GERECHTSHOF DEN HAAG Civiel recht Team Handel Zaaknummer hof : 200.329.425/01 Zaaknummer rechtbank : 10430748 CV EXPL 23-930 Arrest in kort geding van 30 januari 2024 in de zaak van [appellant] , wonend in [woonplaats] , appellant, advocaat: mr. D. Pieterse, kantoorhoudend in Den Haag, tegen Stichting Mozaïek Wonen, gevestigd in Gouda, verweerster, advocaat: mr. S.E. Roeters van Lennep, kantoorhoudend in Rotterdam. Het hof zal partijen hierna noemen [appellant] en Mozaïek Wonen. 1De zaak in het kort 1.1 De kantonrechter heeft [appellant] in kort geding veroordeeld om de door hem gehuurde woning te ontruimen omdat hij zich vanuit de woning heeft bezig gehouden met de vervaardiging van en handel in drugs. Het hof komt tot hetzelfde oordeel. 2Procesverloop in hoger beroep 2.1 Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit de volgende stukken: de dagvaarding van 5 juni 2023, waarmee [appellant] in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Gouda, van 9 mei 2023 (verbeterd op 8 juni 2023); de memorie van grieven van [appellant] , met bijlagen; de memorie van antwoord van Mozaïek Wonen, met één bijlage. 3Feitelijke achtergrond 3.1 [appellant] huurde sinds 5 oktober 2022 van Mozaïek Wonen tijdelijk, met woonbegeleiding, de woning aan de [adres] (hierna: de woning). 3.2 Artikel 6.18 van de toepasselijke algemene huurvoorwaarden bepaalt het volgende: “Het is huurder verboden in het gehuurde een bedrijf, handel of huisindustrie uit te oefenen, waaronder begrepen het telen, houden, bewaren, opslaan, verwerken, bewerken, handelen of verhandelen van verdovende middelen (…) Dit verbod geldt eveneens voor elke andere activiteit die op basis van de Opiumwet strafbaar is gesteld.” 3.3 Op 20 februari 2023 is er een inval geweest in de woning. De door de politie opgemaakte bestuurlijke rapportage vermeldt onder meer het volgende: “Op zaterdag 18 februari 2023 kreeg de politie (…) een hit van het Automatic Number Plate Recognition (ANPR) langs de Rijksweg (…). Deze hit werd gegenereerd door een personenauto (…) voorzien van het Nederlandse kenteken (…). Het voertuig was eerder betrokken bij een vondst van verdovende middelen. Op de locatie (…) werd het voertuig staande gehouden. (…) De bestuurder betrof verdachte (…) [appellant] (…). (…) Tijdens de controle werd in de jaszak van [appellant] een plastic zakje met witkleurige kristallen aangetroffen. In een rugzak in het voertuig troffen de betrokken verbalisanten aan: - 3x telefoon - 14 pillen - 73 gr crystal meth - 120 euro - zakje restdrugs (speed) - voorgevouwen pony-packs - notities van adressen en telefoonnummers en omschrijvingen. (…) Op maandag 20 februari 2023 (…) werd (…) [appellant] aangehouden als verdachte van overtreding van de Opiumwet (…). Hierop werd de woning waar verdachte staat ingeschreven (…) betreden. (…) In de woning zijn diverse goederen aangetroffen die betrekking hebben op handel en vervaardigen harddrugs zoals GHB en MDMA pillen. Onder andere in beslaggenomen waarvan het vermoeden is dat deze gebruikt worden voor het vervaardigen van GHB: - 4x Coca Cola fles met daarin een heldere vloeistof - 2x jerrycan met daarin een vloeistof - 13x fles met vloeistof en korrels opschrift: Gootsteenontstopper - 3x fles met opschrift: Gedemineraliseerd water - 2x potje met daarin heldere vloeistof Daarnaast MDMA pillen: - koffer met oranje deksel gevuld met verschillende gripzakken met tabletten - 1x gripzak met daarin witkleurige pillen - 1x gripzak met daarin gevulde pony-packs - 1x canvastas merk Gamma met daarin verschillende gripzakken met tabletten en poeders En voor het versturen / verpakken / verhandelen: - 1x mobiele telefoon (…) - 31x doos met ongevouwen pony-packs (…) - 20x tas/zak met gevouwen pony-packs (…) - 1x bigshopper tas met ongevouwen pony-packs - 1x doos met lege plastic gripzakken - contant geldbedrag 940 euro Totaal verdovende middelen 1496,91 gram en 223 pillen. (…) Op 16 januari 2023 werd door de politie gemuteerd dat er vermoedens waren over handel vanuit deze woning.” 3.4 [appellant] is op basis hiervan in hechtenis genomen en strafrechtelijk vervolgd in verband overtreding van de Opiumwet. 3.5 Bij vonnis van 30 mei 2023 heeft de rechtbank Den Haag, afdeling strafrecht, geoordeeld dat de opsporingsambtenaren niet bevoegd waren om [appellant] op 18 februari 2023 te fouilleren en dat die fouillering daarom onrechtmatig was. De daarop volgende doorzoeking van de auto en de latere doorzoeking van de woning zijn daarmee ook onrechtmatig geweest, omdat die uiteindelijk waren gebaseerd op de vondst van de verdovende middelen die bij de (onrechtmatige) fouillering in de kleding van [appellant] waren gevonden. De rechtbank heeft verder geoordeeld dat sprake is van onherstelbare vormverzuimen die tot integrale bewijsuitsluiting moeten leiden. [appellant] is om die reden vrijgesproken van de hem ten laste gelegde feiten. 3.6 De woning is op 7 september 2023 ontruimd. 4Procedures bij de rechtbank 4.1 Mozaïek Wonen heeft [appellant] in kort geding gedagvaard en gevorderd, kort gezegd en voor zover in hoger beroep nog van belang, dat [appellant] wordt veroordeeld om de woning te ontruimen. Mozaïek Wonen heeft daaraan onder meer ten grondslag gelegd dat [appellant] tekort is geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen uit de huurovereenkomst door in strijd te handelen met artikel 6.18 van de algemene huurvoorwaarden. 4.2 De kantonrechter heeft bij vonnis van 9 mei 2023 de vordering tot ontruiming toegewezen en [appellant] in de kosten veroordeeld. Hij heeft daartoe onder meer overwogen dat [appellant] in strijd heeft gehandeld met de huurovereenkomst en de bijbehorende algemene voorwaarden door verdovende middelen in en/of vanuit de woning te verhandelen dan wel deze in de woning te produceren. Volgens de kantonrechter valt de afweging van het woonbelang van [appellant] tegen het belang van Mozaïek Wonen om handel en productie van verdovende middelen tegen te gaan, zonder meer uit in het voordeel van Mozaïek Wonen. 4.3 [appellant] heeft daarna een executiegeschil aangespannen om ontruiming van de woning te voorkomen. Bij vonnis van 17 juli 2023 van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Gouda, is de vordering van [appellant] tot opschorting/schorsing van de tenuitvoerlegging van het hiervoor genoemde vonnis van 9 mei 2023 afgewezen. 5Vordering in hoger beroep 5.1 [appellant] is in hoger beroep gekomen omdat hij het niet eens is met het vonnis van de kantonrechter van 9 mei
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.