GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Arnhem, afdeling civiel zaaknummer gerechtshof 200.304.146 zaaknummer rechtbank Gelderland, zittingsplaats Apeldoorn 8902354 arrest van 9 mei 2023 in de zaak van Ro-Home Timmerwerk B.V. die is gevestigd in Woerden, hoger beroep heeft ingesteld en bij de kantonrechter optrad als gedaagde in conventie/eiseres in reconventie, hierna: Ro-Home, advocaat: mr. J. Goemans tegen Bedrijfswagens Fleet & Business Center Apeldoorn B.V., die is gevestigd in Apeldoorn en bij de kantonrechter optrad als eiseres in conventie/verweerster in reconventie, hierna: Bedrijfswagens, advocaat: mr. A. Neophitou. 1Het verloop van de procedure in hoger beroep 1.1. Naar aanleiding van het arrest van 4 oktober 2022 heeft op 1 december 2022 een enkelvoudige mondelinge behandeling bij het hof plaatsgevonden. Daarvan is een verslag gemaakt dat aan het dossier is toegevoegd (het proces-verbaal). Hierna hebben partijen het hof gevraagd opnieuw arrest te wijzen. 2De kern van de zaak 2.1. Ro-Home heeft van Bedrijfwagens een nieuwe Renault Master (een bakwagen; hierna: de Renault) gekocht. Over het functioneren daarvan, met name de elektr(on)ische installatie, was zij niet tevreden. Bedrijfswagens en Ro-Home willen over en weer dat de ander de kosten/de schade vergoedt die zijn/is ontstaan tijdens herstelwerkzaamheden aan de Renault. 2.2. Bij de beoordeling van de zaak zal het hof uitgaan van de door de kantonrechter in de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Apeldoorn, in het vonnis van 23 juni 2021 in ro. 2.1 tot en met 2.15 vastgestelde feiten, voor zover die in hoger beroep niet in geschil zijn. Die komen, kort samengevat en op een enkel punt verbeterd en/of aangevuld door het hof, op het volgende neer (voor zover voor de beoordeling van belang). 2.3. De Renault is op 18 mei 2017 door Ro-Home gekocht en door Bedrijfswagens aan haar geleverd. De financiering ervan liep via een financieringsmaatschappij. Partijen hebben bij het sluiten van de koop afgesproken dat een tijdens de proefrit gebleken elektronische storing later nog door Bedrijfswagens verholpen zou worden en dat zij later ook nog een hydraulische lift en parkeersensoren op/aan de Renault zou plaatsen. 2.4. Partijen hebben nadien meermalen met elkaar gesproken en via e-mail gecorrespondeerd naar aanleiding van het functioneren van de Renault. Bedrijfswagens heeft aan Ro-Home gemaild: op 3 oktober 2017: dat er nog een aantal zaken openstond, waaronder (voor zover hier van belang) montage van de lift en parkeersensoren en verhelpen van diverse elektronische storingen; op 2 februari 2018: dat er voor de Renault een afspraak gemaakt moest worden voor het in orde maken van een paar zaken, dat op 19 februari (of een andere dag diezelfde week) een vervangende Master voor Ro-Home beschikbaar was, met de vragen of Ro-Home de Renault dan kon brengen en kon aangeven wat de aandachtspunten waren; op 18 mei 2018, in een update met betrekking tot de werkzaamheden: dat de benodigde kabel voor de achteruitrijcamera dinsdag binnen zou komen, dat verwacht werd na montage hiervan dat dit was opgelost, dat het instrumentenpaneel al was vernieuwd en naar behoren werkte en dat na een uitgebreide proefrit contact met Ro-Home zou worden opgenomen; op 30 augustus 2018: dat Ro-Home nogmaals werd verzocht zoals afgesproken de Renault ter controle en uitvoering van garantiewerkzaamheden bij Bedrijfswagens te brengen, zodat een diagnose kon worden gesteld en met de importeur contact kon worden opgenomen om de klacht blijvend te herstellen en geprobeerd zou kunnen worden een claim bij Renault (Nederland) in te dienen ter compensatie van gemaakte kosten. In het door Bedrijfswagens bijgehouden ‘autofiche’ inzake de Renault staan drie data met klachten over en/of herstelwerkzaamheden: 19 december 2018, 23 januari 2019 en 7 maart 2019. 2.5. Op 7 maart 2019 heeft Ro-Home de Renault bij Bedrijfswagens gebracht in verband met diverse klachten over de elektrische installatie. Bedrijfswagens heeft Ro-Home een vervangend voertuig ter beschikking gesteld. Nadat Bedrijfswagens geen gebreken had geconstateerd, heeft zij Ro-Home laten weten dat die de Renault weer kon ophalen. Ro-Home heeft op 2 april 2019 het vervangende voertuig ingeleverd, maar de Renault bij Bedrijfswagens laten staan, omdat zij daarin geen vertrouwen meer had. 2.6. Bedrijfswagens heeft Ro-Home per e-mail van 15 mei 2019 geschreven dat zij naar aanleiding van hun gesprek op 9 mei nog niet de klachtbrief van Ro-Home aan de importeur en een overzicht van de door Ro-Home aangegeven kosten mocht ontvangen, dat die stukken essentieel waren voor een oplossing (zoals eventueel een nieuwe Renault Master) en dat de Renault was nagekeken, dat onder de garantie werkzaamheden waren uitgevoerd en dat het voertuig volledig in orde was. 2.7. In opdracht van Bedrijfswagens heeft DEKRA Automotive op 31 juli 2019 de Renault onderzocht en in haar rapport van 2 augustus 2019 als conclusie vermeld dat, samengevat, met uitzondering van een ruitbediening de auto voldeed aan de daaraan te stellen eisen en dat geen afwijkingen zijn aangetroffen die verband houden met de op 7 maart 2019 door de eigenaar gemelde klachten. Bedrijfswagens heeft dit rapport op 12 augustus 2019 aan Ro-Home doorgestuurd, met de mededeling dat zij de gevraagde stukken nog steeds niet van Ro-Home had ontvangen. 2.8. Bedrijfswagens heeft Ro-Home op 2 april 2019 een factuur gestuurd in verband met de verstrekte huurauto van 25 maart tot en met 2 april 2019 ter hoogte van € 359,91 inclusief btw. Op 7 mei, 30 juni en 30 augustus 2019 heeft zij Ro-Home facturen gestuurd met een totaal beloop van € 961,95 wegens stallingskosten van de Renault. Ro-Home heeft deze facturen niet voldaan. De herstelwerkzaamheden die Bedrijfswagens aan de Renault heeft verricht vielen steeds onder de garantie en heeft Ro-Home niet hoeven te betalen. 2.9. In september 2019 heeft de financieringsmaatschappij de Renault bij Bedrijfswagens opgehaald. 2.10. Op 9 april 2020 zijn 19 facturen ter zake van door Ro-Home geregeld vervangend vervoer met een totaal beloop van € 25.650 aan (de gemachtigde van) Bedrijfswagens gezonden. 3De procedure bij de kantonrechter en het geschil in hoger beroep 3.1. Bedrijfswagens heeft bij de kantonrechter gevorderd Ro-Home te veroordelen tot betaling van € 1.735,65, wegens de openstaande facturen, buitengerechtelijke incassokosten en de tot 12 november 2020 verschenen contractuele rente, te vermeerderen met de vanaf die datum verschuldigde contractuele rente. 3.2. Ro-Home heeft de vordering in conventie van Bedrijfswagens bestreden en ook een beroep gedaan op verrekening daarvan met haar tegenvordering. In reconventie heeft Ro-Home gevorderd (een verklaring voor recht) dat zij tegenover Bedrijfswagens bevrijd is van haar verbintenis uit hoofde van de overeenkomst en dat het Bedrijfswagens niet is toegestaan executiemaatregelen te treffen en Bedrijfswagens dit te verbieden op straffe van een dwangsom, naast de veroordeling van Bedrijfswagens aan haar € 25.650 aan schadevergoeding te betalen (al dan niet verminderd met het in conventie toewijsbare bedrag), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 9 april 2020 en € 1.031,50 aan buitengerechtelijke kosten. Ook heeft Ro-Home de veroordeling van Bedrijfswagens tot inzage en afgifte van het onderhoudsdossier met betrekking tot de Renault gevorderd, op straffe van een dwangsom. Tegen deze vorderingen heeft Bedrijfswagens verweer gevoerd. 3.3. De kantonrechter heeft in conventie de factuur voor de huurauto tot een bedrag van € 199,50 en € 40 aan buitengerechtelijke incassokosten, beide te vermeerderen met de wettelijke handelsrente daarover vanaf 20 november 2020 toegewezen en de vorderingen van Bedrijfswagens voor het overige afgewezen. De vorderingen in reconventie van Ro-Home zijn alle afgewezen. 3.4. De bedoeling van het hoger beroep van Ro-Home is dat alsnog alle vorderingen van Bedrijfswagens volledig worden afgewezen en Bedrijfswagens wordt veroordeeld tot terugbetaling van wat Ro-Home ter voldoening aan het vonnis van de kantonrechter aan Bedrijfswagens heeft betaald. Daarnaast wil Ro-Home dat haar eigen vorderingen (in hoger beroep verminderd tot € 24.300 aan hoofdsom en € 1.018 aan buitengerechtelijke kosten) alsnog worden toegewezen. 4Het oordeel van het hof De uitkomst van het hoger beroep 4.1. Ook in hoger beroep krijgt Ro-home geen gelijk. Hieronder zal het hof uitleggen hoe het tot deze beslissing komt. De geleverde Renault moet aan de overeenkomst beantwoorden 4.2. Met grief 4 klaagt Ro-Home over het oordeel van de kantonrechter dat niet is komen vast te staan dat de Renault niet beantwoordde aan wat Ro-Home daarvan op grond van de koopovereenkomst mocht verwachten en dat de vorderingen in reconventie van Ro-Home daarom niet toewijsbaar zijn. Het hof ziet aanleiding allereerst andere geschilpunten tussen partijen die verband houden met de toewijsbaarheid van de vordering tot schadevergoeding van Ro-Home te beoordelen. Daarbij zal het hof er (slechts) veronderstellenderwijs vanuit gaan (partijen zijn het hierover ook in hoger beroep namelijk oneens) dat de Renault niet de eigenschappen bezat die Ro-Home op grond van de met Bedrijfswagens gesloten koopovereenkomst mocht verwachten, de Renault dus niet aan de overeenkomst beantwoordde en Bedrijfswagens met de levering van de Renault niet aan haar verbintenis uit de koopovereenkomst heeft voldaan (artikel 7:17 leden 1 en 2 BW). Partijen zijn het er in het verlengde hiervan ook over oneens of Bedrijfswagens in verband met de afgeleverde Renault en de gebeurtenissen daarna in verzuim is geraakt en zo ja, of Ro-Home door de non-conformiteit schade heeft geleden die Bedrijfswagens aan haar moet vergoeden. Vereisten van verzuim en causaal verband voor schadevergoeding en ontbinding 4.3. Het hof stelt in dit verband het volgende voorop. Indien een door de verkoper afgeleverde zaak niet aan de koopovereenkomst beantwoordt, kan de koper herstel of vervanging van de afgeleverde zaak eisen en moet de verkoper daaraan op zijn kosten binnen een redelijke termijn en zonder ernstige overlast voor de koper voldoen (artikel 7:21 lid 1 aanhef en onder a. en b., lid 2 en lid 3 BW). De wet voorziet niet uitdrukkelijk in een verplichting voor de verkoper te zorgen voor een voorziening ten behoeve van de koper tijdens de herstelwerkzaamheden, maar dat zou wel een passende vorm van schadevergoeding in natura (artikel 6:103 BW) kunnen betreffen. Daarnaast heeft de koper ook nog andere rechten en bevoegdheden (artikel 7:22 lid 4 BW). Daartoe behoren het recht op vergoeding van de door de tekortkoming geleden schade en/of de bevoegdheid tot ontbinding van de koopovereenkomst. Tenzij nakoming blijvend onmogelijk is, heeft de koper alleen recht op vergoeding van de door de tekortkoming veroorzaakte schade en/of de bevoegdheid tot ontbinding van de overeenkomst als de verkoper in verzuim is (artikelen 6:74 lid 2 en 6:265 lid 2 BW). Verzuim van de verkoper treedt in beginsel in na schriftelijke ingebrekestelling door de koper met daarin een redelijke termijn voor nakoming en uitblijven van deugdelijke nakoming binnen die termijn (artikel 6:82 lid 1 BW). Verzuim kan ook zonder schriftelijke ingebrekestelling intreden, onder meer wanneer een schadevergoedingsverbintenis op grond van artikel 6:74 BW niet meteen wordt nagekomen of uit een mededeling van de verkoper kan worden afgeleid dat hij in zijn verbintenis uit de overeenkomst zal tekortschieten (artikel 6:83 aanhef en onder b. en c. BW) of op grond van de aanvullende of beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid. Geen verzuim aan de zijde van Bedrijfswagens 4.4. Ten aanzien van de vraag of Bedrijfswagens in verzuim is geraakt heeft Ro-Home het volgende aangevoerd. Zij heeft de Renault zeven keer bij Bedrijfswagens gebracht voor herstel en haar op die manier in gebreke gesteld. Aan Bedrijfswagens moet duidelijk zijn geweest dat zij dus deugdelijk herstel verwachtte en hierin is Bedrijfswagens steeds niet geslaagd. Als dit geen (deugdelijke) ingebrekestelling oplevert dan geldt dat Bedrijfswagens redelijkerwijs geen beroep op het ontbreken van een ingebrekestelling toekomt, door het beroep op opschorting van Ro-Home, het steeds weer langskomen met klachten over de auto die steeds weer niet verholpen werden en de door Ro-Home overgelegde klachtbrief, althans geldt dit alles tezamen als ingebrekestelling. Ook heeft Bedrijfswagens zich op het standpunt gesteld dat de auto aan alle eisen voldeed, zodat zij ook zonder ingebrekestelling in verzuim raakte. De schade die Bedrijfswagens moet vergoeden bestaat uit de kosten van vervangend transport. Omdat de Renault veel in het buitenland was, heeft Ro-Home zich bij problemen genoodzaakt gezien daar vervangend vervoer te regelen. Van haar kon niet worden verlangd op die momenten bij Bedrijfswagens aan te kloppen. Zij stelt (ook) dat de noodzakelijke kosten van vervangend transport (bijna) alle zijn gemaakt tijdens de perioden waarin de Renault in verband met (niet altijd meteen verrichte) herstelwerkzaamheden in de garage bij Bedrijfswagens stond en Bedrijfswagens niet voorzag in vervangend vervoer. 4.5. Met betrekking tot het door Ro-Home gestelde verzuim heeft Bedrijfswagens onderbouwd met stukken aangevoerd dat zij naar aanleiding van de klachten van Ro-Home de Renault steeds heeft gecontroleerd en/of hersteld. Zij moest er zelf herhaaldelijk bij Ro-Home op aandringen dat deze de Renault bracht waarbij zij ook op verzoek van Ro-Home (in februari 2019 en in april 2019) vervangend vervoer verstrekte. De klachten werden steeds verholpen of bij de controles niet gevonden. Daarnaast blijkt uit de e-mailcorrespondentie dat Bedrijfswagens heeft aangeboden te bemiddelen tussen Renault Nederland en Ro-Home om zelfs een nieuwe Renault Master te verkrijgen ter vervanging van de Renault waarover Ro-Home ontevreden bleef, maar daartoe moest Ro-Home haar wel de benodigde informatie verstrekken en die bleef uit, aldus Bedrijfswagens. 4.6. Bij de levering door Bedrijfswagens aan Ro-Home van de Renault die (verondersteld) niet beantwoordt aan de overeenkomst is in beginsel uitgangspunt dat Bedrijfswagens door de Renault te herstellen alsnog deugdelijk kan nakomen en dan niet in verzuim raakt en verder dat het bieden van vervangend vervoer tijdens herstelwerkzaamheden gezien kan worden als schadevergoeding in natura (ro. 4.3). Als onweersproken staat vast dat de keren dat Ro-Home de Renault voor herstel bij Bedrijfswagens heeft gebracht en om vervangend vervoer heeft verzocht, Bedrijfswagens daarvoor heeft gezorgd. Voorts geldt (ook) voor de schadevergoeding die Ro-Home nu vordert (betaling van facturen wegens door haarzelf daarnaast gemaakte kosten voor vervangend transport) dat Bedrijfswagens daarvoor alleen aansprakelijk is (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.