arrest ___________________________________________________________________ GERECHTSHOF AMSTERDAM ONDERNEMINGSKAMER zaaknummer: 200.257.587/01 OK arrest van de Ondernemingskamer van 13 oktober 2020 inzake [A] , wonende te [....] , EISER IN DE HOOFDZAAK, VERWEERDER IN HET INCIDENT, advocaat: mr. M.C. Schepel, kantoorhoudende te Den Haag, t e g e n de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [B] , gevestigd te [....] , GEDAAGDE IN DE HOOFDZAAK, advocaat: voorheen mr. J.M. Pol, kantoorhoudende te Assen, thans mr. P.J.Ph. Dietz de Loos, kantoorhoudende te Wassenaar, e n t e g e n de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [C] , gevestigd te [....] , EISERES IN HET INCIDENT, advocaat: voorheen mr. J.M. Pol, kantoorhoudende te Assen, thans mr. P.J.Ph. Dietz de Loos, kantoorhoudende te Wassenaar. 1Het verloop van het geding 1.1 Eiser in de hoofdzaak/verweerder in het incident zal hierna [A] worden genoemd, gedaagde in de hoofdzaak zal hierna PPB worden genoemd en eiseres in het incident zal hierna NPB worden genoemd. 1.2 Voor het verloop van het geding in deze zaak verwijst de Ondernemingskamer naar haar arrest van 29 september
- 1.3 Bij e-mail aan de Ondernemingskamer van 5 oktober 2020 heeft mr. Schepel geschreven dat hem is gebleken dat eiseres in het incident onjuist is aangeduid in het arrest van 29 september
- Haar statutaire naam is niet “[D]”, maar “[C]”. Hij heeft namens [A] de Ondernemingskamer verzocht om verbetering van het arrest waarbij de juiste statutaire naam wordt vermeld van de eiseres in het incident. 1.4 Mr. Dietz de Loos heeft bij e-mail van 9 oktober 2020 te kennen gegeven het verzoek om verbetering te ondersteunen. 2De gronden van de beslissing De Ondernemingskamer heeft geconstateerd dat “[D]” als eiseres in het incident is vermeld op het voorblad en in het dictum van het arrest van 29 september 2020 en dat de correcte naam van deze partij blijkens de door mr. Schepel in zijn e-mail genoemde stukken “[C]” is en derhalve behoort te worden verbeterd. Het voorgaande is aan te merken als een kennelijke fout als bedoeld in artikel 31 lid 1 Rv die zich leent voor verbetering zoals eveneens in dat artikel bedoeld. De Ondernemingskamer zal die fout verbeteren en wel als volgt. 3De beslissing De Ondernemingskamer: verbetert het in onderhavige zaak op 29 september 2020 gewezen arrest aldus dat de aanduiding van eiseres in het incident op het voorblad als volgt komt te luiden: “de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [C] , gevestigd te [....] , EISERES IN HET INCIDENT, advocaat: voorheen mr. J.M. Pol, kantoorhoudende te Assen, thans mr. P.J.Ph. Dietz de Loos, kantoorhoudende te Wassenaar.” en dat de aanduiding van eiseres in het incident in het dictum als volgt komt te luiden: “veroordeelt [C] , gevestigd te [....] , in de kosten van het geding, aan de zijde van [A] , wonende te [....] , begroot op € 692 voor salaris en op € 157 voor nasalaris, te vermeerderen met € 82 voor nasalaris en de kosten van het betekeningsexploot ingeval betekening van dit arrest plaatsvindt, te vermeerderen met de wettelijke rente, indien niet binnen veertien dagen na dit arrest dan wel het verschuldigd worden van de nakosten aan de kostenveroordeling is voldaan;” bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 13 oktober 2020 wordt vermeld op de minuut van het arrest van 29 september
- Dit arrest is gegeven door mr. A.W.H. Vink, voorzitter, mr. C.C. Meijer en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en prof. drs. E. Eeftink RA en prof. dr. A.J.C.C.M. Loonen, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 13 oktober 2020.