeringen in IT noodzakelijk. “Risk management is well embedded.” “Compliance with internal procedures should be strengthened.” 2.15 SNS Reaal heeft aan KPMG opdracht gegeven voor een aanvullende due diligence overeenkomstig de engagement letter van 9 augustus 2006. Het door KPMG op 28 augustus 20o6 uitgebrachte rapport houdt onder meer in “The BUI [Business Unit International, toev. OK] loan documentation (…) does not always provide up-to-date information. (…) We noted that not all loan files are completely up to date, with delays ranging up to 1-1.5 years. Furthermore we noted that, for several loans, information was not filed in the correct loan file (…) The final collateral documentation was not always available in the loan file but was provided to us on request” 2.16 Een door Houthoff Buruma in opdracht van SNS Reaal uitgebracht due diligence rapport van 29 september 2006 houdt onder meer het volgende in: “3.1.6 The loan documentation in the Data Room reviewed is not always complete. There are several instances where the loan agreement, security documents or confirmations (…) are missing from the relevant file. (…) 3.3.2 The current [Bouwfonds One Obligor Exposure, toev. OK] is not in conformity with the guidelines issued by [DNB]. (…) 10.1.1 (…) the compliance programme was renewed and centralised as per 1 May 2006 (…) but (…) [has] not yet been tested in practice (…). (…) 10.1.4 Hence, we are uncertain to what extend this new programme (already) addresses our previous concerns. Our general observation is that a number of regulatory and compliance requirements (…) are not up-to-date or duly observed. (…) Management has indicated that for number of these regulatory requirements, the update, inventory or adjustment is not a priority for them. 10.1.5 We have identified the following projects which are currently pending (either in progress or on hold as management has indicated that they are not a priority for them): (…) 10.1.6 (…) we understand that notwithstanding the priority that was set to the projects set out above, the Company (i.e. management) has had a lot of difficulty to fulfill, meet or complete the relevant projects. (…) 10.1.8 In the Management Letter of Ernst & Young for 2004 (…) there are a number of potential risks in the Company’s management (…) in respect of: - risk management; - regulatory and compliance (…); - (…) - credit monitoring. 10.1.9 In the Management Letter of Ernst & Young for 2005 (…) there are a number of potential risks in the Company’s management (…) in respect of: - Risk Management (including Risk Based Pricing/accelerate holding reporting/improvement rating system and models/credit risk data warehouse/risk management process) - KYC (DCB has indicated that the quality of the compliance (including customer due diligence/risk analysis) is unsatisfactory and there is a lack of compliance policy (both monitoring and controlling)); - Bouwfonds One Obligor Exposure (…); - Risk Based Pricing (…); - (…) - Integration business units (…); - AO Manual still needs to be updated in order to be and remain ‘in control’; - (…); - security of the IT systems (…) is insufficiently monitored and observed;” 2.17 De notulen van de vergadering van de raad van bestuur van SNS Reaal van 2 oktober 2006 houden met betrekking tot de acquisitie van Bouwfonds Property Finance onder meer in: “Het due diligence proces is naar tevredenheid afgesloten (…). Er zijn geen belangrijke negatieve verrassingen met betrekking tot de bedrijfsvoering vastgesteld. (…) • Er heeft een uitgebreid onderzoek plaatsgehad ten aanzien van de reguliere financieringsprojecten evenals participaties en joint ventures. Op basis van dit onderzoek zijn de voorzieningen verhoogd met € 6 miljoen; • Klanten met in onze ogen hoog reputatierisico zijn achtergebleven; • Ten aanzien van kredietdossiers krijgt SNS REAAL een jaar de tijd om eventuele omissies te herstellen en waar nodig wordt dit gegarandeerd door ABN Amro; (…) • Het bouwwerk voor risico management is op orde en wordt de komende tijd verder in lijn gebracht met het risico bouwwerk van SNS REAAL; (…) De RvB is voornemens akkoord te gaan met de verwerving door SNS Bank van alle aandelen in Bouwfonds Property Finance B.V. tegen een koopsom van euro 810 mln.” 2.18 De overname van Bouwfonds Property Finance is goedgekeurd door de raad van commissarissen in zijn vergadering van 8 oktober 2006. De notulen van deze vergadering houden onder meer in: “(…) De heer [M] stelt vast dat de prijs verlaagd is van 840 mln. naar 810 mln., dat in de due diligence geen majeure zaken naar voren zijn gekomen die niet afgedekt zijn via garanties of vrijwaringen en dat het resultaat 1e halfjaar beter is dan aanvankelijk door ons werd aangenomen. (…) De nieuwe forecast is gemaakt op basis van 10% groei per jaar, aldus de heer [M] . In twee jaar tijd moet een groei [van het resultaat, toev. OK] (…) haalbaar zijn. (…) De heer [R] [lid raad van commissarissen, toev. OK] maakt zich zorgen over de 1 jaars termijn bij de indemnity met betrekking tot niet complete kredietdossiers. De heer [S] [lid van de raad van bestuur, toev. OK] bevestigt dat deze termijn voldoende is om de kredietdossiers grondig door te nemen en te controleren op imperfecte zekerheden. (…) De RvC geeft de RvB goedkeuring om de onderhandelingen met ABN AMRO over de overname van Bouwfonds Property Finance verder af te ronden op een prijs van 810 mln.” 2.19 SNS Bank heeft op 10 oktober 2006 Bouwfonds Property Finance overgenomen van ABN AMRO tegen een koopsom van € 810 miljoen. De vastgoedfinancieringsportefeuille van Bouwfonds Property Finance bedroeg toen € 9 miljard. SNS Reaal heeft de overname toegelicht op een buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders op 12 oktober 2006. 2.20 Op 14 december 2006 heeft de raad van commissarissen van SNS Reaal een nota getiteld “Risk Management Governance SNS Property Finance” goedgekeurd. De nota (versie 18 januari 2007) beschrijft de risk governance van Property Finance op het terrein van creditrisk. Het doel is het bewerkstelligen van “een efficiënte en doelmatige riskmanagementorganisatie die de business in staat stelt om snel en weloverwogen haar (risico-)beleid en beslissingen te kunnen uitvoeren”. Een riskmanager heeft naast een oog voor risico’s ook een commerciële instelling, aldus de nota. Naast deze nota waren een Fiatnota (met criteria voor de beoordeling van kredietvoorstellen) en een Fiatmatrix (ter bepaling van het gremium dat bevoegd is een kredietvoorstel goed te keuren) onderdeel van de risk governance van Property Finance. 2.21 Op 15 maart 2007 heeft Houthoff Buruma aan SNS Bank gerapporteerd over de zekerheidsdocumentatie van de portefeuille van Property Finance op basis van een onderzoek naar 276 dossiers en geconcludeerd dat er geen aanleiding is om aanspraak te maken op de in de koopovereenkomst opgenomen garantie. De rapportage houdt onder meer in: “It may be appreciated that in every larger loan portfolio outstanding or open issues may be found in loan- and security documentation, including the ones as listed in this report. However, we do not find the number of issues found alarming or disturbing from what we have seen with respect to the contents of files, the methods of work and our general perception of the files inspected. The ability of SNSPF to immediately recover missing documents or information gives us extra comfort in this respect (…)” 2.22 Een rapportage van de afdeling Balansbeheer & Risk Management van SNS Reaal van 26 april 2007 bevat een beoordeling van de risk governance van Property Finance in de context van de Risk Management Policy van SNS Reaal en vermeldt als conclusies: “1. Het primaire kredietverleningsproces loopt naar het inzicht van betrokkenen goed. 2. Hybride aansturing geeft veel onduidelijkheid en wordt binnen SNS PF en in Utrecht [hoofdkantoor SNS Reaal c.s., toev. OK] anders geïnterpreteerd. 3. Basel verantwoordelijkheid is onduidelijk binnen de SNSPF organisatie en wordt in Utrecht en Hoevelaken [hoofdkantoor Property Finance, toev. OK] anders gepercipieerd. 4. De risicobeheersingsorganisatie is meer verbrokkeld geraakt waardoor de interacties tussen de risicotypen soms verloren gaat.” De notitie bevat adviezen ter verbetering van de bestaande situatie. 2.23 Op 29 juni 2007 heeft de afdeling Concern Audit van SNS Reaal haar bevindingen op basis van een entry audit met betrekking tot Property Finance gepresenteerd. Deze presentatie houdt onder meer in: “Deze audit is gericht op het verkrijgen van inzicht in de risicofactoren van SNS PF en de wijze waarop management deze risico’s beheerst. (…) Wij hebben geconstateerd dat aan de meeste issues uit het due diligence rapport adequaat follow up is gegeven. Ten aanzien van de validatie van Basel II modellen en de inrichting van de Operational Risk functie is echter te weinig voortgang geboekt. (…) Een belangrijke bevinding is dat er in zekere zin sprake is van onbalans tussen de financiële functie binnen de Business Units en die bij Corporate.” 2.24 Een rapportage van de afdeling Concern Audit van SNS Reaal van 2 juli 2007 over nieuwe kredietverlening door de Business Unit Nederland houdt onder meer het volgende in: “in de huidige organisatiestructuur wordt contractmanagement/juridische zaken aangestuurd door de adjunct-directeuren Sales. (…) Gevolg hiervan is (…) dat contractmanagement/juridische zaken niet onafhankelijk is gepositioneerd ten opzichte van Sales, waardoor het risico bestaat dat deze functie zich teveel laat leiden door commerciële overwegingen bij het uitonderhandelen van de leningovereenkomst. (…) Het komt regelmatig voor dat de voorwaarden die een fiatterend orgaan stelt, niet helemaal kunnen worden nageleefd. In de praktijk is het aan de adjunct-directeuren Sales om te beslissen of de afwijkingen opnieuw voorgelegd zouden moeten worden aan het fiatterend orgaan. In de procedurebeschrijvingen is dit niet beschreven en het ontbreekt aan een nadere definiëring van de afwijkingen die opnieuw moeten worden voorgelegd. Hiervoor zijn de afwijkingen te uiteenlopend. (…) (…) Afwijkende financieringen dienen in principe [te] worden voorgelegd aan het Risk Committee SNS PF, tenzij Risk Management van mening is dat het voorstel toch op een lager niveau kan worden gefiatteerd. Het Risk Committee SNS PF wordt hierover echter niet geïnformeerd en heeft daardoor geen inzicht in de financieringen die op een lager niveau zijn voorgelegd. (…) (…) Voor financieringen kleiner dan één miljoen wordt geen risk memo opgesteld. Risk Management is hierdoor ook niet altijd betrokken bij deze financieringen. (…) (…) Over het algemeen is in de dossiers weinig informatie aanwezig over de analysefase voorafgaand aan het offerteproces. Zo ontbreekt bijvoorbeeld de waardeanalyse van de accountmanager regelmatig in de dossiers van korte financieringen. (…) Bij de beoordeling van de dossiers van lange financieringen is geconstateerd dat ook de meer formele documenten niet altijd volledig aanwezig zijn. (…)” 2.25 Een notitie van de afdeling Concern Audit van SNS Reaal van 3 juli 2007 over het revisieproces vervroegde aflossingen en royementen van de Business Unit Nederland van Property Finance houdt in dat deze processen in voldoende mate worden beheerst, zij het dat nog de nodige aandacht moet worden gegeven aan het inhalen van de revisieachterstanden omdat dit gevolgen kan hebben voor het voldoen aan de Basel II vereisten. 2.26 Een rapportage van de afdeling Concern Audit van SNS Reaal van 1 augustus 2007 over operationeel risicomanagement houdt onder meer in dat Property Finance nog niet aan alle eisen voldoet van de Regeling Solvabiliteit voor Operationeel Risico van DNB en dat sinds de acquisitie de verdere ontwikkeling van operationeel risicomanagement vrijwel tot stilstand is gekomen met als gevolg dat in ieder geval de onderdelen Property Finance International en Property Finance Corporate niet voldoen aan de door DNB gestelde formele eisen. Het actualiseren en gebruiken van het gedefinieerde operationeel risicomanagement instrumentarium en het vaststellen van heldere rapportageprocessen en -lijnen zijn belangrijke aandachtsgebieden, aldus de notitie. 2.27 Een rapport van de afdeling Concern Audit van SNS Reaal van september 2007 over de internationale activiteiten van Property Finance vermeldt onder meer het volgende: “SNS PF International houdt zich bezig met het verstrekken van kortlopende project-, grond-, handels- en, in beperkte mate, beleggingsfinancieringen aan projectontwikkelaars en vastgoedhandelaren en -beleggers in Zuid-Europa, Noord-Europa en Noord-Amerika. (…) Het object van onderzoek betreft (…) processen ten aanzien van nieuwe kredietverlening en Project Control inclusief de geautomatiseerde verwerking. (…) Binnen SNS PF International heerst een sterke focus op commercie. (…) Voor wat betreft de organisatie-inrichting zijn de afdelingen die zich bezig (zouden moeten) houden met risicobeheersing, Risk Management, Project Control en Controlling, niet onafhankelijk genoeg gepositioneerd. In de Balanced Score Card en business plannen wordt de nadruk gelegd op het realiseren van productiedoelstellingen. Verder worden bepaalde interne controles uit de P&P [Policies & Procedures, toev. OK] Manual in de praktijk niet uitgevoerd, zoals het opstellen van nacalculaties en het laten goedkeuren van de KYC dossiers door het RCI. (…). Juist in een organisatie waar de nadruk ligt op commercie, dient een adequaat beheersingskader aanwezig te zijn om te voorkomen dat aan de interne beheersing voorbij wordt gegaan. Nu bestaat het risico dat wet- en regelgeving niet wordt nageleefd en dat tijdens de looptijd onvoldoende aandacht is voor de projectrisico’s wat kan leiden tot onverwachte defaults. Wij zijn van mening dat in de organisatie-inrichting, aansturing en naleving van procedures meer aandacht dient te zijn voor de beheersing van operationele risico’s en kredietrisico’s binnen SNS PF.” 2.28 In een vergadering van de raad van commissarissen van Property Finance van 1 oktober 2007 zijn ontwikkelingen op de Amerikaanse woningmarkt aan de orde gekomen. De notulen van die vergadering houden daarover in: “De heer [M] constateert dat er ten aanzien van een materieel deel van de portefeuille (US) wat zorg is. De heer [Q] geeft aan dat het hier niet de gehele portefeuille betreft maar alleen het deel woningontwikkeling (€ 450 mio). De heer [T] [lid van de raad van bestuur van Porperty Finance, toev. OK] licht toe dat zowel in de US als in Spanje selectief naar nieuwe productie zal worden gekeken (géén vol gas in deze markten). Niet het volume is ‘target’, maar de verhouding rendement – risico. (…) Vastgesteld wordt door de aanwezigen dat het lastig is om de balans te vinden tussen enerzijds het in de hand houden van de risico’s en het doorvoeren van kwaliteitslagen (‘defensief’) en anderzijds het begrote rendement te blijven halen (‘offensief’). Verder wordt geconstateerd dat de risk-governance structuur zwaar is aangezet en naar de beleving van alle partijen prima werkt.” 2.29 Een rapport van de afdeling Concern Audit van SNS Reaal van 18 januari 2008 over de Business Unit International van Property Finance kwalificeert het kredietverleningsproces en het kredietbeheerproces als onvoldoende en houdt onder meer het volgende in: “SNS PF International is een sterk commercieel gedreven organisatie. Hiervoor is bewust gekozen en deze focus heeft de laatste jaren ook geleid tot een sterke groei, zowel in portefeuille als in resultaat. (…) Bij onze audit hebben wij onder andere de volgende onvolkomenheden vastgesteld: kredietdossiers zijn onvolledig en er is geen verantwoordelijke voor het dossier in het primaire kredietverleningsproces. Omdat van de beoordeling van documenten tijdens het kredietverleningsproces geen vastlegging wordt bewaard, is niet zichtbaar welke afwegingen aan keuzes en besluiten ten grondslag hebben gelegen. (…) Het is niet eenduidig wie welke acties onderneemt op signalen uit de Project Status Overview. Om follow up te kunnen doen moeten acties worden vastgelegd. Er bestaan achterstanden in revisies en er zijn in 2007 geen nacalculaties verricht. Met name in Frankrijk worden bouwstandopnamen niet tijdig uitgevoerd.” 2.30 In een persbericht van 21 februari 2008 over de resultaten van 2007 heeft SNS Reaal onder meer geschreven: “SNS REAAL heeft haar gematigde risicoprofiel in 2007 gehandhaafd en de internationale liquiditeits- en kredietcrisis heeft geen materiële invloed gehad op de nettowinst. Professioneel risicomanagement en een solide balans beperkten de directe effecten van deze crisis. (…) SNS Property Finance is één jaar na de acquisitie volledig geïntegreerd in SNS Reaal. (…) De kredietportefeuille [van Property Finance, toev. OK] nam toe van € 8,8 miljard ultimo 2006 tot € 11,7 miljard ultimo 2007 (+ 32,9%). Deze toename is het gevolg van autonome groei van de kredietportefeuille met € 1,8 miljard (+ 20,4%) en de integratie van de portefeuille vastgoedfinanciering van SNS Bank (€ 1,1 miljard). De integratie van deze activiteiten met die van SNS Property Finance werd eind 2007 voltooid (…). Op 31 december 2007 bestond de totale kredietportefeuille van SNS Property Finance voor € 7,0 miljard uit beleggingsfinanciering en voor € 4,7 miljard uit projectfinanciering. De portefeuille is zowel geografisch als over de verschillende activasoorten goed gespreid. Het grootste deel van de portefeuille is binnenlands (76%) en de investeringen in Noord-Amerika zijn beperkt tot 7% van de totale portefeuille. Het aandeel van de portefeuille dat betrekking heeft op woningen bedroeg eind 2007 37%. ” 2.31 Het jaarverslag van SNS Reaal over 2007 houdt onder meer in: “Om haar gematigde risicoprofiel te bewaken stelt SNS REAAL in haar beleid het handhaven van een beheerste bedrijfsvoering centraal. Als voornaamste voorwaarde daarvoor geldt het kunnen werken langs de lijnen van goed ingerichte processen. (…) Voor een financiële dienstverlener met een belangrijke rol in het maatschappelijk verkeer is het noodzakelijk dat kansen en risico’s op alle niveaus van de organisatie met zorgvuldigheid worden afgewogen. (…) Binnen SNS REAAL is de RvB verantwoordelijk voor het handhaven van een bedrijfscultuur en bedrijfsvoering waarbinnen dergelijke beoordelingen kunnen en worden gemaakt.” 2.32 Tijdens een algemene vergadering van aandeelhouders van SNS Reaal op 16 april 2008 hebben [L] en [M] onder meer gezegd dat met de overname en integratie van Property Finance het gematigde risicoprofiel van SNS Reaal is gehandhaafd, dat Property Finance volledig is geïntegreerd in het risicomanagement van SNS Reaal en ook wat betreft het risicomanagement en de financiering volledig onderdeel van SNS Reaal is geworden. 2.33 De rapportage van de afdeling Concern Audit over het eerste kwartaal 2008 van 24 april 2008 houdt ten aanzien van Property Finance onder meer in: “In het najaar 2007 heeft CA [Concern Audit, toev. OK] een onderzoek uitgevoerd naar de beheersing van de processen bij de Business Unit International van SNS PF. CA heeft de mate van beheersing als onvoldoende gekwalificeerd. Bevindingen en verbeterpunten zijn met het management besproken. In januari van dit jaar heeft de jaarafsluitingsaudit van KPMG aangetoond dat de bevindingen nog bestaan. Er is een plan van aanpak gemaakt waarin alle bevindingen, ook van KPMG, met te ondernemen acties en een implementatiedatum zijn opgenomen. (…)” 2.34 Een memo van de afdeling Risk Management van Property Finance van 28 april 2008 over de bevoorschottingsnormen van Property Finance en overschrijding van de fiatnormen van kredieten houdt onder meer het volgende in: “Een van de “unique sellingpoints” van SNSPF is het relatief hoge bevoorschottingspercentage. Argument hiervoor is dat onze grote kennis van de vastgoedmarkt ons in staat stelt om goede projecten van de rest te kunnen onderscheiden. Wij onderscheiden ons hiermee zeer bewust van de handelsbanken, bij wie de vastgoedexpertise veelal ontbeert. Property Finance kiest hiermee bewust voor een hoger risicoprofiel. (…) In de huidige markt lijkt het gewenst om onze criteria nog eens tegen het licht te houden. De verkoopsnelheid en de waardeontwikkeling in diverse regio’s laten een neerwaartse trend zien. De waarde van de projecten kan verdampen (…). De geschiedenis heeft geleerd dat een forse waardedaling van vastgoed een bank in serieuze problemen kan brengen. In het algemeen beschouwen banken de financiering van projectontwikkeling als een relatief hoog risico en een activiteit met een grote conjunctuurgevoeligheid. (…) Thans staat in de fiatnota als norm voor de debiteur de volgende passage: ‘De financiële status van de ontwikkelaar(s)/kredietnemer(
  2. s)moet gezond zijn’. Dit wordt blijkbaar als zeer vrijblijvend ervaren. (…) Naar aanleiding van het onderzoek ten aanzien van de normoverschrijdingen [dat betrekking had op alle door Property Finance gefiatteerde aanvragen in de periode 21 november 2007 tot en met 31 maart 2008, toev. OK] valt op dat ca. 58% van de kredieten een normoverschrijding kent en dat deze normoverschrijding met name plaats vindt in een overschrijding van de LTV/LTC [loan to value en loan to cost, toev. OK] en de voorverhuur/voorverkoop-eisen.” Het memo bevat een voorstel voor aangescherpte criteria voor project- en handelsfinanciering. 2.35 Op 28 april 2008 heeft SNS Reaal, ter financiering van de overname van levensverzekeraar Zwitserleven, zes aandelen B uitgegeven aan Stichting Beheer tegen storting van € 600 miljoen. 2.36 Een stresstest in juli 2008 met betrekking tot de Spaanse en Noord-Amerikaanse vastgoedfinancieringsportefeuille van Property Finance wees uit dat op dit deel van de portefeuille een verlies van maximaal € 279 miljoen geleden kon worden. 2.37 Op 15 september 2008 is de Amerikaanse bank Lehman Brothers in staat van faillissement verklaard. 2.38 De raad van commissarissen van Property Finance heeft op 22 september 2008 aan het bestuur van Property Finance als zijn standpunt te kennen gegeven dat de door het bestuur voor 2009 begrote portefeuillegroei van 1% te weinig ambitieus is. De voorzitter van de raad van commissarissen heeft gevraagd om een nieuw voorstel waarin het bestuur van Property Finance “een portefeuillegroei van 3 à 5% laat zien voor 2009”. 2.39 Een auditrapport van de afdeling Concern Audit van SNS Reaal van 15 oktober 2008 met betrekking tot de Business Unit Nederland van Property Finance houdt onder meer in dat de te verstrekken financieringen worden voorzien van een risk memo en worden gefiatteerd door de kredietcomités. Het rapport vraagt blijvende aandacht voor het juist toepassen van en voldoen aan de criteria van de fiatnota, opdat het risico van de portefeuille beperkt blijft en constateert voorts achterstanden in de revisies en onderstreept de noodzaak deze achterstanden te beperken. Volgens het rapport betreft de revisie-achterstand per eind augustus 2008 43,7% van de portefeuille. 2.40 Een rapportage van de afdeling Concern Audit van SNS Reaal van 29 oktober 2008 houdt onder meer in dat Property Finance voor wat betreft de inrichting van haar organisatie en processen in belangrijke mate voldoet aan de gestelde eisen in de Regeling Solvabiliteitseisen Kredietrisico en dat met betrekking tot de Business Unit Nederland van Property Finance achterstanden in de revisies bestaan die, met het oog op het vereiste inzicht in de portefeuille, ingelopen moeten worden. Delen van deze door SNS Reaal c.s. in het geding gebrachte rapportage zijn onleesbaar gemaakt, ook delen die betrekking hebben op Property Finance. 2.41 Bij persbericht van 13 november 2008 heeft SNS Reaal bekendgemaakt haar solvabiliteit te zullen versterken met € 500 miljoen aan kernkapitaal, via securities uit te geven aan Stichting Beheer en € 750 miljoen aan kernkapitaal, via securities uit te geven aan de Staat. Het persbericht houdt onder meer in: “SNS REAAL zal voor € 750 miljoen aan niet-stemgerechtigde core Tier 1 securities uitgeven aan de Nederlandse Staat tegen een prijs van € 5,25 per stuk en voor € 500 miljoen aan niet-stemgerechtigde core Tier 1 securities aan Stichting Beheer SNS REAAL. De Nederlandsche Bank kwalificeert de securities als core Tier 1 kapitaal. De securities zullen gelijk in rang zijn met de gewone aandelen (pari passu) en met de aandelen B van SNS REAAL. De securities die worden uitgegeven aan Stichting Beheer SNS REAAL zijn niet converteerbaar. De securities die worden uitgegeven aan de Nederlandse Staat mogen worden geconverteerd in gewone aandelen door SNS REAAL, waarbij de Nederlandse Staat het recht heeft te kiezen voor een betaling in contanten. De securities die worden uitgegeven aan Stichting Beheer SNS REAAL zijn alleen overdraagbaar met toestemming van SNS REAAL. De securities die worden uitgegeven aan de Nederlandse Staat zijn alleen overdraagbaar met toestemming van SNS REAAL en De Nederlandsche Bank.” Het jaarverslag van SNS Reaal over 2008 vermeldt dat circa 75% van de kapitaalinjectie zal worden aangewend voor kapitaalversterking van de verzekeringsactiviteiten van het concern. 2.42 Tijdens een zogenaamde investor day op 20 november 2008 heeft SNS Reaal met betrekking tot Property Finance melding gemaakt van onder meer “sound risk management”, “strict compliance with tightened acceptance criteria” en “strict implementation and enforcement of loan conditions”. Dit heeft SNS Reaal als volgt toegelicht: “We tend to be very selective about new deals, mainly with existing clients with proven track record and payment morality but even there we will keep up on the high quality of the objects and the projects (….), let alone that we would do new business with new clients. As said, tightened acceptance criteria. We keep away [from] owner-occupied and second home deals in the US and in Spain and we have a strict enforcement and implementation of our loan conditioning.” Met betrekking tot de Nederlandse markt houdt de presentatie in dat het beleid gericht is op het behouden en versterken van de top drie positie voor vastgoedfinancieringen, het benutten van mogelijkheden van groei buiten de Randstad en het behouden en versterken van haar positie als de gespecialiseerde projectontwikkelingsfinancier. 2.43 Een rapport van de afdeling Concern Audit van SNS Reaal van 12 december 2008 over de Business Unit International van Property Finance houdt onder meer het volgende in: “Het doel van de audit is om een oordeel te geven over de follow-up van de actiepunten [uit het rapport ‘SNS PF BU International d.d. 18 januari 2008’ zie 2.29, toev. OK] (…). Hiermee wordt geen oordeel gegeven over het huidige beheersingsniveau, aangezien de voortdurende werking van de aangepaste processen nog niet kan worden vastgesteld. (…). Deze actiepunten hebben betrekking op het kredietverlening- en -beheerproces en het autorisatiebeheer van SNS PF International. (…) Sinds medio 2008 is de opvolging van de actiepunten voortvarend in een projectstructuur opgepakt. De door [Concern Audit] geadviseerde acties zijn aangevuld met eigen actiepunten. (…) In de opzet van de beheersmaatregelen binnen dit project zien wij geen hoge restrisico’s. Komende periode zal de voortgang van de opvolging van de actiepunten vastgehouden moeten worden.” 2.44 De management letter van KPMG over 2008 van 22 januari 2009 houdt met betrekking tot Property Finance onder meer in dat de kredietacceptatie en het kredietbeheer in het algemeen conform de interne procedures verlopen, maar dat sprake is van een relatief hoge revisie-achterstand, met name bij de Business Unit Nederland, hetgeen strijdig is met de Basel II-voorschriften. KPMG wijst er voorts op dat het “in de huidige marktomstandigheden” van belang is om de situatie bij kredietnemers a tempo te monitoren om bij eventuele signalen van problemen tijdig in te kunnen grijpen en hecht er daarom groot belang aan dat de revisie-achterstanden op korte termijn worden weggewerkt. 2.45 In de vergadering van de raad van commissarissen van Property Finance van 10 februari 2009 is aan de hand van een ‘sheetpresentatie’ gesproken over een heroriëntatie van de Business Unit International van Property Finance, in het bijzonder het zich terugtrekken uit een aantal markten. De notulen van deze vergadering houden onder meer in: “Deze aanpassing betreft, naast selectieve beperkte groei, een herziening van het aantal ‘core countries’ en het zich terugtrekken uit een aantal markten, met name het Iberisch schiereiland, en het beperken van de activiteiten in de Nordics. Naar aanleiding van de discussie die volgt ter zake de Spaanse en de Amerikaanse markt verwacht de RvC concrete ‘commitments’ ten aanzien van het afbouwen van posities. Er wordt afgesproken dat op korte termijn en bij voorkeur in het eerste halfjaar 2009 de gecommitteerde financieringen in Spanje zichtbaar zullen verminderen. Voor wat betreft de Verenigde Staten wordt geconstateerd dat hoewel het gewenst is dat de gecommitteerde financieringen verminderen, dit gezien de huidige marktomstandigheden en nog lopende verplichtingen niet in eenzelfde tempo mogelijk is. (…) De RvC stelt (…) dat zij uit tactisch oogpunt in 2009 (…) géén groei in internationaal verband (zowel West Europa als Noord Amerika) (…) wenst te zien. De heer [M] maakt daarbij de afweging dat nu een concrete daad stellen naar zijn mening per saldo beter uitpakt voor de kansen van de toekomststrategie van de internationale activiteiten dan alleen uit te dragen dat we ernaar streven de portefeuillegroei beter te beheersen. (…) De RvC kan zich vinden in het handhaven van de US als core market, maar voorshands dient de portefeuille aldaar te worden teruggebracht c.q. zeker niet te groeien.” 2.46 Op 12 maart 2009 heeft SNS Reaal haar jaarverslag over 2008 gepubliceerd. Met betrekking tot waardeverminderingen bij Property Finance als gevolg van ontwikkelingen op de internationale vastgoedmarkt (ten bedrage van € 116 miljoen) en over de risico’s in Spanje houdt het jaarverslag onder meer het volgende in: “De bijzondere waardeverminderingen bij SNS Property Finance namen toe, met name door ontwikkelingen op de internationale vastgoedmarkten. (…) In deze tijd van uiterst volatiele financiële markten onderstreept SNS REAAL dat zij veel belang hecht aan het behouden van een gematigd risicoprofiel. (…) Het totale risicobeheer is via beleid, functies en comités verankerd in de dagelijkse bedrijfsvoering. De processen voor waarborging (controle) van het risicobeheer zijn voor SNS REAAL overzichtelijk en relatief eenvoudig door de focus op Nederland en op retail- en mkb-klanten. Daardoor heeft SNS REAAL een transparante risicobeheerorganisatie en is transparante informatie over risico’s goed mogelijk.” “De kredietportefeuille van SNS Property Finance bedroeg eind 2008 € 13,6 miljard, waarvan 72% werd verstrekt in Nederland. (…) Van de totale kredietportefeuille van SNS Property Finance is 8% uitgezet in de Verenigde Staten en 3% in Spanje. In verband met het huidige economische klimaat in deze landen heeft SNS Property Finance de controle op haar kredietportefeuille geïntensiveerd, met name voor wat betreft leningen voor de bouw van woningen. Daarnaast heeft SNS Property Finance haar acceptatiecriteria aanzienlijk aangescherpt en gewaarborgd dat bij renteherziening een groot deel van de hogere financieringskosten van de bank doorberekend kan worden aan de klant. De bestaande portefeuille is post voor post beoordeeld ten aanzien van de mogelijkheid om kasstromen te genereren en ten aanzien van de waarde van het onderpand.” 2.47 Tijdens een algemene vergadering van aandeelhouders op 15 april 2009 heeft SNS Reaal over ontwikkelingen ten aanzien van de kredietportefeuille van Property Finance en te verwachten verliezen in Spanje en Amerika de volgende mededelingen gedaan: “De heer [M] geeft aan dat de totale vastgoedportefeuille EUR 13,7 miljard omvat, waarvan EUR 3,8 miljard zich in het buitenland bevindt. (…) Hij geeft aan dat er minder zorgen bestaan over het Nederlandse deel. Hij geeft voorts aan dat de organisatie van Property Finance bovendien allerlei maatregelen heeft genomen om de marge te verhogen en de kosten terug te brengen om ervoor te zorgen dat de operationele positie op orde blijft c.q. verbetert. De heer [M] geeft aan dat dit niet wegneemt dat er in het internationale deel, in met name Amerika en Spanje, leningen en dossiers zijn die het zeker minder goed doen. Over een aantal daarvan is al eerder gerapporteerd en voor een aantal moeten opnieuw aanvullende voorzieningen worden genomen. De heer [M] vervolgt dat in totaal EUR 116 mln. voor belastingen aan voorzieningen moeten worden getroffen. Gegeven de hoge marges hoort dat ook wel bij deze business. Hij geeft aan dat dat echter niet wegneemt dat Property Finance de volle aandacht heeft en er op dit moment ook veel managementcapaciteit naar toe gaat. Hij verwacht dat dit nog wel even aanhoudt, zeker in 2009, en merkt op dat de situatie momenteel wel zo gecontroleerd mogelijk is als het maar kan zijn.” 2.48 Een rapport van de afdeling Concern Audit van SNS Reaal van 20 april 2009 houdt met betrekking tot Property Finance onder meer het volgende in: “In het eerste kwartaal zijn drie onderzoeken bij SNS Property Finance uitgevoerd. Het oordeel en de samenvatting van twee onderzoeken (…) staan hieronder weergegeven. Daarnaast is een bijzonder onderzoek bij International uitgevoerd waarover separaat is gerapporteerd aan de Raad van Bestuur en het Audit Committee.” In de daaronder opgenomen tabel is ten aanzien van de Business Unit International van Property Finance het risicoprofiel gekenmerkt als hoog (H) en het resultaat van de audit als onvoldoende (O). SNS Reaal c.s. hebben de genoemde afzonderlijke rapportage over het bijzondere onderzoek bij International niet in het geding gebracht. Het rapport van 20 april 2009 houdt met betrekking tot de Business Unit International van Property Finance onder meer in: “Eind 2007 was de operationele beheersing bij SNS PF International onvoldoende. Onze follow-up audit eind 2008 gaf aan dat de inrichting van de beheersstructuur voor een belangrijk deel was gerealiseerd. (…) Wij hebben het beheersingkader in het eerste kwartaal van 2009 opnieuw beoordeeld, in het licht van de huidige markt die zwaardere eisen stelt aan kredietbeheer. De beheersingsstructuur voldoet, ondanks de verbeteringen, niet aan de te stellen eisen in de huidige economische omstandigheden. Het risico op tegenvallers is hierdoor onvoldoende gemitigeerd. Belangrijkste verbeterpunten zijn: de control environment; het functioneren van Risk Management, tijdig vernieuwen taxaties, betrouwbaarheid loan to value rapportages en de effectieve inzet van Restructuring & Recovery.” 2.49 Een door SNS Reaal uitgegeven trading update van 19 mei 2009 over het eerste kwartaal 2009 houdt onder meer in dat een brede evaluatie van de internationale operaties van Property Finance plaatsvindt. 2.50 Op 29 juni 2009 heeft de raad van commissarissen van Property Finance besloten tot versnelde verkoop van de internationale portefeuille. De notulen van deze vergadering houden onder meer in: “De door de Directie aan de RvC overgelegde sheetpresentatie wordt (…) uitgebreid besproken. Er wordt in detail ingegaan op de twee uitgewerkte scenario’s; 1. NL, D, F en B/L, overige landen run off – 2. NL, overige landen run off. (…) De RvC gaat vervolgens akkoord met de aanbeveling van de Directie om te kiezen voor scenario 2, run-off van de gehele internationale portefeuille van SNSPF en de daarbij behorende reorganisatie. Tevens kan nu nadere invulling aan scenario 3. (versnelde verkoop (internationale) portefeuille) gegeven worden.” In deze vergadering is ook gesproken over een plan van aanpak “issues CA rapport International (‘Fasten your seatbelts’)”. Er wordt besloten (
  3. a)tot een zogenaamde dynamische audit met betrekking tot de voortgang van dit project en (
  4. b)tot het steeds agenderen van de aanpak en de voortgang op vergaderingen van de raad van commissarissen van Property Finance. SNS Reaal c.s. hebben het rapport ‘Fasten your seatbelts’ niet in het geding gebracht. 2.51 Op 18 augustus 2009, bij gelegenheid van de publicatie van de halfjaarcijfers 2009, heeft SNS Reaal aangekondigd dat Property Finance haar buitenlandse portefeuille geleidelijk zal afbouwen en zich exclusief zal gaan richten op de Nederlandse markt. Tijdens de persconferentie over de halfjaarcijfers 2009 is namens SNS Reaal ter toelichting onder meer gezegd: “Het verlaten van de internationale vastgoedmarkten is een uitdagend traject en het zal daarom ook geleidelijk plaatsvinden om de waarde die in die projecten zit (…) zoveel mogelijk te borgen. Daarnaast hebben we uiteraard alle benodigde maatregelen genomen om het risicobeheer daar verder te optimaliseren.” 2.52 Op 14 september 2009 is in een vergadering van de raad van commissarissen van Property Finance gesproken over de afbouw van de internationale portefeuille van en andere ontwikkelingen bij Property Finance. De notulen houden onder meer in: “3. Portefeuille ontwikkeling / Afbouw INT Naar aanleiding van dit agendapunt vindt er een uitgebreide, open en stevige discussie tussen RvC en Directie plaats die tevens de agendapunten 5. (Finance; voorzieningen Q3 en rentemarge) als 7. (Ontwikkelingen in Nederland; vooruitzichten komende jaren) volledig raakt. (…) [ [M] ] benadrukt dat het belangrijkste thema van dit moment voor SNS REAAL de mogelijke terugbetaling is van de eerste tranche van € 250 miljoen van de door SNS REAAL vorig jaar ontvangen staatssteun. In verband met dit verzoek weegt het risicodossier SNSPF zeer zwaar. (…) Onaanvaardbaar voor DNB is een goedkeuring tot terugbetaling, als het risico te groot wordt geacht dat een jaar later alsnog aanvullende steun nodig is. Afbouw INT Voor wat betreft de afbouw van de portefeuille INT geeft de Directie aan dat daar geen uitgewerkte plannen per land voor klaar liggen. Verwezen wordt naar de business case (Project CORE) waarin per land beschreven is hoe de verwachte afbouw in de komende jaren zal verlopen. (…) Projecten op balans De RvC verwacht verhoogde aandacht van de Directie voor het toenemende aantal projecten dat op eigen balans wordt genomen. DNB heeft bij de RvC aangegeven dat dit een punt van zorg is. (…) Gezien de marktontwikkelingen en de toename van het aantal default posten is de verwachting dat het bedrag aan vastgoed op de balans nog zal toenemen. Vraag is hoe DNB hiermee om zal gaan. (…) De Directie heeft eerder van DNB begrepen dat men geen maatregelen voor ogen heeft die SNSPF zouden dwingen tot bedrijfseconomisch onverantwoorde maatregelen. De RvC verwacht toch dat DNB de regelgeving strak zal interpreteren. (…) Portefeuille ontwikkeling Vervolgens komt de portefeuille ontwikkeling aan bod, waarbij de RvC tot haar verbazing en onvrede constateert dat de portefeuille niet afneemt maar toeneemt. Dit is, zo stelt de RvC, uitdrukkelijk tegen de afspraken in. (…) De Directie repliceert dat zij bij voortduring heeft aangegeven dat gemaakte afspraken door SNSPF dienen te worden nagekomen. Gevolg daarvan is dat het bedrag aan uitstaande gelden vooralsnog kan toenemen. Projectfinanciering volgt nu eenmaal de bouw van het betreffende project. In aanvulling daarop geeft de Directie aan dat, met uitzondering voor R&R [Restructuring & Recovery, toev. OK] posten, er geen nieuwe internationale verplichtingen zijn aangegaan. (…) De RvC benadrukt nogmaals dat zij geen enkele groei wenst te zien in de door SNSPF aangegane verplichtingen, sterker nog; deze moeten omlaag voor het einde van het jaar. Als dit betekent dat er met verlies afstand dient te worden gedaan van een of meer projecten of een deel van de portefeuille dan zij dat zo, anders dreigt een ‘management credibility issue’. De RvC wenst voortaan frequenter op de hoogte gehouden te worden van de ontwikkelingen bij SNSPF en wenst daartoe frequenter overleg, te beginnen over twee weken. Voorzieningen De vergadering discussieert (…) uitgebreid en stevig over de nog te verwachten voorzieningen voor de komende kwartalen. (…) [ [P] ] adviseert de Directie voor de komende jaren rekening te houden met een uiterste max. bedrag van circa € 250 miljoen aan waardeveranderingen op de NL portefeuille wanneer het stress-scenario aanhoudt. Afgesproken wordt dat in kleiner comité met [ [P] ] de NL portefeuille wordt doorgenomen om dit bedrag te concretiseren. (…) Het onderzoek Default ontwikkeling 2009 – 2013 wijst voorlopig op een default piek in 2009 van 15% en in 2010 van 16%, waarna een afname te zien is. (…) Op sheet 17 is een ‘worst case scenario’ voorzieningen gepresenteerd van € 938 miljoen. (…) Daarmee lijkt een nog groter verlies dan uit de recente stresstests naar voren komt vooralsnog niet aan de orde. De RvC begrijpt de conclusie die getrokken wordt, maar vraagt de hoogst mogelijke aandacht van de Directie voor dit onderwerp. De waardeveranderingen dienen immers evenredig af te nemen met de afbouw van de portefeuille, anders staat direct het vertrouwen in het management ter discussie.” 2.53 Bij brief van 23 september 2009 heeft de raad van bestuur van SNS Reaal bij het bestuur van Property Finance aangedrongen op het omlaag brengen van het totale obligo vóór het eind van 2009: “Zoals reeds ook in eerdere RvC-vergaderingen is benadrukt, met name al in de vergaderingen van 10 februari en 30 maart 2009, is het van groot belang om het totale obligo omlaag te brengen voor het einde van 2009. Dit geldt voor de portefeuille als geheel (…) met daarbij een specifieke focus op de internationale portefeuille en in het bijzonder de Spaanse en Amerikaanse portefeuille. In onze vergadering van maandag 14 september jl. is geconstateerd dat er tot op heden nog onvoldoende zichtbare voortgang wordt geboekt ten aanzien van deze eerder gemaakte afspraken.” 2.54 Op 24 september 2009 heeft SNS Reaal het vertrek aangekondigd van [Q] als CEO van Property Finance en statutair directeur van SNS Bank “in het licht van veranderingen op strategisch gebied”. 2.55 Bij persbericht van 3 november 2009 heeft SNS Reaal aangekondigd een deel van de in november 2008 ontvangen staatssteun en steun van Stichting Beheer terug te zullen betalen. Het persbericht houdt onder meer in: “SNS REAAL heeft de Nederlandse Staat en Stichting Beheer SNS REAAL op de hoogte gebracht van het besluit om op 30 november 2009 in totaal € 250 miljoen core tier 1 securities in te zullen kopen. Deze € 250 miljoen bestaat uit € 185 miljoen core tier 1 securities geplaatst bij de Nederlandse Staat en € 65 miljoen geplaatst bij de Stichting. De Nederlandse Bank heeft de voorgenomen inkoop goedgekeurd. (…) De inkoop van € 250 miljoen zal worden gerealiseerd uit de opbrengsten van de aandelenuitgifte van € 135 miljoen voltooid op 24 september 2009. Daarnaast wordt een deel van het solvabiliteitsoverschot van de verzekeringsactiviteiten gebruikt. [M] , voorzitter van de Raad van Bestuur: “De inkoop van € 250 miljoen core tier 1 securities van de Nederlandse Staat en de Stichting binnen een jaar na de uitgifte is een eerste stap naar volledige terugbetaling. Onze sterke solvabiliteitspositie en de succesvolle aandelenuitgifte in september stellen ons in staat de vruchten te plukken van een vervroegde terugbetaling.” ” 2.56 Een rapport van de afdeling Concern Audit van SNS Reaal van 22 januari 2010 over het vierde kwartaal 2009 houdt met betrekking tot Property Finance onder meer in dat de beheersstructuur van Property Finance het predicaat “onvoldoende” krijgt hetgeen als volgt wordt toegelicht: “Op grond van onze werkzaamheden komen we tot de conclusie dat binnen SNS PF voldoende voortgang wordt geboekt bij de versterking van het beheerskader. (…) Er is een duidelijke omslag zichtbaar van commercie naar beheersing. (…) De focus ligt binnen de organisatie nu terecht op het volledig transparant krijgen van de actuele financiële risico’s en het structureel goed neerzetten van de R&R functie teneinde die risico’s te beperken. Het is begrijpelijk dat het fundamentele veranderproces meer tijd nodig heeft en nog niet is afgerond. Belangrijke nog onderhanden zaken betreffen daarbij een hogere taxatiefrequentie, het inregelen van het voorportaal van R&R en het adequaat opvolging geven aan de door Risk Management gestelde voorwaarden of adviezen. Het actuele beheersingsniveau is daarmee op dit moment nog niet goed te beoordelen.” 2.57 Het jaarverslag van SNS Reaal over 2009, gepubliceerd op 10 maart 2010, houdt onder meer in dat het netto resultaat van Property Finance daalde van € 28 miljoen winst over 2008 naar een verlies van € 219 miljoen over 2009, als gevolg van bijzondere waardeverminderingen op kredieten en goodwill. De Nederlandse portefeuille liet een winst zien van € 92 miljoen; de internationale vastgoedportefeuille liet een verlies zien van € 311 miljoen. Het jaarverslag houdt voorts in: “SNS Property Finance nam in 2009 een aantal maatregelen om de risico’s te verminderen en de kwaliteit van de portefeuille te verbeteren. SNS REAAL startte in het tweede kwartaal van 2009 een uitvoerige strategische heroriëntatie op de internationale activiteiten van SNS Property Finance. Zoals eerder aangegeven was de uitkomst dat SNS Property Finance zich exclusief op haar thuismarkt zal gaan richten, waar het tot de drie grootste vastgoedfinanciers behoort. In het tweede halfjaar startte SNS Property Finance met een onderzoek van verschillende scenario’s voor een beheerste en geleidelijke afbouw van de internationale activiteiten in de komende jaren. De organisatie wordt afgestemd op de aangepaste strategie. Op termijn leidt dit tot een lager risicoprofiel en een sterk lagere kostenbasis. (…) SNS Property Finance scherpte het beheer van de portefeuille aan met een ‘4-R-en beleid’, dat staat voor revisie (revision), terugbetaling (repayment), herstructurering (restructuring) en prijsaanpassing (repricing). Dit betekent meer focus op het monitoren van klanten, waaronder hun kredietwaardigheid, een striktere inning van aflossingen en rentebetalingen en hogere tarieven indien de ingeschatte risico’s, bijvoorbeeld door veranderde marktomstandigheden, een extra risico-opslag vereisen. Per project wordt gezocht naar de beste oplossing, waarbij extra investeringen voor het uitkopen van cliënten niet worden uitgesloten. De afdeling Bijzonder Beheer, die zich richt op probleemkredieten, werd sterk uitgebreid. (…) De afname van de kredietportefeuille is een van de belangrijkste prioriteiten van SNS Property Finance. Eind 2009 bedroegen de verplichtingen € 14,6 miljard, 9% lager dan eind 2008. Deels was deze daling het gevolg van een herclassificatie van kredieten naar vastgoedprojecten (…). Wanneer dit in aanmerking wordt genomen nam de onderliggende omvang van de verplichtingen met 5% af, bijna volledig in het tweede halfjaar van 2009. SNS REAAL legt haar prioriteit bij het behoud van een solide solvabiliteit. SNS Property Finance was mede daarom zeer terughoudend in het verlenen van nieuwe kredieten. De focus lag op beheer. De totale leningproductie van SNS Property Finance daalde daardoor van € 4,7 miljard in 2008 tot € 1,8 miljard in 2009. (…) Ondanks een terughoudende opstelling bij nieuwe projecten blijft SNS Property Finance zich oriënteren op nieuwe, kansrijke mogelijkheden op de Nederlandse markt.” 2.58 Tijdens de algemene vergadering van aandeelhouders op 14 april 2010 heeft SNS Reaal, bij monde van de voorzitter van haar raad van bestuur, onder meer gezegd dat SNS Reaal maatregelen neemt maar dat de internationale portefeuille heel lastig en volatiel blijft en dat deze portefeuille in de komende jaren nog wel een aandachtspunt zal blijven. De raad van bestuur van SNS Reaal verwacht dat de afboekingen van rond de € 400 miljoen, die SNS Reaal in 2009 heeft gedaan voor de komende jaren, nog wel op een hoog niveau zullen blijven. 2.59 Een door SNS Reaal op 18 mei 2010 uitgegeven trading update over het eerste kwartaal 2010 houdt met betrekking tot Property Finance onder meer het volgende in: “Bijzondere waardeverminderingen op internationale leningen leidden tot een verlies bij SNS Property Finance maar waren lager dan in recente kwartalen. Verder hebben we in het eerste kwartaal blijvend goede vooruitgang geboekt met het actief reduceren van de internationale leningenportefeuille.” 2.60 Een op verzoek van de raad van commissarissen van SNS Reaal uitgevoerde interne evaluatie van de overname van Property Finance onder leiding van de CFO van SNS Reaal, is uitgemond in het rapport Lessons Learned van 19 augustus 2010. Het rapport houdt onder meer in: “Hoofdstuk 2 – De beursgang en de acquisitie

(2006)(…) Het jaar 2006 is het jaar van de beursgang van SNS REAAL (mei) en van de acquisitie van BPF (juli-december). De opbrengsten van de beursgang (ongeveer EUR 410 miljoen) zijn in hetzelfde jaar volledig benut voor de acquisitie van BPF (EUR 810 miljoen). Uit de documentatie rond de beursgang en de acquisitie komen de volgende beelden naar voren: - Het proces van de acquisitie is zeer snel verlopen - De acquisitie is niet (juridisch) in strijd met de prospectus van de beursgang - Op basis van de inhoud van de prospectus en presentaties rond de beursgang lag de acquisitie strategisch niet voor de hand - Tijdens het due diligence onderzoek zijn vraagtekens gezet bij de rationale van de acquisitie - De ontvangst van de transactie door analisten, rating agencies en pers was zeer matig - De letter of intent en de share purchase agreement (…) zijn van goede kwaliteit - Uit het due diligence onderzoek zijn, behalve de kwaliteit van de verstrekte informatie en administratie, geen materiële problemen naar voren gekomen. - De RvC van SNS REAAL heeft tijdens het acquisitieproces kritische en de juiste vragen gesteld - Klanten van BPF die wegens hun reputatie als risicovol werden aangemerkt zijn buiten de transactie gehouden en bij de verkoper achter gebleven - (…) (…) Hoofdstuk 3 – Integratie en groei
(2007)(…) Uit de documentatie rond de integratie en groei komen de volgende beelden naar voren: - Conform de wens van de RvC blijft het management van BPF behouden met toevoeging van de heer [Q] als voorzitter - De aansturing van SPF lag niet bij het statutair bestuur van haar aandeelhouder, SNS Bank - De RvC van SPF werd samengesteld uit de leden van de RvB, in eerste instantie traden twee RvB leden toe tot kredietcommissie die voorgezeten wordt door de heer [P] (destijds CFO van SNS Bank) - Het integratieproces verloopt voorspoedig, SPF wordt opgenomen in risk governance van SNS Bank en er wordt een kredietcommissie voor grote leningen opgericht - Financiële resultaten in 2006 en 2007 liggen boven verwachting, door groei van de portefeuille en lage waardeveranderingen - concentratierisico blijkt onderbelicht te zijn zowel tijdens het due diligence onderzoek, als in 2007 - Na de snelle groei in de tweede helft van 2006, groeit de portefeuille zeer snel in 2007 voornamelijk in het buitenland - Er is sprake van grote cultuurverschillen tussen de BU’s Internationaal en Nederland - Het fundingprofiel van SPF verslechtert conform het beeld bij de acquisitie. Groei (…) Portefeuille Per 30 juni 2006 had BPF een portefeuille van EUR 9,8 miljard (kredietlimiet). Eind 2006 (een maand na closing) betrof dit al EUR 10,5 miljard. Een groei van 15,7% op jaarbasis. Ultimo 2007, dus een jaar na de acquisitie, bedroeg de portefeuille van SPF EUR 13,9 miljard, een groei van maar liefst 32,2%. Een deel hiervan betrof leningen die al in de pijplijn zaten op het moment van de acquisitie. Internationaal stijgt met 44,8%, Nederland met 27,0%. Een deel van de Nederlandse vastgoedfinancieringsportefeuille van SNS Bank (circa EUR 1,4 miljard) wordt eind 2007 overgedragen aan SPF. (…) Gecorrigeerd voor deze conversie bedroeg de groei van SPF in 2008 19,4% in plaats van 32,2%. Nederland stijgt met 8,8% in plaats van 27,0%. Eind 2008 bedroeg de portefeuille EUR 16,1 miljard (kredietlimiet), een groei van 15,3%. Deze groei werd voornamelijk in de eerste helft van 2008 gerealiseerd. Een deel van de Nederlandse vastgoedfinancieringsportefeuille van SNS Bank (circa EUR 0,4 miljard) wordt begin 2008 overgedragen aan SPF. Gecorrigeerd voor deze conversie bedroeg de groei van SPF in 2008 slechts 12,5%. Internationaal stijgt met 19,3%, Nederland met 9,2%. Tussen ultimo 2006 en 2008 groeit de portefeuille met EUR 3,8 miljard (kredietlimiet en gecorrigeerd voor de overdracht van de hierboven genoemde portefeuille). Een stijging van 35,9% ofwel 16,6% op jaarbasis. Van de groei van EUR 3,8 miljard komt circa EUR 2,3 miljard voor rekening van de internationale activiteiten, deels ook gedreven door lager dan verwachte aflossingen. Internationaal stijgt met 72,8%, ofwel 31,4% op jaarbasis. Nederland stijgt met 20,6%, ofwel 9,8% op jaarbasis (…). BU Nederland versus Internationaal (…) Bij de BU Internationaal lijkt het risicobewustzijn beperkt te zijn geweest. In ieder geval kan gesteld worden dat men primair gericht was op snelle groei. Hierbij werd weinig rekening gehouden met de kwaliteit van de organisatie (…). In de gespannen arbeidsmarkt van de jaren 2005–2007 werden ook medewerkers van, naar nu blijkt, onvoldoende kwaliteit aangetrokken voor posities met relatief grote verantwoordelijkheden. Bij de BU Nederland lijkt het risicobewustzijn aanzienlijk genuanceerder. Er was ook een beter functionerend risicobouwwerk. Er is sprake van meer prudente origination. Wel was er sprake van hiaten in de back office. (…) Hoofdstuk 4 – De omslag
(2008)Uit de documentatie in de periode eind 2007 en geheel 2008 komen de volgende beelden naar voren: - Er worden in het najaar van 2007 verschillende audits uitgevoerd met een aantal voldoende oordelen voor BU Nederland en Triple I en daarnaast een kritisch rapport over de risicobeheersing en de beheersstructuur binnen de BU Internationaal - Er wordt al in januari 2008 een vraag gesteld over de combinatie van commerciële drive en risico’s - De kaderbrief voor het jaar 2008 legt de focus op internationale groei en projectfinancieringen, in 2008 wordt duidelijk minder gestuurd op volume c.q. groei van de portefeuille - De onderliggende groei in 2008 is beperkt - De kaderbrief in 2008 voor het jaar 2009 stelt desalniettemin de ambitie met betrekking tot portefeuillegroei op 10% ondanks pre-Lehman crisis - De funding wordt steeds uitdagender gegeven de marktomstandigheden; beleid functioneert uitstekend. (…) In de zomer van 2008 bevatte de kaderbrief voor SPF een portefeuillegroeidoelstelling voor 2009 van 10%. Dit moet wat ons betreft in het perspectief worden geplaatst van een ontluikende kredietcrisis. De directie van SPF heeft in eerste instantie een OP voorstel gedaan dat ondanks de kaderbrief uit ging van een minimale (1% groei). Dit werd door de RvB [van SNS Reaal, toev. OK] als weinig ambitieus aangemerkt. Uiteindelijk is de groeidoelstelling voor 2009 teruggebracht tot 3% à 5%. (…) Hoofdstuk 5 – De herpositionering
(2009)Uit de documentatie over 2009 komen de volgende beelden naar voren: - Er vinden relatief veel wijzigingen plaats in senior management (…) - De audit rapporten blijven zeer kritisch over control environment van de BU Internationaal - Een focus van SPF in eerste instantie op repricing, restructuring, repayment en revision en vervolgens ook op de afbouw van de BU Internationaal - Sterk toenemende waardeveranderingen, verlieslatende activiteiten en druk op rating - De daling van de portefeuille zet zich in vanaf medio
  1. (…) In november 2009 zijn de nieuwe CEO, de CFO en directeur GRM aanwezig bij de vergadering van de AC. Er wordt uitgebreid gesproken over de kredietverliezen van SPF en de afbouw van de portefeuille. Het verlies (…) over de periode 2009 – 2011 wordt geraamd op circa EUR 1 à 1,1 miljard, waarvan driekwart in het buitenland, en de rest in Nederland. Het bedrag van EUR 2 miljard dat door de AC naar voren wordt gebracht, wordt door de directie niet herkend. Desgevraagd geeft de CFO aan dat SPF in Spanje en de VS het putje van de markt was, maar niet in Nederland. (…) In 2009 daalt de portefeuille met EUR 1,7 miljard (waarvan EUR 1,4 miljard door afname van ongetrokken commitment). Vanaf 2009 is er sprake van een daling van de uitstaande kredieten. Ultimo 2009 bedroeg de portefeuille (limieten) EUR 14,6 miljard, een daling van 9,3%. Op 30 juni 2010 bedraagt de portefeuille (limieten) EUR 13,8 miljard een daling van 10,5% op jaarbasis. Hoofdstuk 6 – Lessons learned (…) Waarnemingen (…) Ten eerste concluderen wij dat de relevante gremia binnen SPF, SNS Bank en SNS REAAL in het algemeen steeds van de relevante informatie zijn voorzien. (…) Ten tweede komt het beeld naar voren dat in bovengenoemde gremia de juiste en kritische vragen zijn gesteld (…) zoals over de aansluiting met de strategie van SNS REAAL, fit tussen de cultuur van BPF en SNS REAAL en reputationele aspecten. (…) Tenslotte zijn al in januari 2008 vragen op tafel gekomen met betrekking tot risico’s binnen SPF in relatie tot de groei en commerciële drive van het management van SPF. Op basis van bovengenoemde aspecten had men in de relevante gremia mogen doorvragen c.q. elkaar meer mogen “challengen”. Ten derde zijn er relatief snel na de overname meerdere signalen afgegeven en besproken over gebreken of aandacht in de beheersingsstructuur van SPF. Na vijf maanden initiële signalen over de risicobeheerorganisatie, na 7 maanden diverse signalen van zowel interne (Groep Audit) als externe accountant (KPMG), na 11 maanden twee grote projecten (55 West en La Ciqueña) met problemen, deels markt gedreven maar ook door ineffectieve project controle, na 12 maanden signalen over participaties en tenslotte na 13 maanden gebreken in werking bij BU Internationaal. Deze signalen hadden nadrukkelijker opgevolgd moeten worden. (…) Ten vijfde heeft men gereageerd op de veranderende omstandigheden. Op verschillende niveaus heeft men medewerkers, inclusief zeer senior medewerkers, vervangen. De strategie is aangepast door introductie van de 4-Rs. De afdeling R&R is versterkt met een directielid en fors uitgebreid. Spanje is relatief vroeg (begin 2009) tot afbouwgebied verklaard. Tenslotte is men overgegaan tot het besluit om de BU Internationaal af te bouwen. Dat gezegd hebbende kan men zich afvragen of deze besluiten in het licht van de ontluikende crisis vanaf medio 2007 niet eerder genomen hadden moeten worden. Waarschijnlijk wel. Kritisch door blijven vragen had hier een bijdrage aan kunnen leveren. De vraag is of dit tot lagere risico’s/waardeveranderingen had geleid. Wij zijn van mening dat dit op onderdelen zeker het geval zou zijn geweest. De omvang hiervan is alleen moeilijk te bepalen. Maar gezien de dramatisch slechte marktontwikkelingen, het profiel van de portefeuille ten tijde van de acquisitie, de positionering van vastgoedfinanciering als een kern van de strategie van SNS REAAL en groei als doelstelling hiervan, waren de verliezen desalniettemin grotendeels al ingelocked. De acquisitie had naar onze mening sowieso waardeverlies met zich gebracht.” 2.61 Op 9 november 2010 heeft SNS Reaal aangekondigd dat ook een deel van de binnenlandse portefeuille van Property Finance zal worden afgebouwd in 2-4 jaar en dat daartoe een onderverdeling is gemaakt binnen de Nederlandse portefeuille in core en non-core. Het persbericht van 9 november 2010, met de aanhef “SNS REAAL herpositioneert SNS Property Finance”, houdt onder meer in: “SNS Property Finance (SNSPF) wordt per 1 januari 2011 opgedeeld in twee aparte onderdelen. SNSPF behoudt de internationale leningenportefeuille, aangevuld met een deel van de Nederlandse leningenportefeuille van SNSPF. Dit onderdeel wordt in de komende twee tot vier jaar op een verantwoorde manier volledig afgebouwd. Het resterende deel van de Nederlandse portefeuille van SNSPF wordt samengevoegd met de huidige midden- en kleinbedrijf (MKB) activiteiten van SNS Bank tot het nieuwe bedrijfsonderdeel SNS Zakelijk. (…) De bruto leningenportefeuille van SNS Zakelijk bedraagt per eind september 2010 circa € 7,4 miljard, hoofdzakelijk bestaande uit winstgevende Nederlandse beleggingsfinancieringen en MKB hypotheekportefeuille van SNS Retail Bank (…) SNS Zakelijk zal zich richten op de optimalisatie van de leningenportefeuille en het verbeteren van het fundingprofiel mede door het vergroten van de zakelijke spaartegoeden. (…) De bruto leningenportefeuille van SNSPF bedraagt per eind september 2010 circa € 6,9 miljard, hoofdzakelijk bestaande uit internationale projectfinancieringen en Nederlandse projectfinancieringen. SNSPF zal zich richten op de afbouw van de totale leningenportefeuille in twee tot vier jaar tijd. (…) SNS Zakelijk en SNSPF zullen vanaf 1 januari 2011 worden geleid door [V] (CEO), [W] (CFO), en [X] (Chief Restructuring Officer). (…) [V] zal ook deel gaan uitmaken van de directie van [SNS Bank]. [W] maakt daar al deel van uit.” 2.62 Een door SNS Reaal uitgegeven persbericht van 18 november 2010 houdt in dat zij haar beleid richt op het vrijmaken van kapitaal. Het persbericht houdt onder meer in: “Een solide kapitaalmanagement, gericht op terugkoop van de core Tier 1 securities uitgegeven aan de Staat en Stichting Beheer SNS REAAL houdt een hoge prioriteit. De recent aangekondigde herpositionering van SNS Property Finance en initiatieven voor het vrijmaken van kapitaal zullen op termijn de winstgevendheid van de Groep moeten versterken en leiden tot een situatie waarin de kapitaalsteun van de Staat en de Stichting kan worden terugbetaald.” 2.63 Het op 7 maart 2011 gepubliceerde jaarverslag van SNS Reaal over 2010 houdt onder meer in: “De belangrijkste risico’s voor SNS REAAL zijn: - Kwaliteit van de kredietportefeuille van Property Finance: de kredietverliezen van Property Finance voerden dit jaar de boventoon. De kredietrisico’s werden mede bepaald door de algehele macro-economische ontwikkelingen, terwijl tegelijkertijd de resultaten op individuele posten het beeld bepaalden.” 2.64 Het bestuur van Property Finance heeft door een memorandum van 11 mei 2011 de raad van bestuur van SNS Reaal desgevraagd geïnformeerd over het onderzoek door het bureau Holland Intergrity Group (hierna HIG) in opdracht van Property Finance naar drie projecten (Belval, The Key en La Ciguena). Het memorandum houdt onder meer in: “De Directie van [Property Finance] is van mening dat de voorlopige bevindingen van HIG, ten aanzien van met name Belval en The Key, zeer ernstig zijn. Het gaat om grove nalatigheid qua beheer in het verleden. (…) Naar de mening van de huidige Directie van [Property Finance] zijn voornoemde onregelmatigheden toe te schrijven aan de in het verleden ernstig tekortschietende “control environment” bij de business unit International (en voorheen ook Special Projects) van [Property Finance]. Hier is in 2008 reeds door Group Audit op gewezen. Dit is in de hand gewerkt doordat de beheerorganisatie is achtergebleven bij de explosieve commerciële groei van [Property Finance] in die jaren. Verder schoot de ervaring en het niveau van veel medewerkers tekort en was er binnen de business units sprake van een hiërarchische lijnorganisatie, waarbij Finance&Control, Operations (incl. Project Control), Legal en Risk Management hiërarchisch onder de voormalige Algemeen Directeur Business Unit International vielen, die commercieel verantwoordelijk was. Tevens was er vanwege de ambitieuze groeidoelen veel onderlinge concurrentie tussen de business units International en Special Projects (participaties). In het kader van de groeidoelstellingen waren in voorkomende gevallen ook equity participaties onderdeel van het (toenmalige) “productaanbod” van [Property Finance]. (…) Door de Directie van [Property Finance] wordt een inventarisatie uitgevoerd met betrekking tot de top 50 relatiecomplexen, waarbij een “risico ranking” is gemaakt, die de wenselijkheid van verder onderzoek reflecteert (…). De top 50 relaties is besproken tijdens diverse expert bijeenkomsten (…), waarbij de top 50 is gecondenseerd tot 20 relaties waarbij het volgende naar voren is gekomen: - Voor 6 relaties (…) geldt dat een onderzoek in het verleden gestart is of zeer recent. - Voor 8 andere relaties (…) geldt dat aanbevolen wordt een onderzoek te laten starten. - Voor de overige 6 posten wordt voorshands geen nader onderzoek aanbevolen, hiertoe kan in de toekomst alsnog worden overgegaan.” 2.65 Het op 5 maart 2012 gepubliceerde jaarverslag van SNS Reaal over 2011 houdt onder meer in: “5.3 Strategie (…) Op basis van onze marktpositionering en een SWOT-analyse hebben we vier strategische prioriteiten bepaald: • Afbouw Property Finance • Sterk kapitaalsbeleid gericht op terugbetaling van Staat en Stichting • Winnen, helpen en houden van klanten • Verlaging van de kostenbasis (…) 5.3.1 Afbouw Property Finance De ontwikkelingen van de afgelopen jaren in de financiële sector, in het bijzonder in de vastgoedmarkten, leidden tot een heroriëntatie op onze strategie voor vastgoedfinanciering. SNS REAAL maakte twee strategische keuzes: • Vorming van een nieuw onderdeel SNS Zakelijk per 1 januari
  2. SNS Zakelijk bestaat uit een deel van de Nederlandse financieringen van Property Finance, de mkb-kredietportefeuille en mkb-sparen van SNS Bank. Hiermee willen we het portefeuillebeheer en omvang optimaliseren en vereenvoudigen en onze financieringsmogelijkheden verbeteren. • Afbouw van de resterende financieringen binnen Property Finance. Deze bestaan uit de internationale portefeuille en een deel van de Nederlandse portefeuille. Dit samen verbetert het risicoprofiel van SNS REAAL en de financiering van de bankactiviteiten. Na de afbouw van Property Finance zal SNS REAAL zich alleen richten op de Nederlandse markt. (…) 7.1 Afbouw van Property Finance (…) Ondanks moeilijke omstandigheden op de vastgoed- en financiële markten hebben we een sterke progressie gemaakt met de afbouw van Property Finance. De portefeuille met de totale bedragen aan kredietlimieten (brutokredieten inclusief niet getrokken kredietlijnen) is teruggebracht met € 1,3 miljard tot € 5,5 miljard (-20%). De risico gewogen activa namen fors af. (…). (…) 7.2 .1 Zelfstandige solide kapitaalspositie We willen de kapitaalsteun die we van de Staat en de Stichting in de vorm van core Tier 1 capital securites hebben ontvangen op een verantwoorde manier terugkopen, waarbij behoud van onze kapitaalpositie ondanks de moeilijke omstandigheden centraal staat. Daarbij hebben we de ambitie om de Staat uiterlijk per eind 2013 terug te betalen. Dankzij de coöperatieve opstelling van de Stichting, hoeven wij de core Tier 1 capital securities van de Stichting in beginsel niet op hetzelfde tijdstip terug te kopen als die van de Nederlandse Staat. (…) (…) 7.2.3 Voortgang programma kapitaalvrijmaking In november 2010 zette SNS REAAL een plan uiteen om in anderhalf jaar € 600 miljoen aan kapitaal vrij te maken. In februari 2011 werd dit bedrag verhoogd tot € 700 miljoen. De vrijval van kapitaal levert een bijdrage om in een positie te geraken waarin de kapitaalsteun van de Staat kan worden terugbetaald. Eind 2010 was al circa € 160 miljoen vrijgemaakt. Door zeer volatiele financiële markten werd in 2011 een groot deel van de positieve impact op de solvabiliteit van het vrijgemaakte kapitaal echter teniet gedaan. Per saldo kon in totaal tot en met eind 2011 circa € 595 miljoen aan kapitaal vrijgemaakt worden. (…) (…) De belangrijkste financiële risico’s voor SNS REAAL waren eind 2011: • Toenemende onzekerheid over de omvang van de kredietverliezen door een verslechtering van de macro-economie. Dat geldt vooral voor Property Finance, SNS Zakelijk en de hypothekenportefeuille. • (…).” 2.66 Een persbericht van SNS Reaal van 25 april 2012 over de cijfers over het eerste kwartaal 2012 houdt onder meer in: “Op basis van voorlopige cijfers verwacht SNS REAAL het eerste kwartaal van 2012 af te sluiten met een positief netto resultaat. SNS Retail Bank, SNS Zakelijk en de verzekeringsactiviteiten rapporteerden een nettowinst. Property Finance realiseerde een nettoverlies aangezien bijzondere waardeverminderingen op leningen hoog bleven, in lijn met het kwartaalgemiddelde van
  3. De totale solvabiliteit van de Groep bleef solide, bij volatiele marktomstandigheden.” 2.67 Een persbericht van SNS Reaal van 15 mei 2012 over de cijfers over het eerste kwartaal 2012 houdt met betrekking tot Property Finance onder meer in: “Totale kredietlimieten daalden van € 5,5 miljard eind 2011 tot € 5,3 miljard. De totale leningenportefeuille, na voorzieningen, daalde van € 4,8 miljard eind 2011 naar € 4,6 miljard, waarvan € 1,8 miljard internationale leningen. De voortgang in de afbouw is onderdeel van de 3 tot 5 jaar strategische prioriteit zoals aangekondigd in
  4. Vastgoedprojecten (onroerendgoedprojecten waarover Property Finance de zeggenschap heeft verkregen) en activa aangehouden voor verkoop waren samen stabiel op het niveau van eind
  5. De voorziene leningen als percentage van de bruto uitstaande leningen namen enigszins toe tot 33% vergeleken met 32% eind 2011 als gevolg van de daling van de totale portefeuille. Het niveau van voorziene leningen was met € 1,7 miljard stabiel ten opzichte van eind
  6. De dekkingsgraad (voorzieningen als percentage van voorziene leningen) verbeterde licht tot 35% (binnenlandse leningen 30%, internationale leningen: 47%).” Over solvabiliteitsratio’s en funding houdt het persbericht in: “Aan het eind van het eerste kwartaal was de core Tier 1 ratio van SNS Bank NV licht gestegen tot 9,4%, vergeleken met 9,2% eind
  7. De verbetering werd veroorzaakt door een kapitaalstorting vanuit de holding van € 50 miljoen en de verdere afname van de leningenportefeuille van SNS Zakelijk en Property Finance. De Tier 1 ratio van SNS Bank NV daalde tot 11,9% (eind 2011: 12,2%) als gevolg van de aangekondigde aflossing van € 125 miljoen participatiecertificaten. (…) Aan het eind van het eerste kwartaal was 87% van het kapitaalvrijvalprogramma van € 700 miljoen gerealiseerd. Op dit moment is de eerste prioriteit met betrekking tot het vrijgespeelde kapitaal de verdere stijging van de core Tier 1 ratio van de bank tot 10% in de komende jaren te ondersteunen en eveneens het handhaven van solide solvabiliteitsniveaus van de verzekeringsactiviteiten, gegeven de onrust op financiële markten, de hogere kapitaaleisen en het verslechterende economische klimaat. SNS REAAL zal blijven zoeken naar mogelijkheden om de solvabiliteit verder te versterken om te zijner tijd in staat te zijn de kapitaalsteun van de Nederlandse Staat terug te betalen.” 2.68 SNS Bank heeft op 28 juni 2012 de Participatie Certificaten van Serie 1, in hoofdsom € 125 miljoen, afgelost. 2.69 Een market update van SNS Reaal gepubliceerd op 13 juli 2012 houdt onder meer in: “SNS REAAL herhaalt dat zij zich in lijn met de strategische prioriteiten richt op het afbouwen van vastgoedfinancieringen en de versterking van haar kapitaalspositie. Hierbij onderzoekt SNS REAAL samen met adviseurs verschillende mogelijkheden. De verkoop van bedrijfsonderdelen is een van de mogelijkheden die daarbij wordt onderzocht. Over geen van de verschillende mogelijkheden is een beslissing genomen.” 2.70 Op 8 augustus 2012 heeft Property Finance aan Ernst & Young (thans EY) opdracht gegeven om de gehele vastgoedportefeuille van Property Finance (zowel core als non-core) en de problemen daarin in kaart te brengen. In de rapportages van Ernst & Young van 31 oktober 2012 worden de opdrachten als volgt beschreven: “Specifically, SNSPF has requested that EY estimate the potential shortfall of SNSPF’s Core relationship complexes (“RCs”) based on EY’s independent analysis, pursuant to the existing strategies assumed by SNSPF. The potential shortfall estimate is defined as the difference between the outstanding balance of the loans as per 30 June 2012 and the estimated recoverable amount pursuant to the existing strategies assumed by SNSPF.” “Specifically, SNSPF has requested that EY estimate the potential additional shortfall of SNSPF’s Non-Core loans, Real Estate Owned (“REO”), and relationship complexes (“RCs”) based on EY’s independent analysis, pursuant to the existing exit strategies assumed by SNSPF. The potential additional shortfall estimate is defined as the difference between the net outstanding balance of the loans (or book value of the REO) as per 30 June 2012, and the estimated recoverable amount pursuant to the existing exit strategies assumed by SNSPF.” 2.71 Op 16 augustus 2012 heeft SNS Reaal een tussentijds financieel verslag gepubliceerd over het eerste halfjaar van
  8. Het persbericht van die datum houdt onder meer in, als uitlating van [M] : “In een voortdurende uitdagende economische omgeving hebben onze kernactiviteiten een nettowinst gerealiseerd over het eerste halfjaar van
  9. Als gevolg van onze strategische focus is de klanttevredenheid verbeterd, terwijl onze kosten verder zijn verlaagd. De positie van onze voormalige Property Finance business nam met € 1,1 miljard af. Property Finance bleef verlieslatend, terwijl vastgoedmarkten verder verslechterden. Eind juni 2012 was ons programma om € 700 miljoen aan kapitaal vrij te maken, oorspronkelijk bedoeld voor de terugbetaling van de kapitaalsteun van de Nederlandse Staat, grotendeels voltooid. Echter, de belangrijkste prioriteiten in dit stadium zijn om met het vrijgemaakte kapitaal de komende jaren de versterking van de core Tier 1 ratio van de bankactiviteiten tot 10% te ondersteunen en de solvabiliteitspositie van onze verzekeringsactiviteiten te ondersteunen, gegeven de historisch lage rente. We onderzoeken op dit moment een breed scala aan maatregelen gericht op versterking en vereenvoudiging van onze kapitaalbasis alsook strategische herstructureringsscenario’s, zoals de verkoop van bedrijfsonderdelen. Op dit moment is nog geen beslissing genomen op een van de verschillende mogelijkheden. We verwachten later dit jaar een update te geven. De vooruitzichten voor het resterende jaar blijven zeer uitdagend. Desalniettemin blijven we ons richten op de uitvoering van onze strategische prioriteiten.” 2.72 Bij brief van 2 oktober 2012 heeft DNB aan de minister van Financiën onder meer geschreven (in de brief wordt SNS Reaal aangeduid als Mercurius): “Begin 2011 constateerde DNB dat Mercurius, ondanks de reductie van de vastgoedportefeuille, kwetsbaar bleef voor de continu verslechterende vastgoedmarkten. (…) DNB heeft (…) in augustus 2011 aan Mercurius gevraagd de mogelijkheden tot balansverkorting te onderzoeken (…). Tevens zijn hierover indringende gesprekken gevoerd met de Raad van Commissarissen van Mercurius. (…) Op basis van de beoordeling van de nadere analyse van het management heeft DNB vervolgens geconcludeerd dat Mercurius onvoldoende in staat is om zelf de benodigde versterking van haar financiële positie te realiseren. Om deze reden heeft DNB in december 2011 het initiatief genomen tot een intensivering van de gesprekken met het Ministerie, ten einde een oplossing te zoeken voor de ontstane situatie. (…) Die hierboven genoemde ontwikkelingen hebben geleid tot een precaire situatie bij Mercurius die DNB onhoudbaar acht. DNB ziet geen mogelijkheden voor de instelling om, zonder hulp van buitenaf, de situatie ten goede te keren. Het zijn niet zozeer de zichtbare solvabiliteitsratio’s die het probleem vormen als wel de grote onzekerheden rondom de Property Financeportefeuille, herfinanciering van de aflopende leningen, het woekerpolissendossier en double leverage waardoor de verhouding tussen ‘risico’s’ en buffers uit balans is en de strategische flexibiliteit is afgenomen.” 2.73 Op 31 oktober 2012 heeft Ernst & Young aan SNS Reaal gerapporteerd over de core en de non- core portefeuille van Property Finance (zie 2.61). Deze rapporten zijn slechts zeer gedeeltelijk in het geding gebracht (door VEB c.s.). In het rapport van de Commissie ENS (zie 1.2) staat over de bevindingen van Ernst & Young het volgende (pagina 151): “De uitkomsten waren gesplitst tussen het coregedeelte van de portefeuille (…) en het non-coregedeelte (…). Ernst & Young kwam tot een totaal aan noodzakelijke afboekingen van 1,3 tot 2 miljard euro. Die uitkomsten lagen niet ver van de inschattingen van Property Finance zelf. De analyse van Ernst & Young maakte duidelijk hoezeer de markt in Nederland verslechterd was. Het grootste deel van de afboekingen zou namelijk moeten plaatsvinden bij het Nederlandse deel van de portefeuille. Ook bij het coregedeelte zou SNS Reaal afboekingen moeten doen die in de honderden miljoenen liepen.” 2.74 Op 6 november 2012 heeft SNS Reaal in een trading update over het derde kwartaal mededelingen gedaan over het zoeken naar een strategische herstructurering en bekendgemaakt dat de kredietportefeuille van SNS Zakelijk zal worden afgebouwd. Het persbericht houdt onder meer in: “UPDATE STRATEGISCHE HERSTRUCTURINGSSCENARIO’S Op 13 juli 2012 en daarna op 16 augustus 2012 deelde SNS REAAL mee dat zij een breed scala aan scenario’s gericht op het vinden van een allesomvattende oplossing voor de core Tier 1 securities van de Staat en haar kapitaalbasis aan het bestuderen is. SNS REAAL is momenteel in overleg met externe adviseurs een breed scala aan mogelijkheden aan het onderzoeken op het gebied van strategische herstructurering (bv. de verkoop van bedrijfsonderdelen en de beperking van kredietrisico’s bij Property Finance) en de versterking en vereenvoudiging van haar kapitaalbasis (bv. de emissie van gewone aandelen, conversie van core Tier 1 securities, een vermindering van het aantal aandelenklassen en een verlaging van de double leverage). (…) HERPOSITIONERING SNS ZAKELIJK In de toekomst zal SNS Bank zich voornamelijk op particuliere klanten richten. In aansluiting op de afbouw van de kredietportefeuille van SNS Zakelijk waarmee in 2010 werd begonnen, heeft SNS Bank besloten zich terug te trekken uit de financieringsmarkt voor commercieel vastgoed voor het MKB. Dit moet leiden tot een beter fundingprofiel, een behoudender risicoprofiel en een verdere afname van de risicogewogen activa. Als gevolg hiervan zal de kredietportefeuille van SNS Zakelijk in 2013 worden samengevoegd met de Property Finance organisatie en worden afgebouwd. Zakelijk Assurantiën, Sparen en Betalen zullen worden voortgezet en worden ondergebracht bij SNS Retail Bank.” 2.75 Tijdens een investor day op 15 november 2012 heeft SNS Reaal onder meer de herstructureringsscenario’s, het afbouwen van de portefeuille van Property Finance en de bijzondere waardeverminderingen toegelicht. Die toelichting houdt onder meer in dat het vrijgemaakte kapitaal benodigd is voor versterking van de solvabiliteit en niet beschikbaar is voor het terugbetalen van de core Tier 1 securities, dat de portefeuille van Property Finance in de eerste negen maanden van 2012 is afgebouwd met € 1,4 miljard en dat de afbouw wordt vertraagd door de beperkte herfinancieringscapaciteit in de markt en dat met betrekking tot het non-core gedeelte van de portefeuille van Property Finance zich een significante toename voordoet van de bijzondere waardeverminderingen (€ 118 miljoen in het derde kwartaal van 2012) en de non performing loans (bijna € 2 miljard in het derde kwartaal van 2012, waarvan € 1.4 miljard in het Nederlandse deel van de portefeuille). 2.76 Bij brief van 29 november 2012 heeft KPMG, de externe accountant van SNS Reaal, aan de voorzitter van de raad van bestuur van SNS Reaal onder meer geschreven: “In de gesprekken die wij hebben gevoerd over Project Eiffel [het vinden van een oplossing voor de kwetsbare kapitaalspositie van SNS Bank en SNS Reaal, toev. OK] wordt door de Raad van Bestuur bevestigd dat in de loop van 2012 een materiële onzekerheid is ontstaan ten aanzien van het vermogen van SNS Bank om zelfstandig aan de kapitaalseisen te kunnen voldoen. Dit resulteert thans in een gerede twijfel ten aanzien van de continuïteit van SNS Bank en SNS REAAL.” 2.77 Bij persbericht van 5 december 2012 heeft SNS Reaal aangekondigd dat SNS Bank de Participatie Certificaten Serie 2, in hoofdsom groot € 116 miljoen, op 24 december 2012 gaat aflossen. Het persbericht houdt onder meer in dat DNB op 4 december 2012 aan SNS Bank heeft medegedeeld dat naar haar oordeel de nog uitstaande Participatie Certificaten geen onderdeel meer vormen van het toetsingsvermogen. 2.78 Bij brief van 13 januari 2013 aan het ministerie van Financiën heeft SNS Reaal gereageerd op de bevindingen van Cushman & Wakefield (hierna ook: C&W), de door het ministerie ingeschakelde deskundige, over de te verwachten verliezen op de onroerendgoedportefeuille. De brief houdt onder meer in: “SNS REAAL considers that both the procedure followed and the methodology used in the creation of the C&W report as seriously flawed, which has a material impact on C&W’s estimation of the Real Economic Value and the negotiation process between all the parties involved for a comprehensive solution. Therefore, at this moment no conclusions or actions can be taken on the basis of the results of the C&W report.” Uit de bijlage bij deze brief blijkt dat per medio 2012 de omvang van de totale portefeuille € 9,13 miljard bedroeg en dat daarop reeds een voorziening was getroffen van € 740 miljoen. Naast deze voorziening verwachtte SNS Reaal zelf een aanvullend verlies op de portefeuille van € 1,382 - € 2,083 miljard, terwijl C&W het aanvullende verlies begrootte op € 2,149 - € 2,853 miljard. 2.79 Ook op 13 januari 2013 heeft SNS Reaal onder meer het volgende geschreven aan het ministerie van Financiën: “Namens de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen van SNS REAAL richten wij ons tot u in verband met de voortgang van de gesprekken die gaande zijn tussen uw ministerie, SNS REAAL en een aantal andere partijen met als doel een allesomvattende en bij voorkeur zoveel mogelijk private oplossing te vinden voor de problematiek waarmee SNS REAAL is en wordt geconfronteerd, in het bijzonder waar het betreft haar vastgoedfinancieringsactiviteiten. Mede ten gevolge van de financiële crisis geldt juist met betrekking tot dergelijke portefeuilles van vastgoedleningen dat aanzienlijke verliezen worden geleden. Voor SNS REAAL speelt dit helaas terwijl zij ook voor het einde van 2013 een bedrag van € 565 miljoen aan overheidssteun (plus een premie van 50%) moet terugbetalen. Deze elementen gecombineerd met de huidige volatiele financiële markten, krimpende economie en toenemende kapitaaleisen betekenen dat de bestaande kapitaalpositie van SNS REAAL herstructurering vergt.” 2.80 Bij brief van 18 januari 2013 aan SNS Bank heeft DNB mededeling gedaan van het volgende voorgenomen SREP-besluit: “Gelet op de feiten en omstandigheden beschreven in de voorgaande paragrafen is DNB voornemens om op grond van artikel 3:111a lid 2 Wft, in samenhang met de artikelen 3:17 en 3:18a Wft en artikel 24a en 25a Besluit prudentiële regels Wft, de volgende maatregel op te leggen: SNS Bank dient uiterlijk 31 januari 2013 om 18:00 uur haar kernkapitaal met minimaal EUR 1,9 miljard te hebben aangevuld, althans SNS Bank dient uiterlijk 31 januari 2013 om 18:00 uur een finale oplossing te presenteren welke naar het oordeel van DNB een voldoende mate van zekerheid van slagen heeft en welke op korte termijn daadwerkelijk leidt tot aanvulling van het genoemde kapitaaltekort.” Zij heeft daaraan het volgende toegevoegd. “Daarbij komt dat het bij het ontbreken van een overtuigende en definitieve oplossing niet mogelijk zal zijn om op 14 februari 2013 jaarcijfers die op continuïteitsbasis zijn opgesteld, naar buiten te brengen. (…) Indien SNS Bank niet in staat zal blijken om haar kapitaalpositie tijdig en voldoende te versterken, acht DNB het niet langer verantwoord dat SNS Bank het bankbedrijf uitoefent en zal DNB gebruik maken van haar bevoegdheden op grond van de Wft.” 2.81 Op 27 januari 2013 heeft DNB – met inachtneming van de door SNS Bank op het voorgenomen besluit gegeven zienswijze – een definitief SREP-besluit genomen en aan SNS Bank – ter informatie ook aan SNS Reaal – medegedeeld. Daarin heeft zij de bezwaren van SNS Bank tegen de Cushman & Wakefield-rapporten verworpen en de volgende maatregel opgelegd, zakelijk gesproken nagenoeg gelijk als vervat in het voorgenomen besluit. “SNS Bank dient uiterlijk 31 januari 2013 om 18:00 uur haar kernkapitaal met minimaal EUR 1,84 miljard te hebben aangevuld, althans SNS Bank dient uiterlijk 31 januari 2013 om 18:00 uur een finale oplossing te presenteren welke naar het oordeel van DNB een voldoende mate van zekerheid van slagen heeft, waarbij tenminste is vereist dat alle daarbij betrokken partijen zich aantoonbaar aan de gepresenteerde oplossing hebben gecommitteerd, en welke op korte termijn daadwerkelijk leidt tot aanvulling van het genoemde kapitaaltekort. (…) Indien SNS Bank niet in staat zal blijken om haar kapitaalpositie tijdig en voldoende te versterken, acht DNB het niet langer verantwoord dat SNS Bank het bankbedrijf uitoefent en zal DNB gebruik maken van haar bevoegdheden op grond van de Wft.” In de brief maakt DNB ook melding van een oplossing met CVC Capital Partners (een private equity investeerder) die nog onderzocht wordt. 2.82 In een persbericht van 28 januari 2013 heeft SNS Reaal meegedeeld dat zij streeft naar “een allesomvattende oplossing”. Het persbericht houdt onder meer in: “Zoals SNS REAAL eerder kenbaar heeft gemaakt, onderzoekt zij scenario’s gericht op het vinden van een allesomvattende oplossing met betrekking tot versterking en vereenvoudiging van haar kapitaalstructuur en de reductie van kredietrisico’s bij Property Finance, al dan niet door afsplitsing van de Property Finance activiteiten. In alle scenario's spelen inschattingen van betrokken partijen over oplopende toekomstige verliezen bij Property Finance een belangrijke rol. De inschatting van de omvang van toekomstige verliezen bij Property Finance is afhankelijk van factoren zoals verwachtingen over de ontwikkeling van de economie, over verdere waardedaling van vastgoed en over de ontwikkeling van de rente. De inspanning van SNS REAAL is gericht op een scenario waarin ook wordt deelgenomen door private investeerders. In dit scenario zal onder andere sprake zijn van een omvangrijke emissie van aandelen en worden transacties met betrekking tot uitstaande achtergestelde instrumenten voorzien. Op dit moment is nog niet duidelijk of dit scenario kan worden gerealiseerd. Er zijn nog geen beslissingen genomen.” 2.83 Bij brief van 1 februari 2013 heeft DNB aan SNS Bank – en ter informatie ook aan SNS Reaal – bericht dat zij het door SNS Bank gepresenteerde Memorandum of Understanding, dat volgens SNS Reaal en SNS Bank zou voorzien in herkapitalisatie in lijn met het definitieve SREP-besluit van 27 januari 2013, afwijst en voorts dat SNS Bank niet aan de maatregel vervat in het SREP-besluit heeft voldaan, dat daarom het toetsingsvermogen van SNS Bank niet een beheerste en duurzame dekking van risico’s waarborgt en dat zij het daarom niet langer verantwoord acht dat SNS Bank het bankbedrijf uitoefent. 2.84 Op diezelfde dag heeft de minister het in 2.1 genoemde onteigeningsbesluit genomen. Het besluit heeft onder meer betrekking op alle door SNS Reaal uitgegeven aandelen, op achtergestelde obligaties en op onderhandse leningen aan SNS Reaal en SNS Bank. Het Onteigeningsbesluit bevat een weergave van feiten die tot het besluit aanleiding hebben gegeven. Die weergave houdt onder meer het volgende in: “
  10. SNS Property Finance heeft op basis van medio 2012 beschikbare informatie zelf de additioneel te verwachten verliezen op de vastgoedportefeuille ingeschat. De vastgoedportefeuille had toen een netto omvang van ongeveer € 8,3 miljard (bruto omvang ongeveer € 9,0 miljard minus € 0,7 miljard voorzieningen). SNS Property Finance heeft ingeschat dat deze additioneel te verwachten verliezen in een basisscenario ongeveer € 1,4 miljard en in een negatief scenario ongeveer € 2,1 miljard zouden bedragen. Het Ministerie heeft in oktober 2012 Cushman & Wakefield ingehuurd om een onafhankelijke waardering te maken van de vastgoedportefeuille van SNS Property Finance. De uitkomst van de bepaling van de reële economische waarde op basis van medio 2012 beschikbare informatie – van de juistheid waarvan het Ministerie in het vervolg is uitgegaan – was voor de vastgoedleningen in een basisscenario ongeveer € 5,6 miljard en in een negatief scenario ongeveer € 4,9 miljard. Tevens heeft Cushman & Wakefield de indicatie gegeven dat het vastgoed van SNS Property Finance (met een boekwaarde van € 512 miljoen) een huidige reële economische waarde heeft tussen € 185 miljoen en € 265 miljoen. Een en ander laat zich vertalen in een verwacht verlies bovenop de reeds door SNS Property Finance genomen voorzieningen op de vastgoedportefeuille van ongeveer € 2,4 miljard in een basisscenario en ongeveer € 3,2 miljard in een negatief scenario. Deze verliezen zijn substantieel hoger dan de door SNS Property Finance ingeschatte additioneel te verwachten verliezen. Een onlangs geactualiseerd overzicht van Cushman & Wakefield geeft geen wezenlijk ander beeld.” 2.85 Bij brief van 21 februari 2013 heeft VEB aan (onder meer) SNS Reaal c.s. bezwaren kenbaar gemaakt tegen het beleid en de gang van zaken. 2.86 Op 4 maart 2013 heeft de minister op de voet van artikel 6:10 Wft aan de rechthebbenden van de onteigende vermogensbestanddelen of effecten een aanbod tot schadeloosstelling gedaan, inhoudende € 0 per vermogensbestanddeel of effect. Over de verschuldigde schadeloosstelling is thans een procedure aanhangig bij de Ondernemingskamer. 2.87 Op 8 maart 2013 heeft de Tweede Kamer een hoorzitting gehouden over de aanloop naar de Onteigening en in dat kader personen gehoord die daarbij betrokken zijn geweest. Het verslag van de hoorzitting houdt onder meer in: “De heer Sijbrand [destijds directeur toezicht DNB]: Bij de persconferentie heb ik gezegd dat we een dergelijke transactie [de acquisitie van Property Finance door SNS Reaal, toev. OK] niet meer zouden goedkeuren. De minister heeft dat ook bevestigd. Een reden hiervoor is dat de positie die het concentratierisico heeft ingenomen bij zaken waar toezichthouders op letten, aanzienlijk groter is geworden in de loop van de kredietcrisis. (…) ING heeft in 2008 staatssteun nodig gehad vanwege de Alt-A-portefeuille. Dat is ook een typisch voorbeeld van een concentratierisico. SNS had dat met zijn vastgoed. Het was 17% van de balans in
  11. Vier keer het eigen vermogen was in vastgoed belegd. Dat herkennen we nu als een enorm concentratierisico. We weten wat daarmee kan gebeuren. (…) Een ander ding dat tegenwoordig zwaar weegt, is de aandacht voor governance, gedrag en cultuur in de instellingen. Wat zijn dat voor mensen? Weet men wat het investeren in vastgoed in het buitenland inhoudt? Als je niets weet van het buitenland en niets weet van vastgoed, zijn het wel twee grote stappen in één keer. Als dat zich nu weer zou voordoen, zouden we daar heel grote vraagtekens bij zetten. Met de lessen die we voor een belangrijk deel in de afgelopen vijf jaar hebben geleerd, zouden wij, als zich nu weer zoiets zou voordoen, een heleboel redenen hebben om te zeggen: dat gaat niet gebeuren. (…) Hangende het zoeken naar de diverse opties, hebben we van tijd tot tijd ook als toezichthouder bepaalde minder goede dingen toegelaten bij SNS, bijvoorbeeld het aflossen van de participatiecertificaten in juni. (…) Die participatiecertificaten bijvoorbeeld zijn afgelost. Dat geld is als het ware door de belastingbetaler aangevuld. Maar wat betreft die participatiecertificaten was er geen houden aan.” 2.88 SNS Reaal heeft haar jaarverslag over 2012 gepubliceerd op 4 juni
  12. Dit jaarverslag houdt met betrekking tot Property Finance onder meer in: “11.2 resultaat 2012 ten opzichte van 2011 Het nettoverlies van Property Finance nam fors toe naar € 813 miljoen, vooral door fors hogere bijzondere waardeverminderingen als gevolg van de verdere verslechtering van vastgoedmarkten en door de afwaardering van de resterende goodwill. Bijzondere waardeverminderingen stegen naar 941 miljoen, waarvan 772 miljoen in de tweede helft van 2012 ontstonden. (…) (…) 11.5.2 Nederlandse portefeuille De netto exposure van de Nederlandse portefeuille daalde ten opzichte van ultimo 2011 met € 1,5 miljard (-22%) naar € 5,5 miljard, voornamelijk als gevolg van bijzondere waardeverminderingen en aflossingen. Het totaal aan kredietlimieten daalde met € 7,5 miljard naar € 6,3 miljard (-15%). Nederlandse voorziene leningen stegen fors met € 728 miljoen, voornamelijk door nieuwe instroom als gevolg van de verdere verslechtering van de Nederlandse vastgoedmarkt. De totale voorziene leningen uitgedrukt als percentage van de bruto kredietportefeuille stegen van 16% naar 30%. De dekkingsgraad steeg van 31% naar 46%. De gemiddelde LtV van de Nederlandse kredietportefeuille steeg fors, van 87,0% naar 101,3%. Na aftrek van voorzieningen was de LtV van de Nederlandse portefeuille gemiddeld 87,0% (ultimo 2011: 82,7%). 11.5.3 Internationale portefeuille De netto exposure van de internationale portefeuille daalde van € 2,3 miljard ultimo 2011 naar € 1,5 miljard (-36%) door aflossingen, de verkoop van kredieten, wisselkoerseffecten en bijzondere waardeverminderingen. De totale kredietlimieten daalden van € 2,2 miljard naar € 1,5 miljard (-29%). Het totaal aan internationale voorziene leningen steeg sterk van € 0,6 miljard naar € 0,8 miljard. De nieuwe instroom van voorziene leningen had betrekking op Spanje, Italië, Duitsland en Frankrijk. De uitstroom had vooral betrekking op Noord-Amerika en Duitsland. Uitgedrukt als percentage van de bruto kredietportefeuille stegen de voorziene leningen van 28% naar 48%. De dekkingsgraad in Noord-Amerika steeg van 54% naar 74% wegens een afname in voorziene leningen als gevolg van gedeeltelijke aflossingen. De dekkingsgraad in Europa steeg van 38% naar 41%. De gemiddelde LtV van de internationale portefeuille steeg van 94,4% naar 99,4%. Na aftrek van voorzieningen was de LtV van de internationale portefeuille gemiddeld 77,3% (ultimo 2011: 82,4%).” 2.89 Bij brief van 11 juli 2013 heeft de minister van Financiën de Tweede Kamer geïnformeerd over de uitkomsten van een onderzoek naar het terugvorderen van variabele beloningen in 2006 en 2007 betaald aan bestuurders van SNS Reaal en naar aansprakelijkheid van betrokkenen. De brief houdt onder meer in dat terugvordering van de in 2006 en 2007 aan de bestuurders van SNS Reaal betaalde bonussen zeer weinig kans maakt, dat er geen grond is voor interne aansprakelijkheid van bestuurders van SNS Reaal voor de aankoop van Property Finance en dat de interne aansprakelijkheid van bestuurders voor het beheer van Property Finance nog niet te onderzoeken is omdat het feitencomplex hieromtrent nog niet compleet is. 2.90 Bij brief van 22 juli 2013 heeft DNB aan SNS Reaal c.s. onder meer geschreven: “In de loop van 2012 bleek een afsplitsing van SNS PF in onze optiek (…) een vereiste, waardoor waardering op basis van REV [Real Economic Value, toev. OK], mede in het licht van de vereisten van de EC, naar het oordeel van [DNB] noodzakelijk was. Dientengevolge waren de Ernst & Young (…) rapporten niet langer bruikbaar omdat zij niet uitgingen van een dergelijke waardering en qua aard ook niet aansloten op een prijsbepaling bij een overdracht. De rapporten van Cushman & Wakefield (…) gaan daarentegen als enige wel uit van deze veronderstellingen. (…) In het SREP besluit wordt als zodanig dan ook geen oordeel gegeven over de E&Y rapporten; de uitgangspunten daarvan sloten naar de mening van DNB eenvoudigweg niet aan bij de problematiek zoals die zich ten tijde van het SREP-besluit voordeed.” Ook op 22 juli 2013 hebben SNS Reaal en SNS Bank hun beroep tegen het SREP-besluit van 27 januari 2013 ingetrokken. 2.91 Op 23 januari 2014 heeft de Commissie ENS (zie 1.2) haar rapport gepubliceerd. Het rapport houdt onder meer in: “De centrale onderzoeksvraag (…) komt er kortweg op neer of De Nederlandsche Bank en het ministerie van Financiën tijdig en toereikend hebben gehandeld ten aanzien van SNS Reaal. Ook de samenwerking tussen De Nederlandsche Bank en het ministerie van Financiën is daarbij onderwerp van onderzoek. (…) De minister van Financiën heeft de Evaluatiecommissie gevraagd ook aandacht te besteden aan de integriteit van handelen bij SNS Reaal. Hij deed dit op verzoek van de vaste commissie voor Financiën van de Tweede Kamer en mede namens de raad van commissarissen van De Nederlandsche Bank. De vraag was: heeft SNS Reaal bij de overname van Property Finance voldoende aandacht besteed aan integriteitskwesties en heeft SNS Reaal de signalen over mogelijke misstanden bij Bouwfonds serieus genomen? Een tweede verzoek was om ook te kijken naar het risicobeheer binnen SNS Reaal. Hoe was het georganiseerd, hoe functioneerde het en hield De Nederlandsche Bank adequaat toezicht op het risicobeheer?” (pagina 8/9) “8.2 De organisatie van integriteit en risicobeheer bij SNS Reaal In de loop van 2005 voerde De Nederlandsche Bank een onderzoek uit bij vijf bancaire instellingen naar de opzet en met name de werking van ‘het beheersingskader inzake CDD’ [customer due diligence, toev. OK]. (…) SNS Reaal eindigde met ‘zwak’ onderaan. (…) Parallel hieraan liep ook een onderzoek van De Nederlandsche Bank bij Bouwfonds. De toezichthouder onderzocht de opzet van de compliance-organisatie en de opzet en werking van de CDD-beheersingsmaatregelen. (…) De uitkomsten van het onderzoek waren niet mals. Bij Bouwfonds ontbrak een onafhankelijke, centrale compliance-functie. Gedocumenteerde risicoanalyses waren niet voorhanden. Er was geen centraal geformuleerd beleid ter beheersing van integriteitsrisico’s bij klanten. De wijze waarop gerapporteerd werd vertoonde tekortkomingen. De onderzoekers hadden een negatieve indruk van de projectmatige aansturing van customer due diligence. (…) De toezichthouder maant SNS Reaal tot actie (…) In de brief van De Nederlandsche Bank van 31 mei 2006 (...) is de conclusie te lezen dat het CDD beheersingskader bij SNS Reaal zwak was en daarmee onacceptabel. Op 20 juli 2006 trok SNS Reaal het boetekleed aan en gaf verschillende mogelijkheden aan om haar organisatie op dit vlak verder te versterken, onder andere door de nieuwe inrichting van een afdeling Compliance en operationeel risico, en de uitrol van een integriteitsprogramma voor de beheersing van de integriteits‑ en compliance risico’s. Het integriteitsprogramma gaat maar langzaam van start De realisatie liet op zich wachten. Op 10 oktober 2006 berichtte SNS Reaal aan De Nederlandsche Bank dat het Integriteitsprogramma was uitgewerkt in een programmaplan. (…) Al spoedig stagneerde het project. SNS Reaal schoot niet erg op met het opzetten van een compliance- en operationeel-risicomanagement. Het belangrijkste knelpunt was de beschikbaarheid van voldoende resources (vooral bemensing). (…) Op 22 juli 2008 stelde de toezichthouder vast dat weliswaar sprake was van plannen, maar het ontbrak aan implementatie. Pas op 12 april 2010 lag een blauwdruk klaar voor de nieuwe afdeling Compliance, Fraudebeheersing, Veiligheidszaken, ORM [operationeel risicomanagement]. (…) Op 1 mei 2010 trad een nieuwe compliance officer aan (…). De blauwdruk bleef grotendeels intact. Lage score van integriteitsmeting bij SNS Property Finance Op 7 mei 2010 presenteerde KPMG de resultaten van een grootschalige, in opdracht van SNS Reaal uitgevoerde integriteitsmeting onder zeshonderd medewerkers van SNS Reaal, waaronder de top-
  13. (…) De laagste score was voor SNS Property Finance. Voor de heropgerichte afdeling was dat reden genoeg om in 2011 meer aandacht aan Property Finance te besteden. 8.3 2010-2012 Vermoedens van fraude bij Property Finance In het periodieke gesprek van De Nederlandsche Bank met SNS Property Finance op 15 december 2010 kwam aan de orde dat er een intern onderzoek was gedaan naar mogelijke belangenverstrengeling bij inhuur van externen. (…) Twijfel over integer handelen van klanten In dezelfde periode, op 24 maart 2011, ontving De Nederlandsche Bank een melding van Property Finance. Er waren twijfels gerezen over de integriteit van een aantal klanten. Het betrof een project in Luxemburg en twee projecten in Spanje. Een voorlopig rapport van de Holland Integrity Group (HIG) over deze drie projecten werd op 5 april 2011 besproken in de raad van bestuur van SNS Reaal. Twee dagen later stelde [N] de externe accountant op de hoogte van de onderzoeken en van het rapport van HIG, dat op 11 april door KPMG werd ontvangen. [M] en [N] bespraken de rapportage van HIG op 15 april met KPMG in verband met de accountantscontrole
  14. Op 21 april 2011 meldde de externe accountant aan de raad van bestuur dat een aanvullend onderzoek zou worden gedaan. Het aanvullende onderzoek zou zich richten op mogelijke betrokkenheid van (oud-) senior medewerkers van SNS Property Finance bij al eerder door de HIG onderzochte cliëntvennootschappen. De externe accountant van SNS Reaal heeft de Evaluatiecommissie in dit verband het volgende meegedeeld: ‘KPMG vindt dat daarbij [onderzoek van Holland Integrity Group in het kader van het kredietrisico (extern gericht)] ook de vraag moet worden gesteld of dat niet mogelijk is gemaakt door mensen van Property Finance. Dit interne aspect heeft SNS Reaal zich destijds onvoldoende gerealiseerd en daarom is geen link gelegd naar de accountantscontrole’. De bevindingen van de (deel)onderzoeken werden voorgelegd aan de advocaat van SNS Reaal die een aantal handelingen als ‘ongebruikelijk’ en op z’n zachtst gesproken ‘opmerkelijk’ kwalificeerde. Toch adviseerde hij SNS Reaal om geen melding te maken van deze transacties in het kader van de Wet ter voorkoming van het witwassen en financieren van terrorisme. Aangifte bij de FIOD Op 18 juli 2012 legde een oud-medewerker van Property Finance een verklaring af bij de FIOD en deed aangifte wegens ‘leegroven’ tegen de bewuste bestuurder. Twee dagen later berichtte de FIOD De Nederlandsche Bank over de aangifte. De Nederlandsche Bank dringt aan op vertrek van betrokken bestuurder Op 7 augustus 2012 overlegde De Nederlandsche Bank met de FIOD. De volgende dag trok de directie van De Nederlandsche Bank de conclusie dat de betrouwbaarheid en de integriteit van de betrokken bestuurder niet langer buiten twijfel stonden. Nog dezelfde dag nam De Nederlandsche Bank hierover contact op met de voorzitter van de raad van bestuur. (…) De Nederlandsche Bank start een onderzoek bij SNS Reaal Op 23 januari 2013 startte De Nederlandsche Bank een onderzoek naar de beheerste en integere bedrijfsvoering bij Property Finance en de wijze waarop uit signalen voortvloeiende risico’s hierbij zijn en worden geadresseerd door Property Finance.” (pagina 214-221) 3De gronden van de beslissing Inleiding en standpunten van partijen 3.1 Als gevolg van de (in cassatie niet bestreden) beslissing van de Ondernemingskamer in de beschikking van 5 juli 2015 dat VEB c.s. niet ontvankelijk zijn in hun verzoek voor zover dat is gericht tegen Propertize, is thans nog aan de orde de toewijsbaarheid van de verzoeken van VEB c.s. en Stichting Beheer strekkende tot het gelasten van een enquête bij SNS Reaal en SNS Bank. Dienovereenkomstig is Propertize na de beschikking van de Hoge Raad niet meer in de procedure verschenen. 3.2 VEB c.s. hebben aan hun verzoek ten grondslag gelegd dat er gegronde redenen zijn om te twijfelen aan een juist beleid en een juiste gang van zaken van SNS Reaal, SNS Bank en Property Finance. De door VEB c.s. aangevoerde redenen voor het gelasten van een enquête hebben betrekking op de navolgende onderwerpen. de acquisitie van Property Finance door SNS Reaal in 2006; misstanden bij Property Finance; het (volgens VEB c.s. tekortschietend) risicobeheer van SNS Reaal en SNS Bank ten aanzien van Property Finance; het (volgens VEB c.s. inadequate en zwalkende) beleid van SNS Reaal en SNS Bank ten aanzien van Property Finance; de (volgens VEB c.s. misleidende althans ontoereikende) mededelingen en informatieverschaffing door SNS Reaal aan het beleggend publiek over

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.