Rolnummer: 22-003494-19 Parketnummer: 09-842088-19 Datum uitspraak: 6 maart 2020 TEGENSPRAAK Gerechtshof Den Haag meervoudige kamer voor strafzaken Arrest gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag van 15 juli 2019 in de strafzaak tegen de verdachte: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] (Marokko) op [geboortedag] 1982, [adres]. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van dit hof op 21 februari 2020. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht. Procesgang In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het hem ten laste gelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van vier maanden met aftrek van voorarrest. Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld. Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat: hij op of omstreeks 20 maart 2019 te 's-Gravenhage althans in Nederland medewerkers van de gemeente Den Haag en/of andere personen heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door een medewerkster van de gemeente Den Haag te bellen en te zeggen: "Dan denk ik bij mijzelf, weet je wat dat ik doe, dat ik mensen ga vermoorden, net als die mensen in Utrecht ofzo" (refererend naar de schietpartij op het 24 Oktoberplein in Utrecht op 18 maart 2019 waarbij meerdere mensen zijn overleden en meerdere mensen (ernstig) gewond zijn geraakt), althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking. Vordering van de advocaat-generaal De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd. Het vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt. Vrijspraak De verdachte wordt verweten dat hij medewerkers van de gemeente Den Haag en/of andere personen heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling door tijdens een telefoongesprek dat hij voerde met een medewerkster van de gemeente Den Haag de in de tenlastelegging genoemde woorden, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking, uit te spreken. Het hof overweegt dat volgens vaste jurisprudentie voor een veroordeling ter zake van bedreiging onder meer is vereist dat de bedreigde(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.