← Nederland

ECLI:NL:GHAMS:2019:985

afdeling strafrecht parketnummer: 23-001803-18 datum uitspraak: 28 februari 2019 TEGENSPRAAK Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 3 mei 2018 in de strafzaak onder parketnummer 15-216497-17 en 99/000327-20 (vordering herroeping VI) tegen [naam] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] , gedetineerd in [plaats] . Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 14 februari 2019 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg. Tegen voormeld vonnis is namens de verdachte hoger beroep ingesteld. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht. Vordering advocaat-generaal De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van drie jaren met aftrek van voorarrest en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van vijf jaren. Daarnaast heeft de advocaat-generaal gevorderd dat de voorlopige invrijheidstelling in de zaak met VI-nummer 99/000327-20 zal worden herroepen. Vonnis waarvan beroep De behandeling van de zaak in hoger beroep heeft het hof niet gebracht tot andere beschouwingen en beslissingen dan die van de eerste rechter, zodat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd, met dien verstande dat het hof: - onderstaande wijzigingen aanbrengt in de bewijsvoering; - aan de overwegingen met betrekking tot de op te leggen straffen, mede naar aanleiding van het verhandelde op de terechtzitting in hoger beroep, de navolgende strafmotivering toevoegt. Aanpassing bewijsvoering ● In de kop van het onder III in het vonnis opgenomen bewijsmiddel wordt de datum van “26 januari 2018” vervangen door de datum “5 januari 2018”. Voorts wordt daar de passage “(dossierpagina’s 164, 165, 167 en 187)” op de eerste en de tweede regel vervangen door “(pagina’s 3, 4, 5, 6 en 26 van dit los opgenomen proces-verbaal)”. ● In de kop van het onder IV in het vonnis opgenomen bewijsmiddel wordt “(dossierpagina 211)” vervangen door “(pagina 22 van dit los opgenomen proces-verbaal)”. Nadere overweging met betrekking tot de op te leggen straffen Uit het de verdachte betreffende uittreksel uit de Justitiële Documentatie van 6 februari 2019 blijkt dat hij bij onherroepelijk geworden vonnis van 26 mei 2015 is veroordeeld voor handelen in strijd met artikel 5 van de Wegenverkeerswet

  1. Uit de toelichting van de advocaat-generaal op de terechtzitting in hoger beroep is gebleken dat de in die zaak bewezenverklaarde gedragingen deels hebben plaatsgevonden op dezelfde provinciale weg als in de voorliggende zaak, namelijk de N
  2. Deze eerdere veroordeling heeft hem er blijkbaar niet van weerhouden om opnieuw en zelfs op dezelfde weg een gevaarlijke situatie te creëren, met ditmaal catastrofale gevolgen. Voorts weegt het hof in het nadeel van de verdachte dat hij eerder onherroepelijk tot forse straffen is veroordeeld voor zware misdrijven, onder meer tot 3 jaren gevangenisstraf voor een poging tot woningoverval en het bezit van een vuurwapen. Ook die straffen hebben de verdachte er kennelijk niet toe gebracht zijn antisociale gedrag een halt toe te roepen. In het licht van deze omstandigheden acht het hof - met de rechtbank - een forse onvoorwaardelijke gevangenisstraf, alsmede een onvoorwaardelijke ontzegging van de bevoegdheid om motorvoertuigen te besturen van aanzienlijke duur, passend en geboden. BESLISSING Het hof: Bevestigt het vonnis waarvan beroep, met inachtneming van het hiervoor overwogene. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M. Iedema, mr. J.J.I. de Jong en mr. C. Fetter, in tegenwoordigheid van mr. S.W.H. Bootsma, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 28 februari
  3. mr. M. Iedema en mr. C. Fetter zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen. ========================================================================= proces-verbaal uitspraak _______________________________________________________________ _ _ GERECHTSHOF AMSTERDAM Afdeling strafrecht Parketnummer: 23-001803-18 Proces-verbaal van de in het openbaar gehouden terechtzitting van dit gerechtshof, op 28 februari
  4. Tegenwoordig zijn: mr. J.J.I. de Jong, raadsheer, A. Ivanov, griffier. Het openbaar ministerie wordt vertegenwoordigd door mr. M.C.A. Bakker, advocaat-generaal. De raadsheer doet de zaak tegen de verdachte [naam] uitroepen. De verdachte is wel / niet in de zaal van de terechtzitting aanwezig. Raadsman/raadsvrouw is wel / niet aanwezig. (zo ja:) naam raadsman/raadsvrouw en plaats: Tolk is wel / niet aanwezig. (zo ja:) naam tolk en taal: De raadsheer spreekt het arrest uit. De raadsheer geeft de verdachte kennis, dat daartegen binnen 14 dagen na heden beroep in cassatie kan worden ingesteld. (indien de VTE is verschenen) De verdachte heeft wel / geen afstand gedaan van recht aanwezig te zijn bij de uitspraak. (indien VTE is gedetineerd) Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de raadsheer en de griffier is vastgesteld en ondertekend.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.