beschikking ___________________________________________________________________ GERECHTSHOF AMSTERDAM ONDERNEMINGSKAMER zaaknummer: 200.227.570/01 OK beschikking van de Ondernemingskamer van 20 februari 2018 inzake de vennootschap naar buitenlands recht TCP PUBLISHING HOLDCO S.À.R.L., gevestigd te Luxemburg, VERZOEKSTER, advocaten: mr. G. te Winkel, mr. S. Dijkmans en mr. F. van der Drift, kantoorhoudende te Amsterdam, t e g e n de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid GLOBAL PUBLISHING GROUP B.V., gevestigd te Amsterdam, VERWEERSTER, advocaten: mr. S.M. Maarschalkerweerd en mr. J. van Straaten, kantoorhoudende te Amsterdam, e n t e g e n de vennootschap naar buitenlands recht RURALIA TRADING LIMITED, gevestigd te Limassol, Cyprus, en [A] , wonende te [....] , BELANGHEBBENDEN, advocaten: mr. D.A.M.H.W. Strik, mr. M.B. Krestin en mr. S.H. Barten, kantoorhoudende te Amsterdam, e n t e g e n [B] , wonende te [....] , en [C] , wonende te [....] , BELANGHEBBENDEN, advocaat: mr. B. de Metz. 1Het verloop van het geding 1.1 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 22 en 28 december
- 1.2 De secretaris van de Ondernemingskamer heeft de advocaten van partijen bij e-mail van 5 januari 2018 bericht dat de Ondernemingskamer voornemens is om – op de voet van artikel 31 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering – haar beschikking van 22 december 2017 te herstellen in de hieronder onder
- bedoelde zin en hen in de gelegenheid gesteld zich daarover uiterlijk op 10 januari 2018 uit te laten. Geen van de advocaten heeft zich uitgelaten over het voorgenomen herstel. 2Gronden van de beslissing De Ondernemingskamer heeft geconstateerd dat in haar beschikking in van 22 december 2017 onder 3.21 is vermeld dat zij gelet op het onder “3.17-3.20” overwogene een onderzoek zal bevelen naar het beleid en de gang van zaken van Global Publishing, waar “3.17-3.19” had moeten worden vermeld. Het voorgaande is aan te merken als een kennelijke fout als bedoeld in artikel 31 lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering die zich leent voor verbetering zoals eveneens in dat artikel bedoeld. De Ondernemingskamer zal die fout verbeteren en wel als volgt. 3De beslissing De Ondernemingskamer: verbetert haar in de onderhavige zaak op 22 december 2017 gegeven beschikking in dier voege dat de eerste zin onder 3.21 van die beschikking komt te luiden als volgt: “De Ondernemingskamer zal, gelet op het onder 3.17-3.19 overwogene, een onderzoek bevelen naar het beleid en de gang van zaken van Global Publishing”. Deze beschikking is gegeven door mr. M.M.M. Tillema, voorzitter, mr. M.A. Goslings en mr. P.F.G.T. Hofmeijer-Rutten, raadsheren, en mr. drs. B.M. Prins RA en W. Wind, raden, in tegenwoordigheid van mr. S.M. Govers, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 20 februari 2018.