GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team I zaaknummer : 200.280.127/01 zaaknummer rechtbank Noord-Holland : 8112452 / CV EXPL 19-5505 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 7 december 2021 inzake [appellant] , handelend onder de naam AVALANCHE PROJECTEN, wonende te [woonplaats] , appellant, tevens voorwaardelijk incidenteel geïntimeerde, advocaat: mr. M.D. de Wit te Uithoorn, tegen LEMON BOUW EN FACILITY SERVICES B.V., gevestigd te Edam, geïntimeerde, tevens voorwaardelijk incidenteel appellante, advocaat: mr. J.J. Kunst te Hoorn. 1Het geding in hoger beroep Partijen worden hierna [appellant] en Lemon genoemd. [appellant] is bij dagvaarding van 2 juni 2020 in hoger beroep gekomen van een vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Noord-Holland (hierna: de kantonrechter) van 12 maart 2020, onder bovenvermeld zaaknummer gewezen tussen [appellant] als eiser en Lemon als gedaagde (hierna: het bestreden vonnis). Het hof heeft in deze zaak op 21 juli 2020 een tussenarrest uitgesproken en daarbij een mondelinge behandeling gelast teneinde inlichtingen te verkrijgen, een minnelijke regeling te beproeven en/of het verdere verloop van het geding in hoger beroep te bespreken. Deze mondelinge behandeling heeft niet plaatsgevonden. Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend: - memorie van grieven, met producties; - memorie van antwoord, tevens memorie van grieven in voorwaardelijk incidenteel appel, met een productie; - memorie van antwoord in voorwaardelijk incidenteel appel. Partijen hebben de zaak ter zitting van 10 september 2021 doen bepleiten, [appellant] bij monde van mr. De Wit voornoemd en Lemon bij monde van mr. Kunst voornoemd, ieder aan de hand van pleitnotities die zijn overgelegd. Ten slotte is arrest gevraagd. [appellant] heeft geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en - uitvoerbaar bij voorraad - alsnog de vordering van [appellant] zal toewijzen, met veroordeling van Lemon in de kosten van het geding in beide instanties. Lemon heeft in principaal appel geconcludeerd tot bekrachtiging van het bestreden vonnis en in voorwaardelijk incidenteel appel, voor zover door Lemon met haar grief bestreden, het bestreden vonnis te vernietigen en opnieuw rechtdoende de vorderingen van [appellant] af te wijzen, in principaal en incidenteel appel met veroordeling van [appellant] in de kosten van het geding in hoger beroep. [appellant] heeft in het voorwaardelijk incidenteel appel geconcludeerd tot bekrachtiging van het bestreden vonnis. Beide partijen hebben in hoger beroep bewijs van hun stellingen aangeboden. 2Feiten De kantonrechter heeft in het bestreden vonnis onder 2.1 tot en met 2.7 de feiten vastgesteld die hij tot uitgangspunt heeft genomen. Deze feiten zijn in hoger beroep niet in geschil en dienen derhalve ook het hof als uitgangspunt. Samengevat en waar nodig aangevuld met andere feiten die als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende betwist zijn komen vast te staan, komen de feiten neer op het volgende. 2.1 [appellant] en Lemon houden zich bezig met de bemiddeling van vakkrachten in de bouw en afbouw. Lemon heeft eind 2018 [X] (hierna: [X] ) ingeschakeld om voor haar ondersteunende werkzaamheden te verrichten. 2.2 Op of rond 8 oktober 2018 is er tussen [X] en [appellant] contact geweest over de vraag of [appellant] als (arbeids)bemiddelaar een timmerman kon leveren voor een bouwproject. Die contacten zijn met name via WhatsApp-berichten gegaan. 2.3 In een WhatsApp-bericht van 8 oktober 2018 heeft [appellant] aan [X] laten weten dat hij één timmerman heeft, te weten [A] (hierna: [A] ). [X] heeft naar aanleiding van een vraag van [appellant] opgemerkt dat hij niet meer kan betalen dan € 31,00 per uur en dat het om een project aan [adres] gaat, in het gebouw Hudson Bay . Hierop heeft [appellant] opgemerkt: “Ok, deal”. Verder is tussen [X] en [appellant] in de WhatsApp-berichten aan de orde gekomen dat [appellant] € 6,00 per uur aan bemiddelingsvergoeding zou ontvangen. 2.4 [X] heeft in de WhatsApp-berichten als zijn e-mailadres opgegeven [e-mailadres] 2.5 [appellant] heeft voor de door [A] verrichte werkzaamheden over de periode van 9 oktober 2018 tot januari 2019 facturen gestuurd aan Lemon, die door Lemon zijn betaald. 2.6 In een e-mail van 5 december 2018 heeft Lemon aan [appellant] meegedeeld dat een bemiddelingsvergoeding van € 6,00 per uur ongebruikelijk en onacceptabel was, en dat Lemon hooguit € 0,75 per uur wilde betalen. Daarbij is opgemerkt dat Lemon eerdere facturen van [appellant] alleen heeft betaald “as a show of good will”. 2.7 Lemon is [A] ook na januari 2019 blijven inzetten als timmerman op bouwprojecten. Lemon heeft geen overeenstemming bereikt met [appellant] over een bemiddelingsvergoeding voor de inzet van [A] en heeft ook geen vergoeding meer betaald aan [appellant] . 3Beoordeling 3.1 In eerste aanleg heeft [appellant] gevorderd dat Lemon wordt veroordeeld tot betaling van een bedrag van in totaal € 12.304,74, alsmede tot betaling van toekomstige facturen. [appellant] heeft aan de vordering ten grondslag gelegd – kort weergegeven – dat Lemon [A] na januari 2019 is blijven inzetten voor het verrichten van werkzaamheden, zodat Lemon op grond van de bemiddelingsovereenkomst met [appellant] een vergoeding van € 6,00 per uur moet (blijven) betalen. Lemon heeft de vordering betwist. De kantonrechter heeft de vordering van [appellant] afgewezen omdat – kort weergegeven – geen sprake is van een doorlopende bemiddelingsovereenkomst voor onbepaalde tijd en dat niet is gebleken van een bemiddelingsovereenkomst met Lemon voor de periode na afloop van het project in Amstelveen . De stelling van Lemon dat [X] niet bevoegd was om namens Lemon de overeenkomst met [appellant] aan te gaan, is niet gevolgd omdat [X] destijds door Lemon was ingeschakeld als contactpersoon en dat [X] het e-mailadres van Lemon gebruikte in zijn correspondentie met [appellant] . Ook staat vast dat Lemon de facturen van [appellant] over de periode oktober 2018 tot januari 2019 heeft betaald. Gelet hierop moet worden aangenomen dat [X] namens Lemon optrad en daartoe ook bevoegd was, althans dat [appellant] daarop mocht vertrouwen, aldus de kantonrechter. Tegen deze beslissing en de daaraan ten grondslag gelegde motivering komt [appellant] in principaal appel met twee grieven op. Lemon bestrijdt de grieven en komt in voorwaardelijk incidenteel appel met een grief op tegen het vonnis. [appellant] bestrijdt de grief in voorwaardelijk incidenteel appel. Wijziging partijnaam 3.2 Bij memorie van grieven heeft [appellant] het hof bericht dat hij zijn eenmanszaak per 1 januari 2020 heeft ingebracht in Avalanche Projecten vof, waarvan [appellant] vennoot is. [appellant] heeft het hof gevraagd de partijnaam te wijzigen van [appellant] h.o.d.n. Avalanche Projecten in Avalanche Projecten vof. Lemon heeft daarop aangegeven dat Avalanche Projecten vof geen partij is in deze procedure, reden waarom de vordering reeds moet stranden. Vervolgens heeft [appellant] tijdens de mondelinge behandeling zijn verzoek om de partijnaam te wijzigen ingetrokken, zodat het hof uitgaat van de oorspronkelijke partij, te weten [appellant] h.o.d.n Avalanche Projecten. Doorlopende bemiddelingsovereenkomst 3.3 Met grief 1 komt [appellant] op tegen het oordeel van de kantonrechter dat geen sprake is van een doorlopende bemiddelingsovereenkomst voor onbepaalde tijd. [appellant] voert daartoe – samengevat weergegeven – aan dat pas nadat partijen overeenstemming hadden bereikt over de prijs en de bemiddelingsfee door [X] is aangegeven dat hij [A] zou gaan inzetten op het project Hudson Bay in Amstelveen . [A] heeft slechts enkele dagen op het project Hudson Bay gewerkt en is vervolgens door Lemon ingezet op een ander project. Lemon is daarna de overeengekomen bemiddelingsfee blijven voldoen. Beide partijen hadden in oktober 2018 de bedoeling een doorlopende bemiddelingsovereenkomst voor onbepaalde tijd aan te gaan. Als wel een bemiddelingsovereenkomst voor een specifiek project zou zijn overeengekomen dan had het voor de hand gelegen dat [appellant] [A] weer elders had kunnen plaatsen, maar niet dat [A] kosteloos ter beschikking gesteld bleef van Lemon. Bovendien is de bemiddelingsfee van [appellant] niet buitensporig hoog, aldus nog steeds [appellant] . 3.4 Het hof oordeelt als volgt. Partijen hebben via Whatsapp met elkaar gecorrespondeerd en verwijzen voor hetgeen zij met elkaar zijn overeengekomen naar die Whatsapp correspondentie. Voor de vraag wat partijen zijn overeengekomen dient niet uitsluitend te worden afgegaan op de taalkundige betekenis van inhoud van de Whatsapp correspondentie (alhoewel die taalkundige betekenis van groot belang is), maar komt het aan op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden aan de bewoordingen redelijkerwijs mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien over en weer redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Daarbij zijn de omstandigheden van het concrete geval, gewaardeerd naar hetgeen de maatstaven van redelijkheid en billijkheid meebrengen, van beslissende betekenis (vgl. HR 12 januari 2001, NJ 2001,199). Tussen partijen staat vast dat op of rond 8 oktober 2018 tussen [X] en [appellant] via Whatsapp contact is geweest over de vraag of [appellant] als (arbeids)bemiddelaar een timmerman kon leveren voor een bouwproject in Utrecht. In een WhatsApp-bericht van 8 oktober 2018 heeft [appellant] aan [X] laten weten dat hij één timmerman had, te weten [A] (hierna: [A] ). [appellant] heeft [X] het telefoonnummer van [A] gegeven en daarbij geschreven: “He is waiting for your phone. Amount and details about payment we arrange in-between you and me”. Vervolgens is er tussen [X] en [appellant] gecorrespondeerd over het uurtarief van [A] . [X] heeft [appellant] laten weten dat [A] de volgende dag op een project in Amstelveen kon beginnen, maar dat hij niet meer dan € 31,00 per uur kon betalen. Hierop heeft [appellant] als volgt gereageerd: “Ok, deal” en “I send you my and [A] documents when I back home. Two hours about. Can you give me your email address”, waarop [X] heeft geschreven: “ [e-mailadres] ”. Op 9 oktober 2018 heeft [X] [appellant] geschreven: “(…) we have to send [A] a contract with an amount per hour but ofcourse we need to put the amount on his contract what you pay him. [A] need to send his invoice to us every week and you can send an extra invoice to us what u take on him per hour. otherwise we get trouble with our certifications of our uitzendbureau.” [appellant] heeft hierop als volgt gereageerd: “For [A] 25 (…)”, waarop [X] heeft laten weten: “i will send him the contract of 25, and you can send your invoice every week for 6 eur per worked hours to us!”. Op 9 oktober 2018 is Lemon met [A] , buiten [appellant] om, twee overeenkomsten aangegaan: een bemiddelingsovereenkomst voor onbepaalde tijd op grond waarvan Lemon [A] kon bemiddelen naar potentiële opdrachtgevers, en een ‘opdracht van werk-overeenkomst’ voor opdrachtgever De Eenheid B.V. op het project Hudson Bay in Amstelveen met ingang van 10 oktober 2018 voor een uurtarief van € 25,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.