Rolnummer: 22-003799-23 Parketnummers: 10-199580-21 en 10-317980-22 (gevoegd) Datum uitspraak: 27 november 2024 TEGENSPRAAK Gerechtshof Den Haag meervoudige kamer voor strafzaken Arrest gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 12 december 2023 in de strafzaak tegen de verdachte: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedatum] 1981, ten tijde van de behandeling ter terechtzitting in hoger beroep uit anderen hoofde gedetineerd in [verblijfplaats]. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van dit hof. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht. Procesgang In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het in de zaak met parketnummer 10-199580-21 onder 1 primair impliciet primair (poging moord), 2 primair en 3 tenlastegelegde en het in de zaak met parketnummer 10-317980-22 tenlastegelegde veroordeeld en is aan de verdachte – in verband met een eerder onherroepelijk opgelegde levenslange gevangenisstraf - geen straf of maatregel opgelegd. Voorts zijn de vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 2], geheel toegewezen, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De officier van justitie heeft tegen het vonnis hoger beroep ingesteld. Tenlastelegging Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg - tenlastegelegd dat: Zaak met parketnummer 10-199580-21: 1.hij op of omstreeks 17 februari 2021 te Rotterdam ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [persoon 1] opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven te beroven, meermalen met kracht met een scherp en puntig voorwerp in de wang en/of oor, althans gezicht, en/of richting de hals van die [persoon 1] heeft gestoken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden: hij op of omstreeks 17 februari 2021 te Rotterdam ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [persoon 1] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen meermalen met kracht met een scherp en puntig voorwerp in de wang en/of oor, althans gezicht, en/of richting de hals van die [persoon 1] heeft gestoken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; meer subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden: hij op of omstreeks 17 februari 2021 te Rotterdam [persoon 1] heeft mishandeld door meermalen met kracht met een scherp en puntig voorwerp in de wang en/of oor, althans gezicht, en/of richting de hals van die [persoon 1] te steken; 2.hij op of omstreeks 17 oktober 2021 te Rotterdam, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan een ambtenaar, te weten [persoon 2], gedurende en/of terzake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, hete olie en/of een hete vloeistof, althans een pan met hete olie en/of een hete vloeistof, in de richting van [persoon 2] heeft gegooid, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden: hij op of omstreeks 17 oktober 2021 te Rotterdam, een ambtenaar, te weten [persoon 2], gedurende en/of terzake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening heeft mishandeld door hete olie en/of een hete vloeistof, althans een pan met hete olie en/of een hete vloeistof, in de richting van die ambtenaar te gooien; 3.hij op of omstreeks 17 oktober 2021 te Rotterdam opzettelijk en wederrechtelijk een televisie, een airfryer, een magnetron, een camera, een playstation, een plafondplaat, een overhemd, een vest en/of een blender, in elk geval enig goed, die geheel of ten dele aan [penitentiaire inrichting], in elk geval aan een ander toebehoorden, heeft vernield, beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt; Zaak met parketnummer 10-317980-22 (gevoegd): hij op of omstreeks 15 juli 2022 te Rotterdam opzettelijk en wederrechtelijk een hardloopband, een fiets, een crosstrainer, een airfryer, een televisie, een houten tussendeur en/of zes glazen ruiten, in elk geval enig goed, die geheel of ten dele aan [penitentiaire inrichting], in elk geval aan een ander toebehoorden heeft vernield, beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt. Vordering van de advocaat-generaal De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd met uitzondering van de beslissing dat aan de verdachte geen straf of maatregel wordt opgelegd overeenkomstig artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr), alsmede ter zake van de beslissing op de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde partij 1]. De advocaat-generaal vordert dat de verdachte ter zake van het in de zaak met parketnummer 10-199580-21 onder 1 primair impliciet primair (poging moord), 2 primair en 3 tenlastegelegde en het in de zaak met parketnummer 10-317980-22 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zeven jaar. De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde partij 1] dient te worden afgewezen, nu deze vordering reeds op een andere wijze is voldaan. Het vonnis waarvan beroep Het hof is van oordeel, dat de eerste rechter op juiste gronden heeft geoordeeld en op juiste wijze heeft beslist, zodat het vonnis, waarvan beroep, met overneming van gronden behoort te worden bevestigd, behalve voor wat betreft de beslissing om aan de verdachte geen straf of maatregel op te leggen overeenkomstig artikel 9a Sr, de motivering daarvan en de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde partij 1]. Het vonnis moet op die onderdelen worden vernietigd en in zoverre moet opnieuw worden rechtgedaan. Strafmotivering Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. Ernst van de feiten Met de rechtbank is het hof van oordeel dat de verdachte in de penitentiaire inrichting met voorbedachten rade heeft geprobeerd om een bewaarder om het leven te brengen. De verdachte heeft met dat doel zelf een wapen gemaakt en een moment gekozen om toe te slaan. Het nietsvermoedende slachtoffer werd, terwijl hij de trap afliep, van achteren met dit zelfgemaakte wapen aangevallen door de verdachte, die tweemaal in de richting van de hals van het slachtoffer heeft gestoken. Daarbij is hij in zijn wang geraakt. Dat het niet tot een fatale afloop heeft geleid, is enkel en alleen aan adequaat ingrijpen van het slachtoffer zelf en zijn collega te danken geweest. Daarnaast heeft de verdachte geprobeerd een andere bewaarder zwaar lichamelijk letsel toe te brengen door vanuit een pan hete olie in zijn richting te gooien. Aldus handelende heeft de verdachte op grove wijze de lichamelijke integriteit van de slachtoffers geschonden en hebben zij beangstigende momenten doorstaan. Algemene ervaringsregels leren dat slachtoffers van dergelijke feiten nog een lange tijd de psychische gevolgen daarvan ondervinden. Voorts heeft de verdachte op een tweetal momenten vernielingen aangericht in de recreatieruimte en in de sportzaal van de penitentiaire inrichting, zoals in de bewezenverklaring nader omschreven. Aldus handelende heeft de verdachte de penitentiaire inrichting financiële schade berokkend en hen overlast bezorgd. Justitiële documentatie Het hof heeft acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 30 oktober 2024, waaruit onder andere blijkt dat de verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. Persoon van de verdachte Het hof heeft voorts acht geslagen op het in het onderhavige dossier gevoegde Pro Justitiarapport, locatie: Pieter Baan Centrum d.d. 14 november
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.