afdeling strafrecht parketnummer: 23-000707-19 datum uitspraak: 28 november 2019 TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsvrouw) Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 20 februari 2019 in de strafzaak onder de parketnummers 13-684487-18 en 13-141610-16 (TUL) tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1999, (GBA) adres [adres 1] (verblijf) adres: [adres 2]. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 18 juli 2019 en 14 november 2019 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg. Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsvrouw naar voren is gebracht. Vonnis waarvan beroep Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep, zal dit derhalve bevestigen behalve ten aanzien van de aan de jeugddetentie (voor zover voorwaardelijk opgelegd) verbonden bijzondere voorwaarden en de beslissing op de vordering tot tenuitvoerlegging en onder toevoeging van een overweging omtrent de duur van de op te leggen proeftijd. In zoverre zal het vonnis worden vernietigd. Oplegging van bijzondere voorwaarde bij de voorwaardelijke straf en duur van de proeftijd De rechtbank Amsterdam heeft de verdachte met toepassing van het adolescentenstrafrecht voor het in eerste aanleg bewezen verklaarde veroordeeld tot een jeugddetentie voor de duur van tien maanden, waarvan vijf maanden voorwaardelijk, met algemene en bijzondere voorwaarden, met een proeftijd van 2 jaren, met aftrek van voorarrest, en de vordering tot tenuitvoerlegging gelast. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte met toepassing van het adolescentenstrafrecht voor het ten laste gelegde zal veroordelen tot een jeugddetentie voor de duur van tien maanden, waarvan vijf maanden voorwaardelijk met algemene en bijzondere voorwaarden, met een proeftijd van 3 jaren, met aftrek van voorarrest, en de vordering tot tenuitvoerlegging zal afwijzen. De raadsvrouw heeft het hof ter terechtzitting eveneens verzocht het adolescentenstrafrecht toe te passen. Verder heeft de raadsvrouw benadrukt dat het van groot belang is dat de verdachte snel passende hulp krijgt en verzocht om afwijzing van de vordering tot tenuitvoerlegging. Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en gelet op de persoon van de verdachte. Het hof sluit zich daarbij aan bij de overwegingen en de beslissing van de rechtbank, met uitzondering van de bijzondere voorwaarden. Voor wat betreft de in hoger beroep door de advocaat-generaal mondeling (en anders dan de schriftelijke vordering op dit punt) verzochte duur van de op te leggen proeftijd van drie jaren in plaats van twee jaren, wordt dit verzoek afgewezen, nu het adolescenten strafrecht wordt toegepast en gelet op artikel 77y van het Wetboek van Strafrecht, de wet geen langere proeftijd dan twee jaren toestaat. In hoger beroep is over de verdachte nader gerapporteerd door dhr. [naam] van Leger des Heils, Jeugdbescherming & reclassering (hierna: Jeugdreclassering) en heeft deze deskundige ter terechtzitting in hoger beroep de rapportage toegelicht. Het blijkt - kort gezegd - dat de verdachte in korte tijd op verschillende (crisis)verblijfplaatsen heeft verbleven en daar in verband met agressie escalatie steeds niet kon blijven. De verdachte verblijft op dit moment weer bij zijn moeder, omdat er geen andere verblijfplaats beschikbaar is voor hem. De moeder heeft ter terechtzitting in hoger beroep aangegeven dat zij bang is dat het binnen niet al te lange tijd ook bij haar (weer) zal escaleren. Er is door de jeugdreclassering gezocht naar passende verblijfplekken en daar zijn twee mogelijke plekken naar voren gekomen, te weten Multipluszorg en ’s Heerenloo. Met Multipluszorg zijn verkennende gesprekken gevoerd, waaruit naar voren komt dat zij passende zorg kunnen bieden aansluitend aan de problematiek van de verdachte. Ook is een plaatsing bij ’s Heerenloo passend bij zijn problematiek, maar deze plaatsing is nog in een verkennende fase. ’s Heerenloo kent naast een vaste plaatsing ook een mogelijkheid tot een crisisplaatsing. Gelet op deze informatie zal het hof de bijzondere voorwaarden zoals door de rechtbank opgelegd onder punt
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.