GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Arnhem afdeling civiel recht zaaknummer gerechtshof 200.312.863 (zaaknummer rechtbank Gelderland 378917) beschikking van 27 juni 2023 inzake [verzoeker] , wonende te [woonplaats1] , verzoeker in hoger beroep, verder te noemen: de vader, advocaat: mr. S.M. Wolff te Zwolle, en [verweerster] , wonende te [woonplaats2] , verweerster in hoger beroep, verder te noemen: de moeder, advocaat: mr. C.E. Mulder te Apeldoorn. Als overige belanghebbende is aangemerkt: [naam1] , gevestigd te [vestigingsplaats] , verder te noemen: [naam1] . 1Het verloop van het geding in hoger beroep 1.1 Voor het verloop van het geding tot 20 december 2022 verwijst het hof naar zijn tussenbeschikking van die datum. 1.2 Het verdere verloop blijkt uit: e-mailberichten van [naam1] van 9 maart 2023 en 20 april 2023; een journaalbericht van mr. Wolff van 11 mei 2023 met productie; een journaalbericht van mr. Mulder van 17 mei 2023 met producties. 1.3 Op 30 mei 2023 is de mondelinge behandeling voortgezet. Aanwezig waren: de vader, bijgestaan door zijn advocaat; de moeder, bijgestaan door haar advocaat; [naam1] ; een vertegenwoordiger van de raad voor de kinderbescherming (hierna: de raad). 2De omvang van het geschil 2.1 De vader heeft het hof bij aanvullend verzoek bij appel tegen afwijzing verzoek vaststelling omgangsregeling aanvullend verzocht om bij beschikking, uitvoerbaar bij voorraad, te bepalen dat de moeder binnen veertien dagen na een in dezen te wijzen opvolgende (tussen)beschikking van het hof contact dient op te nemen met de bijzonder curator teneinde binnen twee weken daarna te bewerkstelligen dat [de minderjarige1] en [de minderjarige2] met de bijzonder curator onbelast en zonder haar aanwezigheid kunnen spreken, waarbij ziekte slechts met doktersverklaring een reden tot afzegging is en direct (binnen een dag) gevolgd dient te worden door een hernieuwde afspraak en voorts haar volledige medewerking te verlenen aan het onderzoek door de bijzonder curator, waaronder het onverwijld reageren op verzoeken van de bijzonder curator, het opvolgen van zijn of haar adviezen, het bespreken van rapportages etc., telkens binnen een week nadat een verzoek of een advies haar per mail of telefoon is gedaan, bij gebreke waarvan zij een dwangsom verbeurt van € 150,- per dag dat zij niet aan het bovenstaande voldoet; te bepalen dat de moeder binnen drie dagen na een in dezen te wijzen opvolgende (tussen)beschikking een recente en goed herkenbare foto van [de minderjarige1] en [de minderjarige2] aan de vader doet toekomen via zijn advocaat (info@wolffadvocatuur.nl) en dit vervolgens conform de beschikking van 23 februari 2021 van de rechtbank Gelderland, locatie Almelo, elk kwartaal herhaalt (in de maand januari, april, juli en oktober), bij gebreke waarvan zij een dwangsom verbeurt van € 150,- per dag dat zij niet aan het bovenstaande voldoet. 2.2 De moeder heeft daartegen verweer gevoerd op de mondelinge behandeling. 3De motivering van de beslissing 3.1 Het hof blijft bij hetgeen is overwogen en beslist in de tussenbeschikking van 20 december 2022, voor zover hierna niet anders wordt overwogen of beslist. 3.2 In die beschikking heeft het hof [naam1] met ingang van 20 december 2022 tot bijzonder curator benoemd over [de minderjarige1] (hierna: [de minderjarige1] ), geboren [in] 2012 in [woonplaats1] en [de minderjarige2] (hierna: [de minderjarige2] ), geboren [in] 2014 in [woonplaats1] en hem verzocht aan het hof schriftelijk verslag te doen van zijn bevindingen. Iedere verdere beslissing is aangehouden. Bijzonder curator 3.3 Het hof stelt vast dat het [naam1] niet is gelukt om zijn taak te volbrengen en om [de minderjarige1] en [de minderjarige2] te spreken over de door het hof gestelde vragen. 3.4 Op de mondelinge behandeling van het hof heeft de moeder naar voren gebracht dat zij vanwege de gehanteerde werkwijze van [naam1] zoals de moeder deze heeft ervaren geen vertrouwen meer in hem heeft. De moeder heeft het hof verzocht een andere bijzonder curator te benoemen. De vader en de raad hebben verklaard te kunnen instemmen met dit verzoek. De raad heeft hierbij opgemerkt dat het belangrijk is om een beeld te krijgen van de kinderen om verder te kunnen komen in deze situatie. Gelet hierop zal het hof het verzoek van de moeder om een andere bijzonder curator te benoemen, toewijzen. Het hof overweegt hiertoe dat de moeder op de mondelinge behandeling heeft toegezegd haar volledige medewerking hieraan te verlenen en daaraan in weerwil van de gang van zaken tot op heden geen nadere voorwaarden te zullen stellen maar zich te voegen naar de werkwijze van de te benoemen bijzonder curator. Verder zal de moeder – op eerste verzoek – haar telefoonnummer en e-mailadres via haar advocaat aan deze bijzonder curator verstrekken. De moeder zal de kinderen voorbereiden op de ontvangst van een brief van en op een gesprek met de bijzonder curator. Zij zal er ook voor zorgen dat de kinderen op een afspraak met de bijzonder curator komen. 3.5 De griffier van het hof heeft na telefonisch onderhoud op 1 juni 2023 [naam2] , pedagoog, bereid gevonden om in deze procedure als bijzonder curator van [de minderjarige1] en [de minderjarige2] op te treden. Zij zal door het hof hierna worden benoemd. 3.6 Het hof verzoekt de bijzonder curator de Leidraad werkwijze bijzonder curatoren ex artikel 1:250 BW in acht te nemen. Zonder daarmee de taakuitoefening van de bijzonder curator op enige wijze te willen beperken, dient de bijzonder curator met name antwoord te geven op de volgende vragen:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.