TBS [nummer] Beslissing d.d. 23 februari 2012 De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van [naam terbeschikkinggestelde], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], verblijvende in [kliniek 1]. Het beroep is ingesteld tegen de beslissingen van de rechtbank Haarlem van 18 februari 2011 en van 29 augustus 2011, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar. Het hof heeft gelet op de stukken, waaronder: - de processen-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg; - de beslissingen, waarvan beroep; - de akte van beroep van de terbeschikkinggestelde van 7 september 2011; - het advies van [kliniek 2] van 13 december 2010; - de brief van [kliniek 2] van 16 januari 2012, met daarbij gevoegd het verlengingsadvies van 12 december 2011 en de wettelijke aantekeningen van het vierde kwartaal van 2010 tot en met het derde kwartaal van 2011; - het e-mailbericht van 7 februari 2012 van [naam], hoofd risicomanagement & behandeling van [kliniek 1], aan de griffier van het hof; - de faxberichten van 7 februari 2012 van mr N.W.A. Dekens, raadsvrouw van de terbeschikkinggestelde, aan het hof en aan de advocaat-generaal, - de ter zitting van het hof van 9 februari 2012 door mr N.W.A. Dekens overgelegde pleitnota. Het hof heeft ter zitting van 9 februari 2012 gehoord de advocaat-generaal, mr G.J. de Haas, en de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr N.W.A. Dekens, advocaat te Amsterdam. Voorts is ter zitting als deskundige gehoord [deskundige 1], gedragstherapeut en voormalig mentor van de terbeschikkinggestelde in [kliniek 2]. Overwegingen Het standpunt van de klinieken Uit het verlengingsadvies van [kliniek 2] van 13 december 2010 blijkt onder meer het volgende - zakelijk weergegeven -: Kernproblematiek De bevindingen binnen de huidige behandelsetting sluiten aan bij de diagnostische conclusies vanuit de rapportage pro justitia. Hiermee wordt verdere ondersteuning gevonden voor een stabiel en vroeg ontstaan mengbeeld van antisociale persoonlijkheidsproblematiek, verslavingsproblematiek en een crimineel gedragspatroon. Belangrijke toevoeging aan dit mengbeeld wordt gevormd door de uitkomst van het intelligentieonderzoek, waaruit het beperkte niveau van cognitief functioneren naar voren komt en de beperkte beïnvloedbaarheid van het gedragspatroon nader wordt onderbouwd. Recidiverisico Met een goed toegepaste vroegsignalering en een strakke inkadering van de vrijheden wordt het recidiverisico op korte termijn laag geschat. Bij opheffing van de tbs-maatregel zou betrokkene veel stress ervaren, waardoor de spanning al snel zal oplopen. De kans dat betrokkene dan zou terugvallen in middelengebruik en (verwervings-)criminaliteit wordt op de lange termijn (wanneer alle structuur en toezicht zou wegvallen) daarom vooralsnog als hoog ingeschat. Een belangrijke kanttekening wordt hierbij gevormd door de lichamelijke beperkingen van betrokkene. Deze beperkingen belemmeren betrokkene in zijn vermogen tot gewelddadige recidive. Het verleden wijst echter uit dat deze belemmering geen afdoende bescherming biedt ten aanzien van het recidiverisico. Geadviseerd wordt de tbs-maatregel met één jaar te verlengen. Het verlengingsadvies van [kliniek 2] van 12 december 2011 vermeldt onder meer het volgende - zakelijk weergegeven -: De inschatting van het delictgevaar blijft gehandhaafd. Op basis van het huidige functioneren van betrokkene worden geen mogelijkheden tot uitstroom, anders dan via de geleidelijke weg van verlof, uit de setting van een tbs-kliniek gezien. In een poging de stagnatie te doorbreken, spant de kliniek zich in betrokkene te laten opnemen in een kliniek waar het voor hem mogelijk zal zijn te zwemmen, als eerste stap in het revalidatietraject. Deze situatie maakt dat de weg naar een uitstroom uit de tbs nog de nodige tijd in beslag lijkt te zullen nemen, waarbij tevens wordt opgemerkt dat een verdere terugslag in het functioneren niet onaannemelijk is. Gelet op de situatie ten aanzien van het behandelverloop, het nog moeten starten van de revalidatie (in een volgende kliniek) en de inschatting van het recidiverisico wordt niet waarschijnlijk geacht dat binnen een jaar een significante verschuiving in de beschreven situatie zal ontstaan. We adviseren u dan ook de tbs-maatregel te verlengen met twee jaar. Het e-mailbericht van [naam], hoofd risicomanagement & behandeling bij [kliniek 1] vermeldt onder meer het volgende – zakelijk weergegeven -: Betrokkene verblijft sinds enige weken in de kliniek. De behandeling en resocialisatie van betrokkene bevinden zich derhalve in een vroeg stadium. Binnenkort vindt een behandelbespreking plaats om een eerste opzet te maken voor het behandeltraject en resocialisatietraject. Het standpunt van de deskundige Ter zitting van het hof van 9 februari 2012 is op verzoek van de raadsvrouw [deskundige 1] als deskundige gehoord. Hij heeft – zakelijk weergegeven – onder meer het volgende verklaard: De terbeschikkinggestelde heeft zijn straf uitgezeten en alle behandelingen in de tbs-kliniek doorlopen. Ik heb de mogelijkheden van voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege voor de terbeschikkinggestelde onderzocht. Revalidatiecentrum [naam] in [plaatsnaam] ziet op basis van zijn medisch dossier mogelijkheden om de terbeschikkinggestelde te begeleiden bij zijn revalidatie. Ook kan de terbeschikkinggestelde onder het toeziend oog van de reclassering worden geplaatst in een RIBW-voorziening in [plaatsnaam]. Zowel voor het revalidatiecentrum als voor de RIBW-voorziening geldt dat er nog een intake moet plaatsvinden. Het standpunt van het openbaar ministerie Onder verwijzing naar de (aanvullende) advisering en de expiratiedatum is geconcludeerd tot verlenging van de maatregel van terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege met twee jaar. Het standpunt van de terbeschikkinggestelde en zijn raadsvrouw De terbeschikkinggestelde en zijn raadsvrouw hebben primair verzocht de verpleging van overheidswege voorwaardelijk te beëindigen onder de algemene voorwaarden, zoals opgenomen in het maatregelrapport van 27 april
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.