← Nederland

ECLI:NL:GHARL:2018:2095

WAHV 200.182.156 5 maart 2018 CJIB 187640455 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden zittingsplaats Leeuwarden Arrest op het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Midden-Nederland van 12 oktober 2015 betreffende [betrokkene] Gmbh & Co. Kg (hierna te noemen: betrokkene), gevestigd te [A] (Bondsrepubliek Duitsland). De beslissing van de kantonrechter De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de door de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie namens de officier van justitie genomen beslissing ongegrond verklaard. Het procesverloop De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld. De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen. Hiervan is geen gebruik gemaakt. Beoordeling

  1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van € 184,- opgelegd ter zake van “Overschrijding maximum snelheid op autosnelwegen, met 22 km/h (verkeersbord A1)”, welke gedraging zou zijn verricht op 12 februari 2015 om 4:53 uur op de A2 links (trajectcontrole) te Baambrugge met het voertuig met het kenteken [00-YY-00] .
  2. Namens de betrokkene is in hoger beroep aangevoerd dat het voertuig ten tijde van de gedraging was verhuurd, zodat de sanctie niet moet worden opgelegd aan de betrokkene maar aan de huurder. De betrokkene heeft op geen enkel moment de gelegenheid gehad om de gedraging te voorkomen. Als bijlage bij het hoger beroepschrift is een huurovereenkomst gevoegd, alsmede een rekening. Deze documenten bevatten alle benodigde gegevens van de huurder.
  3. Artikel 8, aanhef en onder b, van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) luidt - voor zover hier van belang - als volgt: “De officier van justitie vernietigt de beschikking indien, in het geval van artikel 5, degene op wiens naam het kenteken in het kentekenregister is ingeschreven een voor een termijn van ten hoogste drie maanden schriftelijk bedrijfsmatig aangegane huurovereenkomst overlegt waaruit blijkt wie ten tijde van de gedraging de huurder van het motorrijtuig was”.
  4. Het is onbetwist dat het voertuig op naam staat van [betrokkene] Gmbh & Co. Kg, zodat [betrokkene] Gmbh & Co. Kg als kentekenhouder een beroep kan doen op artikel 8 van de Wahv.
  5. Uit de namens de betrokkene overgelegde huuroverkomst blijkt dat het voertuig met voormeld kenteken in de periode van 3 februari 2015 tot en met 28 februari 2016 was verhuurd door [B] GmbH & Co.
  6. De vraag die thans ter beoordeling ligt is of voornoemde huurovereenkomst is aan te merken als een huurovereenkomst in de zin van artikel 8, aanhef en onder b, van de Wahv.
  7. Het hof stelt vast dat de betrokkene voor de beroepschriften gebruik heeft gemaakt van het briefpapier van [B] . Blijkens het gebezigde briefpapier is de betrokkene een franchisenemer van [B] . Voorts staat op het briefpapier de website van de betrokkene vermeld. Op deze website is het onder andere mogelijk om auto's te huren. Indien men de optie "mieten" selecteert wordt doorgelinkt naar de website van [B] . Gelet op het voorgaande is bij het hof geen twijfel over de omstandigheid dat de betrokkene als franchiseonderneming verbonden is aan [B] . Bij dergelijk constructies is het gebruikelijk dat de franchisenemer (de betrokkene) de naam van de franchisegever ( [B] ) mag gebruiken. De betrokkene verricht zijn verhuuractiviteiten onder de naam van [B] , hetgeen meebrengt dat de huurovereenkomsten ook op die naam wordt gesloten. De onder
  8. genoemde huurovereenkomst is derhalve aan te merken als een huurovereenkomst in de zin van artikel 8, aanhef en onder b, van de Wahv.
  9. Het voorgaande brengt mee dat aan de betrokkene een disculpatiemogelijkheid in de zin van artikel 8, aanhef en onder b, van de Wahv toekomt. Het hof zal derhalve de beslissing van de kantonrechter vernietigen en zal doen hetgeen de kantonrechter had behoren te doen, te weten het beroep gegrond verklaren en de beslissing van de officier van justitie alsmede de inleidende beschikking vernietigen. Beslissing Het gerechtshof: vernietigt de beslissing van de kantonrechter; verklaart het beroep gegrond; vernietigt de beslissing van de officier van justitie, alsmede de beschikking waarbij onder CJIB-nummer 187640455 de administratieve sanctie is opgelegd; bepaalt dat hetgeen door de betrokkene op de voet van artikel 11 van de Wahv tot zekerheid is gesteld door de advocaat-generaal aan hem wordt gerestitueerd. Dit arrest is gewezen door mr. Anjewierden, in tegenwoordigheid van mr. Starreveld als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.