← Nederland

ECLI:NL:GHARL:2020:7731

Afdeling strafrecht Parketnummer: 21-000384-19 Uitspraak d.d.: 25 september 2020 TEGENSPRAAK Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Nederland van 24 januari 2019 met parketnummer 18-183043-18 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1969, wonende te [woonplaats] , [woonadres] . Het hoger beroep De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 11 september 2020 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot vrijspraak van verdachte van hetgeen hem is tenlastegelegd. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd. Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman, mr. J.D. Nijenhuis, naar voren is gebracht. Het vonnis waarvan beroep De politierechter in de rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte veroordeeld voor mishandeling van [benadeelde partij] en heeft verdachte daarvoor een taakstraf opgelegd voor de duur van 60 uren, waarvan 30 uren voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren. De benadeelde partij is door de rechter niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering. Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het tot een andere bewijsbeslissing komt en daarom opnieuw rechtdoen. De tenlastelegging Aan verdachte is – na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg – tenlastegelegd dat: hij op of omstreeks 15 september 2018 te [plaatsnaam] , gemeente [naam gemeente] , [benadeelde partij] heeft mishandeld door deze (hard) tegen het lichaam te duwen, ten gevolge waarvan deze [benadeelde partij] is gevallen en/of (vervolgens) stevig aan de kleding en/of het lichaam beet te pakken en/of vast te houden en/of te slaan. Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Vrijspraak Het hof heeft, evenals de advocaat-generaal, uit het onderzoek ter terechtzitting niet door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat verdachte de tenlastegelegde mishandeling heeft begaan, zodat verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht: Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij. Aldus gewezen door mr. L.J. Hofstra, voorzitter, mr. W. Foppen en mr. E.C. Kole, raadsheren, in tegenwoordigheid van mr. D. Janssen, griffier, en op 25 september 2020 ter openbare terechtzitting uitgesproken. Mr. E.C. Kole is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.