parketnummer: 24-001538-10 parketnummer eerste aanleg: 07-620125-09 Tussenarrest van 7 november 2011 van het gerechtshof Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 6 mei 2010 in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren op [1982] te [geboorteplaats], zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, niet ter terechtzitting verschenen. Wel verschenen is de raadsman van de verdachte, mr. G.I. Roos, advocaat te Almere. Het vonnis waartegen het hoger beroep is gericht De rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het hierboven genoemde vonnis vrijgesproken ter zake van het onder 1 primair en subsidiair en 3 primair en subsidiair ten laste gelegde en heeft de verdachte ter zake van de onder 1 meer subsidiair, 2, 3 meer subsidiair, 4 en 5 bewezen verklaarde misdrijven veroordeeld tot een straf, heeft beslissingen genomen met betrekking tot de in beslag genomen voorwerpen en heeft beslist op de vorderingen van de benadeelde partijen, zoals in dat vonnis is omschreven. Gebruik van het rechtsmiddel De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen. Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep De raadsman van de verdachte heeft verklaard uitdrukkelijk te zijn gemachtigd de verdachte ter terechtzitting te verdedigen. Dit tussenarrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van 24 oktober 2011, welk onderzoek is aangewend voor het houden van een nadere regiezitting. Standpunt van de verdediging De raadsman van de verdachte heeft ter terechtzitting van het hof van 24 oktober 2011 aangevoerd dat [verdachte] thans bereid is te verklaren over zijn aandeel in het aan hem ten laste gelegde, alsmede over het aandeel van de medeverdachten daarin. De raadsman van de verdachte heeft het hof verzocht [verdachte] te horen bij de raadsheer-commissaris, subsidiair de rechter-commissaris. Standpunt van de advocaat-generaal ten aanzien van het verzoek van de verdediging De advocaat-generaal heeft zich niet verzet tegen het horen van [verdachte] als getuige. Beoordeling De rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken, in de rechtbank Zwolle-Lelystad, heeft naar aanleiding van de tussenarresten van het hof van 4 november 2010 in de strafzaken van de medeverdachten [medeverdachte 1], [medeverdachte 2], [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] onderzocht of [verdachte] in die strafzaken kon worden gehoord als getuige bij de rechter-commissaris. Bedoelde rechter-commissaris heeft vervolgens in de toentertijd aangenomen proceshouding van bedoelde getuige, die in Suriname verblijft, niet naar Nederland wil komen en toentertijd had laten weten zich te zullen beroepen op zijn verschoningsrecht, aanleiding gezien geen aanvraag tot het instellen van een rogatoire commissie in te dienen. De rechter-commissaris heeft - op praktische gronden - het hof in overweging gegeven bedoelde getuige te horen ter terechtzitting van het hof. Dit laatste in verband met de omstandigheid dat het hof reeds bij tussenarrest van 4 november 2010 in de strafzaak van de medeverdachte [medeverdachte 3] heeft gelast dat [verdachte] ter terechtzitting van het hof dient te worden gehoord als getuige. Gelet op de kennelijk gewijzigde proceshouding van deze getuige, zoals aangekondigd in de brief van zijn raadsman van 20 oktober 2011 en toegelicht ter terechtzitting van het hof van 24 oktober 2011, bestaat thans - anders dan voorheen werd geoordeeld door de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in de rechtbank Zwolle-Lelystad - geen belemmering meer voor het horen van deze getuige door genoemde rechter-commissaris. Het hof acht het horen van de verdachte [verdachte] als getuige in de strafzaken van de medeverdachten [medeverdachte 1], [medeverdachte 2], [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] van belang in het kader van de waarheidsvinding in die strafzaken. Het hof verwijst de zaak naar genoemde rechter-commissaris ten behoeve van het horen van de hierboven genoemde getuige in de strafzaken van de medeverdachten [medeverdachte 1], [medeverdachte 2], [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4]. Daarnaast overweegt het hof het volgende. Het hof heeft bij tussenarrest van 7 november 2011 in de strafzaak van de medeverdachte [medeverdachte 1] gelast dat [medeverdachte 1] als verdachte in zijn strafzaak wordt gehoord door de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in de rechtbank Zwolle-Lelystad. Dit in verband met de kennelijk gewijzigde proceshouding van de medeverdachte [medeverdachte 1], zoals aangekondigd in de brief van diens raadsman, mr. R. Malevicz, van 19 oktober 2011 en zoals bevestigd door de medeverdachte [medeverdachte 1] ter terechtzitting van het hof van 24 oktober
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.