← Nederland

ECLI:NL:GHAMS:2018:4110

beschikking ___________________________________________________________________ GERECHTSHOF AMSTERDAM ONDERNEMINGSKAMER zaaknummer: 200.225.377/01 OK beschikking van de Ondernemingskamer van 23 oktober 2018 inzake de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [A] gevestigd te [....] , VERZOEKSTER, advocaten: mr. D.H.J. Hooreman en mr. B.S. Friedberg, kantoorhoudende te Amsterdam, t e g e n de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid MUSEUM HOTEL B.V. gevestigd te Amsterdam, VERWEERSTER, niet verschenen, e n t e g e n

  1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [B] gevestigd te [....] ,
  2. [C], wonende te [....] , BELANGHEBBENDEN, advocaat: mr. G.T.J. Hoff, kantoorhoudende te Haarlem. 1Het verloop van het geding 1.1 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 26 september 2018 en 27 september
  3. 1.2 De secretaris van de Ondernemingskamer heeft de advocaten van partijen bij e-mail van 4 oktober 2018 bericht dat de Ondernemingskamer door de in deze zaak door haar benoemde onderzoeker, drs. E.A. Marseille RA, erop is gewezen dat in de beschikking van 26 september 2018 onder 3.10 is overwogen dat een onderzoek zal worden gelast vanaf 1 april 2007, terwijl onder 4 (het dictum) van die beschikking is beslist dat een onderzoek zal worden bevolen vanaf 1 april 2017 en dat hierin een aanwijzing schuilt dat sprake is van een (kennelijke) fout. De advocaten van partijen zijn daarbij in de gelegenheid gesteld zich daarover uiterlijk op 11 oktober 2017 uit te laten. Geen van de advocaten heeft van die mogelijkheid gebruik gemaakt. 2De gronden van de beslissing De Ondernemingskamer heeft geconstateerd dat in het dictum van haar beschikking van 26 september 2018 is vermeld dat zij een onderzoek beveelt naar het beleid en de gang van zaken van Museum Hotel B.V. over de periode vanaf 1 april 2017 tot en met 31 maart 2018 waar, gelet op het in die beschikking overwogene, had moeten worden vermeld dat zij een onderzoek beveelt over de periode vanaf 1 april 2007 tot en met 31 maart
  4. Het voorgaande is aan te merken als een kennelijke fout als bedoeld in artikel 31 lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering die zich leent voor verbetering zoals eveneens in dat artikel bedoeld. De Ondernemingskamer zal die fout verbeteren en wel als volgt. 3Beslissing De Ondernemingskamer: verbetert haar in de onderhavige zaak op 26 september 2018 gegeven beschikking in dier voege dat de (aanvang van de) eerste zin van het dictum van die beschikking komt te luiden als volgt: “De Ondernemingskamer: beveelt een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Museum Hotel B.V. over de periode vanaf 1 april 2007 tot en met 31 maart 2018;”. Deze beschikking is gegeven door mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar, voorzitter, mr. M.M.M. Tillema en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, prof. dr. mr. F. van der Wel RA en mr. D.E.M. Aleman MBA, raden, in tegenwoordigheid van mr. S.M. Govers, griffier, en uitgesproken door mr. M.M.M. Tillema ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 23 oktober 2018.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.