Rolnummer: 22-004674-14 PO Parketnummer: 09-757285-11 Datum uitspraak: 22 september 2015 TEGENSPRAAK Gerechtshof Den Haag meervoudige kamer voor strafzaken Arrest gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank 's-Gravenhage van 14 december 2011 in de ontnemingszaak tegen de veroordeelde: [veroordeelde], geboren te [geboorteplaats] (België) op [geboortedatum], adres: [adres]. Procesgang Bij vonnis van de meervoudige kamer voor strafzaken van de rechtbank te Den Haag van 14 december 2011 is de veroordeelde ter zake van het in zijn strafzaak primair bewezen verklaarde, gekwalificeerd als: medeplegen van witwassen, veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 60 uur, subsidiair 30 dagen vervangende hechtenis met aftrek van voorarrest. De in eerste aanleg ingediende vordering van het openbaar ministerie houdt in dat aan de veroordeelde de verplichting zal worden opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van in totaal € 5.000,-, ter ontneming van het door de veroordeelde wederrechtelijk verkregen voordeel uit het in zijn strafzaak primair bewezen verklaarde feit. Ter terechtzitting van 30 november 2011 heeft de officier van justitie de vordering aldus gewijzigd dat het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat op € 325,-. De rechtbank Den Haag heeft bij vonnis van 14 december 2011 het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vastgesteld op € 325,- en ter ontneming van dat wederrechtelijk verkregen voordeel aan de veroordeelde de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 325,-. Namens de veroordeelde is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Deze beslissing is genomen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van 8 september
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.