GERECHTSHOF DEN HAAG Civiel recht Team handel Zaaknummer hof : 200.274.857/01Zaaknummer rechtbank: C/10/572221 HA ZA 19-354 Arrest van 23 april 2024 in de zaak van 1Zodiac Maritime Ltd.,gevestigd in Londen, Verenigd Koninkrijk, 2. Dexhon Shipping Inc.,gevestigd in Tortola, Britse Maagdeneilanden,appellanten,advocaat: mr. M.M. van Leeuwen, kantoorhoudend in Rotterdam, tegen V Marine Fuels B.V., gevestigd in Rotterdam, verweerster, advocaat: mr. M. Verhagen, kantoorhoudend in Rotterdam. Het hof zal partijen hierna Zodiac, Dexhon en VMF noemen, en eerstgenoemden gezamenlijk Zodiac c.s. 1Het verdere procesverloop Voor het verloop van de procedure tot aan het arrest van 17 januari 2023, verwijst het hof naar dat arrest (hierna: het tussenarrest). Het hof heeft met dat arrest de zaak naar de rol verwezen voor aktes van beide partijen. Partijen hebben daarna de volgende stukken gewisseld: Akte VMF, met productie 1 Memorie na tussenarrest Zodiac c.s., met producties 8-15 Antwoordakte VMF, met producties 2-4 Antwoordakte Zodiac c.s., met producties 16-19 Akte VMF, met producties 5-6 Nadere akte Zodiac c.s., met producties 20-24. 2De verdere beoordeling 2.1 Samengevat gaat het in deze zaak om het volgende. OBW heeft bunkerolie gekocht bij VMF en deze doorverkocht aan Zodiac c.s., die de bunkerolie heeft verbruikt voor de voortstuwing van haar zeeschip de Forest Park. OWB heeft verzuimd de koopprijs te betalen. VMF stelt dat Zodiac c.s. onrechtmatig tegenover haar heeft gehandeld omdat zij de bunkerolie heeft verbruikt ondanks dat zij bekend was geraakt met het eigendoms–voorbehoud in het contract tussen VMF en OWB, dan wel dat Zodiac c.s. door deze gang van zaken ongerechtvaardigd is verrijkt ten koste van VMF. In conventie vordert VMF hiervoor schadevergoeding van Zodiac c.s. Zodiac c.s. stelt op haar beurt dat VMF ten onrechte in Marokko beslag heeft laten leggen op de Forest Park en daarom tegenover haar aansprakelijk is. Daarvoor vordert zij in reconventie schadevergoeding van VMF. 2.2 Met het tussenarrest heeft het hof geoordeeld dat Zodiac c.s. niet onrechtmatig tegenover VMF heeft gehandeld, noch ongerechtvaardigd ten koste van VMF is verrijkt. Dit betekent dat de vordering in conventie niet toewijsbaar is. 2.3 Met het tussenarrest heeft het hof partijen verder opgedragen om zich bij akte (nader) uit te laten over de door Zodiac c.s. in reconventie gestelde aansprakelijkheid van VMF. Dit hebben partijen gedaan. Het hof zal de vordering in reconventie toewijzen. Het hof licht dit als volgt toe. Maatstaf aansprakelijkheid 2.4 Zoals overwogen in het tussenarrest, moet de aansprakelijkheid van VMF voor het beslag worden beoordeeld naar Marokkaans recht. Elk van partijen heeft opinies ingebracht van een door haar ingeschakelde, in Marokko praktiserende (maritieme) advocaat. Zodiac c.s. heeft opinies ingebracht van mr. Saïg, advocaat te Casablanca. VMF heeft opinies ingebracht van mr. Lahlou, ook advocaat te Casablanca. 2.5 Uit deze opinies volgt dat naar Marokkaans recht niet de regel geldt – zoals naar Nederlands recht geldt – dat de beslagene een vordering uit onrechtmatige beslaglegging geldend kan maken op de enkele grond dat de vordering waarvoor beslag is gelegd later ondeugdelijk is gebleken. Wel zijn naar Marokkaans recht justitiabelen verplicht hun rechten te goeder trouw uit te oefenen (mr. Saïg en mr. Lahlou zijn het hierover ook eens). Dit geldt ook voor het (ex parte) vragen om verlof tot beslaglegging. 2.6 In het navolgende zal het hof eerst toelichten dat VMF in haar beslagrekest de beslagrechter onjuist en niet te goeder trouw heeft voorgelicht (2.7-2.11). Daarna zal het hof uiteenzetten dat bij te goeder trouw gegeven voorlichting het verlof niet zou zijn verleend (2.12-2.18) en dat daarom VMF aansprakelijk is voor de door het beslag veroorzaakte schade (2.19). VMF heeft de beslagrechter onjuist en niet te goeder trouw voorgelicht 2.7 Het verzoekschrift dat tot de gewraakte beslaglegging heeft geleid luidde volgens de onweersproken vertaling die Zodiac c.s. in het geding heeft gebracht, voor zover van belang, als volgt: “verzoekster heeft een vordering van 272.862,74 Amerikaanse dollars op de reder van het schip “FOREST PARK” voor brandstof geleverd op 2014/10/15 aan de reder door middel van het schip toebehorend aan de verzoekster genaamd “OOSTZEE”; De vordering van verzoekster is onbetwistbaar, zoals blijkt uit de navolgende documenten: - het ontvangstbewijs voor de brandstof, met het stempel en de handtekening van de kapitein van het schip (productie 1); - de onbetaalde factuur (productie 2); - een kopie van het internet waaruit blijkt dat het schip OOSTZEE toebehoort aan de verzoekster (productie 3). […] In ieder geval is de vordering van de verzoekster vastgesteld in deze kwestie op basis van de bovengenoemde documenten.” (onderstreping/vet in het origineel) 2.8 De bij het verzoekschrift gevoegde factuur van VMF was geadresseerd als volgt: Master and/or Owner and/or Managing Owners and/or Charterers and/or Buyers of MV “FOREST PARK” and : OW BUNKER (NETHERLANDS) BV [adres]” 2.9 Het verlof tot beslaglegging luidt volgens de vertaling die VMF in het geding heeft gebracht, voor zover van belang: “Considering that the plaintiff has supported its claim by disclosing a copy of the bunker delivery receipt, the outstanding invoice and an extract from the equasis website, In consideration of the arguments put forward by the plaintiff and the exhibits disclosed, we consider the application to be well-founded and relevant.” 2.10 De omschrijving van de vordering waarvoor VMF in haar verzoekschrift verlof tot beslaglegging vroeg, kan niet anders worden uitgelegd dan dat het ging om een contractuele vordering op Zodiac. Dit volgt in het bijzonder uit de mededeling dat de vordering op de ‘reder’ (Zodiac) was ‘vastgesteld’ met de met het verzoekschrift overgelegde documenten, dat wil zeggen de mede aan ‘Master and/or Owner and/or Managing Owners and/or Charterers and/or Buyers of MV “FOREST PARK”’ gerichte factuur en de afleverbon. Blijkens het beslagverlof heeft de beslagrechter de gepretendeerde vordering ook uitgelegd als een contractuele vordering op Zodiac. 2.11 VMF stelt zich in de onderhavige procedure niet (meer) op het standpunt dat zij een contractuele vordering heeft of had op Zodiac. In de in zoverre niet of onvoldoende weersproken stellingen van Zodiac c.s. ligt besloten dat VMF van iets anders ook niet te goeder trouw mocht uitgaan. Hiermee staat vast dat VMF de beslagrechter onjuist en niet te goeder trouw heeft voorgelicht. De stelling van mr. Lahlou in zijn opinie van 22 mei 2023 dat het goedetrouwbeginsel slechts impliceert dat partijen niet op basis van leugens mogen procederen doet hieraan niet af: het hof onderschrijft die stelling niet voor zover mr. Lahlou daarmee mocht bedoelen dat de hiervoor bedoelde onjuiste voorlichting van de beslagrechter niet ongeoorloofd was onder het goedetrouwbeginsel naar Marokkaans recht. Bij te goeder trouw gegeven voorlichting zou het verlof niet zijn verleend 2.12 Mr. Saïg stelt in zijn opinie van 26 maart 2023 dat de huidige – naar het hof begrijpt: Marokkaanse – praktijk en professionele gebruiken meebrengen dat een partij die ex parte om verlof tot beslaglegging vraagt, de rechter naar waarheid en volledig informeert over de bestaande situatie en de gronden voor het beslag. Op grond van de voorliggende feiten betekent dit volgens hem dat VMF de beslagrechter over de volgende elementen had moeten voorlichten:(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.