← Nederland

ECLI:NL:GHARL:2015:2162

WAHV 200.139.354 24 maart 2015 CJIB 165632314 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden locatie Leeuwarden Arrest op het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Noord-Nederland van 5 december 2013 betreffende [naam] (hierna te noemen: betrokkene), wonende te [plaats], voor wie als gemachtigde optreedt [naam], wonende te[plaats]. De beslissing van de kantonrechter De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen het niet tijdig nemen van een beslissing door de door de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (CVOM) namens de officier van justitie ongegrond verklaard. De kantonrechter heeft de griffier opgedragen het dossier door te zenden naar de CVOM met het oog op de behandeling van het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie van 11 februari 2013 en heeft iedere verdere beslissing in afwachting daarvan aangehouden. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Het procesverloop De gemachtigde van de betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld. De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend. De gemachtigde van de betrokkene heeft schriftelijk een nadere toelichting gegeven op het beroep. De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een reactie te geven op de nadere toelichting op het beroep. Hiervan is geen gebruik gemaakt. Beoordeling

  1. De kantonrechter heeft het beroep van de gemachtigde van de betrokkene d.d. 26 april 2013 tegen het niet tijdig nemen van een beslissing door de officier van justitie ongegrond verklaard en iedere verdere beslissing aangehouden, in afwachting van de kennisname van het dossier door de officier van justitie en het door de officier van justitie in behandeling te nemen beroep van de gemachtigde tegen de beslissing van de officier van justitie van 11 februari
  2. De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter voor zover daarbij het beroep ongegrond is verklaard en, aldus de gemachtigde, impliciet het verzoek tot vaststelling van een dwangsom is afgewezen.
  3. Ingevolge het bepaalde in artikel 14 van de WAHV kan tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden worden ingesteld, indien de opgelegde administratieve sanctie bij die beslissing meer bedraagt dan euro 70,-, of indien de betrokkene niet-ontvankelijk is verklaard wegens het niet of niet tijdig stellen van zekerheid als bedoeld in artikel 11, derde lid, van de WAHV.
  4. Gelezen in verbinding met artikel 13, eerste lid, van de WAHV ziet artikel 14 van de WAHV op beslissingen van de kantonrechter tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep, tot ongegrondverklaring van het beroep en die tot geheel of gedeeltelijke gegrondverklaring van het beroep.
  5. De door de gemachtigde bestreden beslissing tot ongegrondverklaring is niet een beslissing als onder
  6. bedoeld, maar een nevenbeslissing. Tegen een dergelijke beslissing kan eerst hoger beroep worden ingesteld indien de kantonrechter heeft beslist in de zin van artikel 13, eerste lid, van de WAHV. De inhoud van die beslissing is immers relevant voor het antwoord op de vraag of hoger beroep op grond van artikel 14 van de WAHV openstaat.
  7. Uit het hiervoor overwogene volgt dat het hoger beroep van de betrokkene niet-ontvankelijk is.
  8. Gelet op het hiervoor overwogene zal het hof bepalen dat het gehele procesdossier met het onderhavige arrest wordt teruggezonden naar de kantonrechter in de rechtbank Noord-Nederland. Beslissing Het gerechtshof: verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk; bepaalt dat de griffier van het hof het gehele procesdossier terug zendt naar de kantonrechter in de rechtbank Noord-Nederland. Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Zomer als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.