WAHV 200.223.031 9 mei 2019 CJIB 199979948 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden zittingsplaats Leeuwarden Arrest op het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Midden-Nederland van 24 juli 2017 betreffende [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene), wonende te [A] . De beslissing van de kantonrechter De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard. Het procesverloop De betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt. Beoordeling Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van € 129,- opgelegd ter zake van “overschrijding maximum snelheid binnen bebouwde kom, met 15 km/h”, welke gedraging zou zijn verricht op 23 juli 2016 om 17:59 uur op de 's-Gravenlandseweg te Hilversum met het voertuig met het kenteken [YY-YY-00] . Door de betrokkene is niet betwist dat hij op de betreffende plaats en tijd heeft gereden met een ongecorrigeerde snelheid van 68 km/h. De betrokkene voert aan dat hij niet wist en bovendien niet kon weten dat hij de bebouwde kom in was gereden. Volgens hem is het plaatsnaambord van Hilversum (het bord H1) niet doelmatig geplaatst. De betrokkene reed in westelijke richting over de Beresteinseweg (richting 's-Graveland) en passeerde het bord 'Hilversum tot ziens'. Daarna begint een weg op de grond van de gemeente Wijdemeren, te weten de Corverslaan. Wanneer je de Corverslaan uit komt rijden, staat volgens de betrokkene links van het kruispunt, op tien meter richting 's-Graveland, het bord 'Hilversum, welkom in de mediastad'. Wie echter rechts afslaat, zoals de betrokkene heeft gedaan, ziet dit bord niet en waant zich nog steeds buiten de bebouwde kom. Een daartoe aangewezen ambtenaar kan op grond van artikel 3, tweede lid, van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften een administratieve sanctie opleggen voor een gedraging die door deze ambtenaar zelf of op geautomatiseerde wijze is vastgesteld. Dat de gedraging is verricht, moet voldoende blijken uit de beschikbare gegevens. Of van de juistheid van deze gegevens kan worden uitgegaan, is ervan afhankelijk of de betrokkene argumenten heeft aangevoerd die leiden tot twijfel aan de juistheid van (delen van) die gegevens dan wel het dossier daar aanleiding toe geeft.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.