GERECHTSHOF DEN HAAG Civiel recht Team Handel Zaaknummer hof : 200.297.587/01 Zaaknummer rechtbank : C/10/619795 / KG ZA 21-456 Arrest in kort geding in het incident ex artikel 843a Rv van 13 december 2022 in de zaak van 1Waalstede Vastgoed B.V.,gevestigd in Hedel 2. ’ ’t Goeie Spoor B.V., gevestigd in Rotterdam, 2. [appellant 3],wonende in [woonplaats], 2. [appellant 4],wonende in [woonplaats], appellanten in het principaal hoger beroep, verweerders in incidenteel hoger beroep,verzoekers in het incident, advocaat: mr. R.A.D. Blaauw te Rotterdam, tegen 1Druvar Vastgoed B.V.,gevestigd in Kerkwijk (gemeente Zaltbommel), 2. [geïntimeerde 2],wonende in [woonplaats], verweerders in het principaal hoger beroep, appellanten in het incidenteel hoger beroep,verweerders in het incident, advocaat: mr. D.I.J. Snijders te 's-Hertogenbosch. Het hof zal verzoekers in het incident samen en verweerders in het incident samen hierna respectievelijk noemen Waalstede c.s. en Druvar c.s.. Partijen afzonderlijk zullen hierna worden genoemd Waalstede, ’t Goeie Spoor, [appellant 3], [appellant 4], respectievelijk Druvar en [geïntimeerde 2]. 1De zaak in het kort 1.1 In dit incident gaat het om de vraag of Druvar c.s. nog een drietal stukken moet verstrekken aan de wederpartij, thans op straffe van een dwangsom. Druvar is hiertoe al eerder veroordeeld, echter zonder dwangsom. Druvar c.s. heeft tot nu toe niet aan deze veroordeling voldaan. 1.2 Het hof wijst de vordering toe. 2Procesverloop in hoger beroep 2.1 Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit de volgende stukken: de dagvaarding van 13 juli 2021, waarmee Waalstede c.s. in hoger beroep is gekomen van het vonnis in kort geding van de voorzieningenrechter in de rechtbank Rotterdam van 15 juni 2021 (hierna ook: het bestreden vonnis); de memorie van grieven van Waalstede c.s., met bijlagen; de memorie van antwoord tevens houdende incidenteel appel van Druvar c.s., met bijlagen; de akte incidentele vordering van Waalstede c.s., met bijlagen; de conclusie van antwoord in het incident van Druvar c.s., met bijlagen; de akte houdende vermindering van eis in het incident. 2.2 Hierna is arrest in het incident bepaald. 3Feitelijke achtergrond 3.1 Tussen partijen is een geschil ontstaan, dat heeft geleid tot een arrest van dit hof van 13 november 2018, met zaaknummer 200.195.832/02 (hierna: de hoofdzaak). In dat arrest is de vordering van (onder meer) Waalstede tot betaling van schadevergoeding afgewezen. 3.2 Van dit arrest is herroeping gevraagd. Deze procedure is bij het hof bekend onder zaaknummers 200.278.410/01 en 200.278.462/01 (hierna: de herroepingsprocedure). In de herroepingsprocedure heeft het hof bij arrest van 6 april 2021 in een incident ex artikel 843a Rv Druvar c.s. veroordeeld om aan, onder meer, Waalstede een groot aantal bescheiden in afschrift te verstrekken. Druvar c.s. is deze veroordeling niet volledig nagekomen.Bij arrest van 3 mei 2022 in de herroepingsprocedure heeft het hof het geding in de hoofdzaak heropend ten aanzien van de eerste grondslag van de vordering van (onder meer) Waalstede.en de zaak verwezen naar rol. De hierop volgende verwijzingsprocedure loopt nog. 3.3 Druvar c.s. heeft op 4 juni 2021, met verlof van de voorzieningenrechter, conservatoir beslag gelegd voor ruim € 10.000.000,-- ten laste van (onder meer) Waalstede c.s.. De grondslag hiervan is door Druvar c.s. gesteld onrechtmatig handelen door beslagenen, bestaande uit het doen van valse aangifte tegen Druvar c.s. en het onjuist informeren van de belastingdienst en de NS over Druvar c.s.. 4Procedure bij de rechtbank in kort geding 4.1 De voorzieningenrechter heeft op vordering van (onder meer) Waalstede c.s. bij het thans bestreden vonnis van 15 juni 2021 Druvar c.s. veroordeeld om de beslagen ten laste van [appellant 4] Woningbeheer B.V., Charleston Vastgoed Rotterdam B.V. en Yellow Sprint Holding B.V. op te heffen, dit op straffe van een dwangsom. De beslagen ten laste van thans appellanten (Waalstede c.s.), zijn daarbij gehandhaafd. 5Vorderingen in het incident in hoger beroep 5.1 Waalstede c.s. is in hoger beroep gekomen omdat zij het niet eens is met het bestreden vonnis. Op dit moment is, na vermindering van eis in het incident, alleen de vordering van Waalstede c.s. in het incident aan de orde. 5.2 Waalstede c.s. vordert thans veroordeling van Druvar c.s. tot verstrekking van een drietal bescheiden, op straffe van een dwangsom. Het gaat om:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.