← Nederland

ECLI:NL:GHARN:2011:BQ2578

TBS P11/0017 Beslissing d.d. 21 april 2011 De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van Betrokkene geboren in Sierra Leone in 1984, verblijvende in FPC Veldzicht te Balkbrug. Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Almelo van 30 december 2010, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar. Overwegingen: Het oordeel van het hof Het hof zal de beslissing van de rechtbank dienen te vernietigen daar het tot een andere beslissing komt. Voor een goed begrip in deze zaak acht het hof het van belang dat de belangrijkste ontwikkelingen betreffende de terbeschikkingstelling van betrokkene worden weergegeven: - Bij vonnis van de rechtbank Almelo van 25 oktober 2005 is betrokkene veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier maanden en terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege, ter zake van: mishandeling, meermalen gepleegd; - De terbeschikkingstelling is ingegaan op 27 november 2005; - De terbeschikkingstelling is -behoudens de beslissing waarvan beroep- verlengd bij beslissing van de rechtbank Almelo van 20 november 2008. De maatregel van terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege is bij vonnis van 25 oktober 2005 opgelegd terzake van de misdrijven, te weten: mishandeling, meermalen gepleegd. Dit vonnis is onherroepelijk en is dus niet aan het oordeel van het hof onderworpen. Echter ongeacht het gesloten stelsel van strafrechtelijke rechtsmiddelen vloeit uit het systeem van de wet voort dat verlenging van een terbeschikkingstelling, die niet opgelegd had mogen worden, ontoelaatbaar is. Gelet op de formulering van artikel 37a lid 1 sub 1° van het Wetboek van Strafrecht, waarin sprake is van “een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van vier jaar of meer is gesteld” kan ter zake van mishandeling niet de maatregel van terbeschikkingstelling worden opgelegd. Dat, zoals in het onderhavige geval, sprake is van “mishandeling, meermalen gepleegd” maakt dit niet anders, nu naar de hiervoor aangehaalde bewoordingen van artikel 37a lid 1 sub 1° van genoemd wetboek het wettelijk strafmaximum van de afzonderlijke delicten bepalend is en de samenloopregeling van artikel 57 van genoemd wetboek hier buiten toepassing dient te worden gelaten. Gelet op het bovenstaande is het hof van oordeel dat de vordering tot verlenging van de maatregel van terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege afgewezen dient te worden. Het hof merkt ten overvloede op dat het er vanuit gaat dat de kliniek betrokkene overbruggende zorg zal bieden en hem niet “zomaar” op straat zal zetten en dat de overheid bij afweging of en wanneer betrokkene, zoals door de advocaat-generaal is aangegeven, in vreemdelingenbewaring zal worden genomen, zich rekenschap zal geven van de psychische gesteldheid van betrokkene. Beslissing Het hof: Vernietigt de beslissing van de rechtbank Almelo van 30 december 2010 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde. Wijst af de vordering van de officier van justitie. Aldus gedaan door mr Y.A.J.M. van Kuijck als voorzitter, mr J.M.J. Denie en mr T.M.L. Wolters als raadsheren, en dr. W. van Kordelaar en prof. dr. B.C.M. Raes, als raden, in tegenwoordigheid van M.C.L. Roelofs als griffier, en op 21 april 2011 in het openbaar uitgesproken.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.