afdeling strafrecht parketnummer: 23-003495-18 datum uitspraak: 1 juli 2019 TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman) Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 21 september 2018 in de strafzaak onder parketnummer 15-138555-18 tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1992, adres: [adres], Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 17 juni
- Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht. Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat: hij op of omstreeks 28 december 2017 te Zaandam, gemeente Zaanstad ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om een bedrag aan geld, in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander toebehoorde, te weten aan [slachtoffer], weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen en zich toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en/of dat/die weg te nemen geld onder zijn bereik te brengen door middel van een niet aan hem toe behorende bankpas in elk geval door gebruik van een valse sleutel, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad. Vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, reeds omdat daarvan slechts aantekening is gedaan ingevolge artikel 378a van het Wetboek van Strafvordering. Vordering van het openbaar ministerie De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden vrijgesproken. Vrijspraak Met de advocaat-generaal en de raadsman is het hof van oordeel dat niet wettig en overtuigend is bewezen hetgeen de verdachte is ten laste gelegd, zodat de verdachte hiervan moet worden vrijgesproken. Het hof kan uit de inhoud van de stukken van het dossier niet opmaken of de (aandacht)foto’s aan de hand waarvan de verbalisanten hebben verklaard de verdachte te herkennen betrekking hebben op een pinactie met de creditcard van de aangever en/of de aanwezigheid van de verdachte nabij het museum waar de portemonnee van de aangever is gestolen. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht: Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.L.M. van der Voet, mr. H.A. van Eijk en mr. M.R. Cox, in tegenwoordigheid van C.N. Aalders, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 1 juli
- Mr. M.R. Cox is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen. […]