TBS P15/0194 Beslissing d.d. 17 december 2015 De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van [naam terbeschikkinggestelde] , geboren te [geboorteplaats] op [1966] , verblijvende bij [kliniek] (LFPZ), locatie [plaats] . Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Gelderland van 1 mei 2015, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar. Het hof heeft gelet op de nadere stukken, waaronder: het proces-verbaal van het onderzoek ter zitting van het hof van 20 augustus 2015; de ter zitting van het hof van 20 augustus 2015 door mr. B.K.M. Fritz aan het hof overgelegde pleitaantekeningen; de tussenbeslissing van het hof van 3 september 2015; de brief van 10 september 2015 van mr. B.K.M. Fritz aan het hof; de rapportage pro justitia van 1 december 2015, opgemaakt door [deskundige 1] , GZ-psycholoog; de rapportage pro justitia van 2 december 2015, opgemaakt door drs. [deskundige 2] , forensisch psychiater; het door de terbeschikkinggestelde ter zitting van het hof van 3 december 2015 overgelegde gespreksverslag. Bij tussenbeslissing van 3 september 2015 heeft het hof het onderzoek heropend om de externe deskundigen, die hebben geadviseerd over het al dan niet verlengen van de longstay-status van de terbeschikkinggestelde hun eerdere rapportages te laten actualiseren en aanvullend advies uit te brengen over de noodzaak van verlenging van de terbeschikkingstelling en, indien tot verlenging wordt geadviseerd, met welke termijn. Het hof heeft ter zitting van 3 december 2015 gehoord de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsman mr. B.K.M. Fritz, advocaat te Haarlem, en de advocaat-generaal mr. G.J. de Haas. Overwegingen Het (aanvullend) advies van de kliniek Kernproblematiek Uit de (aanvullende) informatie van de kliniek blijkt dat bij de terbeschikkinggestelde sprake is van een narcistische persoonlijkheidsstoornis, een antisociale persoonlijkheidsstoornis en van psychopathie. Ook is er sprake van verslavingsproblematiek (alcohol en cocaïne), die binnen het huidige kader in remissie is. De terbeschikkinggestelde heeft een langdurige en intensieve klinische behandeling met meerdere resocialisatiepogingen achter de rug, die tot nu toe nauwelijks verandering teweeg hebben gebracht in de ernstige psychopathologie. Volgens de kliniek is het niet te verwachten dat de persoonlijkheidsstoornis wezenlijk zal gaan veranderen. Recidiverisico Risicotaxaties gedurende de looptijd van de terbeschikkingstelling geven een constant beeld van een hoog recidiverisico. De prognose op verandering in gunstige zin is somber. Advies De terbeschikkinggestelde beschikt over een longstay-status. De LFPZ-omgeving waarin hij verblijft, biedt een passend kader waarbinnen grensoverschrijdende gedragingen zo veel als mogelijk worden beperkt. In het geval van een gunstige ontwikkeling, waar vooralsnog geen sprake van is (met uitzondering van de abstinentie van middelen), zou een nieuwe behandelpoging van start kunnen gaan, die ruimschoots de termijn van een jaar zal overschrijden. Gelet op het voorgaande adviseert de kliniek de maatregel met twee jaar te verlengen. Het advies van de externe deskundigen Rapportages pro justitia Kernproblematiek Psycholoog [deskundige 1] en forensisch psychiater [deskundige 2] hebben beiden in november 2014 advies uitgebracht over de vraag of verlenging van de longstay-status al dan niet wenselijk is. Voornoemde gedragsdeskundigen zijn het erover eens dat bij de terbeschikkinggestelde sprake is van een narcistische persoonlijkheidsstoornis en een antisociale persoonlijkheidsstoornis en van psychopathie. Het middelenmisbruik is inmiddels onder toezicht (grotendeels) in remissie. Recidiverisico Het risico van herhaling van met de indexdelicten vergelijkbare feiten bij onmiddellijke beëindiging van de terbeschikkingstelling wordt door beide gedragsdeskundigen in hun rapportages van november 2014 als hoog ingeschat. Aanvullend onderzoek door de externe deskundigen Naar aanleiding van voornoemde tussenbeslissing van het hof heeft zowel psycholoog [deskundige 1] als psychiater [deskundige 2] bericht geen advies te kunnen uitbrengen met betrekking tot de noodzaak van verlenging van de terbeschikkingstelling en het al dan niet continueren van de verpleging van overheidswege, aangezien de terbeschikkinggestelde heeft geweigerd om aan het aanvullend onderzoek mee te werken. Het standpunt van de terbeschikkinggestelde en zijn raadsman De terbeschikkinggestelde heeft niet meegewerkt aan het aanvullend onderzoek van de externe deskundigen die eerder hebben geadviseerd over zijn longstay-status, aangezien hij, gezien hun eerdere negatieve rapportage over hem niet de indruk had dat zij nog objectief zouden kunnen adviseren over de noodzaak van het al dan niet verlengen van de terbeschikkingstelling. Hij wil wel medewerken aan een onderzoek door twee andere nieuw te benoemen deskundigen en heeft dit ook voorgesteld, maar tevergeefs. Gelet hierop en het feit dat de deskundigen geen advies over de noodzaak van verlenging hebben kunnen uitbrengen, is er volgens de raadsman geen sprake van een situatie als bedoeld in artikel 509o lid 4 van het Wetboek van Strafvordering: een terbeschikkinggestelde die onvoorwaardelijk weigert mee te werken aan het onderzoek. Aan het vereiste van een deugdelijke zes jaars rapportage is derhalve niet voldaan. Voor het geval dat het hof beslist tot verlenging, heeft de raadsman verzocht om de verlengingstermijn te beperken tot een jaar. De terbeschikkinggestelde beschikt al lang over een longstay-status en hij wordt niet behandeld. Het is van belang dat hem perspectief wordt geboden. Het standpunt van het openbaar ministerie De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot vernietiging van de beslissing van de rechtbank en verlenging van de terbeschikkingstelling met een jaar, mede gelet op het standpunt van zijn ambtgenoot ter zitting van 20 augustus
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.