← Nederland

ECLI:NL:GHARL:2022:3847

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN zittingsplaats Leeuwarden Zaaknummer : Wahv 200.291.140/01 CJIB-nummer : 229714204 Uitspraak d.d. : 16 mei 2022 Arrest op het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Gelderland van 12 januari 2021, betreffende mr. M. Lagas, kantoorhoudende te Amsterdam, beweerdelijk optredende voor [de betrokkene] (hierna: de betrokkene), wonende te [woonplaats] . De beslissing van de kantonrechter De kantonrechter heeft het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard. Het verzoek om een proceskostenvergoeding is afgewezen. Het verloop van de procedure mr. M. Lagas (hierna: Lagas) heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding. De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt. De beoordeling

  1. De kantonrechter heeft het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard omdat geen machtiging is overgelegd waaruit blijkt dat Lagas gemachtigd is om namens de betrokkene beroep in te stellen. Dit verzuim is ook niet hersteld nadat daartoe de gelegenheid was geboden.
  2. Lagas voert aan dat in de procedure bij de kantonrechter helemaal geen machtiging nodig is. Hij mocht namelijk beroep instellen omdat de beslissing op het administratief beroep aan hem gericht is.
  3. Het hof stelt vast dat de inleidende beschikking is gericht aan de betrokkene, [de betrokkene] . Op 16 december 2019 is administratief beroep ingesteld door Lagas. Het administratief beroep is door de officier van justitie inhoudelijk beoordeeld en ongegrond verklaard. Tegen deze beslissing is door Lagas beroep ingesteld bij de kantonrechter.
  4. Op grond van artikel 9, eerste lid, van de Wahv kan tegen de beslissing van de officier van justitie beroep worden ingesteld door degene die administratief beroep heeft ingesteld.
  5. Gelet op de beslissing van de officier van justitie is het administratief beroep ingesteld namens de betrokkene. Hoewel feitelijk ingesteld door Lagas, is de betrokkene dus degene die administratief beroep heeft ingesteld en op grond van artikel 9, tweede lid van de Wahv gerechtigd om beroep tegen de beslissing op het administratief beroep in te stellen.
  6. Indien een ander dan de betrokkene beroep instelt, kan de rechter naar analogie van artikel 8:24, tweede lid, Algemene wet bestuursrecht (Awb) van degene die het heeft ingesteld, in dit geval Lagas, een schriftelijke machtiging verlangen. Gelet hierop treft de klacht geen doel.
  7. Het hof zal de beslissing van de kantonrechter bevestigen. Aanleiding voor het toekennen van een proceskostenvergoeding is er daarom niet. De beslissing Het gerechtshof: bevestigt de beslissing van de kantonrechter; wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af. Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van Swart als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.