GERECHTSHOF ARNHEM NEVENZITTINGSPLAATS LEEUWARDEN Sector strafrecht Parketnummer: 24-000218-10 Uitspraak d.d.: 28 juli 2011 VERSTEK Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kantonrechter Zwolle-Lelystad van 17 oktober 2008 in de strafzaak tegen [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [1967], zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande. Het hoger beroep De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 14 juli 2011. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot veroordeling van verdachte tot een geldboete van € 250,- subsidiair 5 dagen hechtenis, waarvan € 175,- subsidiair 3 dagen hechtenis voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd. Het vonnis waarvan beroep Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen en daarom opnieuw rechtdoen. De tenlastelegging Aan verdachte is tenlastegelegd dat: hij in of omstreeks de periode van 20 augustus 2007 tot en met 31 augustus 2007 in [plaats], meermalen, althans eenmaal, terwijl hij (telkens) als degene die het gezag uitoefende over de jongere [naam] geboren op [1997], althans zich (telkens) met de feitelijke verzorging van die jongere had belast, (telkens) niet heeft voldaan aan de verplichting om overeenkomstig de bepalingen van de Leerplichtwet 1969 te zorgen dat voornoemde jongere, die als leerling van een school, te weten de [naam school], was ingeschreven, die school na inschrijving geregeld bezocht. Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Vrijspraak Uit het dossier is gebleken dat verdachte en [naam moeder] zijn gescheiden en dat hun gezamenlijke kind, [naam] bij haar moeder verbleef en zij met de feitelijke verzorging van het kind was belast. Niet is gebleken dat verdachte het gezag over [naam] uitoefende, noch dat hij zich met de feitelijke verzorging van [naam] had belast. Het enkele feit dat beide ouders betrokken zijn geweest bij de beslissing om [naam] mee te nemen naar Suriname, maakt dit niet anders. Het ten laste gelegde kan derhalve niet bewezen worden verklaard. Het hof zal verdachte vrijspreken van hetgeen hem ten laste is gelegd. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht: Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij. Aldus gewezen door mr. H.J. Deuring, voorzitter, mr. B.J.J. Melssen en mr. T.H. Bosma, raadsheren, in tegenwoordigheid van S. van Krugten, griffier, en op 28 juli 2011 ter openbare terechtzitting uitgesproken. Mr. T.H. Bosma is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.