← Nederland

ECLI:NL:GHAMS:2019:4768

afdeling strafrecht parketnummer: 23-002979-19 datum uitspraak: 13 december 2019 TEGENSPRAAK Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 5 oktober 2018 in de strafzaak onder parketnummer 15-120791-18 tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] (Turkije) op [geboortedag] 1972, adres: [adres], thans uit anderen hoofde gedetineerd in Penitentiaire Inrichting Zaanstad te Westzaan. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 29 november 2019 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg. De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht. Vonnis waarvan beroep Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat het hof een nadere overweging met betrekking tot de strafmaat toevoegt. Nadere overweging met betrekking tot de strafmaat De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg opgelegd. De raadsman van de verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep naar voren gebracht dat Fivoor ten aanzien van een eerdere voorwaardelijke straf heeft verzocht deze niet ten uitvoer te leggen zodat het reclasseringstoezicht gecontinueerd kan worden. De raadsman heeft gelet op het voorgaande verzocht het voorwaardelijk deel van de straf te laten vervallen. Tevens heeft de raadsman verzocht de voorwaarde van verplicht reclasseringscontact te laten vervallen nu de ISD-maatregel aan de verdachte is opgelegd. Het hof ziet in het voorgaande geen reden om de straf die in eerste aanleg aan de verdachte is opgelegd te wijzigen, nu onvoldoende duidelijk is of de ISD-maatregel en het daarbij behorende natraject daadwerkelijk kan worden uitgevoerd gelet op het vooralsnog ontbreken van een geschikte instelling voor de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel. BESLISSING Het hof: Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. R.D. van Heffen, mr. A.M. van Amsterdam en mr. A.M.P. Geelhoed, in tegenwoordigheid van mr. S. Grote Ganseij, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 13 december 2019. mr. A.M. van Amsterdam en mr. A.M.P. Geelhoed zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen. ========================================================================= […]

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.