beschikking ___________________________________________________________________ GERECHTSHOF AMSTERDAM ONDERNEMINGSKAMER zaaknummer: 200.268.377/02 OK beschikking van de Ondernemingskamer van 7 november 2022 inzake 1 [A] , wonende te [....] ,
- [B] , wonende te [....] , VERZOEKERS, advocaat: mr. S.C.M. van Thiel, kantoorhoudende te Amsterdam, t e g e n BV LANDGOED DEN ALERDINCK II, gevestigd te Laag Zuthem, VERWEERSTER, advocaten: mr. V.R.M. Appelman en mr. T.R. Bosker, kantoorhoudende te Rotterdam, e n t e g e n
- de stichting STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR AANDELEN B.V. LANDGOED DEN ALERDINCK II gevestigd te Laag Zuthem, BELANGHEBBENDE, advocaat: mr. P.M. Gunning, kantoorhoudende te Arnhem, e n t e g e n 2 [C] , wonende te [....] , BELANGHEBBENDE. 1Het verloop van het geding 1.1 Hierna zullen partijen (ook) als volgt worden aangeduid: verzoeker sub 1 als [A] ; verzoekster sub 2 als [B] ; verweerster als Den Alerdinck II; belanghebbende sub 1 als STAK; en belanghebbende sub 2 als [C] . 1.2 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 23 en 26 oktober
- 1.3 Bij de beschikking van 23 oktober 2020 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – bepaald dat bij wijze van onmiddellijke voorziening alle door STAK gehouden aandelen in het geplaatste kapitaal van Den Alerdinck II overgedragen worden aan een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon. 1.4 Bij beschikking van 26 oktober 2020 heeft de Ondernemingskamer prof. dr. S. Perrick als beheerder aangewezen zoals bedoeld in de beschikking van 23 oktober
- 1.5 Op 19 juli 2022 hebben [A] en [B] de Ondernemingskamer onder meer verzocht om bij wijze van onmiddellijke voorziening een onafhankelijk bemiddellaar aan te wijzen om alsnog tot een oplossing van de geschillen te kunnen komen. Met instemming van partijen is dit verzoek op 24 oktober 2022 mondeling behandeld ten overstaan van een op de voet van artikel 16, lid 5 Rv door de Ondernemingskamer aangewezen raadsheer-commissaris. Van de mondelinge behandeling is een proces verbaal opgemaakt. 2De gronden van de beslissing 2.1 De Ondernemingskamer dient te beslissen op het verzoek van [A] en [B] om bij nadere onmiddellijke voorziening een onafhankelijk bemiddelaar aan te wijzen om (alsnog) tot een overeenstemming tussen de certificaathouders te komen. 2.2 Naar aanleiding van hetgeen is besproken op de mondelinge behandeling voor de raadsheer-commissaris van 24 oktober 2022 stelt de Ondernemingskamer vast dat alle betrokken partijen, inclusief de vennootschap, onderschrijven dat het in het belang van de vennootschap is dat het tussen de certificaathouders bestaande geschil wordt bijgelegd en dat de aanwijzing van een onafhankelijk bemiddelaar daaraan zou kunnen bijdragen. 2.3 Gelet op het voorgaande zal de Ondernemingskamer het verzoek om bij nadere onmiddellijke voorziening een onafhankelijk bemiddelaar aan te wijzen dan ook toewijzen. 2.4 Partijen verschillen van mening over de vraag wie de kosten van de onafhankelijk bemiddellaar zou moeten dragen. De Ondernemingskamer zal met analoge toepassing van het artikel 2:357 lid 2 BW, bepalen dat de kosten van deze onmiddellijke voorziening ten laste van de vennootschap zullen komen en door haar moeten worden voldaan. Gelet op de beperkte draagkracht van de vennootschap zullen deze kosten worden gemaximeerd op een bedrag van € 10.000 excl. BTW. 2.5 De poging om onder leiding van de onafhankelijk bemiddellaar tot een vergelijk te komen zal primair plaats dienen te vinden tussen de certificaathouders, [A] , [B] en [C] . Het staat de onafhankelijk bemiddelaar vrij om, indien zij dit nodig acht ook de kinderen van [C] , in hun hoedanigheid van certificaathouder, daarbij te betrekken. 3De beslissing De Ondernemingskamer: wijst aan als onafhankelijk bemiddelaar in deze zaak mr. drs. C. Kloppers te Arnhem; en bepaalt dat de kosten van de onafhankelijk bemiddellaar tot een bedrag van ten hoogste € 10.000, exclusief BTW, ten laste zullen komen van B.V. Landgoed den Alerdinck II; verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. A.W.H. Vink, mr. J.M. de Jongh en mr. A.P. Wessels, raadsheren, en W. Wind en prof. dr. A.J.C.C.M. Loonen, raden, in tegenwoordigheid van mr. N.E.M. Keereweer, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 7 november 2022.