GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Arnhem afdeling civiel recht zaaknummer gerechtshof 200.284.479 (zaaknummer rechtbank Gelderland 367277) beschikking van 25 februari 2021 inzake [verzoekster] , wonende te [A] , verzoekster in hoger beroep, verder te noemen: [verzoekster] , advocaat: mr. J.W.J. Hopmans te Groesbeek, en [verweerder] , wonende te [A] , verweerder in hoger beroep, verder te noemen: de vader, thans zonder advocaat. 1Het geding in eerste aanleg Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, van 30 september 2020, uitgesproken onder voormeld zaaknummer, hierna ook te noemen: de bestreden beschikking. 2Het geding in hoger beroep 2.1 Op 16 oktober 2020 is het beroepschrift met producties ingekomen. 2.2 De mondelinge behandeling heeft op 1 februari 2021 in verband met de coronacrisis door middel van een beeldverbinding plaatsgevonden. Verschenen zijn [verzoekster] en haar advocaat. De vader is, hoewel daartoe behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. 3De feiten 3.1 [verzoekster] is geboren [in] 2001 en is de dochter van de vader. 3.2 Bij verzoekschrift, ingekomen bij de rechtbank op 5 maart 2020, heeft [verzoekster] verzocht om een bijdrage van de vader in de kosten van haar levensonderhoud en studie (verder: kinderalimentatie) vast te stellen als de rechtbank juist acht en wel met ingang van 14 november 2019 dan wel met ingang van de datum van indiening van het verzoekschrift in eerste aanleg. 3.3 De vader heeft in eerste aanleg verweer gevoerd. Hij heeft de rechtbank verzocht [verzoekster] niet-ontvankelijk te verklaren in haar verzoek dan wel dit verzoek af te wijzen en de kinderalimentatie vast te stellen op nihil, kosten rechtens. 4De omvang van het geschil 4.1 Bij de bestreden beschikking heeft de rechtbank de verzoeken van partijen afgewezen en bepaald dat iedere partij de eigen kosten van de procedure draagt. 4.2 [verzoekster] is in hoger beroep gekomen van de bestreden beschikking. [verzoekster] verzoekt het hof die beschikking te vernietigen en, opnieuw beschikkende, de door de vader aan haar te betalen kinderalimentatie vast te stellen op een bedrag als het hof juist acht en wel met ingang van 14 oktober 2019 dan wel met ingang van de datum van indiening van het verzoekschrift in eerste aanleg. 5De motivering van de beslissing Behoefte 5.1 Tussen partijen is niet in geschil dat [verzoekster] in ieder geval behoefte heeft aan een bijdrage van de vader in de kosten van haar levensonderhoud en studie van € 285,64 per maand in
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.