← Nederland

ECLI:NL:GHDHA:2024:1718

GERECHTSHOF DEN HAAG Zaaknummers: 200.336.910/01 Rolnummers hoofdzaak: BK-23/308 Beslissing van de meervoudige kamer voor de behandeling van wrakings- en verschoningsverzoeken van 8 februari 2024 inzake het verzoek tot wraking als bedoeld in artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in de hoofdzaak met genoemde rolnummers van: [X] te [Z] , verzoeker, Het geding

  1. Op 17 januari 2024 heeft verzoeker een verzoek ingediend tot wraking van de raadsheren P.J.J. Vonk, M.J.M. van der Weijden en R.M. Hermans van de meervoudige belastingkamer in bovengenoemde hoofdzaak. Verzoeker heeft het wrakingsverzoek ingediend tijdens de mondelinge behandeling van de zaak.
  2. Bij schriftelijke reactie van 24 januari 2024 hebben de gewraakte raadsheren meegedeeld niet te berusten in het verzoek tot wraking. Feiten
  3. Verzoeker heeft aan het verzoek tot wraking ten grondslag gelegd dat in de onderliggende procedure het hof tijdens de mondelinge behandeling van de zaak kennelijk reeds een beslissing op de zaak had genomen. Verzoeker heeft in dit verband aangevoerd dat hij gedurende de mondelinge behandeling van de zaak het hof had verzocht tot schorsing van de zitting voor vijf minuten zodat het hof kon nadenken over zijn verzoeken, maar dat het hof heeft geweigerd de zitting te schorsen. Beoordeling van het wrakingsverzoek
  4. Op grond van artikel 8:15 Awb kan op verzoek van een partij, elk van de rechters die een zaak behandelen worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Op grond van artikel 8:108, lid 1, Awb is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op de behandeling van het hoger beroep in belastingzaken.
  5. Bij de beoordeling van een beroep op het ontbreken van onpartijdigheid van de rechter dient voorop te staan dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat hij jegens de verzoeker een vooringenomenheid koestert, althans dat de bij de verzoeker dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is (zie onder meer HR 6 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1331).
  6. De wrakingskamer stelt voorop dat de afwijzing van een verzoek om de zitting voor vijf minuten te schorsen moet worden aangemerkt als een processuele beslissing. Voor dergelijke beslissingen geldt dat zij in beginsel geen grond kunnen opleveren voor wraking. Alleen indien de beslissing zo onbegrijpelijk is dat deze een zwaarwegende aanwijzing oplevert voor het oordeel dat het hof jegens verzoeker een vooringenomenheid koestert, althans dat de bij verzoeker dienaangaande bestaande vrees voor een dergelijke vooringenomenheid naar objectieve maatstaven gerechtvaardigd is, kan dit tot een ander oordeel leiden.
  7. Verzoeker heeft inzake de weigering van het hof om de zitting desgevraagd te schorsen aangevoerd dat het hof hiermee kennelijk reeds een beslissing op de zaak heeft genomen. Aan verzoeker is ter zitting meegedeeld dat het hof geen aanleiding ziet om de zitting te schorsen teneinde zich te beraden op de verzoeken van verzoeker, aangezien hij dit na afloop van het onderzoek ter zitting zal doen. Anders dan verzoeker betoogt, ligt hierin redelijkerwijs niet besloten dat het hof reeds een beslissing op de zaak heeft genomen. Van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke partijdigheid schade zou kunnen leiden is dan ook geen sprake. Het verzoek is daarom kennelijk ongegrond.
  8. Uit het vorenstaande volgt dat het verzoek tot wraking afgewezen dient te worden. Beslissing Het Hof - wijst het verzoek tot wraking af. - bepaalt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan verzoeker, aan de raadsheren, alsmede aan de Inspecteur. Deze beslissing is gegeven op 8 februari 2024 door H.A.J. Kroon, voorzitter, H.C. Wiersinga en P. Glazener, in aanwezigheid van de griffier J. Azmi Shenouda. Deze beslissing is ondertekend door de voorzitter en de griffier. aangetekend aan verzoeker verzonden:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.