GERECHTSHOF DEN HAAG Afdeling Civiel recht Zaaknummer : 200.172.553/01 Zaaknummer rechtbank : 3137955 \ CV EXPL 14-27502 arrest van 31 mei 2016 inzake Eneco Services B.V., gevestigd te Rotterdam, appellante, hierna te noemen: Eneco, advocaat: mr. L.F. Birnie te Amsterdam, tegen [naam], wonende te [woonplaats], geïntimeerde, hierna te noemen: [geïntimeerde], advocaat: mr. J.D. Linscheer te Rotterdam. Het geding Voor het verloop van het geding tot aan 18 augustus 2015 verwijst het hof naar het arrest van die datum. Bij dat arrest is een comparitie van partijen gelast, die heeft plaatsgevonden op 13 oktober 2015. Van de comparitie is proces-verbaal gemaakt. Bij memorie van grieven, tevens vermeerdering eis, met producties, heeft Eneco vijf grieven aangevoerd en haar eis vermeerderd. Bij memorie van antwoord heeft [geïntimeerde] de grieven bestreden. Eneco heeft nog een akte met productie genomen, waarop [geïntimeerde] niet meer heeft gereageerd. Vervolgens hebben partijen de stukken overgelegd en arrest gevraagd. Beoordeling van het hoger beroep 1 Als door partijen onweersproken gesteld en/of uit de stukken als niet (voldoende) gemotiveerd bestreden naar voren gekomen, staat in deze zaak het volgende vast. 1.1 Eneco heeft met [geïntimeerde] een overeenkomst tot levering van warmte en elektriciteit aan het adres [adres] te [plaats] gesloten tegen betaling van de op het moment van levering geldende tarieven. Op de overeenkomst zijn van toepassing verklaard de Algemene Voorwaarden Warmte Eneco 2014 en de Algemene Voorwaarden Eneco Retail 2006. De levering van elektriciteit is per juni 2012 beëindigd. 1.2 Bij brief van 4 januari 2012 heeft Eneco de jaarnota 2011 aan [geïntimeerde] gezonden. Daarbij is (inclusief het nieuwe termijnbedrag van € 221) een bedrag van € 2.000,49 in rekening gebracht. 1.3 Bij brief van 30 januari 2012 heeft [geïntimeerde] aan Eneco geschreven: “Hierbij maak ik nogmaals bezwaar tegen mijn veel te hoge energierekening, de warmte en tapwater kloppen maar de elektriciteit klopt niet. Inmiddels achterhaald dat de beginstanden hoog 30527 en laag 30138 zouden moeten zijn volgens mijn eindafrekening 2010. Waarop mijn verbruik meer normaal is en ik zou dan ook graag een gecorrigeerde nota willen. Tevens wil ik u erop wijzen dat als ik een factuur betaal, die factuur moet worden afgeboekt, en niet de openstaande kosten, Ik ga er vanuit dat als ik een factuur betaal ik die betaald heb. Anders blijf ik constant achter en blijven facturen openstaan vandaar ook de vele aanmaningskosten. Verder vindt ik een maand bedrag van 221 dan in dit geval ook wel erg veel en kan ik ook niet opbrengen en zou dit willen terugbrengen naar 120 euro per maand. Ik maak dan ook bezwaar tegen het te hoge maand voorschot. Ik ga in ieder geval niet akkoord met deze belachelijk hoge rekening en zal deze maand in ieder geval 120 overmaken met uw goedkeuring. (…)” 1.4 Bij brief van 20 februari 2012 heeft Eneco als volgt gereageerd: “(..) Wij corrigeren uw jaarnota aan de hand van de door u doorgegeven meterstanden. De aanvullende nota (…) voegen we bij deze brief bij. Uw termijnbedrag passen we aan naar € 68,00 per maand. (…) We verrekenen de betalingen altijd met de oudste openstaande nota’s of kosten. Dit doen we om verdere kosten te voorkomen. (…). Als u een betalingsregeling wilt treffen over het restbedrag van de jaarnota van € 1.350,48, neemt u dan ook hiervoor contact op met (…).” 1.5 Eneco heeft [geïntimeerde] een aanvullende nota d.d. 21 februari 2012 gestuurd, die een correctie op de jaarnota 2011 inhoudt. Hierin is onder meer opgenomen: “Door u te ontvangen € 1.395,48 (…) Dit bedrag zal na verrekening met eventuele openstaande vorderingen binnen 14 dagen na ontvangst van deze nota worden overgemaakt op rekening (…).” 1.6 Bij brief van 30 maart 2012 heeft [geïntimeerde] aan Eneco bericht: “De eindjaarafrekening 2011 klopt nog steeds niet de energiebelasting moet nog worden aangepast, waarop ik bijna nihil zou moeten bijbetalen, tevens staat er nog 221 voorschotbetaling op de rekening dit moet 68 euro worden. Ik zal in ieder geval deze maand twee keer 68 euro betalen zodat ik met mijn voorschoten bij ben, en er alleen nog een nieuwe jaarrekening gemaakt moet worden. (…) Zoudt u de incassoprocedure kunnen stoppen totdat er een nieuwe afrekening is gemaakt. (…).” 1.7 Op 18 november 2012 heeft [geïntimeerde] aan Eneco geschreven: “Bij deze wil ik melden dat ik mij heb aangemeld voor schuldhulpbemiddeling, en ik inmiddels ook bezig ben met aanvraag voor WSNP en een voorlopige voorziening ga aanvragen bij de rechtbank, zodat er in ieder geval geen afsluiting kan plaatsvinden. Dit alles dankzij het feit dat jullie ten alle tijden weigeren de jaarnota te corrigeren volgens de standen zoals die zijn doorgegven en zoals die ook bekent zijn bij mijn vorige en/of huidige leverancier. Ik kom volgens mijn berekeningen op een bedrag van ongeveer 1200 euro voor warmte en electrischiteit waarbij ik nog een bedrag van ongeveer 100-150 euro zou moeten betalen. Maar zoals de jaar rekening er nu uit ziet moeten zowel de warmte en electrischiteit gecorrigeerd worden. Het bedrag wat er nu nog staat kan ik niet betalen en ben ik het ook niet mee eens. (…)” 1.8 Op 29 maart 2012 heeft [geïntimeerde] een bedrag van € 68,00 overgemaakt op de rekening van Eneco. Op 3 september 2012, 25 september 2012, 2 november 2012 en 30 november 2012 is telkens een bedrag van € 50,00 overgeboekt en tot slot is een bedrag van € 54,00 overgemaakt op 20 februari 2013. Daarna hebben tot en met november 2015, ook na betalingsherinneringen van Eneco, geen betalingen meer plaatsgevonden. 2. Eneco heeft bij inleidende dagvaarding van 2 juni 2014 (samengevat) gevorderd: [geïntimeerde] te veroordelen om aan Eneco te voldoen een bedrag van € 2.196,10 te vermeerderen met wettelijke rente, alsmede een bedrag van € 54,- per maand of gedeelte daarvan dat [geïntimeerde] na 1 juni 2014 warmte geleverd zal krijgen; Eneco te machtigen, bij niet tijdige en volledige voldoening van de verschuldigde bedragen binnen veertien dagen na betekening van het te wijzen vonnis, de warmtelevering aan [geïntimeerde] te onderbreken; [geïntimeerde] in dat geval te veroordelen om aan Eneco te voldoen een bedrag van € 144,- aan afsluitingskosten; te bepalen dat Eneco niet tot heraansluiting zal behoeven over te gaan indien [geïntimeerde] aan Eneco niet alle door haar geleden schade heeft vergoed; [geïntimeerde] te veroordelen in de kosten van het geding. 3. Bij vonnis van 20 februari 2015 heeft de kantonrechter de vorderingen afgewezen. Daartoe is – kort weergegeven - overwogen dat Eneco verzuimd heeft een op 19 februari 2012 door [geïntimeerde] gedane betaling ad € 2.000,49 in de vordering te verdisconteren zodat de bodem aan de vordering van Eneco is komen te ontvallen. 4. In hoger beroep heeft Eneco (na eisvermeerdering) gevorderd, het vonnis waarvan beroep te vernietigen, en opnieuw rechtdoende, [geïntimeerde] te veroordelen om aan Eneco te voldoen een bedrag van € 3.378,91 te vermeerderen met wettelijke rente, alsmede een bedrag van € 58,- per maand of gedeelte daarvan dat [geïntimeerde] na 1 december 2015 warmte geleverd zal krijgen, de vorderingen
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.