Rolnummer: 22-003537-22 Parketnummer: 10-179732-22 Datum uitspraak: 26 april 2023 TEGENSPRAAK Gerechtshof Den Haag meervoudige kamer voor strafzaken Arrest gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 6 december 2022 in de strafzaak tegen de verdachte: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], [adres]. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van dit hof. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht. Procesgang In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het tenlastegelegde veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 weken met een proeftijd van 2 jaren en onder de bijzondere voorwaarden als nader omschreven in het vonnis waarvan beroep, alsmede een taakstraf voor de duur van 50 uren, subsidiair 25 dagen hechtenis. Tevens is er een beslissing genomen omtrent de vordering van de benadeelde partij als nader omschreven in het vonnis waarvan beroep. Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld. Tenlastelegging Aan de verdachte is tenlastegelegd dat: hij op of omstreeks 28 juni 2022 te Schiedam, met [slachtoffer], geboren op [geboortedatum slachtoffer], die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten het over haar kleren knijpen in, althans betasten van haar borsten en/of het over haar kleren knijpen in, althans betasten van haar billen. Vordering van de advocaat-generaal De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep – met aanvulling van gronden - zal worden bevestigd. Het vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven, omdat het hof zich daarmee niet geheel verenigt. Het hof komt tot een andere strafoplegging en zal ook de bewijsvoering anders vormgeven. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat: hij op of omstreeks 28 juni 2022 te Schiedam, met [slachtoffer], geboren op [geboortedatum slachtoffer], die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten het over haar kleren knijpen in, althans betasten van haar borsten en/of het over haar kleren knijpen in, althans betasten van haar billen. Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken. Bewijsvoering Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring. In die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest vereist met de bewijsmiddelen dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit arrest zal worden gehecht. Strafbaarheid van het bewezenverklaarde Het bewezenverklaarde levert op: met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen. Strafbaarheid van de verdachte Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar. Strafmotivering Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. De verdachte heeft zich op de bewezenverklaarde wijze schuldig gemaakt aan ontucht met een destijds tienjarig meisje door in haar borsten en in haar billen te knijpen, toen zij even uit het water was gekomen waar zij met andere kinderen aan het zwemmen was. De verdachte heeft bij zijn handelen kennelijk alleen oog gehad voor de bevrediging van zijn eigen lusten en heeft zich niet bekommerd om de gevolgen voor het slachtoffer en haar naasten. Uit de in eerste aanleg in het kader van de uitoefening van het spreekrecht opgemaakte schriftelijke slachtofferverklaring(en) blijkt ook hoezeer het bewezenverklaarde heeft ingegrepen op het leven van het nog jonge slachtoffer en haar moeder. Het hof heeft acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 11 april 2023, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder en ook niet nadien is veroordeeld voor soortgelijke (of andersoortige) strafbare feiten. Tevens neemt het hof in aanmerking dat de verdachte kort na het incident thuis is opgezocht en vervolgens is geslagen en neergestoken, als gevolg waarvan hij in het ziekenhuis is opgenomen. In een rechtstaat is het de rechter die bepaalt of iemand zich schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit en of en welke straf daarvoor op zijn plaats is. Het hof ziet in het tegen de verdachte gebruikte geweld – dat onmiskenbaar in verband staat met het tenlastegelegde – een ontoelaatbare vorm van eigenrichting en het hof ziet hierin aanleiding om (anders dan de rechtbank) naast een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf geen taakstraf op te leggen. In verband met de ernst van het feit en ter voorkoming van recidive acht het hof wel een voorwaardelijke gevangenisstraf van langere duur dan door de rechtbank is opgelegd passend. Het hof is - alles afwegende - van oordeel dat een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur een passende en geboden reactie vormt. Vordering tot schadevergoeding [slachtoffer] In het onderhavige strafproces heeft [slachtoffer] zich als benadeelde partij gevoegd en een vordering ingediend tot vergoeding van geleden immateriële schade als gevolg van het aan de verdachte bewezenverklaarde tenlastegelegde, tot een bedrag van € 1.000,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.