← Nederland

ECLI:NL:GHDHA:2022:2171

GERECHTSHOF DEN HAAG Afdeling civiel recht zaaknummer : 200.315.383/01 rekestnummer rechtbank : JE RK 21-2683 zaaknummer rechtbank : C/09/620567 beschikking van de meervoudige kamer van 7 oktober 2022 inzake Stichting Jeugdbescherming west, regio Zuid-Holland, gevestigd te Gouda, verzoekster in hoger beroep, hierna te noemen: de gecertificeerde instelling, Als belanghebbenden zijn aangemerkt: 1) [belanghebbende 1] , wonende op een bij het hof bekend adres, hierna te noemen: de vader, advocaat: mr. E.M. Buijs-van Bemmel te Krimpen aan den IJssel, 2) [belanghebbende 2] , wonende op een bij het hof bekend adres, hierna te noemen: de moeder, advocaat: mr. W. van der Voet te Rotterdam, 3) [belanghebbenden 3 en 4] , wonende op een bij het hof bekend adres, hierna te noemen: de pleegouders. In zijn adviserende en/of toetsende taak is in de procedure gekend: de raad voor de kinderbescherming, regio Haaglanden, hierna te noemen: de raad. 1Het procesverloop 1.1 De gecertificeerde instelling is op 2 september 2022 in hoger beroep gekomen van de beschikking van de rechtbank Den Haag van 8 augustus 2022, uitgesproken onder voormeld zaaknummer (hierna: de bestreden beschikking). 1.2 De moeder heeft op 2 oktober 2022 een verweerschrift ingediend. 1.3 De vader heeft op 3 oktober 2022 een verweerschrift ingediend. 1.4 Bij het hof zijn verder de volgende stukken binnengekomen van de gecertificeerde instelling: een e-mailbericht van 26 september 2022 met bijlage; twee e-mailberichten van 30 september 2022 met bijlagen; een e-mailbericht van 3 oktober 2022 met bijlagen. 1.5 De mondelinge behandeling heeft op 5 oktober 2022 plaatsgevonden. Verschenen zijn: de gecertificeerde instelling, vertegenwoordigd door [vertegenwoordigers van de GI] ; de vader, bijgestaan door zijn advocaat; de moeder, bijgestaan door haar advocaat; de pleegouders. De raad is niet verschenen, zoals aangekondigd bij brief van 22 september

  1. De pleegmoeder heeft aan de zitting deelgenomen via een videoverbinding. [naam 1] , medewerker van Horizon pleegzorg, en [naam 2] , partner van de vader, is bijzondere toegang verleend tot de zitting. De gecertificeerde instelling heeft het woord gevoerd aan de hand van een overgelegde pleitnota. Het hof heeft de gecertificeerde instelling toegestaan om tijdens de zitting [naam NIFP-deskundige] te bevragen over een door hem uitgevoerd onderzoek naar beide ouders. [naam NIFP-deskundige] heeft daartoe via een videoverbinding aan een deel van de zitting deelgenomen. 2De beschrijving van het geschil en de beoordeling De beslissing luidt zoals hieronder is bepaald. Ter zitting is aan partijen medegedeeld dat de nadere schriftelijke uitwerking van deze kop-staartbeschikking zal volgen op 19 oktober
  2. 3De beslissing Het hof: vernietigt de beschikking van de rechtbank Den Haag van 8 augustus 2022 voor zover het betreft de afwijzing van het verzoek tot verlenging van de duur van de machtiging uithuisplaatsing voor de periode na 8 oktober 2022 en in zoverre opnieuw rechtdoende: wijst toe het inleidend verzoek van de gecertificeerde instelling tot verlenging van de duur van de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige [naam minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2017 te [geboorteplaats] , in een voorziening voor pleegzorg tot 8 januari 2023; verklaart deze beslissing uitvoerbaar bij voorraad; bekrachtigt de bestreden beschikking voor het overige; wijst het meer of anders verzochte af. Deze beschikking is gegeven door mrs. P.M.A.J. Bollen, J.A. van Kempen en F.A.M. Schoenmaker, bijgestaan door mr. L.A.J. Brouwer als griffier, en is op 7 oktober 2022 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.