← Nederland

ECLI:NL:GHAMS:2025:2276

beschikking ___________________________________________________________________ GERECHTSHOF AMSTERDAM ONDERNEMINGSKAMER zaaknummer: 200.350.602/01 OK beschikking van de Ondernemingskamer van 14 augustus 2025 inzake het enquêteverzoek en het verzoek tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen van: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [aandeelhouder 1] , gevestigd te [....] , VERZOEKSTER, advocaten: mr. R.Q. Potter en C.R.B. Jonker, beiden kantoorhoudende te Amsterdam, t e g e n

  1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [vennootschap A] ,
  2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [vennootschap B] ,
  3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [vennootschap C] ., allen gevestigd te [....] , VERWEERSTERS, niet verschenen, e n t e g e n de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [aandeelhouder 2] , gevestigd te [....] , BELANGHEBBENDE, advocaten: mr. M.M. Arts en mr. F.A.L. Canovai, beiden kantoorhoudende te Den Haag Hierna zullen partijen en andere (rechts)personen (ook) als volgt worden aangeduid: [vennootschap A] als [vennootschap A] ; [vennootschap B] als [vennootschap B] ; [vennootschap C] . als [vennootschap C] ; [vennootschap A] , [vennootschap B] en [vennootschap C] gezamenlijk als de Vennootschappen of [de vennootschappen] . 1Het verloop van het geding 1.1 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikking van 7 augustus
  4. 1.2 Bij die beschikking heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van de Vennootschappen over de periode vanaf 1 januari 2020 en een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten. Daarnaast heeft de Ondernemingskamer bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding – voor zover nodig in afwijking van de statuten – een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd tot bestuurder van [vennootschap A] en [vennootschap C] met beslissende stem en bepaald dat deze bestuurder zelfstandig bevoegd is [vennootschap A] en [vennootschap C] te vertegenwoordigen en dat zonder deze bestuurder [vennootschap A] en [vennootschap C] niet vertegenwoordigd kunnen worden. 2De gronden van de beslissing De Ondernemingskamer zal thans de hierna te vermelden persoon aanwijzen als bestuurder, een en ander als bedoeld in de beschikking van 7 augustus
  5. 3De beslissing De Ondernemingskamer: wijst aan als bestuurder als bedoeld in de beschikking van 7 augustus 2025 in deze zaak: mr. P.J. Colijn te Breda; verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. A.W.H. Vink, voorzitter, mr. C.C. Meijer en mr. J.M. de Jongh, raadsheren, en mr. drs. G. Boon RA en dr. M.J.R. Broekema RV, raden, in tegenwoordigheid van mr. D.I. Frans, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. J.M. de Jongh op 14 augustus 2025.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.