afdeling strafrecht parketnummer: 23-002801-20 datum uitspraak: 20 juli 2021 TEGENSPRAAK Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 25 november 2020 in de strafzaak onder parketnummer 15-198124-20 tegen: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1988, thans gedetineerd in PI Achterhoek, [adres]. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 6 juli 2021 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg. Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen. Vonnis waarvan beroep Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat het hof de zevende regel (‘De rechtbank stelt verder vast…’) tot en met de dertiende regel (‘…inlogcode van zijn telefoon te geven aan de politie’) van de derde alinea onder het kopje ‘3.3.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.