GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Leeuwarden afdeling civiel recht zaaknummer gerechtshof 200.122.646/01 (zaaknummer rechtbank Assen 74539 / HA ZA 09-574) arrest van de tweede kamer van 7 mei 2013 in de zaak van [appellant], wonende te [woonplaats], appellant, in eerste aanleg: gedaagde, hierna: [appellant], advocaat: mr. L.S. Slinkman, kantoorhoudend te Appingedam, tegen [geïntimeerde] , wonende te [woonplaats], geïntimeerde, in eerste aanleg: eiser, hierna: [geïntimeerde], advocaat: mr. M.G. Doornbos, kantoorhoudend te Assen. 1Het geding in eerste aanleg In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in de vonnissen van 18 juli 2012 en 21 november 2012 van de rechtbank Assen. 2Het geding in hoger beroep 2.1 [appellant] heeft bij exploot van 19 februari 2013 aangezegd van die vonnissen in hoger beroep te komen, met dagvaarding van [geïntimeerde] voor dit hof. 2.2 Ter rolle van 12 maart 2013 is de zaak aangebracht en is [geïntimeerde] bij advocaat verschenen. 2.3 Partijen hebben opgave van hun verhinderingen gedaan. 3De beoordeling 3.1 Het hof ziet aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. Het doel is het beproeven van een schikking. Met het oog daarop kunnen inlichtingen worden ingewonnen. Daarnaast zal de comparitie benut kunnen worden om de mogelijkheden van mediation te bezien of overleg te voeren over het verdere verloop van de procedure, indien ter zitting geen schikking mocht worden bereikt. 3.2 Indien een partij zich bij gelegenheid van de comparitie van partijen wenst te beroepen op schriftelijke bescheiden, dient zij ervoor zorg te dragen dat de raadsheer-commissaris en de wederpartij uiterlijk twee weken voor de dag van de zitting een afschrift van die bescheiden hebben ontvangen. Bedoelde bescheiden zullen in beginsel slechts worden gebruikt ten behoeve van de comparitie en niet worden gehecht aan het proces-verbaal, zodat zij in geval van voortzetting van de procedure (desgewenst) alsnog bij conclusie of akte in het geding gebracht moeten worden. 3.3 Indien partijen uiterlijk twee weken na het wijzen van dit arrest de raadsheer-commissaris eenparig verzoeken om van de comparitie af te zien, zal deze geen doorgang vinden en zal een nieuwe roldatum worden bepaald voor memorie van grieven. 3.4 Verstaat dat de advocaat van [appellant] uiterlijk twee weken voor de verschijning zal plaatsvinden een kopie van het volledige procesdossier ter griffie van het hof doet bezorgen, bij gebreke waarvan de advocaat van [geïntimeerde] alsnog de gelegenheid heeft uiterlijk één week voor de vastgestelde datum een kopie van de processtukken over te leggen; 4De beslissing Het hof, recht doende in hoger beroep: bepaalt dat partijen [appellant] en [geïntimeerde] in persoon, tezamen met hun advocaten zullen verschijnen voor mr. L. Janse, benoemd tot raadsheer-commissaris; bepaalt dat de zitting zal worden gehouden in het Paleis van Justitie, Wilhelminaplein 1 te Leeuwarden op maandag 27 mei 2013 om 10:00 uur; bepaalt dat bij deze comparitie geen gelegenheid bestaat om pleitnotities voor te dragen; houdt iedere verdere beslissing aan. Dit arrest is gewezen door mrs. L. Janse, M.W. Zandbergen en G. van Rijssen, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 7 mei 2013.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.