GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team I zaaknummer : 200.280.897/01 zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/672424/HA ZA 19-983 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 14 december 2021 inzake RENT BUILDING MATERIAL COMPANY B.V., (mede) handelend onder de naam RENBUMAT, gevestigd te Almelo, appellante, advocaat: mr. D.P. Kant te Almelo, tegen TREBBE BOUW B.V., gevestigd te Utrecht, geïntimeerde, advocaat: mr. M.L.W.J.S. Knook te Enschede. 1Het geding in hoger beroep Partijen worden hierna Renbumat en Trebbe genoemd. Renbumat is bij dagvaarding van 26 juni 2020 in hoger beroep gekomen van een mondeling vonnis van de rechtbank Amsterdam gewezen ter terechtzitting van 15 juni 2020, onder bovenvermeld zaaknummer tussen Renbumat als eiseres en Trebbe als gedaagde, zoals hersteld bij herstelvonnis van 15 juli 2020 (hierna gezamenlijk: het bestreden vonnis). Bij arrest van 4 augustus 2020 heeft het hof een mondelinge behandeling na aanbrengen gelast, die heeft plaatsgevonden op 3 november 2020. Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend: - memorie van grieven; - memorie van antwoord met producties; - akte zijdens Renbumat met producties; - antwoordakte zijdens Trebbe. Ten slotte is arrest gevraagd. Renbumat heeft geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en - uitvoerbaar bij voorraad - alsnog haar vorderingen zal toewijzen, met veroordeling van Trebbe in de kosten van het geding in beide instanties met nakosten. Trebbe heeft geconcludeerd tot bekrachtiging met - uitvoerbaar bij voorraad - veroordeling van Renbumat in de kosten van – begrijpt het hof – het geding in hoger beroep. Beide partijen hebben in hoger beroep bewijs van hun stellingen aangeboden. 2Feiten Het hof neemt als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende betwist de volgende feiten als vaststaand aan. 2.1. Trebbe heeft als hoofdaannemer bij overeenkomst gedateerd 18 juni 2018, een overeenkomst van onderaanneming gesloten met Global Bouw en Beton B.V. (hierna: Global) voor het werk [adres] (hierna: het project). 2.2. Op grond van deze overeenkomst heeft Global zich verbonden tot – kort samengevat – het verrichten van beton werkzaamheden ten behoeve van Trebbe op het project. 2.3. Renbumat heeft een huurovereenkomst gedateerd op 24 juli 2018 tussen haarzelf als verhuurder en Global als huurder in het geding gebracht waarbij – samengevat – bouwmaterialen door Renbumat aan Global zijn verhuurd ten behoeve van het project. In de huurovereenkomst wordt geen huurprijs genoemd. 2.4. Global en Renbumat zijn gevestigd op hetzelfde adres. [X] is bestuurder van zowel Global als Renbumat. [Y] is bestuurder van Global en (mede) aandeelhouder van Global en Renbumat. 2.5. In september 2018 zijn door Global en/of Renbumat bouwmaterialen geleverd op het project. 2.6. Global heeft de werkzaamheden ten behoeve van Trebbe voortijdig gestaakt en het project op 29 oktober 2018 verlaten. 2.7. Bij e-mail van 29 oktober 2018 heeft [X] vanaf het e-mailadres [e-mailadres] het volgende geschreven aan Trebbe:“Global Bouw en Beton BV huurt op uw werk [adres] betonstempels (…), steigerdelen en paltorens. Deze staan onder de vandaag (29-10-2018) gestorte betonvloer, echter deze kunnen nog niet verwijderd worden. RenBuMat zal deze dan ook laten staan en verrekenen met Global Bouw en Beton BV. (…) wij willen u er [op] wijzen dat deze eigendom zijn en blijven van RenBuMat. Een medewerker zal morgen het materiaal tellen en het aantal aan u doorgeven. (…)” 2.8. Trebbe heeft op deze e-mail op 29 oktober 2018 gereageerd, waarbij zij – samengevat – heeft laten weten dat de telling zal plaatsvinden in aanwezigheid van een medewerker van Trebbe. Voorts wordt in deze e-mail het volgende gesteld:“(…) Zónder voorafgaande afspraak, kunt u de stempels niet ophalen c.q. zullen deze niet aan u worden meegegeven. Bovendien geldt dat u alsdan zult moeten bewijzen dat de betreffende stempels daadwerkelijk uw eigendom zijn. (…). 2.9. Op 30 oktober 2018 en 1 november 2018 is een deel van de door Global en/of Renbumat geleverde bouwmaterialen afgevoerd van het project. [A] (hierna: [A] ) heeft op 1 november 2018 een e-mail van het adres [e-mailadres] aan [B] (hierna: [B] ), werkzaam bij Trebbe, verzonden waarin hij schreef:“Goede middag [B]Bij deze de lijsten van afvoer en de foto’s van de afvoer d.d.01-11-2018, die van gisteren d.d. 31-10-2018 heb je gisteren al ontvangen.Groetjes [A] ” 2.10. Bij e-mail van 2 november 2018 heeft [A] , met een cc aan [C] (hierna: [C] ), projectleider bij Trebbe, aan [B] geschreven:“Goede middag [B]Bij deze de lijst van de ondersteuning en een klein gedeelte beveiliging die jij in het bij zijn van dhr. [D] heb geteld d.d. 30-10-2018.Deze spullen zijn eigendom van Renbumat, en worden gehuurd door Global Beton en Bouw. Zodra deze spullen niet meer nodig zijn, word na een berichtje van u te mogen ontvangen, door hun (Renbumat) verwijderd en opgehaald. Zou je zo als is afgesproken met mij (…) deze getekend aan mij willen sturen. Zodra ik deze van je heb mogen ontvangen, kan ik de zaken afhandelen met mijn opdrachtgever Global Bouw en Beton.Met vriendelijke groet,[A] ” Dit blijft op de bouw (…) en is eigendom van/geleverd door RenBuMat Almelo Geteld in bijzijn Trebbe Balken die nu als onderslagen worden gebruikt 55 stuks Lang 5 m1 21 stuks Lang 4 m1 107 stuks Lang 2,50 m1 89 stuks Lang 2 m1 Kleine stempels die nu in de ondersteuning worden gebruikt As 6 t/m As 5 52 stuks As 5 t/m As 4 52 stuks Openbare ruimte 45 stuks Lange stempels die nu in de ondersteuning worden gebruikt As 3 tot As 4 53 stuks As F t/m As D 58 stuks Openbare ruimte 79 stuks Pal torens Poten 108 stuks---Koppen 108 stuks Jukken 75 cm 379 stuks Jukken 1 m 63 stuks Schoren 1 m 15 stuk Diversen Steigerdelen onder de stempels 32 stuks lang 5 m1 Steigerdelen, valbeveiliging 8 stuks lang 5 m1 Klembalusters 16 stuks (…)” Deze op het project achter gebleven materialen zullen hierna gezamenlijk worden aangeduid als “de materialen”. 2.11. Bij brief van 14 december 2018 heeft de advocaat van Renbumat Trebbe verzocht om afgifte van de materialen. Bij brief van 20 december 2018 heeft Trebbe dit geweigerd, onder inroeping van een retentierecht vanwege een vordering die zij op Global stelt te hebben wegens boete en geleden schade. 2.12. Global is op 6 februari 2019 op eigen verzoek gefailleerd met benoeming van mr. [curator] te [plaats] tot curator. 3 3. Beoordeling 3.1. Renbumat heeft in eerste aanleg – samengevat en zakelijk weergegeven – gevorderd dat de rechtbank bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, Trebbe zou veroordelen tot afgifte van de hiervoor onder 2.10. genoemde materialen, op straffe van een dwangsom, en voorts Trebbe zou veroordelen primair tot betaling van schadevergoeding ten bedrage van € 20.805,62 inclusief BTW, althans € 15.910,18 inclusief BTW, vermeerderd met € 611,93 per week vanaf week 35 in 2019 tot de dag van afgifte, subsidiair tot betaling van schadevergoeding nader op te maken bij staat en meer subsidiair tot betaling van schadevergoeding die de rechtbank juist acht. 3.2. Trebbe heeft verweer gevoerd. 3.3. De rechtbank heeft bij het bestreden vonnis de vorderingen van Renbumat afgewezen. Daartoe heeft zij overwogen dat ten aanzien van het gedeelte van de achtergebleven bouwmaterialen waarvan Renbumat stelt eigenaar te zijn, onduidelijk is welke materialen dit precies betreft, terwijl Renbumat voorts onvoldoende heeft gesteld om de conclusie te rechtvaardigen dat het betreffende (gedeelte van het) materieel daadwerkelijk haar eigendom is. Ten aanzien van het andere deel van de vordering dat ziet op materialen waarvan Renbumat geen eigenaar is, overweegt de rechtbank dat haar onvoldoende duidelijk is wat de grondslag van deze vordering is. Voor zover Renbumat zich subsidiair baseert op een met Trebbe gemaakte afspraak dat Trebbe het materiaal zou terug geven, staat deze afspraak naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende vast. De vordering tot afgifte wordt daarom afgewezen. Ook de vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen, omdat niet vast staat dat Trebbe onrechtmatig heeft gehandeld door de materialen niet af te geven. Renbumat wordt veroordeeld in de proceskosten. 3.4. Tegen deze beslissing en de daaraan ten grondslag gelegde motivering komt Renbumat met haar grieven op. 3.5. Het hof ziet aanleiding om eerst grief VII te bespreken. Met deze grief komt Renbumat op tegen het oordeel van de rechtbank dat er geen contractuele grondslag is voor de vordering van Renbumat tot afgifte van de materialen. Deze grief slaagt. De rechtbank heeft ten onrechte alleen de e-mail wisseling tussen partijen van 29 oktober 2018 in haar oordeel betrokken, waarbij Trebbe aan haar bereidheid tot afgifte de voorwaarde verbond dat Renbumat zou aantonen dat zij eigenaar is van de materialen. Deze e-mail is echter gevolgd door een e-mail van [A] van 2 november 2018 aan [B] met een cc aan [C] . Renbumat stelt zich op het standpunt dat deze e-mail een bevestiging vormt van het feit dat tussen [A] , kennelijk ten behoeve van Renbumat, en [B] namens Trebbe een overeenkomst tot stand is gekomen, inhoudende dat de genoemde materialen, “(z)odra deze spullen niet meer nodig zijn”, door Renbumat opgehaald mochten worden. 3.6 Trebbe stelt dat indien en voor zover de e-mail van 2 november 2018 van [A] aan [B] al kwalificeert als een aanbod, dit niet door haar is aanvaard, zodat geen overeenkomst tot stand is gekomen. Voorts stelt Trebbe dat [B] niet vertegenwoordigingsbevoegd was. Het hof begrijpt deze stelling aldus dat Trebbe betwist dat een overeenkomst tot stand is gekomen. Voor 3.7. Het hof stelt voorop dat Trebbe de weergave van de inhoud van het e-mail bericht van [A] van 2 november 2018 alsmede de ontvangst daarvan door [B] niet betwist, maar enkel de uitleg daarvan. Deze inhoud behelst, naar het oordeel van het hof, gelet op de duidelijke bewoordingen daarvan, de bevestiging van een (reeds) tussen [B] en [A] , kennelijk ten behoeve van Renbumat, gemaakte afspraak dat Renbumat de materialen die op de bouw waren achtergebleven mocht ophalen zodra deze niet meer nodig waren. Dat een dergelijke afspraak (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.