GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Leeuwarden afdeling civiel recht zaaknummer gerechtshof 200.141.533/01 (zaaknummer rechtbank Noord-Nederland C/17/121313 / HA ZA 12-228) arrest van de eerste kamer van 19 mei 2015 in de zaak van 1UVM Verzekeringsmaatschappij N.V., gevestigd te Hoogeveen, hierna: UVM, 2. [appellant 2], wonende te [woonplaats], hierna: [appellant 2], appellanten, in eerste aanleg: eisers, advocaat: mr. D.D. Markvoort, kantoorhoudend te Hoogeveen, die ook heeft gepleit, tegen Rossinante Trading B.V., gevestigd te Engwierum, geïntimeerde, in eerste aanleg: gedaagde, hierna: Rossinante, advocaat: mr. P.S. [A], kantoorhoudend te Drachten, die ook heeft gepleit. 1Het geding in eerste aanleg In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in het vonnis van 23 oktober 2013 van de rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden. 2Het geding in hoger beroep 2.1 Het verloop van de procedure is als volgt: - de dagvaarding in hoger beroep d.d. 21 januari 2014, - de memorie van grieven (met producties), - de memorie van antwoord, - het gehouden pleidooi waarbij pleitnotities zijn overgelegd. 2.2 Na afloop van het pleidooi heeft het hof arrest bepaald. 2.3 De vordering van UVM en [appellant 2] in hoger beroep luidt: "dat het hof - zal vernietigen het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland, afdeling privaatrecht, locatie Leeuwarden van 23 oktober 2013; - bij arrest de vorderingen van appelanten zal toewijzen; - bij arrest geïntimeerde zal veroordelen tot betaling van de bedragen die bij dagvaarding in eerste aanleg gevorderd zijn; - bij arrest geïntimeerde zal veroordelen in de kosten van de procedure, zowel die in eerste aanleg als die in hoger beroep; alles zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad". 3De feiten 3.1 Tegen de weergave van de vaststaande feiten in rechtsoverweging 2 (2.1 tot en met 2.17) van genoemd vonnis van 23 oktober 2013 is geen grief ontwikkeld en ook anderszins is niet van bezwaren daartegen gebleken, zodat ook in hoger beroep van die feiten zal worden uitgegaan. Deze feiten, aangevuld met feiten die in hoger beroep zijn komen vast te staan, luiden als volgt. 3.2 Tussen Rossinante (i.o.) als verkoper en [appellant 2] als koper is op 16 februari 2007 een schriftelijke koopovereenkomst gesloten met betrekking tot een nieuw aluminium zeiljacht [fabrikant] 44, bouwjaar 2008 (hierna: het zeiljacht). De koopprijs van het zeiljacht - genaamd "[naam boot]" - bedroeg € 416.421,-. Het zeiljacht was in de markt gezet als ‘vertrekkersboot’, en werd door [appellant 2] gekocht met het doel een wereldreis te maken. De levering van het zeiljacht heeft plaatsgevonden op of omstreeks 31 maart 2008, vanaf de werf van de fabrikant van het zeiljacht, [fabrikant] te [plaats 1], Frankrijk (hierna: [fabrikant] of de werf). 3.3 In artikel 5.1. van de koopovereenkomst is bepaald dat de HISWA algemene aannemings-, verkoop en leveringsvoorwaarden (hierna te noemen: de HISWA voorwaarden) onderdeel uitmaken van de overeenkomst. Artikel 5 van de (toenmalige) HISWA voorwaarden bepaalt onder meer: “Artikel 5 - DE GARANTIE 1. De leverancier staat ervoor in dat hij een pleziervaartuig of casco, inclusief de overeengekomen uitrustingsstukken en inventaris, levert dat beantwoordt aan de overeenkomst. De leverancier staat er bovendien voor in dat het geleverde de eigenschappen bezit die, alle omstandigheden in aanmerking genomen, voor een normaal gebruik nodig zijn, alsmede voor een bijzonder gebruik voor zover dat is overeengekomen. (…) 4. Onverminderd de overige rechten die hem op grond van de wet toekomen heeft de afnemer recht op kosteloos herstel van gebreken en op vervanging van gebrekkige onderdelen op de werf van de leverancier binnen redelijke tijd. De afnemer kan op kosten van de leverancier een noodzakelijk herstel door een derde laten uitvoeren, voor zover de kosten daarvan redelijk zijn. Voor de vaststelling van die redelijkheid wordt het prijsniveau van de leverancier in aanmerking genomen. De derde die een noodzakelijk herstel kan uitvoeren wordt in overleg met de afnemer door de leverancier aangewezen. Herstel bij een derde is alleen mogelijk: - indien de leverancier niet of niet tijdig in staat is het gebrek op zijn eigen werf te herstellen of - indien sprake is van een wanverhouding tussen de noodzakelijke kosten van transport van het voertuig naar de werf van de leverancier en de kosten van herstel op die werf of - indien in verband met de omstandigheden van de afnemer niet kan worden verlangd dat hij het herstel op de werf van zijn leverancier laat uitvoeren. ( ... ) 8. De leverancier staat niet in voor gebreken die na de oplevering van de goederen zijn ontstaan als gevolg van normale slijtage, ondeskundig gebruik of gebrek aan zorgvuldigheid, of die het gevolg zijn van door de afnemer of door derden aangebrachte veranderingen aan het geleverde. Evenmin staat de leverancier in voor de eventueel ontstane schade als gevolg van vorenbedoelde gebreken. ( ... )” 3.4 Na de levering van het zeiljacht heeft [appellant 2] elektronica in het zeiljacht laten inbouwen door [bedrijf 1] te [plaats 2]. Het gaat daarbij onder meer om een elektrische lier, een boegschroef, een SSB-zender/ontvanger, een 220V dynamo, een watermaker, een navtex en een scheidingstransformator voor de marifoon. [appellant 2] heeft zelf een plotter, een mobilert en een elektrische barometer aangesloten. Voorts heeft [appellant 2] een aangesloten antenne van de navtex verplaatst en een kabel losgehaald, deze op een andere plaats doorgevoerd en vervolgens weer aangesloten. 3.5 [appellant 2] is in juli 2009 begonnen met het maken van een wereldreis met het zeiljacht. Tijdens deze wereldreis zijn er op enig moment problemen opgetreden met de waterpomp en de drinkwatervoorziening op het zeiljacht. Hierbij raakte het drinkwaterfilter steeds verstopt door een korrelige substantie. [appellant 2] heeft het drinkwaterfilter meerdere malen gereinigd, maar de problemen bleven aanhouden, waarna [appellant 2] de waterpomp heeft vervangen. 3.6 In oktober 2009 heeft [appellant 2] de watertank opengemaakt, waarbij hij heeft geconstateerd dat de bodem van de watertank was aangetast door corrosie. [appellant 2] heeft Rossinante bij e-mail van 19 oktober 2009 op de hoogte gesteld van deze corrosie en haar ter zake aansprakelijk gesteld. Vervolgens heeft hij de tank schoon en droog gemaakt overeenkomstig de aanwijzingen van Rossinante. Rossinante heeft [appellant 2] bij e-mail van dezelfde datum verzocht rechtstreeks met de werf te communiceren. 3.7 In januari 2010 heeft [appellant 2] geconstateerd dat de corrosie zich verder had uitgebreid. Op 6 januari 2010 heeft hij hiervan melding gemaakt bij zijn WA/Cascoverzekeraar, UVM. UVM heeft hierna Garantex B.V. ingeschakeld om als deskundige het zeiljacht te inspecteren. Een expert van Garantex - de heer [X] - heeft op 30 maart 2010 deze inspectie uitgevoerd op de (toenmalige) ligplaats van het schip te [plaats 3], Curaçao. In haar expertiserapport d.d. 12 juli 2010 meldt Garantex onder meer:“3. SchadeoorzaakEr is sprake van verschillende afzonderlijke problemen in het vaartuig. Deze problemen zijn allen terug te voeren op fouten die gemaakt zijn door de werf bij de bouw en het ontwerp van het schip. 1. Corrosie in de watertank: Er is een reeks testen en onderzoeken uitgevoerd om de oorzaak van de corrosie vast te stellen (zie bijlage 1 en 2). Aan de hand van deze gegevens concluderen wij dat de corrosie in de tank het gevolg is van de samenstelling van het ingenomen drinkwater. Het aluminium in de tank is onvoldoende bestand tegen de diverse in het drinkwater voorkomende chemicaliën waardoor overmatige corrosie optreedt. Deze conclusie wordt onderbouwd door het feit dat andere [fabrikant] eigenaren te maken hebben met vergelijkbare problemen. De mate waarin varieert sterk met de locaties waar drinkwater is ingenomen. Met name drinkwaterinname buiten Europa leidt tot verregaande corrosie in de tank. Het feit dat drinkwateropslag kan leiden tot (ernstige) corrosie in de tank moet als een constructief gebrek worden beschouwd. De bodem van de tank vormt tevens de huid van het schip. Verzwakking van de tank/bodemplaat kan in dit geval leiden tot falen van de bodemplaat. Het schip wordt in de markt gezet als ''vertrekkersboot" en er kan bij een dergelijk schip verwacht worden dat er op diverse locaties in de wereld drinkwater ingenomen zal worden .De tank dient hierop berekend te zijn. 2. Onthechting verfsysteem binnen en bovendeks: De problemen met het verfsysteem moeten los worden beschouwd van de corrosie in de tank. Analyse van de gegevens door International Paints levert een drietal mogelijke verklaringen op voor de problemen met de hechting. Zo kan het zijn dat de onderlaag onvoldoende is voorbehandeld en/of geschuurd. Ook kan er bij het opzetten van de verf een te dikke laagopbouw is geweest waardoor oplosmiddelen uit de verf in de plamuurlaag zijn getrokken waardoor deze weer zacht is geworden. Een laatste mogelijkheid is dat er bij het uitharden van de plamuur een te lage temperatuur is geweest of dat de temperatuur te grote schommelingen heeft vertoond. De coating aan de binnenzijde van het casco laat eveneens op diverse plaatsen los. Deze coating is vrij dun en in één laag opgebracht. Er is geen primer of onderlaag toegepast. De onthechting is het gevolg van een onvoldoende ontvetten van de ondergrond. Alle bovenstaande oorzaken zijn terug te voeren op een foutieve opbouw van het verfsysteem bij de opbouw van het schip. 3. Elektrische problemen De diverse problemen in elektrisch systeem vinden alle hun oorsprong bij de aanleg door de werf. De aanleg is niet volgens de bijgeleverde schema’s uitgevoerd. Tot dusverre hebben de aansluitfouten niet geleid tot gevolgschade in de rest van het vaartuig. Dit valt echter voor de toekomst niet uit te sluiten. 4 4. Schadebegroting ( ... ) Om de diverse problemen op te lossen zal het schip bij voorkeur terug naar de werf gebracht worden. Aldaar kunnen de fouten hersteld worden. Indien het vaartuig elders gerepareerd wordt (buiten Europa) vallen de kosten niet te voorspellen. Dit is sterk afhankelijk van de geldende uurtarieven en beschikbare expertise. Ook is niet te voorspellen in hoeverre de schade in de tussentijd zal verergeren. Gesteld kan worden dat hoe langer gewacht wordt met herstel hoe hoger de kosten zullen worden. ( ... ) 5. Aanbevelingen 1. Om de corrosie in de tank te stoppen dient de tank aan de binnenzijde te worden gecoat met een hiervoor geschikte coating. De voorbehandeling van de tank zal moeten bestaan uit het stralen van de plaat. Direct hierna zal een verfsysteem moeten worden aangebracht volgens de voorschriften van de leverancier. 2. De hechtingsproblemen van het verfsysteem op de romp kunnen alleen opgelost worden door het gehele systeem te verwijderen en opnieuw aan te brengen. 3. Elektrische problemen in het schip dienen (door de werf/importeur) exact te worden gelokaliseerd en verholpen. ( ... ) 7. Opmerkingen 1. Verzekerde heeft een deel van het schilderwerk (buitenzijde romp) reeds zelf opnieuw laten schilderen op Curaçao. ( ... )” 3.8 [appellant 2] heeft [Y] op Curaçao ook onderzoek laten doen naar de onthechting van de verf. [Y] rapporteerde op 18 maart 2010:“OpinionAlthough the undersigned has been a marine surveyor for a very considerable number of years, we see relatively few aluminium boats in Curaçao, and we have not experienced this particular‘malaise’ before. Of particular note is the clean, non-adherent interface between parts of the base coat and the hull. We can only conclude that, for an unknown reason, the base coat is detaching from the hull surface, possibly as a result of improper preparation, application or conditions at the time of the initial base coat application.Whatever the reason, the appearance of this anomaly is particuarly disturbing and disconcerting for the owner of a v/l, which is less thans 2 years old.” 3.9 Bij e-mail van 8 juni 2010 heeft UVM de bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeraar van Rossinante, [Z] Verzekeringen (hierna: [Z]) onder meer geschreven:“Op basis van bijgaande testresultaten stellen wij Rossinante opnieuw aansprakelijk voor de schade aan de [fabrikant] van de heer [appellant 2].1. Zoals je ziet is de verlichting in de mast niet aangesloten zoals het hoort. Deze is “af bouw” gemonteerd. De uitbreidingen die later aan het elektrisch systeem zijn uitgevoerd hebben hier geen invloed op (gehad).2. Er heeft een materiaalonderzoek via Stork plaatsgevonden, voor wat betreft de legering van het gebruikte aluminium. (…) Wel blijkt dat er in de corrosieresten een significante hoeveelheid silicium en chloor aanwezig zijn.(…) 4. Als laatste punt is geconstateerd dat er onthechtingsproblemen zijn in het verfsysteem. Als je de drie mogelijkheden leest die dit kunnen veroorzaken, hebben zij allen te maken met een slechte voorbereiding/te dikke laagopbouw/bij het uitharden van het plamuur een te lage temperatuur of te grote temperatuurswisseling. Alle drie hebben echter te maken met foutief opbrengen vanaf fabriek.. Ik wil je verzoeken deze bevindingen met de werf te bespreken en aan te geven wat jullie oplossing zal zijn. Wij hebben inmiddels geïnformeerd wat de kosten van repatriëring van het vaartuig zullen bedragen. Deze zullen uitkomen op ca. 15.000,- met de “Sevenstar”. (…)” 3.10 Namens (de bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeraar van) Rossinante heeft ESMA Expertise (hierna: ESMA) onderzoek verricht. In haar rapport van 9 juni 2010 vermeldt ESMA onder meer: "( ... ) Opmerkingen ( ... ) In de aluminium drinkwatertank worden metaaldeeltjes aangetroffen. Er wordt niet aangegeven wat voor metaaldeeltjes zijn aangetroffen. Zijn de metaaldeeltjes van gelijk materiaal als de tank, dan kunnen de metaaldeeltjes geen invloed hebben op aantasting als gevolg van galvanische werking. Aantasting van aluminium tanks door stilstaand water is uiterst onwaarschijnlijk. Drinkwater met toevoegingen kunnen invloed hebben op de beschermlaag van aluminium. De geconstateerde gebreken aan de coating behoort een dergelijk jong vaartuig niet te vertonen. Wel merken wij op dat een zoute omgeving een agressieve werking heeft op aluminium. Indien de coating goed en volgens voorschrift is aangebracht en gebruik is gemaakt van de juiste coating moet deze bestand zijn tegen enige jaren intensief gebruik. Of er sprake is van een applicatiefout dan wel van een productiefout is goed vast te stellen door een onafhankelijke verfdeskundige. Het is vooralsnog uiterst onwaarschijnlijk dat de eventueel lekspanning invloed heeft op bijvoorbeeld het zacht worden van de plamuurlagen. Het is ons niet bekend dat met name [fabrikant] jachten problemen hebben met aantasting van aluminium delen. Aantasting door lekspanning en galvanische corrosie is voor aluminium jachten een doorlopend reëel probleem. Opmerking De omvang en de oorzaak van de problemen met de coating zullen door een onafhankelijk bedrijf te worden vastgesteld, alvorens tot enige reparatie wordt overgegaan. Indien er sprake is van een applicatie dan wel een productfout, zullen de reparatiekosten hoog oplopen. De oorzaak van de verschillende potentiaalverschillen in het boordnet zullen verder onderzocht dienen te worden. De aansluitproblemen met de mastverlichting dienen hersteld te worden. Gezien de uitbreiding van het vaartuig met diverse apparatuur is het zeker niet uit te sluiten dat de gemeten lekspanning een gevolg is van een aansluit dan wel een aardfout." 3.11 Op 16 juni 2010 schrijft [Z] UVM:“Naar aanleiding van uw aansprakelijkstelling hebben wij ESMA-Expertise verzocht te beoordelen of aan de hand van de bevindingen van de door u ingeschakelde expert als dan niet aansprakelijkheid van onze relatie is aangetoond. (…)Gezien de bevindingen van de expert van ESMA kunnen wij namens onze relatie geen aansprakelijkheid erkennen. Dit omdat niet is aangetoond dat bij het door onze relatie opleveren van het schip, de gebreken reeds aanwezig waren.” 3.12 In opdracht van UVM/[appellant 2] is het zeiljacht in de loop van 2010 naar Nederland getransporteerd voor het laten uitvoeren van herstelwerkzaamheden bij de werf van [bedrijf 2] in [plaats 2]. Het zeiljacht werd op advies van expert [X] van Garantex als deklast vervoerd. 3.13 In een aanvullend rapport van expertise vermeldt Garantex het volgende:“Op 31 augustus 2010 is samen met de heer [Q] van Esma de schade aan de boot van verzekerde geïnspecteerd. De boot is ongeschonden overgekomen vanuit de Bahama’s en lag op het moment van inspectie bij [bedrijf 2] in [plaats 2]. De heer [Q] trad op namens de bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeraar (lopend via [Z] verzekeringen) van de tegenpartij.De heer [Q] heeft onze rapportage bestudeerd en ter plaatse de boot geïnspecteerd. De heer [Q] deelt onze conclusies ten aanzien van de schadeoorzaken.Het lijkt erop dat de schade niet valt onder de bedrijfsaansprakelijkheid van de tegenpartij. Dit houdt in dat de tegenpartij persoonlijk aansprakelijk zal zijn voor de schade en de daarmee gepaard gaande kosten. (..)” 3.14 ESMA vermeldt in haar rapport van 22 september 2010 onder meer: " Constatering Wij constateerden tijdens onze inspectie aan het vaartuig van tegenpartij, de heer [appellant 2], het volgende: • De watertank is een geïntegreerde tank, waarbij het vlak van het voertuig de bodem van de tank vormt. Op de bovenkant van de tank is de vloer van de kajuit gesitueerd. • Op het vlak - is bodem van tank - is sprake van putcorrosie in de aluminium plaat; diepte putcorrosie gemiddeld 1 mm, op sommige plaatsen richting 2 mm. (...) Reparatie De aluminium plaat van het vlak is volgens opgave ter plaatse 6-8 mm dik. Gezien de thans nog geringe diepte van de corrosieputten is het vervangen van het vlak niet direct noodzakelijk. Wel is het noodzakelijk om verdere aantasting te voorkomen. In principe kan een coating bescherming bieden tegen verdere aantasting. ( ... ) Oorzaak van de schade De oorzaak van de aantasting van de aluminium plaat is een gevolg van een geleidelijke aantasting van de aluminium plaat gedurende langere tijd (jaren). Volgens opgave van de eigenaar vertoont het onderwaterschip geen enkel spoor van aantasting. De eigenaar heeft het onderwaterschip recent gecontroleerd, nadat het vaartuig als deklast op een vrachtschip naar Nederland is gekomen. Aantasting door elektrolyse als gevolg van een lekstroom of veroorzaakt door een potentiaalverschil kan derhalve uitgesloten worden aangezien het onderwaterschip bij het bestaan van een lekstroom en/of potentiaalverschil zeker aangetast zal worden. (...) De heer [appellant 2] heeft gereclameerd bij de Franse fabrikant van de [fabrikant]. Volgens de fabriek wordt de aantasting veroorzaakt door te lang stilstaand water in de drinkwatertank, waardoor een corrosief milieu zou ontstaan. In het onderhavige geval is verzekerde al varend bezig met een lange reis van jaren. Er is derhalve nauwelijks sprake van lang stilstaand water. (...) De tanks en het vaartuig dienen uiteraard bestand te zijn voor gebruik als drinkwatertank. Van de kant van de werf [fabrikant] is geen enkel voorbehoud of aanwijzing voor controle kenbaar gemaakt ten aanzien van de watertanks." 3.15 Op 22 september 2010 heeft ir. [R] van TNO een bezoek gebracht aan het zeiljacht in [plaats 2]. In een brief van 5 oktober 2010 schrijft hij met betrekking tot de corrosie in de drinkwatertank onder meer:“Wanneer zich toch corrosie voordoet bij deze materialen in de vorm van putten, is deze corrosie niet of nauwelijks meer te stoppen. Als de aantasting is geïnitieerd, gaat de putvorming in de diepte verder, waarbij het corrosieproces zichzelf in stand houdt door veranderingen in het milieu in de corrosieput (zgn. autokatalytisch proces). De gevormde corrosieputten worden daarmee dieper, en zeker niet wijder. Theorieën dat de corrosie zou stoppen door het wijder worden van de putten bij de voortgang van de aantasting met als gevolg schoonspoelen van de putten, zijn naar mijn mening onjuist (…) Om voortgang van de corrosie te voorkomen is ingrijpen noodzakelijk. (…) 3.16 Bij brief van 4 november 2010 schrijft [Z] verzekeringen aan UVM onder meer:“Inzake bovengenoemde schade hebben wij van ESMA-Expertise het eindrapport ontvangen. Hieruit blijkt dat de door uw verzekerde geclaimde schade niet ten laste van onze relatie of verzekeraars kan worden gebracht. Wij zijn namelijk niet van mening dat door onze relatie een gebrekkig product is geleverd, zoals eerder door u gesteld. (…) Gezien het voorgaande moeten wij dan ook elke aansprakelijkheid van de hand wijzen. Het is immers zeer waarschijnlijk de samenstelling van het ingenomen drinkwater geweest die de putcorrosie heeft veroorzaakt en niet een minderwaardige eigenschap van de watertank of het vaartuig. U kunt onze relatie niet aansprakelijk houden voor de kwaliteit van het ingenomen drinkwater.” 3.17 De advocaat van UVM/[appellant 2] heeft Rossinante bij brief van 8 december 2010 onder meer medegedeeld: "( ... ) Zoals u weet hebben zich bij dit schip verscheidene problemen voorgedaan. Deze problemen zijn terug te voeren op fouten die gemaakt zijn bij het ontwerp en/of de bouw van het schip. Kort gezegd gaat het om corrosie in de watertank, onthechting van het verfsysteem en problemen met betrekking tot de elektrische installatie. Er hebben diverse expertises plaatsgevonden, ook namens de door u ingeschakelde (aansprakelijkheids)verzekeraar. Het herstel van de schade is verzekerd op een verzekeringsovereenkomst die de heer [appellant 2] heeft bij mijn cliënte, UVM Verzekeringsmaatschappij/Unigarant N.V. te Hoogeveen. Door betaling van de schade treedt UVM in de rechten van de heer [appellant 2] jegens uw onderneming als verkoper. Ik stel mij op het standpunt dat het door u geleverde schip niet de eigenschappen bezit die voor een normaal gebruik noodzakelijk zijn en waarvan de heer [appellant 2] als koper de aanwezigheid niet behoefde te twijfelen. Anders gezegd: er is sprake van non-conformiteit als bedoeld in de wet (artikel 7:17 van het Burgerlijk Wetboek). U bent in een eerder stadium al in kennis gesteld van de situatie.(...) Hierbij stel ik u (voor zover nodig) nogmaals aansprakelijk voor alle schade en kosten die uit de geconstateerde gebreken voortvloeien, de kosten die te maken hebben met de repatriëring van het schip daaronder nadrukkelijk begrepen. Hoewel van uw kant het schip al is onderzocht, stel ik u nog tot 1 januari a.s. in de gelegenheid om desgewenst nader onderzoek te (laten) verrichten. Ook de Franse werf heb ik tot 1 januari a.s. in de gelegenheid gesteld om nader onderzoek aan het schip te verrichten. Bijgaand treft u mijn brief aan de Franse werf aan. Het schip bevindt zich op dit moment te [plaats 2] bij [bedrijf 2] ( ... ). Het ligt in de bedoeling om na 1 januari a.s. het schip te (laten) herstellen. ( ... )" 3.18 In reactie op de hiervoor genoemde brief zijdens UVM/[appellant 2] heeft Rossinante de advocaat van UVM/[appellant 2] bij brief van 17 december 2010 verzocht om verdere communicatie te voeren met haar verzekeraar. 3.19 De advocaat van UVM/[appellant 2] heeft Rossinante bij brief van 11 januari 2011 onder meer bericht: "( ... ) Ik stel vast dat u geen gebruik heeft gemaakt van de gelegenheid om het schip nogmaals te (doen) bekijken. Zoals ik in mijn brief van 8 december jl. heb aangekondigd, zal het herstel van het schip nu ter hand worden genomen. De desbetreffende werf zal één dezer dagen de diverse reparatiewerkzaamheden gaan uitvoeren. In uw brief van 17 december jl. verwijst u naar uw verzekeraar. Met de heer [S] van [Z] Verzekeringen had ik op 5 januari jl. een telefoongesprek. In dat telefoongesprek heb ik onder andere aangegeven dat ik er uiteraard geen bezwaar tegen heb indien de Franse werf de schade voor haar rekening neemt, maar dat, zolang daar geen sprake van is, uw onderneming aansprakelijk wordt gehouden voor de schade. ( ... )" 3.20 De advocaat van UVM/[appellant 2] heeft Rossinante bij brief van 15 februari 2011 medegedeeld: "Hierbij zend ik u mijn reactie op de brief van [fabrikant] van 3 februari jl. Voor uw gemak sluit ik de Nederlandse tekst bij. Zodra de herstelwerkzaamheden hebben plaatsgevonden. zal ik u in kennis stellen van de kosten en u de gelegenheid geven om de aldus ontstane schade te vergoeden. ( .. )" 3.21 De advocaat van UVM/[appellant 2] heeft [fabrikant] bij brief van gelijke datum medegedeeld: "( ... ) Ik stel vast, dat u al zeer geruime tijd op de hoogte bent van de problemen die zich bij het desbetreffende jacht (en bij andere jachten van uw werf) hebben voorgedaan en dat uwerzijds geen initiatieven zijn genomen om de ontstane problemen op te lossen. Ik stel verder vast, dat u in de tussentijd op geen enkele wijze hebt aangegeven meer tijd nodig te hebben. Bovendien stel ik vast, dat u aansprakelijkheid van de hand wijst en de oorzaak van de problemen toeschrijft aan de wijzigingen die de eigenaar van het jacht aan het elektrisch systeem zou hebben aangebracht. (...) Overigens geeft u in overweging om de werf in Frankrijk eventuele herstelwerkzaamheden te laten verrichten, kennelijk niet op uw kosten, maar voor rekening van de eigenaar. Het schip zou daartoe naar Frankrijk getransporteerd moeten worden, eveneens voor rekening van de eigenaar zelf. Ik stel vast, dat u niet alleen de aansprakelijkheid afwijst, maar ook niet aanbiedt om voor rekening van [fabrikant] de noodzakelijke herstelwerkzaamheden uit te voeren. Gezien de omstandigheid dat u zich, ondanks bekendheid met de problematiek, afzijdig hebt gehouden en gezien de inhoud van uw brief van 3 februari jl., is er wat ons betreft geen enkele aanleiding om af te zien van het voornemen om noodzakelijke herstelwerkzaamheden (hier in Nederland) te laten uitvoeren. Wij zullen de importeur/verkoper Rossinante aanspreken tot vergoeding van deze herstelkosten. (...)" 3.22 De herstelwerkzaamheden aan het zeiljacht op de werf van [bedrijf 2] te [plaats 2] zijn in februari 2011 aangevangen. 3.23 De advocaat van UVM/[appellant 2] heeft Rossinante bij brief van 1 maart 2011 onder meer medegedeeld: "In aansluiting op mijn bericht van 15 februari jl. laat ik u weten dat de [naam boot] is gestript ten behoeve van het schilderwerk en de probleemgebieden in het verfsysteem zijn kaal gehaald. Bij deze werkzaamheden is geconstateerd dat de onthechting van het verfsysteem op het dek doorloopt tot onder de opbouw. Dat betekent dat de schade nog veel groter is en dat voor een behoorlijk herstel noodzaak bestaat om de opbouw te lichten, zodat het dek geheel met de rest van de romp kan worden gestraald en gecoat. Het moge duidelijk zijn dat daarmee de herstelkosten aanzienlijk zullen toenemen. ( ... )" 3.24 Garantex heeft op 4 november 2011 een definitief rapport uitgebracht. Hierin begroot zij de schade op een totaalbedrag van € 85.892,20 inclusief BTW. In haar rapport vermeldt Garantex onder meer: "( ... ) 2 Aanvulling Metingen aan de elektra brachten nog altijd dezelfde meetwaarden naar voren als destijds gemeten in Curaçao. Om duidelijkheid te verkrijgen ten aanzien van deze meetwaarden hebben wij metingen laten verrichten door [S] te [plaats 4]. Uit de verrichte metingen bleek dat de elektrische isolatie van het gehele systeem goed is. De gemeten spanning wordt veroorzaakt door de lekstroomtester (testeur de fuite). Indien ingeschakeld zet deze een spanning op de romp. Het alarm gaat af zodra deze stroom wegvloeit via het boordnet. Door [S] zijn verder geen afwijkingen aangetroffen in het boordnet. Op 2 november hebben wij een afrondend bezoek gebracht aan [bedrijf 2] te [plaats 2]. Wij hebben alle nota's doorgenomen en een totaalbegroting gemaakt. (. .. ) 3.1 Toelichting op de schadebegroting De slechte plaatdelen uit het vlak ter plaatse van de watertanks zijn uitgeslepen en geheel vervangen. Dit in tegenstelling tot de initiële plannen om het plaatwerk te repareren. Bij pogingen hiertoe bleek dat de aantasting zodanig diep was dat van herstel geen sprake kon zijn. Voor het laswerk en de demontage van de opbouw is de elektra losgekoppeld. Alle bedrading is vooraf gelabeld en hierna op dezelfde wijze weer aangesloten. Romp en dek zijn geheel geschilderd en de kielkast is gestraald en geschilderd. Dit laatste in aanvulling op de offerte. Ook het verfwerk in de kielkast bleek grotendeels los te komen van de romp. Na demontage van de opbouw bleek dat de originele coating op het stuk onder de opbouw onvoldoende hechting op de romp had. Ook bleek dat de coating op het dek en onder de opbouw niet van gelijke dikte en samenstelling was: de coating is op verschillende momenten aangebracht. De corrosieproblemen langs de rand van de opbouw werden veroorzaakt door een slechte aansluiting van beide verfsystemen. Na demontage van de opbouw is een nieuwe coating op het gehele dek aangebracht (dus ook het deel onder de opbouw). De kwaliteit van het schilderwerk is door ons op het oog als goed beoordeeld. Er zijn nieuwe kunststof watertanks onder de vloer aangebracht. De tanks zijn op de stringers geplaatst waardoor deze vrij blijven van de bodem. Tussen de tanks en de stringers zijn houten /klosjes aangebracht. De tanks zijn zeevast opgesteld middels keggen en banden. ( ... )" 3.25 UVM heeft als WA/cascoverzekeraar van [appellant 2] aan hem - onder aftrek van een bedrag aan eigen risico van € 6.500,- - aan schade een bedrag van € 79.392,20 vergoed. 4Het geschil en de beslissing van de rechtbank 4.1 UVM en [appellant 2] hebben gevorderd Rossinante, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, te veroordelen om aan UVM een bedrag van € 106.818,59 te voldoen en aan [appellant 2] een bedrag van € 22.162,78, met veroordeling van Rossinante in de proceskosten en de nakosten, alles te vermeerderen met wettelijke rente. UVM en [appellant 2] hebben aan hun vordering de stelling ten grondslag gelegd dat Rossinante toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen door een zeiljacht te leveren dat niet beantwoordde aan de overeenkomst. 4.2 Rossinante heeft verweer gevoerd. Zij heeft betwist dat sprake is van non-conformiteit. Zij heeft betoogd dat er in feite maar één probleem is: corrosievorming als gevolg van elektrolyse, hetgeen is terug te voeren op inbouwwerkzaamheden die [appellant 2] in eigen beheer heeft laten uitvoeren. 4.3 De rechtbank heeft in het midden gelaten of sprake is van non-conformiteit. Zij heeft geoordeeld dat ook in het geval daarvan sprake is, de vorderingen van UWV en [appellant 2] niet toewijsbaar zijn. Daartoe heeft zij onder meer het volgende overwogen:“6.5. Indien er bij wijze van veronderstelling vanuit zou worden gegaan dat er in dezen sprake is van non-conformiteit, dan had bij een consumentenkoop als de onderhavige [appellant 2] op de voet van artikel 7:21 lid 1 sub b en lid 2 BW jegens Rossinante recht op - kosteloos - herstel van de gebreken aan het zeiljacht binnen een redelijke termijn. Ingevolge het zesde lid van dit artikel heeft te gelden dat indien bij een consumentenkoop de verkoper niet binnen een redelijke termijn nadat hij daartoe door de koper schriftelijk is aangemaand, aan zijn verplichting tot herstel van de afgeleverde zaak heeft voldaan, de koper bevoegd is om het herstel door een derde te doen plaatsvinden en de kosten daarvan op de verkoper te verhalen. De door UVM gevorderde en kennelijk op dit wetsartikel gebaseerde, herstelkosten zijn mitsdien slechts toewijsbaar indien Rossinante door UVM/[appellant 2] schriftelijk is aangemaand om binnen redelijke tijd tot herstel over te gaan en dit herstel vervolgens achterwege is gebleven. 6.6. Naar het oordeel van de rechtbank staat genoegzaam vast dat UVM/[appellant 2] niet een zodanige schriftelijke aanmaning tot herstel aan Rossinante hebben doen uitgaan, zodat Rossinante niet uit dien hoofde tot vergoeding van de gevorderde herstelkosten gehouden is. 6.7. De vordering tot vergoeding van de herstelkosten zou óók toewijsbaar kunnen zijn indien Rossinante als verkoper niet bereid zou zijn geweest om kosteloos te herstellen. Dat is echter niet komen vast te staan. De stelling van UVM/[appellant 2] dat Rossinante niet (kosteloos) wilde herstellen, is naar het oordeel van de rechtbank niet voldoende onderbouwd. (…) De rechtbank stelt verder vast dat UVM/[appellant 2] met [fabrikant] heeft gecorrespondeerd over (de voorwaarden van) herstel van het zeiljacht (zie de brief aan [fabrikant] van 15 februari 2011, r.o. 2.13.), maar die brief (aan de fabrikant)regardeert Rossinante (als verkoper) niet.6.8. De primaire aanspraak op herstel of vervanging van de gekochte zaak doet overigens niet af aan het recht op schadevergoeding indien er als gevolg van een ondeugdelijke prestatie schade is geleden die door herstel of vervanging niet meer kan worden weggenomen.(…) Gesteld noch gebleken is evenwel dat van dergelijke schade in dezen (op enige wijze) sprake is. Meer in het bijzonder overweegt de rechtbank in dit verband dat de kosten van repatriëring van het zeiljacht en de reis- en verblijfkosten niet voor rekening van Rossinante kunnen worden gebracht. UVM/[appellant 2] hebben onvoldoende feiten en omstandigheden aangevoerd waaruit kan worden afgeleid dat - na het constateren van de problemen aan het zeiljacht - het noodzakelijk was om het schip voor het voorgestane herstel naar Nederland terug te brengen én voorts dat het voor [appellant 2] onmogelijk was om met zijn zeiljacht naar Nederland terug te reizen.” 5Bespreking van de grieven 5.1 UVM en [appellant 2] hebben twee grieven tegen het vonnis van de rechtbank geformuleerd:Grief I: de rechtbank heeft ten onrechte geconcludeerd dat aan de vraag of sprake is van non-conformiteit niet wordt toegekomen. Grief II: De rechtbank heeft ten onrechte aangenomen dat er geen recht op schadevergoeding is als gevolg van een ondeugdelijke prestatie. De grieven leggen het geschil in volle omvang aan het hof voor en lenen zich voor een gezamenlijke bespreking. 5.2 Tussen partijen is niet in geschil dat het hier om consumentenkoop gaat. Afdeling 3 van de eerste titel van boek 7 BW regelt onder meer de rechten van de (consument-)koper op correcte nakoming (art. 7:20 en 21 BW) en de klachtplicht van de (consument-)koper (art. 7:23 BW). 5.3 UVM en [appellant 2] hebben zich op het standpunt gesteld dat het door Rossinante geleverde zeiljacht niet aan de overeenkomst beantwoordde omdat het behept bleek met een drietal gebreken, te weten:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.