GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Leeuwarden afdeling civiel recht, handel zaaknummer gerechtshof 200.177.821 (zaaknummer kantonrechter in de rechtbank Noord-Nederland, locatie Assen, 4047955) arrest van 9 januari 2018 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Bouwselect B.V., gevestigd en kantoorhoudende te Groningen, appellante, in eerste aanleg: eiseres, hierna: Bouwselect, advocaat: mr. S. Zoer, tegen: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [geïntimeerde] , gevestigd te Assen, geïntimeerde, in eerste aanleg: gedaagde, hierna: [geïntimeerde] , advocaat: mr. J.V. van Ophem. 1Het geding in eerste aanleg Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van de vonnissen van, 7 april 2015 (incidenteel tussenvonnis na verwijzing), van 12 mei 2015 (tussenvonnis tot comparitie) en van 11 augustus 2015 (verder: het eindvonnis) die de kantonrechter in de rechtbank Noord-Nederland, locatie Assen respectievelijk Groningen, tussen partijen heeft gewezen. 2Het geding in hoger beroep 2.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding in hoger beroep d.d. 24 september 2015 met grieven, - de memorie van eis in hoger beroep, - de memorie van antwoord. 2.2 Vervolgens hebben partijen de stukken voor het wijzen van arrest aan het hof overgelegd en heeft het hof arrest bepaald. 3De vaststaande feiten 3.1 Ter voorbereiding van een bepaald bouwproject had [geïntimeerde] , die een bouwbedrijf exploiteert, behoefte aan tijdelijke inschakeling van een werkvoorbereider. Daartoe heeft zij contact opgenomen met Bouwselect, die een onderneming in arbeidsbemiddeling drijft. 3.2 In een e-mail van 23 september 2014 (productie 3 bij inleidende dagvaarding) heeft [geïntimeerde] aan Bouwselect bericht: “N.a.v. ons gesprek jl. heb ik hierbij een vraag. Heb jij in je bestand mensen die bekend zijn met het schrijven van EMVI plannen? Ik heb nl. op korte termijn iemand nodig, die mij hierbij kan helpen. (…)”. 3.3 In haar e-mail van 25 september 2014 (productie 4 bij inleidende dagvaarding) heeft Bouwselect als volgt beantwoord: “Bij deze twee CV’s van ervaren werkvoorbereiders. [werkvoorbereider 1] : (…) [werkvoorbereider 2] : (…) Verder heb ik vast gekeken naar de calculator betonbouw. Daarvoor ben ik deze man tegengekomen (…) Hier vindt u de algemene voorwaarden die van toepassing zijn op al onze aanbiedingen, opdrachten en overeenkomsten”. 3.4 In haar e-mail van 26 september 2014 (productie 4 bij inleidende dagvaarding) heeft [geïntimeerde] als volgt gereageerd: “Ik wil graag een gesprek met de eerste kandidaat, [werkvoorbereider 1] .” 3.5 Daarop heeft Bouwselect in een e-mail van 26 september 2014 (productie 5 bij inleidende dagvaarding) aan [geïntimeerde] bericht: “Bij deze de bevestiging voor het gesprek met [werkvoorbereider 1] voor volgende week woensdag (1 okt) (…) bij jullie op kantoor. Aan [werkvoorbereider 1] heb ik doorgegeven dat (…) en ikzelf bij dit gesprek aanwezig zullen zijn. (…) Hier vindt u de algemene voorwaarden die van toepassing zijn op al onze aanbiedingen, opdrachten en overeenkomsten”. 3.6 Op 1 oktober 2014 heeft het gesprek tussen [werkvoorbereider 1] en [geïntimeerde] plaatsgevonden. 3.7 Vervolgens heeft [geïntimeerde] aan Bouwselect gevraagd om een offerte voor het inlenen van [werkvoorbereider 1] . 3.8 In haar e-mail van 3 oktober 2014 (productie 8 bij inleidende dagvaarding) heeft Bouwselect naar aanleiding daarvan aan [geïntimeerde] bericht: “Bij deze de twee offertes zoals afgesproken. Samengevat: De eerste offerte is volgens de ABU CAO. (…) Het bijbehorende tarief is € 47,95 per uur excl btw excl reiskosten. De tweede offerte is volgens de BOUW CAO. (…) Het bijbehorende tarief is € 52,75 per uur excl btw excl reiskosten. Verder zal [werkvoorbereider 1] vanuit deze offerte deelnemen aan het bouwpensioen (…), 16 extra ATV dagen (…) hebben en op detacheringsbasis ingeleend worden. Het netto plaatje voor [werkvoorbereider 1] is dan het volgende: (…) Mochten er vragen of opmerkingen zijn, dan hoor ik het graag. (…) Hier vindt u de algemene voorwaarden die van toepassing zijn op al onze aanbiedingen, opdrachten en overeenkomsten”. 3.9 In de bijgevoegde offertes zelf (productie 1 en 2 bij conclusie van antwoord) heeft Bouwselect onder meer opgenomen: “Naar aanleiding van uw verzoek, breng ik u hierbij de offerte uit met betrekking tot het eventueel inlenen van [werkvoorbereider 1] op uitzendbasis conform ABU CAO (respectievelijk BOUW CAO, hof): (…) Op al onze aanbiedingen, opdrachten en overeenkomsten zijn de Algemene Voorwaarden voor het ter beschikking stellen van Uitzendkrachten van toepassing (gedeponeerd…), alsmede de Algemene Voorwaarden van Bouwselect B.V. (gedeponeerd…).” 3.10 Op 8 oktober 2014 heeft [geïntimeerde] aan Bouwselect bericht dat zij de geoffreerde prijzen te hoog vond en Bouwselect in de gelegenheid gesteld om haar aanbod aan te passen zodat de prijs dichter in de buurt zou komen van een door MultiSelect (een ander uitzendbureau in de bouwsector) voorgestelde prijs. 3.11 In haar brief van 9 oktober 2014 (producties 9 bij inleidende dagvaarding en 4 bij conclusie van antwoord) heeft Bouwselect [geïntimeerde] , voor het geval deze een arbeidsverhouding met [werkvoorbereider 1] zou aangaan, direct dan wel indirect, gewezen op artikel 2 lid 7 van haar algemene voorwaarden en de op grond daarvan verschuldigde kosten ad (15% x € 49,91 uurtarief × 2.000 gewerkte uren =) € 14.973 exclusief btw. 3.12 Bouwselect heeft bij pro forma factuur d.d. 10 oktober 2014 wegens een wervingsfee met betrekking tot [werkvoorbereider 1] € 14.973 plus btw bij [geïntimeerde] in rekening gebracht (zie productie 3 bij conclusie van antwoord) op grond van artikel 2 lid 7 van haar Algemene Voorwaarden. Deze bepaling (zie productie 13 bij inleidende dagvaarding, pagina 22) luidt: “Indien een uitzendkracht door tussenkomst van de uitzendonderneming aan een mogelijke opdrachtgever is voorgesteld en deze mogelijke opdrachtgever met die uitzendkracht een arbeidsverhouding aangaat voor dezelfde of een andere functie voordat de terbeschikkingstelling tot stand komt, is deze mogelijke opdrachtgever een vergoeding verschuldigd van 15% van het opdrachtgeverstarief, dat voor de betrokken uitzendkracht van toepassing zou zijn geweest over een periode van 2000 uren, indien de terbeschikkingstelling tot stand zou zijn gekomen. De opdrachtgever is deze vergoeding altijd verschuldigd indien de opdrachtgever in eerste instantie door tussenkomst van de uitzendonderneming in contact is gekomen met de uitzendkracht. Ook indien de uitzendkracht binnen een jaar nadat het contract tot stand is gekomen rechtstreeks of via derden bij de opdrachtgever solliciteert of indien de opdrachtgever de uitzendkracht binnen een jaar nadat het contract tot stand is gebracht rechtstreeks of via derden benadert, en naar aanleiding daarvan met de betreffende uitzendkracht een arbeidsverhouding aangaat, is de opdrachtgever de vergoeding verschuldigd zoals genoemd in de eerste volzin van dit lid.” 3.13 Op 27 oktober 2014 heeft [geïntimeerde] [werkvoorbereider 1] via MultiSelect ingeleend voor zes weken. 3.14 Bouwselect heeft bij brief van 28 oktober 2014 aan [geïntimeerde] bericht dat zij haar prijs niet zou aanpassen, waarop [geïntimeerde] bij brief van die datum (productie 12 bij inleidende dagvaarding) heeft gereageerd dat zij de offertes van Bouwselect niet zou aanvaarden. 3.15 [geïntimeerde] heeft niet betaald. 4Het geschil en de beslissing in eerste aanleg 4.1 Bouwselect heeft in eerste aanleg, samengevat, een verklaring voor recht gevorderd dat er op 24 september 2014, althans op een in goede justitie te bepalen datum, een (bemiddelings-)overeenkomst is ontstaan, alsmede veroordeling van [geïntimeerde] gevorderd tot betaling aan haar van € 18.117,33 inclusief btw, dan wel een in goede justitie te bepalen bedrag, telkens te vermeerderen met de wettelijke (handels-)rente, de (buitengerechtelijke) kosten en nakosten. 4.2 Na een conclusie van antwoord en een comparitie van partijen heeft de kantonrechter in het eindvonnis het gevorderde afgewezen op de grond (onder 4.6) dat opdrachtgever [geïntimeerde] uitzendkracht [werkvoorbereider 1] via een derde heeft ingeleend en niet, zoals door artikel 2 lid 7 van de algemene voorwaarden vereist, met hem een arbeidsverhouding is aangegaan. 4.3 Tegen het eindvonnis richt Bouwselect 10 grieven (bezwaren), waarvan de grieven 1 tot en met 4 betrekking hebben op de feitenvaststelling, grief 5 op het door kantonrechter genomen feitelijke uitgangspunt, de grieven 6 tot en met 8 op het rechtsoordeel en de grieven 9 en 10 op de proceskostenbeslissing respectievelijk het dictum van het eindvonnis. 5De beoordeling van het geschil in hoger beroep 5.1 Hiervoor onder 3 heeft het hof de feiten opnieuw vastgesteld met inachtneming van de grieven 1 tot en met 5, zodat deze geen afzonderlijke bespreking meer behoeven. 5.2 De grieven 6 tot en met 8 raken de kern van de beslissing in rov. 4.6 van het eindvonnis. Deze zal het hof hierna eerst bespreken. aanbieding, opdracht of (inlenings-)overeenkomst? 5.3 Aan [geïntimeerde] kan worden toegegeven dat tussen haar en Bouwselect na de informatiefase uiteindelijk geen overeenkomst tot het inlenen van [werkvoorbereider 1] is tot stand gekomen, zodat in dit verband niet van belang is dat [geïntimeerde] , zoals zij aanvoert, met [werkvoorbereider 1] geen arbeidsovereenkomst wilde aangaan maar hem hooguit wilde inlenen. Toch neemt dit niet weg dat [geïntimeerde] , al noemt zij dit zelf: geheel vrijblijvend, Bouwselect intussen wel opdracht heeft gegeven haar de naam (en het CV) op te geven van een ervaren werkvoorbereider en haar in de gelegenheid stellen met hem kennis te maken. Met de positieve reactie daarop van Bouwselect in haar e-mails van 25 en 26 september 2014, gevolgd door een door [geïntimeerde] aanvaarde uitnodiging voor een in aanwezigheid van een medewerker van Bouwselect gevoerd gesprek van 1 oktober 2014 met [werkvoorbereider 1] , is onmiskenbaar een overeenkomst tot stand gekomen, waarop Bouwselect in haar e-mails haar Algemene Voorwaarden van toepassing heeft verklaard. Het is niet onbegrijpelijk dat Bouwselect ook de aan haar opgedragen werkzaamheden in die fase - vóór de totstandkoming van een uiteindelijk beoogde inleningsovereenkomst - al aan haar voorwaarden heeft onderworpen. Daarmee heeft zij zich namelijk, naar [geïntimeerde] redelijkerwijs behoorde te begrijpen, terecht willen beschermen tegen het onterecht onbetaald blijven van aan de eigenlijke inleningsovereenkomst voorafgaande dienstverlening in de vorm van gegevensverstrekking en gespreksbegeleiding. artikel 2 lid 7 van de Algemene Voorwaarden 5.4 Bouwselect heeft de door haar in rekening gebrachte vergoeding gebaseerd op artikel 2 lid 7 van haar Algemene Voorwaarden, waarnaar zij, onweersproken, steeds onderaan haar e-mails heeft verwezen. Van die Algemene Voorwaarden heeft [geïntimeerde] echter de vernietiging ingeroepen op de grond dat deze haar destijds niet zijn ter hand gesteld. 5.5 Hierover oordeelt het hof als volgt. Volgens artikel 6:230b, aanhef en onder
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.