← Nederland

ECLI:NL:GHAMS:2025:3864

afdeling strafrecht parketnummer: 23-000998-25 datum uitspraak: 12 december 2025 VERSTEK (niet-gemachtigd raadsman) Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 16 april 2025 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 13-026251-25, 13-061287-25, 13-063244-25, 13-064080-25, 13-070892-25, 13-072059-25 en 13-076522-25 tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 2001, adres: [adres] , thans uit anderen hoofde gedetineerd in [detentieadres] . Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 28 november

  1. De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Tenlasteleggingen Aan de verdachte is tenlastegelegd dat: Zaak met parketnummer 13-026251-25: hij op of omstreeks 25 januari 2025 te 22:55 uur te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied Centrum, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 24 uur niet meer te bevinden; Zaak met parketnummer 13-064080-25 (gevoegd): hij op of omstreeks 1 maart 2025 te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied Centrum, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden; Zaak met parketnummer 13-063244-25 (gevoegd): hij op of omstreeks 28 februari 2025 te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied Centrum, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden; Zaak met parketnummer 13-061287-25 (gevoegd): hij op of omstreeks 26 februari 2026 te 17:15 uur te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 172A en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied 1 Centrum en Ondergrondse metrostations, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden; Zaak met parketnummer 13-072059-25 (gevoegd): hij op of omstreeks 9 maart 2025 te 00:33 uur te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 172A en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied 1 Centrum en Ondergrondse metrostations, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden; Zaak met parketnummer 13-070892-25 (gevoegd): hij op of omstreeks 6 maart 2025 te 21:35 uur uur te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied Centrum, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden. Zaak met parketnummer 13-076522-25 (gevoegd): hij op of omstreeks 12 maart 2025 te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied Centrum, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden. Het hof heeft geconstateerd dat uit het dossier ten aanzien van alle feiten, behalve het feit met parketnummer 13-026251-25, blijkt dat de verdachte een verblijfsverbod opgelegd heeft gekregen op grond van artikel 2.9, tweede lid, onder a van de APV. De van 25 december 2024 tot en met 10 juni 2025 geldende ‘Algemene Plaatselijke Verordening 2008’ bevat echter geen artikel 2.9, tweede lid onder a. De in het dossier bedoelde wetsbepaling stond in die versie opgenomen onder artikel 2.9A, tweede lid. Het hof gaat er derhalve vanuit dat hier sprake is geweest van een kennelijke verschrijving. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad. Vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat daarvan slechts aantekening is gedaan ingevolge artikel 378a van het Wetboek van Strafvordering. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 13-026251-25, in de zaak met parketnummer 13-064080-25, in de zaak met parketnummer 13-063244-25, in de zaak met parketnummer 13-061287-25, in de zaak met parketnummer 13-072059-25, in de zaak met parketnummer 13-070892-25 en in de zaak met parketnummer 13-076522-25 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat: Zaak met parketnummer 13-026251-25: hij op 25 januari 2025 te 22:55 uur te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied Centrum, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 24 uur niet meer te bevinden; Zaak met parketnummer 13-064080-25 (gevoegd): hij op 1 maart 2025 te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9A van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied Centrum, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden; Zaak met parketnummer 13-063244-25 (gevoegd): hij op 28 februari 2025 te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9A van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied Centrum, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden; Zaak met parketnummer 13-061287-25 (gevoegd): hij op 26 februari 2026 te 17:15 uur te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 172A en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9A van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied 1 Centrum en Ondergrondse metrostations, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden; Zaak met parketnummer 13-072059-25 (gevoegd): hij op 9 maart 2025 te 00:33 uur te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 172A en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9A van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied 1 Centrum en Ondergrondse metrostations, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden; Zaak met parketnummer 13-070892-25 (gevoegd): hij op 6 maart 2025 te 21:35 uur te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9A van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied Centrum, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden. Zaak met parketnummer 13-076522-25 (gevoegd): hij op 12 maart 2025 te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9A van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende - zakelijk weergegeven - om zich uit het overlastgebied Centrum, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 1 maand niet meer te bevinden. Hetgeen in de zaak met parketnummer 13-026251-25, in de zaak met parketnummer 13-064080-25, in de zaak met parketnummer 13-063244-25, in de zaak met parketnummer 13-061287-25, in de zaak met parketnummer 13-072059-25, in de zaak met parketnummer 13-070892-25 en in de zaak met parketnummer 13-076522-25 meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken. Het bewezenverklaarde is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat, zoals deze na het eventueel instellen van beroep in cassatie zullen worden opgenomen in de op te maken aanvulling op dit arrest. Strafbaarheid van het bewezenverklaarde Geen omstandigheid is aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het in de zaak met parketnummer 13-026251-25, in de zaak met parketnummer 13-064080-25, in de zaak met parketnummer 13-063244-25, in de zaak met parketnummer 13-061287-25, in de zaak met parketnummer 13-072059-25, in de zaak met parketnummer 13-070892-25 en in de zaak met parketnummer 13-076522-25 bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het in de zaak met parketnummer 13-026251-25, in de zaak met parketnummer 13-064080-25, in de zaak met parketnummer 13-063244-25, in de zaak met parketnummer 13-061287-25, in de zaak met parketnummer 13-072059-25, in de zaak met parketnummer 13-070892-25 en in de zaak met parketnummer 13-076522-25 bewezenverklaarde levert op: telkens: opzettelijk niet voldoen aan een bevel of een vordering, krachtens wettelijk voorschrift gedaan door een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast. Strafbaarheid van de verdachte De verdachte is strafbaar, omdat geen omstandigheid aannemelijk is geworden die de strafbaarheid ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 13-026251-25, in de zaak met parketnummer 13-064080-25, in de zaak met parketnummer 13-063244-25, in de zaak met parketnummer 13-061287-25, in de zaak met parketnummer 13-072059-25, in de zaak met parketnummer 13-070892-25 en in de zaak met parketnummer 13-076522-25 bewezenverklaarde uitsluit. Oplegging van straf De politierechter in de rechtbank Amsterdam heeft de verdachte voor het in eerste aanleg tenlastegelegde bewezenverklaarde veroordeeld tot gevangenisstraf voor de duur van twee weken. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg opgelegd. Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf en maatregel bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en gelet op de persoon van de verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen. De verdachte heeft zeven keer in korte tijd niet voldaan aan een bevel zich niet op te houden in een door de burgemeester van Amsterdam aangewezen overlastgebied. De verdachte heeft hierdoor blijk gegeven zich niets gelegen te laten liggen aan dit door het bevoegde gezag met het oog op handhaving van de openbare orde gegeven bevel. Blijkens een de verdachte betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie van 17 november 2025 is hij na onderhavig feit meerdere malen ter zake van het overtreden van artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht veroordeeld, waarvan een deel inmiddels ook onherroepelijk is geworden. Daarnaast constateert het hof dat artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht van toepassing is, nu aan de verdachte na het onderhavige feit meerdere straffen zijn opgelegd. Het hof ziet gelet op al het vorenstaande geen aanleiding om af te wijken van de vordering van de advocaat-generaal en acht, alles afwegende, een gevangenisstraf van na te melden duur passend en geboden. Toepasselijke wettelijke voorschriften De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 57, 63 en 184 van het Wetboek van Strafrecht. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht: Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 13-026251-25 en in de zaak met parketnummer 13-064080-25 en in de zaak met parketnummer 13-063244-25 en in de zaak met parketnummer 13-061287-25 en in de zaak met parketnummer 13-072059-25 en in de zaak met parketnummer 13-070892-25 en in de zaak met parketnummer 13-076522-25 tenlastegelegde heeft begaan. Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij. Verklaart het in de zaak met parketnummer 13-026251-25 en in de zaak met parketnummer 13-064080-25 en in de zaak met parketnummer 13-063244-25 en in de zaak met parketnummer 13-061287-25 en in de zaak met parketnummer 13-072059-25 en in de zaak met parketnummer 13-070892-25 en in de zaak met parketnummer 13-076522-25 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar. Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) weken. Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. R.A. Boon, mr. A.M. Koolen - Zwijnenburg en mr. N.J.M. de Munnik, in tegenwoordigheid van mr. J.P.M. Veerman, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 12 december
  2. De jongste raadsheer is buiten staat het arrest te ondertekenen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.