pkn: 21-004251-25 – 16 (s) Het gerechtshof heeft te beslissen op een verzoek in raadkamer van heden gedaan, namens de verdachte, [verdachte] , geboren te Utrecht op [geboortedatum] , verblijvende in het [penitentiaire inrichitng] , tot schorsing van het tegen die verdachte rechtens gegeven en nog van kracht zijnde bevel tot voortduren van de voorlopige hechtenis. Het hof heeft gehoord in raadkamer van heden de advocaat-generaal en verdachte, bijgestaan door mr. Y. Bouchikhi, advocaat te Utrecht. OVERWEGINGEN: De raadsman heeft een mondeling onderbouwd verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis gedaan. De advocaat-generaal heeft zich gemotiveerd verzet tegen schorsing. Het hof ziet – anders dan het hof in zijn beschikking van 19 november 2025, en mede gezien de uitkomsten van het reclasseringsrapport van Forensisch Maatwerk van 2 januari 2026 – mogelijkheden om het recidivegevaar te beperken door het stellen van schorsingsvoorwaarden. In het rapport wordt nader ingegaan op de persoonlijke omstandigheden van verdachte, en de wijze waarop hij zijn leven vorm heeft gegeven tijdens de periode dat zijn voorlopige hechtenis eerder was geschorst (20 augustus 2024 – 20 november 2025). In dit rapport worden recidivebeperkende voorwaarden geformuleerd waaronder opnieuw schorsing zou kunnen plaatsvinden. Ook heeft het hof bij zijn overwegingen betrokken dat verdachte bij detentie zijn licentie als voetbalmakelaar dreigt kwijt te raken. Bovendien kan niet verwacht worden dat een inhoudelijke behandeling op korte termijn zal plaatsvinden. Alles afwegend ziet het hof aanleiding de voorlopige hechtenis opnieuw te schorsen. Het hof heeft gelet op het bepaalde in artikel 80 e.v. van het Wetboek van Strafvordering. BESLISSING: Het hof beveelt dat de voorlopige hechtenis van verdachte wordt geschorst met ingang van vrijdag 9 januari 2026 te 09.00 uur, zulks onder de navolgende voorwaarden:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.