← Nederland

ECLI:NL:GHARL:2023:2390

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Arnhem afdeling civiel recht zaaknummer gerechtshof 200.314.876 (zaaknummer rechtbank Gelderland 9711972) beschikking van 21 maart 2023 inzake [verzoekster] , woonplaats [woonplaats1] , verzoekster in hoger beroep, verder te noemen: [verzoekster] , advocaat: mr. H.H. Jansen in Apeldoorn, en Stichting [de bewindvoerder], gevestigd in [vestigingsplaats] , verder te noemen: de bewindvoerder. Als overige belanghebbenden zijn aangemerkt: [de zoon] , woonplaats [woonplaats1] , de zoon van [verzoekster] , en [de moeder] , woonplaats in Turkije onbekend, de moeder van [verzoekster] , en [de vader] , woonplaats in Turkije onbekend, de vader van [verzoekster] . 1Het geding in eerste aanleg Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de kantonrechter in de rechtbank Gelderland, sector kanton, zittingsplaats Zutphen, van 25 mei 2022, uitgesproken onder voormeld zaaknummer. 2Het geding in hoger beroep 2.1 Het verloop van de procedure blijkt uit het beroepschrift met producties, ingekomen op 23 augustus 2022. 2.2 De mondelinge behandeling heeft op 28 februari 2023 plaatsgevonden. Aanwezig waren: [verzoekster] , bijgestaan door haar advocaat, en de heer [naam1] , namens de bewindvoerder. 2.3 Op de mondelinge behandeling heeft de heer [naam1] namens de bewindvoerder een overzicht van de inkomsten en lasten van [verzoekster] overgelegd. 3De motivering van de beslissing 3.1 Op de mondelinge behandeling hebben [verzoekster] en de bewindvoerder afgesproken dat [verzoekster] met ingang van 1 april 2023 tot en met 30 september 2023 een financieel zelfstandigheidstraject zal doorlopen. Met deze stap-voor-stapaanpak zal [verzoekster] meer vrijheden krijgen om te laten zien dat zij in staat is haar financiën zelf te beheren. Indien dit traject succesvol is afgerond, zal [verzoekster] een verzoek bij de kantonrechter indienen tot opheffing van het bewind. 3.2 Aangezien [verzoekster] en de bewindvoerder het met elkaar eens zijn geworden, heeft de advocaat van [verzoekster] het verzoek in hoger beroep op de mondelinge behandeling ingetrokken. Het hof zal [verzoekster] daarom niet-ontvankelijk verklaren in haar verzoek in hoger beroep. 4De beslissing Het hof, beschikkende in hoger beroep: verklaart [verzoekster] niet-ontvankelijk in haar verzoek in hoger beroep. Deze beschikking is gegeven door mrs. J.B. de Groot, H. Phaff en S. Kuijpers, bijgestaan door mr. J.M. van Gastel-Goudswaard als griffier, en is op 21 maart 2023 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.