← Nederland

ECLI:NL:GHAMS:2019:4147

afdeling strafrecht parketnummer: 23-002884-18 datum uitspraak: 12 november 2019 TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman) Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 9 augustus 2018 in de strafzaak onder parketnummer 13-025172-18 tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1951, adres: [adres]. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 29 oktober 2019 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg. Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht. Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat: zij op of omstreeks 6 september 2016 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vlees en/of kaas en/of (knoflook)saus, in elk geval enig(e) goed(eren) en/of levensmiddel(en), geheel of ten dele toebehorende aan [winkel], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededader(s): Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad. Vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof met betrekking tot de bewijsvraag komt tot een andere beslissing dan de politierechter in eerste aanleg. Vordering van het openbaar ministerie De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen. Vrijspraak Het hof heeft op grond van de processtukken en het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep niet de voor een bewezenverklaring vereiste mate van overtuiging bekomen dat de verdachte de persoon is geweest die zich op 6 september 2016 schuldig heeft gemaakt aan een winkeldiefstal bij een filiaal van [winkel] te Amsterdam. Het hof zal de verdachte daarom vrijspreken van het ten laste gelegde. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht: Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.R.O Mooy, mr. J.J.I. de Jong en mr. P.F.E. Geerlings, in tegenwoordigheid van mr. S. Bonset, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 12 november 2019. ========================================================================= […]

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.