← Nederland

ECLI:NL:GHDHA:2025:1577

PROMIS Rolnummer: 22-002163-22 Parketnummer: 09-767514-20 Datum uitspraak: 3 juli 2025 TEGENSPRAAK Gerechtshof Den Haag meervoudige kamer voor strafzaken Arrest gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag van 12 juli 2022 in de strafzaak tegen de verdachte: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984, thans gedetineerd in [verblijfplaats], Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzittingen in hoger beroep van dit hof. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaten-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht. Procesgang In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het onder 1, 2 primair, 3 en 4 tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 7 jaren met aftrek van voorarrest. Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld. Tenlastelegging Aan de verdachte is tenlastegelegd dat: 1.(Criminele organisatie) hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2019 tot en met 9 maart 2021 te Den Haag en/of elders in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 5] en/of [medeverdachte 6] en/of met meerdere andere (onbekend gebleven) personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van één of meer misdrijven als bedoeld in artikel 10 lid 3 en/of lid 4 en/of lid 5 van de Opiumwet en/of art. 10a van de Opiumwet; 2. (Verkoop) hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 maart 2020 tot en met 9 maart 2021 te Den Haag en/of elders in Nederland, meermalen, althans eenmaal, tezamen en in vereniging met anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk heeft verkocht en/of afgeleverd en/of versterkt en/of vervoerd, een (grote) hoeveelheid/hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne en/of heroïne, zijnde cocaïne en/of heroïne, (telkens) een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst 1; Subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden: (Voorbereidingshandelingen) hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 maart 2020 tot en met 9 maart 2021 te Den Haag en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, althans alleen, (telkens) om een feit, bedoeld in het vierde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken en/of vervoeren van een (grote) hoeveelheid/hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne en/of heroïne en/of amfetamine, zijnde cocaïne en/of heroïne en/of amfetamine, (telkens) een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst 1, voor te bereiden en/of te bevorderen, (telkens) zich en/of één of meer anderen meermalen, althans eenmaal gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het plegen van dat/die feit(

  1. en)heeft/hebben getracht te verschaffen, immers heeft hij/hebben zij - ( met gebruiker(
  2. s)van account(
  3. s)[account 1] en/of [account 2] en/of [account 3] en/of [account 4] en/of [account 5] en/of [account 6]) inlichtingen uitgewisseld over de prijs en/of beschikbaarheid en/of samenstelling van heroïne en/of cocaïne, en/of - ( met gebruiker(
  4. s)van account(
  5. s)[account 7] en/of [account 8]) inlichtingen uitgewisseld over de prijs en/of beschikbaarheid van amfetamine olie), en/of - ( met gebruiker(
  6. s)van account(
  7. s)[account 5] en/of [account 9] en/of [account 10] inlichtingen uitgewisseld over de prijs en/of beschikbaarheid van heroïne en/of cocaïne) en/of voorwerpen en/of vervoermiddelen en/of stoffen en/of gelden voorhanden heeft/hebben gehad waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(
  8. s)wist(
  9. en)of ernstige redenen had(den) te vermoeden, dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit (en), -te weten een of meer PGP telefoon(s); 3.(Voorbereidingshandelingen smokkel) hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 maart 2020 tot en met 9 maart 2021 te Den Haag en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, althans alleen, (telkens) om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen, van een (grote) hoeveelheid/hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne en/of heroïne, zijnde cocaïne en/of heroïne, (telkens) een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst 1, voor te bereiden en/of te bevorderen, (telkens) zich en/of één of meer anderen meermalen, althans eenmaal, gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het plegen van dat/die feit(
  10. en)heeft/hebben getracht te verschaffen, immers heeft hij/hebben zij -(met de gebruiker(
  11. s)van het account [account 1] en/of [account 11] en/of [account 12]) inlichtingen uitgewisseld over de beschikbaarheid van transport naar het buitenland (te weten Duitsland, Frankrijk, Denemarken, Zweden en/of Spanje) -met de gebruiker(
  12. s)van het account [account 11]) inlichtingen uitgewisseld over de beschikbaarheid van transport naar het buitenland (te weten Zweden en/of Denemarken) -met de gebruiker(
  13. s)van het account [account 12]) inlichtingen uitgewisseld over de beschikbaarheid van transport naar het buitenland (te weten Frankrijk) -met de gebruiker(
  14. s)van het account [account 5]) inlichtingen uitgewisseld over beschikbaarheid van transport vanuit en/of naar het buitenland (te weten Frankrijk); 4.(Witwassen ivm chats volgens AMB.147) hij in of omstreeks de periode van 1 november 2020 tot en met 9 maart 2021 te Den Haag en/of elders in Nederland en/of België, tezamen en in vereniging met anderen, althans alleen, 3.033.750 ([account 9] en/of [account 13]), althans meerdere grote geldbedragen, heeft verworven, voorhanden heeft gehad, overgedragen, omgezet en/of daarvan gebruik heeft gemaakt, terwijl hij wist dan wel redelijkerwijs moest vermoeden dat deze voorwerpen, onmiddellijk of middellijk, afkomstig waren uit enig misdrijf. Vordering van de advocaten-generaal De advocaten-generaal hebben gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd ten aanzien van de bewezenverklaring en zal worden vernietigd ten aanzien van de opgelegde straf. De advocaten-generaal hebben gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 7 jaren met aftrek van voorarrest, alsmede tot een geldboete ter hoogte van € 300.000,-, bij niet voldoen te vervangen door 1 jaar hechtenis. Het vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt. Anders dan in eerste aanleg zijn ter terechtzitting in hoger beroep geen verweren gevoerd die zien op de rechtmatigheid van de verkrijging van de EncroChat- en SkyECC-data. De bewijsbeslissing Inleiding De zaak tegen de verdachte maakt deel uit van onderzoek Eems. In dit onderzoek is tegen de nu zeven vervolgde personen de verdenking gerezen dat zij zich - onder meer - hebben bezig gehouden met (internationale) handel in harddrugs en dat zij daarbij een criminele organisatie hebben gevormd. Een aantal van de verdachten binnen onderzoek Eems zijn broers van elkaar, die allen de achternaam [achternaam] dragen en daarom hierna met de voornaam zullen worden genoemd. De verdenking jegens de verdachte berust in belangrijke mate op via EncroChat- en SkyECC-accounts gevoerde berichten die aan hem worden toegeschreven. Daarom zal het hof eerst de vraag beantwoorden of de verdachte inderdaad de gebruiker was van de aan hem toegeschreven accounts. Vervolgens zullen de onder 2 tot en met 4 ten laste gelegde feiten worden besproken. Tot slot wordt een oordeel gegeven over de onder 1 ten laste gelegde deelname aan een criminele organisatie. Identificatie De verdachte wordt onder meer verweten dat hij met anderen communiceerde via de versleutelde berichtendienst EncroChat met de gebruikersnaam [account 14] en via de versleutelde berichtendienst SkyECC met de gebruikersnaam [account 15]. Bewijsmiddelen Het procesdossier bevat ten aanzien van [account 14] het volgende. Uit onderzoek is data verkregen van de telefoon met het IMEI-nummer [imei-nummer 1] en de gebruikersnaam [account 14](hierna ‘[account 14]’). Uit onderzoek is gebleken dat de contacten van [account 14] hem onder diverse namen hadden opgeslagen: [account 14] opgeslagen als: Opgeslagen door: [bijnaam 1 verdachte [account 16] [bijnaam 2 verdachte] [account 6] [bijnaam 3 verdachte] [account 17] [bijnaam 4 verdachte] [account 1] [bijnaam 5 verdachte] [account 18] [bijnaam 6 verdachte] [account 7] [bijnaam 1 verdachte] is een mogelijke afkorting van [verdachte]. Op een foto van de verdachte van 2018 uit het politiesysteem is te zien dat hij een fors postuur heeft, wat zou kunnen verklaren dat hij wordt opgeslagen als ‘[bijnaam 7 verdachte]’. Op 6 juni 2020 werd door [account 14] een foto verzonden naar [account 19] waarop een deel van het interieur van een auto te zien is. Uit gegevens blijkt dat de verdachte op 3 mei 2020, 11 juni 2020 en 17 juni 2020 in een auto van het merk Peugeot, type 206 met bouwjaar 2001 - een auto die op naam van zijn vrouw stond - reed. Uit een vergelijking van een afbeelding van het dashboard van een Peugeot 206 uit 2001 en de foto die door [account 14] op 6 juni 2020 wordt verzonden, blijkt dat de vorm van het middenconsole, de ventilatieroosters en de plaatsing en vorm van de alarmknop overeenkomen. Op 7 april 2020 vindt een gesprek plaats tussen [account 14] en [account 17]: 07-04-2020 17:08 [account 14] Tante van me vader is overleden en ze word donderdag begraven in almere kan ik je auto voor een paar uurtjes lenen Uit onderzoek is gebleken dat op de website [website] op 7 april 2020 een bericht is geplaatst waarin wordt geschreven dat [tante verdachte] is overleden en zal worden begraven op een Islamitische begraafplaats in Almere. Mogelijk wordt hiermee de tante van de vader van [account 14] uit het bovenstaande gesprek bedoeld. - Uit de historische gegevens van het IMEI-nummer [imei-nummer 1] is gebleken dat dit nummer in gebruik was van 31 maart 2020 tot en met 12 juni 2020. Uit deze gegevens blijkt dat de telefoon in deze periode in de nachtelijke uren in totaal 98 keer gebruik maakt van een basisstation dat de woning aan de [adres 1] te Den Haag binnen zijn bereik heeft. De [adres 1] te Den Haag is het BRP-adres van de verdachte. Uit het procesdossier komt ten aanzien van SkyECC-account [account 15] het volgende naar voren. - Uit metadata is gebleken dat het IMSI-nummer [imsi-nummer 1] in de telefoon met IMEI-nummer [imei-nummer 2] zat, en gebruik maakte van het Sky-ID [account 15]. Op 27 januari 2021 werd met behulp van een technisch hulpmiddel (IMSI-scan) vastgesteld dat een telefoon – gebruikmakend van een SIM-kaart met IMSI-nummer [imsi-nummer 1] — aanwezig was in de woning aan de [adres 1] te Den Haag. Uit metadata is gebleken dat het IMSI-nummer [imsi-nummer 1] gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd voornamelijk gebruik maakt van zendmasten in de nabije omgeving van de woning aan de [adres 1] te Den Haag. - Uit onderzoek is gebleken dat de verdachte gebruik maakte van het telefoonnummer [telefoonnummer 1]. Uit een telefoontap gedurende de periode van 5 januari 2021 tot en met 27 januari 2021 op de telefoon van de vrouw van de verdachte, komt naar voren dat de verdachte gebruik maakt van voornoemd telefoonnummer. - Uit onderzoek is gebleken dat de verdachte gebruik maakte van het telefoonnummer [telefoonnummer 2]. Op 29 mei 2020 heeft de verdachte voornoemd telefoonnummer bij een melding opgegeven bij de politie. Uit een analyse van de historische verkeersgegevens bleek dit telefoonnummer in gebruik te zijn van 24 mei 2020 tot en met 17 november 2020. Uit deze gegevens blijkt dat de telefoon in deze periode in de nachtelijke uren in totaal 137 keer gebruik maakte van een basisstation dat de woning aan de [adres 1] te Den Haag binnen zijn bereik heeft. Uit de opgevraagde gegevens blijkt tevens dat het nummer regelmatig contact heeft met het telefoonnummer van onder meer de vrouw en de vader van de verdachte. - Uit een analyse van de historische verkeersgegevens van het telefoonnummer [telefoonnummer 1], het telefoonnummer [telefoonnummer 2] en de telefoon met het IMSI-nummer [imsi-nummer 2] is gebleken dat deze alle drie vanaf 5 augustus 2021 dezelfde reisbewegingen hebben gemaakt. - In de dataset van [account 15] komen de volgende chatberichten naar voren: Gesprek Verzender 10-08-2020 16:58 [account 20], [account 15] [account 15] Bro ik ben die [bijnaam 7 verdachte] ik ben vakantie Spanje 12-08-2020 11:43 [account 15], [account 21] [account 15] Ben al terug gisteravond - Uit de opgevraagde reisgegevens is gebleken dat de verdachte op 7 augustus 2020 van Rotterdam naar Alicante is gevlogen en op 11 augustus 2020 van Alicante naar Rotterdam. De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat hij gebruikt maakte van EncroChat-account [account 14] en SkyECC-account [account 15]. Oordeel hof Op basis van de hiervoor genoemde bewijsmiddelen, in onderlinge samenhang gezien, is het hof van oordeel dat is bewezen dat de verdachte de gebruiker was van EncroChat-account [account 14] en van SkyECC-account [account 15]. De omstandigheden die in het proces-verbaal van identificatie zijn genoemd, worden bevestigd door de chatberichten uit de dataset (waarin de gebruiker van [account 15] zich ‘[bijnaam 7 verdachte]’ noemt en op vakantie in Spanje
  15. is)en de vluchtgegevens van de verdachte (waaruit blijkt dat hij precies op dat moment vier dagen in Spanje was). Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de verdachte ook zelf verklaard dat hij de gebruiker was. Dat niet alleen de verdachte maar ook (een) ander(
  16. en)gedurende de ten laste gelegde periodes van genoemde accounts gebruik zouden hebben gemaakt, zoals de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep heeft opgemerkt, is naar het oordeel van het hof niet aannemelijk geworden. Feit 2, handel in harddrugs subsidiair voorbereidingshandelingen Onder dit feit wordt de verdachte verweten dat hij heroïne/cocaïne heeft verkocht dan wel voorbereidingshandelingen daarvoor heeft gepleegd door inlichtingen uit te wisselen en een of meer PGP-telefoon(
  17. s)voorhanden te hebben. Bewijsmiddelen In de hierna weergegeven chats worden verschillende woorden gebruikt. [medeverdachte 4] heeft verklaard dat de volgende in zijn berichtenverkeer gebruikte woorden de volgende betekenis hebben: ‘Bruin’ is heroïne; ‘Stuks’ zijn kilo’s, ook wel blokken te zien op sommige foto’s in het dossier; ‘Colo’ is Colombiaanse cocaïne; ‘Boli’ is Boliviaanse cocaïne; Met ‘28’ en ‘28,5’ wordt bedoeld de prijs van cocaïne; Een ‘kwartje’ is € 250,- per blok; ‘Pap’ is papier en ‘papier’ is geld. Gesprek [account 14] en [account 1] 02-04-2020 16:48 [account 14] had je die turkse 10 nog 02-04-2020 16:50 [account 1] Ik heb daar 7 kilo mog maar kaan andere by pakken nog 3 kilo 02-04-2020 16:50 [account 14] Wat is je prijs bro 02-04-2020 16:50 [account 1] 8.5 Met ‘Turkse’ wordt vermoedelijk Turkse heroïne bedoeld. Gesprek [account 14] en [account 6] 31-05-2020 00:35 [account 14] Slm bro ik heb morgen denk ik boli hoeveel had jr ongeveer nodig 31-05-2020 15:25 [account 6] Prijs 31-05-2020 17:17 [account 14] 27 31-05-2020 17:26 [account 14] Is boli 31-05-2020 17:26 [account 14] Wollah topper goeie geur alles 31-05-2020 17:27 [account 14] Ga nu eentje geven aan mensen 31-05-2020 18:02 [account 14] Ze vliegen weg Gesprek [account 15] en [account 9] Op 1 maart 2021 stuurt [account 9] foto’s van vermoedelijk heroïne naar [account 15]. 01-03-2021 22:05 [account 9] Jij mag ze verkopen voor 13 01-03-2021 22:05 [account 9] 250 per st is je winst Gesprek [account 15] en [account 10] Op 3 februari 2021 stuurt [account 10] ([medeverdachte 5]) foto’s van vermoedelijk blokken cocaïne naar [account 15]. 2021-02-17 22:56:19 [account 10] Is goed bro voor hoeveel krijg jij ze dan à homo? 2021-02-17 23:21:18 [account 10] Luisteren dan gaan we morgen zeggen 26,5 2021-02-17 23:21:18 [account 10] Dan kunnen we kwartje pakken toch Gesprek [account 15] en [account 22] Gesprek Verzender 21-11-2020 02:09 [account 22], [account 15] [account 15] Morgen korrels bro 21-11-2020 02:09 [account 22], [account 15] [account 15] Donkere 21-11-2020 02:09 [account 22], [account 15] [account 15] 13,5 21-11-2020 02:10 [account 22], [account 15] [account 22] Als echte korrels zijn wil ik wel zien 21-11-2020 13:55 [account 22], [account 15] [account 15] Die twee geleden zat niet eens korrels in 21-11-2020 13:56 [account 22], [account 15] [account 22] Oke veel plezier met verkopen 21-11-2020 13:57 [account 22], [account 15] [account 15] Is al verkocht maat Op 9 maart 2021 is een auto van het merk BMW X Reihe met kenteken [kenteken 1] (hierna: de BMW) en waarvan het hof er van uitgaat dat deze toebehoort aan [medeverdachte 1] in de directe omgeving van de woning van [medeverdachte 1] aangetroffen. In deze BMW is in totaal 110 kilogram van een materiaal bevattende cocaïne en 64,5 kilogram van een materiaal bevattende heroïne aangetroffen. Op een hengsel van een boodschappentas uit de BMW waarin genoemde hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne is aangetroffen, is tevens tot de verdachte te herleiden DNA aangetroffen. De in de BMW aangetroffen blokken met de opdruk ‘ICON’ komen ook voor in de chatberichten. Op 8 maart 2021 stuurt SkyECC-account [account 10] een foto van een blok met de opdruk ‘ICON’ naar SkyECC-account [account 15]. Op 4 en 6 januari 2021 wordt gezien dat de verdachte het portiek dat toegang geeft tot de woning aan de [adres 2]te Den Haag, binnen gaat. Het oordeel van het hof Uit de chatberichten in combinatie met de door [medeverdachte 4] afgelegde verklaring over de betekenis van enkele woorden die in de chatberichten gebruikt worden, blijkt dat de verdachte chatberichten heeft gestuurd over transacties die betrekking hadden op heroïne en cocaïne en dat hij foto’s stuurde van geld en van harddrugs. Daarbij had hij contact met verschillende van de overige verdachten in het onderzoek Eems. Niet alle chatberichten zien op de verkoop van harddrugs, want een deel van de chatberichten gaat over de inkoop en over het inwinnen en verstrekken van informatie over prijs, hoeveelheid en kwaliteit van de harddrugs. Dat daadwerkelijk sprake was van verkopen blijkt echter uit de chatberichten van 21 november 2020 waarin SkyECC-account [account 22] zegt ‘veel plezier met verkopen’ en de verdachte antwoordt ‘is al verkocht maat’. Verder is tot de verdachte te herleiden DNA aangetroffen op een tas met blokken heroïne in de BMW welke toebehoort aan [medeverdachte 1]. Mede gelet op de inhoud van de chatberichten gaat het hof er van uit dat dat de verdachte bij die hoeveelheid harddrugs betrokken is geweest. Bovendien zijn in de BMW van [medeverdachte 1] blokken cocaïne aangetroffen met de opdruk ICON en de opdruk MERCEDES, terwijl deze opdrukken ook terugkomen in de chatberichten van de verdachte. Tot slot blijkt dat de verdachte op verschillende momenten is gezien bij de woning aan de [adres 2]te Den Haag, die door de verdachten in dit onderzoek werd gebruikt als ontmoetingsplaats en waar geld en harddrugs moest worden heengebracht. Conclusie Op grond van dit alles is het hof van oordeel dat de verdachte meerdere keren harddrugs heeft verkocht. Het hof zal daarom het onder 2 primair tenlastegelegde bewezen verklaren vanaf 2 april 2020 (de datum van het eerste verstuurde chatbericht) tot en met 9 maart 2021. Ten aanzien van de pleegplaats overweegt het hof dat het, nu de woonplaats van de verdachte Den Haag betreft, aannemelijk is dat de chatberichten vanuit die plaats zijn verzonden. Nu dit niet met zekerheid is vast te stellen, zal het hof als pleegplaats ‘Den Haag en/of elders in Nederland’ bewezen verklaren. Feit 3, voorbereidingshandelingen uitvoer Bewijsmiddelen Gesprek [account 14] en [account 1] 02-04-2020 16:48 [account 14] Had je nog die turkse 10 stuks 02-04-2020 16:50 [account 1] Ik heb daar 7 kilo nog maar kaan andere by pakken nog 3 kilo 02-04-2020 16:50 [account 14] Wat is prijs bro 02-04-2020 16:50 [account 1] 8.5 02-04-2020 16:56 [account 14] Heb je foto 02-04-2020 17:39 [account 14] En trouwens als je tp zoekt duitsland frankrijk denemarken zweden spanje ik heb met vrachtwagen en stash Zoals hiervoor overwogen begrijpt het hof deze chatberichten aldus dat met ‘turkse’ Turkse heroïne wordt bedoeld. Gesprek [account 14] en [account 12] 06-04-2020 00:38 [account 14] Trouwens als ze tp zoeken naar frankrijk ik heb 06-04-2020 00:38 [account 14] Vrachtwagen met stash 06-04-2020 00:39 [account 12] Waar in frankrijk 06-04-2020 00:39 [account 12] Vriend van me heeft veel papiere daar in frankrijk moet hier heen 06-04-2020 00:40 [account 12] in parijs en lille 06-04-2020 00:44 [account 14] Kunnen we regelen met tp bro 06-04-2020 00:44 [account 14] Geen probleem 06-04-2020 00:48 [account 12] Wat rekent ie voor spulle brenge 06-04-2020 00:48 [account 12] Bijvoorbeeld 10 kilo bruin 06-04-2020 00:49 [account 14] 1000 per stuk Het oordeel van het hof Uit de bewijsmiddelen blijkt dat de verdachte chatberichten heeft uitgewisseld met de op de dagvaarding onder feit 3 genoemde accounts over transporten naar het buitenland. Het hof is van oordeel dat dit strafbare voorbereidingshandelingen zijn, omdat in deze chatberichten vraag en aanbod op elkaar worden afgestemd ten aanzien van een strafbaar feit, namelijk – in dit geval – het transport van harddrugs naar het buitenland. Daardoor wordt het strafbare feit voorbereid. Ten aanzien van de pleegplaats overweegt het hof dat het, nu de woonplaats van de verdachte Den Haag betreft, aannemelijk is dat de chatberichten vanuit die plaats zijn verzonden. Nu dit niet met zekerheid is vast te stellen, zal het hof als pleegplaats ‘Den Haag en/of elders in Nederland’ bewezen verklaren. Feit 4, witwassen Bewijsmiddelen Gesprek [account 15] en [account 13] 2020-12-14 10:57:37 [account 15] Ik tel hier 428 2020-12-14 10:58:37 [account 15] Moment ik krijg meer 2020-12-14 10:59:13 [account 13] 502500 2020-12-14 10:59:31 [account 13] Moet je vragen bro 2020-12-14 10:59:35 [account 15] Hij zegt hij gaat proberen 2020-12-14 10:59:51 [account 13] Hij heeft bro Op 14 december 2020 om 10:59:57 uur en om 11:00:11 uur stuurt SkyECC-account [account 15] telkens een foto naar SkyECC-account [account 13] waarop stapels bankbiljetten te zien zijn. Gelet op de inhoud van de chatberichten in samenhang met de foto’s acht het hof aannemelijk dat met ‘502500’ een geldbedrag van € 502.500,- wordt bedoeld. In de iCOV-rapportage van de verdachte is opgenomen dat de vrouw van de verdachte in de jaren 2016 tot en met 2019 loon uit dienstbetrekking heeft ontvangen dat lag tussen de € 19.000,- en € 13.000,- netto per jaar. De verdachte zelf heeft geen inkomen uit dienstbetrekking of winst uit onderneming en heeft een aantal bankrekeningen waarvan het saldo eind 2019 (tezamen) € 817,- negatief bedroeg. Het oordeel van het hof De eerste vraag die het hof moet beantwoorden is of de verdachte de in de chatberichten genoemde geldbedragen daadwerkelijk voorhanden heeft gehad. Het hof is samen met de rechtbank van oordeel dat dit alleen geldt voor het bedrag van € 428.000,- dat de verdachte heeft genoemd in het hierboven weergegeven bewijsmiddel. De tekst ‘ik tel hier 428’ in combinatie met een foto van een groot geldbedrag, beide verstuurd door de verdachte, laat geen andere conclusie toe dan dat de verdachte op 14 december 2020 een geldbedrag van € 428.000,- voorhanden heeft gehad. Het hof is van oordeel dat de verdachte het bedrag van € 428.000,- samen met de gebruiker van SkyECC-account [account 13], te weten [medeverdachte 2], als medepleger voorhanden heeft gehad, omdat de verdachte rapporteert aan [medeverdachte 2], [medeverdachte 2] daarover instructies heeft gegeven en die instructies ook door de verdachte zijn opgevolgd. Daaruit blijkt een zekere beschikkingsmacht van [medeverdachte 2] en ook een nauwe en bewuste samenwerking tussen [medeverdachte 2] en de verdachte. Nu in de aan [medeverdachte 2] toebehorende Citroën, type Jumpy, met kenteken [kenteken 2](hierna: de Citroën Jumpy) naast grote geldbedragen ook grote hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne en een materiaal bevattende heroïne zijn aangetroffen, en nu de verdachte en [medeverdachte 2] over het bedrag van € 428.000,- hebben gecommuniceerd via een versleutelde berichtendienst, is het vermoeden gerechtvaardigd dat het genoemde geldbedrag een criminele herkomst heeft. De verdachte noch [medeverdachte 2] heeft hier tegenover een verklaring afgelegd waaruit een legale herkomst van dit geldbedrag is gebleken. In aanmerking genomen het feit dat de verdachte en zijn vrouw in de afgelopen jaren gezamenlijk maximaal € 20.000,- aan inkomen hebben ontvangen, concludeert het hof dat het niet anders kan zijn dan dat het geldbedrag van misdrijf afkomstig is. Uit het dossier lijkt te volgen dat het geldbedrag de opbrengst betreft van de verkoop van harddrugs door de verdachte en of zijn medeverdachten, maar het hof kan niet vaststellen dat dit daadwerkelijk het geval is. Daarom zal het hof bewezen verklaren dat het afkomstig is van enig misdrijf. Het hof acht dan ook bewezen dat de verdachte dit bedrag tezamen en in vereniging met [medeverdachte 2] heeft witgewassen. Ten aanzien van de pleegplaats overweegt het hof dat het, nu de woonplaats van de verdachte Den Haag betreft, aannemelijk is dat de chatberichten vanuit die plaats zijn verzonden. Nu dit niet met zekerheid is vast te stellen, zal het hof als pleegplaats ‘Den Haag en/of elders in Nederland’ bewezen verklaren. Feit 1, criminele organisatie Onder feit 1 is aan de verdachte ten laste gelegd dat hij heeft deelgenomen aan een criminele organisatie, waaraan ook de andere verdachten in het onderzoek Eems hebben deelgenomen, die tot doel had om strafbare feiten te plegen zoals bedoeld in artikel 10 en 10a van de Opiumwet. Dit feit is strafbaar gesteld in artikel 11b van de Opiumwet, welk artikel een zogenoemde lex specialis vormt van artikel 140 Sr. Onder een criminele organisatie als bedoeld in deze artikelen wordt verstaan een samenwerkingsverband, met een zekere duurzaamheid en structuur, tussen de verdachte en tenminste één andere persoon. Het oogmerk van de organisatie moet zijn gericht op het plegen van misdrijven – in dit geval die van artikel 10 en 10a van de Opiumwet. Van deelneming aan een criminele organisatie is sprake als de verdachte behoort tot het samenwerkingsverband én als de verdachte een aandeel heeft in gedragingen, dan wel gedragingen ondersteunt, die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het hierboven bedoelde oogmerk. In het bestanddeel “deelneming aan” ligt tevens het opzet van de verdachte besloten. Om als deelnemer aan een criminele organisatie te kunnen worden aangemerkt is niet vereist dat komt vast te staan dat de verdachte heeft samengewerkt met, althans bekend moet zijn geweest met alle andere personen die deel uitmaakten van de organisatie of dat de samenstelling van het samenwerkingsverband steeds dezelfde is geweest. De bewijsmiddelen a. In diverse processen-verbaal van identificatie staat met betrekking tot gebruikers van SkyECC- en EncroChat-accounts: - [medeverdachte 5] gebruikte SkyECC-account [account 10]; - [medeverdachte 1] gebruikte EncroChat-accounts [account 23] en [account 24] en SkyECC-accounts [account 25], [account 26] en [account 27]; - [medeverdachte 4] gebruikte EncroChat-accounts [account 28] en [account 19] en SkyECC-accounts [account 29] en [account 30]; - [medeverdachte 2] gebruikte SkyECC-accounts [account 9] en [account 13]; - [verdachte] gebruikte EncroChat-account [account 14] en SkyECC-account [account 15]; - [medeverdachte 6] had vanaf 7 maart 2021 de telefoon voorhanden waarop het SkyECC-account [account 31] stond geregistreerd. In de chatberichten van de hiervoor genoemde accounts zijn onder meer de volgende chatberichten aangetroffen (zakelijk weergegeven): - [account 28] naar [account 23] op 4 april 2020: Bro; Heb hier mooie toppers; Voor je; Colo; 27.250; [stuurt foto’s] hier heb ik 25 st; kan genoeg erbij halen; zeg het maar, [account 23]: oke van wie zijn die; heb gehoord worden niet hard die blijft pap? - [account 19] naar [account 24] op 6 juni 2020: Jo; Waar staat ie; Ik ga die 12 pakken [account 24]: Kom ik ben thuis? - [account 19] naar [account 24] op 7 juni 2020: Ik krijg zo die pap van opa voor die turkse ga die even tellen; Dan breng ik die naar jou; Jo moet ik die pap nu brengen; Jo; Ben er; Moet ik deze pap aan [bijnaam 7 verdachte] geven; [account 24]: Ja; [account 19]: Oké 220 plus 80 is hier; - [account 13] naar [account 15] op 27 november 2020: Kom naar café bro; Kijk aub of niemand je volgt, [account 15]: Ok bro; Ik kom eraan [account 15] stuurt een foto van een briefje met daarop vier namen en vier bedragen. De vier bedragen opgeteld geven een totaalbedrag van € 1.072.000 (451.000 + 399.000 + 100.000 + 122.000)]; - [account 15] aan [account 27] op 8 december 2020: Er is tp naar Griekenland; Van poes; Hij vraagt of dat voor interessant is; [account 27]: Ja; Vraag of ie een stukje verder komt in turkije; [...] Oke top die ierland is intressant bro heb daar goeie klanten? - [account 27] aan [account 32] op 13 december 2020: Ja bro ik heb nog tp voor deze week uk bro laatste die nog gaat ik wilde sturen maar ze hebben mij nog geen pap gestuurd; Ja broer welke; Poeder of blok; Oké wacht ik geef je zijn mail van sky kan je gelijk met hem mailen en groepchat maken tussen hun; ECC ID: [account 31]; - [account 15] aan [account 13] op 14 december 2020: Ik tel hier 428; moment ik krijg meer; bro; [account 13]: 502500; moet je vragen bro; [account 15]: hij zegt hij gaat proberen; bro; [account 13]; hij heeft bro; ([account 15] stuurt foto met geld); - [account 10] naar [account 33] op 4 januari 2021: Heb hier laatste 25 nog zo zegt me broer; Ok? (stuurt foto van blok met wit poeder); - [account 9] naar [account 27] op 9 januari 2021: Je kan ze geven 28750 zo geven; [account 27] naar [account 34] op 9 januari 2021: Voor jou geef ik 28750 bro maar moet je niemand zeggen omdat ik de meest geef 29.5 maar nie; [account 34]: ja goed broer; nee niemand broer ik praat niet; - [account 9] naar [account 27] op 10 januari 2021: Dan stuur ik boforma langs je dan rijd hij gelijk naar Rotterdam [account 27]: hoeveel moet ik hem geven; stuur hem [account 9]: alles; behalve 200tjes; [account 27]: oke stuur hem [account 9]: oke laat me weten hoe veel daar is aub; - [account 27] naar [account 15] op 11 januari 2021: Heb je foto van die donkere korels; [account 15]: ja bro; - [account 10] naar [account 33] op 7 februari 2021: Broer me broer vraagt mij 13 en moet halve puntje of kwartje krijgen broer ligt eraan hoeveel mensen nemen; Dus kijk maar ik moet eten broer ga niet voor niks rennen kwartje wil ik eten en dan moet ik me broer morgen vragen oké dan laat ik je weten oké morgen oké; - [account 10] naar [account 33] op 10 februari 2021: Er is 2000 binnen gekomen; Donkere en lichte; Oké dan weet jij dat ook broer; Oké kijk of je aan mij voor 12 kan geven dan zeg ik me broer dat hij liever via jou pakt; Oké; Dan pakt hij veel; [...] Die prijs krijgt me broer al broer kijk als daar wat andere prijs is laat me weten broer; Broer kijk als ze aan me broer voor 12 geven pakt hij veel oke; - [account 9] naar [account 15] op 7 februari 2021: [stuurt foto met bruine blokken met opdruk ROSE] Ik heb zo donkere bro; 13250; - [account 10] naar [account 15] op 17 februari 2021: Is goed bro voor hoeveel krijg jij ze dan a homo?; Luisteren dan gaan we morgen zeggen 26,5; Dan kunnen we kwartje pakken toch; - [account 9] naar [account 15] op 1 maart 2021: Hoi bro slm; Ik stuur je foto; [stuurt foto met plastic zak met bruine inhoud] Bid ze 13 aan bro; Daar zit je brood aan; Jij mag ze verkopen voor 13; 250 per st is je winst: kan je nieuwe tv kopen; - [account 26] naar [account 35] op 16 juni 2020: Broer luister heb ie tp klaar staan om spullen op te halen in Griekenland; En hoelang kan tp daar zijn; Kan ie dan tp regelen; donderdag of vrijdag; Ja blokken; Ja maar kan je tp regelen komende donderdag of vrijdag; Oké; 1000; Nee bro mijn broertje is daar al deze keer. In de chatberichten die aan [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] worden toegeschreven wordt gesproken over ‘tp’, ‘transport’, ‘UK’, ‘Colombia’, ‘Peru’, ‘Suriname’, ‘Argentinië’, ‘Maersk’, ‘CMA’, ‘kapitein’, ‘matroos’, ‘havens’ en ‘containers’. Bij de aanhouding van de verdachten en tijdens het daarop volgende onderzoek is onder meer het volgende aangetroffen: - in een BMW die in de directe omgeving van de woning van [medeverdachte 1] is aangetroffen: 110 kilo van een materiaal bevattende cocaïne, 64,5 kilo van een materiaal bevattende heroïne en een bedrag van € 481.650,-; - in de Citroën Jumpy achter de woning waar [medeverdachte 2] verbleef: circa 43 kilo van een materiaal bevattende cocaïne en 17 kilo van een materiaal bevattende heroïne, een geldtelmachine en een bedrag van € 3.585.235,-; - in de woning [adres 3] te Den Haag: bakken met poederresten, 25 liter geelbruine vloeistof, 4 kilo crème poeder, een vacuüm sealmachine met mallen, een stalen persframe met krik, 10 persplaten met logo’s (o.a. Audi en anker), een persmal met poederresten, verpakkingsmiddelen, vloeipapier, 40 rollen tape, een zak met 1.000 elastiekjes, weegschalen, mixers, een kartelmes en zeven jerrycans met Aceton; - in de woning [adres 4] te Den Haag, het verblijfadres van [medeverdachte 2]: een geldbedrag van € 18.250,-; - in de woning [adres 5]te Den Haag, het woonadres van [medeverdachte 1]: een geldbedrag van € 135.000,-; - in de woning [adres 6]te Den Haag, het woonadres van [medeverdachte 4]: een geldbedrag van in totaal € 3.975,-. Op verschillende plekken is DNA aangetroffen wat is te herleiden naar verdachten uit het onderzoek Eems: - in de BMW is tot [verdachte] te herleiden DNA aangetroffen op een boodschappentas Dirk, waarin blokken met een materiaal bevattende cocaïne zaten; - in de BMW is verder tot [medeverdachte 1] te herleiden DNA aangetroffen op de Adidas rugzak waarin een geldbedrag van € 481.650,- zat en is een vingerafdruk aangetroffen op een boodschappentas Lidl, waarin blokken met een materiaal bevattende cocaïne zaten, en welke vingerafdruk heeft geleid tot individualisatie op [medeverdachte 1]; - in de Citroën Jumpy is op twaalf verschillende plekken (waaronder op de boodschappentassen met geld, de rugzak en de handschoen onder de geldtelmachine) tot [medeverdachte 2] te herleiden DNA aangetroffen, en - in de woning [adres 3] te Den Haag is tot [medeverdachte 6] te herleiden DNA aangetroffen op een rietje van een drinkpakje Capri Sun op de salontafel in de woonkamer en tot [medeverdachte 1] te herleiden DNA op de binnenzijde van een handschoen uit een boodschappentas. Ter terechtzitting in eerste aanleg heeft [medeverdachte 4] op vragen van zijn raadsman, de rechtbank en de officieren van justitie - zakelijk weergegeven – het volgende verklaard over de door hem gevoerde chatberichten: - met colo/coli wordt in de door hem gevoerde chatgesprekken gedoeld op Colombiaans cocaïne, met boli op Boliviaanse cocaïne, met bruin op heroïne; met st of stuks wordt gedoeld op blokken cocaïne of heroïne; pap betekent geld; met een kwartje wordt € 250 bedoeld; - hij wilde iets verdienen met de in- en verkoop van harddrugs; - hij werd benaderd om transport te zoeken voor harddrugs van een ander en heeft daarvoor een van zijn broers benaderd; - om drugs aan anderen te kunnen leveren zocht hij contact met een van zijn broers, waarna hij het antwoord doorgaf aan zijn contact, en - hij kon niet zelf de prijs bepalen waarvoor hij drugs aan anderen verkocht, dit diende hij eerst aan een van zijn broers te vragen. Het adres [adres 2] te Den Haag is het BRP-adres van [medeverdachte 5]. Hij verhuurde de woning aan [medeverdachte 6]. Het adres wordt genoemd in de chatberichten van de hierboven genoemde accounts, om elkaar te ontmoeten of geld af te leveren. Foto’s van het interieur van deze woning zijn verstuurd door de EncroChat-accounts [account 24] ([medeverdachte 1]) en [account 28] ([medeverdachte 4]), waarbij ook een grote hoeveelheid geld en een geldtelmachine te zien zijn. In de woning is verpakkingsmateriaal en een geldtelmachine aangetroffen. Uit observaties blijkt dat [medeverdachte 4], [medeverdachte 5], [medeverdachte 2] en [verdachte] in de periode vanaf december 2020 tot en met januari 2021 ook bij deze woning zijn gezien. Op 8 februari 2021 stuurde de gebruiker van SkyECC-account [account 10] naar de gebruiker van SkyECC-account [account 36]: Broer als je wilt kan je komen halen zijn 1250 blokken [...] Kom waar je altijd naar [bijnaam medeverdachte 6] komt? Getuige [getuige] heeft verklaard dat het Marokkaanse neefje van de onderbuurman van [adres 2] te Den Haag (deze buurman heette [buurman medeverdachte 5] en wordt ook ‘lange’ genoemd) in de woning aan de [adres 3] te Den Haag heeft gelogeerd. Hij verklaarde dat '[bijnaam medeverdachte 6]', wiens echte naam [medeverdachte 6] is, ook op nummer [huisnummer] woonde. In de chatberichten van de genoemde accounts wordt ‘[bijnaam medeverdachte 6]’ vele malen genoemd. Ten aanzien van de stempels/opdrukken op de aangetroffen verpakkingen harddrugs is het volgende geverbaliseerd. - In een telefoon in gebruik bij [medeverdachte 6] zijn Telegramberichten van 7 maart 2021 gevonden over ‘have you seen ICON’. SkyECC-account [account 27] ([medeverdachte 1]) verstuurde op 7 en 8 maart 2021 foto’s van blokken ICON. SkyECC-account [account 10] ([medeverdachte 5]) verstuurde op 8 maart 2021 een foto van een blok ICON met groen verpakkingsmateriaal. [medeverdachte 5] verstuurt dezelfde foto die [medeverdachte 1] eerder stuurde, en [medeverdachte 4] en [medeverdachte 1] sturen een foto door die eerder door [medeverdachte 2] is gestuurd. - In de BMW van [medeverdachte 1] (op naam van [medeverdachte 6]) is op 9 maart 2021 een groot aantal groene blokken met de opdruk ICON gevonden, in totaal 110 kilo. - In de Citroën Jumpy van [medeverdachte 2] zijn 43 blokken van een materiaal bevattende cocaïne aangetroffen, waaronder een aantal groene pakketten met de opdruk ICON, een aantal zilveren pakketten met de opdruk "Mercedes-Benz" en een aantal donker gekleurde pakketten met de opdruk van een anker. - Het SkyECC-account [account 27] ([medeverdachte 1]) stuurde op 24 februari 2021 naar SkyECC-account [account 32]: Slm bro als je echt haast hebt kan ik je 7 geven die zijn kant en klaar maar wollah zitten 200 erin ik wilde ze ook sturen als je haast heb geef ik je die laat ik gelijk maken is anker br. - In de woning [adres 3] te Den Haag zijn persplaten met logo’s van Audi en anker en een boodschappentas met vellen A4-papier aangetroffen met daarop logo’s van Audi en van een anker. - In chatberichten van de gebruiker van SkyECC-account [account 15] (geïdentificeerd als [verdachte]) werden op 2 maart 2021 afbeeldingen van (vermoedelijk) blokken cocaïne met stempels AUDI en Mercedes gestuurd en de tekst: 'Ja deze is garantie bro' (...) 'Zijn toppers bro'. i. In de BMW, de Citroën Jumpy en een Volkswagen Up met kenteken [kenteken 3] (hierna: de VW Up) op naam van [medeverdachte 5] zijn professioneel ingebouwde verborgen ruimtes aangetroffen. De verborgen ruimtes in de Citroën Jumpy en de VW Up waren te openen door middel van een afstandsbediening. In de verborgen ruimtes van de BMW en de Citroën Jumpy zijn - zoals hiervoor al werd vermeld - grote hoeveelheden harddrugs aangetroffen. In verschillende chatberichten van SkyECC-account [account 9] ([medeverdachte 2]) wordt gesproken over ‘de plaats auto’ en de ‘stash auto’, waarbij ook een foto is verstuurd van een auto die is herkend als de Citroën Jumpy. In chatberichten tussen [account 23] ([medeverdachte 1]) en [account 37] (door [account 23] opgeslagen als ‘stashauto’) informeert [account 23] naar de mogelijkheden ten aanzien van auto’s met verborgen ruimtes en hoe groot die ruimtes dan zijn. [account 14] ([verdachte]) biedt transport aan voor Duitsland, Frankrijk, Denemarken, Zweden, Spanje: ‘ik heb met vrachtwagen en stash’. In augustus 2019 zijn gesprekken opgenomen die zijn gevoerd tussen [medeverdachte 2] en [verdachte] toen [medeverdachte 2] gedetineerd zat in de [P.I.]. In de gesprekken gaat het onder meer over opdrachten die [verdachte] krijgt om ‘een bak’ weg te halen (waarmee boetes worden gemaakt), wordt gesproken over ‘[naam 1]’ en ‘[naam 2]’ en ‘[account 28]’, geeft [medeverdachte 2] de instructie ‘Leg/geef/lever hem 2 kilo’ en wordt gesproken over een bak die [verdachte] gaat wegbrengen, waarbij [medeverdachte 2] uitleg geeft over een afstandsbediening. Op grond van de hierboven genoemde bewijsmiddelen stelt het hof - grotendeels met de rechtbank - het volgende vast. De verdachten zijn allen geïdentificeerd als gebruiker van één of meer accounts van de versleutelde berichtendiensten EncroChat en SkyECC. Dit geldt alleen niet voor[medeverdachte 6], die enkel een SkyECC-telefoon voorhanden heeft gehad (maar bij wie het hof niet bewezen acht dat hij met deze telefoon versleutelde chatberichten heeft uitgewisseld), en voor [medeverdachte 3]. Ten aanzien van [medeverdachte 3] acht het hof niet bewezen dat hij heeft deelgenomen aan de criminele organisatie. In het navolgende wordt hij niet begrepen onder ‘de verdachten’. Via de EncroChat- en SkyECC-accounts hadden de verdachten contact met elkaar en met derden over de aankoop, de verkoop, de prijzen en het vervoer van heroïne en cocaïne. Uit de chatberichten blijkt dat de verdachten onderling en met derden harddrugs verhandelden, dat zij grote geldbedragen beschikbaar hadden en ook aan elkaar overhandigden en dat gesproken werd over vervoer van drugs via transportlijnen uit onder andere Zuid-Amerika. Bij doorzoeking van de woningen en voertuigen van de verdachten zijn op meerdere plekken grote hoeveelheden harddrugs, drugsgerelateerde goederen en grote geldbedragen aangetroffen. Dit betreft met name de voertuigen die zijn aangetroffen bij of in de directe omgeving van de woningen van [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] en de woning van [medeverdachte 1]. In de woning [adres 3] te Den Haag zijn veel drugsgerelateerde goederen aangetroffen, die erop duiden dat deze woning is gebruikt als productielocatie van harddrugs. Zo zijn daar persplaten aangetroffen met logo’s (Audi en anker) die ook op een aantal cocaïneblokken zaten die zijn gevonden in de genoemde voertuigen. In de BMW, de Citroën Jumpy en de woning [adres 3] te Den Haag zijn DNA-sporen en vingerafdrukken gevonden die zijn te herleiden naar verschillende verdachten. Verder zijn in drie voertuigen professioneel ingebouwde verborgen ruimtes aangetroffen, terwijl daarover ook in de chatberichten werd gesproken. De verdachten konden bovendien tegelijkertijd beschikken over blokken cocaïne met de opdruk ICON. Zo werden op 7 en 8 maart 2021 foto’s rondgestuurd, eerst door [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] en vervolgens ook door [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4], waarbij deze blokken te koop werden aangeboden aan anderen. Op 9 maart 2021 werden in voertuigen van [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] vele blokken van een materiaal bevattende cocaïne met opdruk ICON aangetroffen. Dit duidt op een gestructureerde samenwerking met betrekking tot de aankoop, het voorhanden hebben en de handel in cocaïne. De woning [adres 2]te Den Haag was - zo blijkt uit de chatberichten - een ontmoetingsplek voor de verdachten en hun contacten en werd gebruikt om (hard)drugs en geld op te halen of te brengen. Uit het procesdossier blijkt dat in de samenwerking tussen de verdachten een zekere rolverdeling is aan te wijzen. Met de voorbereiding van de invoer en uitvoer van harddrugs vanuit en naar het buitenland hielden met name [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] zich bezig, zo blijkt uit hun chatberichten. Bij deze twee verdachten zijn ook de grote hoeveelheden harddrugs en contant geld aangetroffen. De aansturende rol van [medeverdachte 2] blijkt ook uit de gesprekken uit 2019 die in de P.I. zijn opgenomen, waarin het lijkt te gaan over [medeverdachte 4] en over een auto met stashruimte. De harddrugs werd binnen Europa en in Nederland met name verhandeld door [medeverdachte 4] en [verdachte]. Daarbij is te zien dat zij harddrugs te koop aanbieden of door anderen worden gevraagd om harddrugs te regelen. In deze chatberichten valt op dat zij de verkoopprijzen eerst moeten afstemmen, zoals ook uit de verklaring van [medeverdachte 4] ter terechtzitting blijkt. Hetgeen hiervoor is overwogen ten aanzien van de blokken ICON laat zien dat de harddrugs eerst beschikbaar waren voor [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] en dat [medeverdachte 4], [verdachte] en [medeverdachte 5] deze harddrugs aan derden te koop hebben aangeboden, terwijl ze de harddrugs niet zelf voorhanden hadden. [medeverdachte 5] heeft niet alleen chatberichten gestuurd over de verkoop van harddrugs, maar bezat ook een auto met stashruimte en heeft zijn woning aan de [adres 2] te Den Haag ter beschikking gesteld. Hij verhuurde deze aan [medeverdachte 6] , die gold als de loopjongen van de andere verdachten. Hij verrichtte onder meer koeriersdiensten als er drugs of geld vervoerd moest worden. Hij woonde in de woning die door de andere verdachten werd gebruikt als ontmoetingsplek in het kader van de criminele organisatie. Ten aanzien van de pleegperiode zal het hof aansluiting zoeken bij het vroegst aanwijsbare moment waarop de verdachte bij de organisatie betrokken was. Uit de chatberichten blijkt een onderlinge samenwerking die teruggaat tot in elk geval april 2020. In de opgenomen gesprekken tussen [medeverdachte 2] en de verdachte uit augustus 2019 wordt echter ook al gesproken over ‘[naam 1]’ en ‘[account 28]’ (het hof begrijpt: [medeverdachte 4]), een auto met afstandsbediening en over ‘geef hem 2 kilo’. Dit zijn elementen die behoren tot de kern van hetgeen is overwogen over de onderlinge samenwerking tussen de verdachten. Daarom zal het hof in de zaak van de verdachte uitgaan van een pleegperiode vanaf 1 augustus 2019. Ten aanzien van de pleegplaats overweegt het hof dat het, nu de woonplaats van de verdachte Den Haag betreft, aannemelijk is dat het deelnemen door de verdachte vanuit Den Haag heeft plaatsgevonden. Nu dit niet met zekerheid is vast te stellen, zal het hof als pleegplaats ‘Den Haag en/of elders in Nederland’ bewezen verklaren. Het hof zal - gelet op het voorgaande - onder feit 1 bewezen verklaren dat de verdachte gedurende de periode van 1 augustus 2019 tot en met 9 maart 2021 heeft deelgenomen aan een criminele organisatie die tot doel had het plegen van misdrijven als bedoeld in de artikelen 10, derde, vierde en vijfde lid, en 10a van de Opiumwet. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 primair, 3 en 4 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat: 1.hij in of omstreeks de periode van 1 augustus 2019 tot en met 9 maart 2021 te Den Haag en/of elders in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 5] en/of [medeverdachte 6] met een of meerdere andere (onbekend gebleven) perso(o)n(en), welke organisatie tot oogmerk had het plegen van één of meer misdrij(f)(ven) als bedoeld in artikel 10 lid 3 en/of lid 4 en/of lid 5 van de Opiumwet en/of artikel 10a van de Opiumwet; 2. hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 2 april 2020 tot en met 9 maart 2021 te Den Haag en/of elders in Nederland, meermalen, althans eenmaal, tezamen en in vereniging met anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk heeft verkocht en/of afgeleverd en/of versterkt en/of vervoerd, een (grote) hoeveelheid/hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne en/of heroïne, zijnde cocaïne en/of heroïne, (telkens) een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst 1; 3.hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 2 april 2020 tot en met 6 april 2020 te Den Haag en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, althans alleen, (telkens) om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen, van een (grote) hoeveelheid/hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne en/of heroïne, zijnde cocaïne en/of heroïne, (telkens) een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst 1, voor te bereiden en/of te bevorderen, (telkens) zich en/of een of meer anderen meermalen, althans eenmaal, gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het plegen van dat/die feit(
  18. en)heeft/hebben getracht te verschaffen, immers heeft hij/hebben zij -(met de gebruiker(
  19. s)van het account [account 1] en/of [account 11] en/of [account 12]) inlichtingen uitgewisseld over de beschikbaarheid van transport naar het buitenland (te weten Duitsland, Frankrijk, Denemarken, Zweden en/of Spanje) -(met de gebruiker(
  20. s)van het account [account 11]) inlichtingen uitgewisseld over de beschikbaarheid van transport naar het buitenland (te weten Zweden en/of Denemarken) -(met de gebruiker(
  21. s)van het account [account 12]) inlichtingen uitgewisseld over de beschikbaarheid van transport naar het buitenland (te weten Frankrijk) -(met de gebruiker(
  22. s)van het account [account 5]) inlichtingen uitgewisseld over beschikbaarheid van transport vanuit en/of naar het buitenland (te weten Frankrijk); 4.hij op in of omstreeks de periode van 1 november 2020 tot en met 14 december 2020 te Den Haag en/of elders in Nederland en/of België, tezamen en in vereniging met een anderen, althans alleen, 428.000 euro ([account 9] en/of [account 13]), althans meerdere grote geldbedragen, heeft verworven, voorhanden heeft gehad, overgedragen, omgezet en/of daarvan gebruik heeft gemaakt, terwijl hij wist dan wel redelijkerwijs moest vermoeden dat dit deze voorwerpen, onmiddellijk of middellijk, afkomstig wasren uit enig misdrijf. Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken. Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging. Bewijsvoering Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring. In die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest vereist met de bewijsmiddelen dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit arrest zal worden gehecht. Strafbaarheid van het bewezenverklaarde Het onder 1 bewezenverklaarde levert op: deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van een misdrijf als bedoeld in artikel 10, derde lid, vierde en vijfde lid en 10a van de Opiumwet. Het onder 2 primair bewezenverklaarde levert op: opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod. meermalen gepleegd. Het onder 3 bewezenverklaarde levert op: om een feit, bedoeld in het vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden of te bevorderen, zich of een ander inlichtingen tot het plegen van dat feit trachten verschaffen, meermalen gepleegd. Het onder 4 bewezenverklaarde levert op: medeplegen van witwassen. Strafbaarheid van de verdachte Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar. Strafmotivering Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder dit is begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. Ernst van de feiten De verdachte heeft zich gedurende de bewezenverklaarde periode schuldig gemaakt aan de handel in cocaïne en heroïne en het treffen van voorbereidingshandelingen voor de uitvoer van harddrugs naar het buitenland. Dat deed hij op professionele wijze. Hij communiceerde met een telefoon via een versleuteld SkyECC-account en EncroChat-account (een handelwijze die vooral in het criminele circuit wordt gebruikt), waarmee hij berichten uitwisselde waarin veelvuldig gesproken werd over de koop en verkoop van heroïne en cocaïne, in grote hoeveelheden en met een enorme waarde. Ook heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het witwassen van € 428.000,-, zo blijkt uit de chatberichten. De verdachte heeft daarbij deelgenomen aan een crimineel samenwerkingsverband. Uit de chatberichten van de verdachte en van anderen is op te maken dat het crimineel samenwerkingsverband de grootschalige handel in harddrugs als oogmerk had. Die laten gesealde kiloblokken cocaïne en heroïne zien, voorzien van een stempel dat in de organisatie vaker terugkomt. De organisatie opereerde daarbij professioneel. In de chatberichten werd gesproken over containers en transport over zee, en over de mogelijkheid om de harddrugs in havens door te voeren, soms met hulp van corrupte contacten. Onder andere leden van het samenwerkingsverband zijn grote hoeveelheden cocaïne en heroïne en miljoenen aan contant geld in beslag genomen. De verdachte vervulde binnen dat samenwerkingsverband een rol waarbij hij onder meer de harddrugs verhandelde binnen Europa. Dat er bij de verdachte geen harddrugs en geen geld is aangetroffen maakt zijn betrokkenheid bij het crimineel samenwerkingsverband niet minder. Zijn aandeel in de grootschalige harddrugshandel blijkt zonder enige twijfel uit de chatberichten en de daarbij gevoegde foto’s van harddrugs, en uit de omstandigheid dat de verdachte opdrachten kreeg en deze ook uitvoerde. De georganiseerde handel in harddrugs heeft een bijzonder ontwrichtende invloed op de samenleving. Harddrugs zijn zeer verslavend en schadelijk voor de gezondheid. Bij gebruikers die daarvoor de financiële middelen niet hebben, leidt de behoefte aan harddrugs bovendien in de regel tot vermogensdelicten zoals winkeldiefstallen en woninginbraken, om zo de verslaving te kunnen financieren. Dat bij de handel in harddrugs veel geld omgaat is niet alleen een feit van algemene bekendheid, maar blijkt ook bij dit crimineel samenwerkingsverband uit de foto’s van grote hoeveelheden contant geld en het daadwerkelijk aantreffen van miljoenen aan contant geld. Van de georganiseerde harddrugshandel gaat in toenemende mate een ondermijnend en corrumperend effect uit. Dat geldt te meer als de drugshandel in een georganiseerd crimineel samenwerkingsverband wordt begaan. De structuur en duurzaamheid van een dergelijk verband, dat in dit geval professioneel opereerde en uit meerdere personen bestond, maakt de ondermijnende slagkracht groter en de bestrijding ervan moeilijker. De verdachte heeft zich kennelijk onvoldoende rekenschap gegeven van de schadelijke en ontwrichtende gevolgen van zijn gedragingen. Hij lijkt te hebben gehandeld uit puur eigenbelang, uitsluitend met het oogmerk van financieel gewin Het hof is dan ook van oordeel dat niet anders kan worden gereageerd dan met het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van aanzienlijke duur. Standpunt verdediging t.a.v. procesafspraken en artikel 63 Wetboek van Strafrecht (Sr). De raadsman heeft gesteld dat de verdachte in zijn belang is geschaad doordat het openbaar ministerie heeft geweigerd procesafspraken te maken en de verdachte daardoor een strafkorting misloopt, hetgeen zal moeten worden meegewogen in zijn voordeel bij de op te leggen straf. Het hof volgt dit standpunt niet. Het openbaar ministerie is niet gehouden tot het maken van procesafspraken. Wat de raadsman heeft aangevoerd maakt dit niet anders. Anders dan de raadsman heeft betoogd, geeft artikel 63 Sr geen aanleiding om in strafmatigende zin rekening te houden met het regime gedurende de voorlopige hechtenis van de verdachte. Reclasseringsrapport Het hof heeft acht geslagen op het advies van Reclassering Nederland betreffende de verdachte van 22 april 2025. Justitiële documentatie Het hof heeft verder acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel Justitiële Documentatie van 22 april 2025, waaruit blijkt dat de verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van strafbare feiten. Redelijke termijn Het hof overweegt ten aanzien van de redelijke termijn, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) als volgt. De redelijke termijn is aangevangen op 9 maart 2021. In eerste aanleg heeft de rechtbank vonnis gewezen op 12 juli 2022. Het hof gaat uit van een als redelijk te beoordelen termijn van 2 jaren. Aldus is de redelijke termijn in eerste aanleg met 4 dagen overschreden. Namens de verdachte is op 20 juli 2022 hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank. Dit arrest wordt gewezen op 3 juli 2025. De verdachte bevindt zich gedurende de behandeling van de strafzaak in hoger beroep in voorlopige hechtenis. Daarmee heeft de behandeling in hoger beroep niet plaatsgevonden binnen de als redelijk te beoordelen termijn van 16 maanden. De overschrijding van de redelijke termijn bedraagt ongeveer 19 maanden. Bij de beoordeling van de vraag of de redelijke termijn is overschreden kunnen bijzondere omstandigheden een rol spelen, zoals de ingewikkeldheid van een zaak, de invloed van de verdachte en/of zijn raadsman op het procesverloop, de verwevenheid met de zaken van de medeverdachten en de wijze waarop de zaak door de bevoegde autoriteiten is behandeld. Hoewel het tijdsverloop mede is ingegeven doordat deze strafzaak deel uitmaakt van het onderzoek Eems, een omvangrijk onderzoek waarbij in eerste aanleg en hoger beroep meerdere verdachten gelijktijdig terecht hebben gestaan, en er zowel in eerste aanleg als in hoger beroep door de verdediging in diverse zaken onderzoekswensen, waaronder getuigenverhoren, zijn verzocht en ook zijn toegewezen, is het hof van oordeel dat deze omstandigheden niet het gehele tijdsverloop kunnen verklaren. Anders dan het openbaar ministerie is het hof dan ook van oordeel dat niet met de enkele constatering van de overschrijding volstaan kan worden. Gelet op al het voorgaande acht het hof in beginsel de oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 78 maanden passend en geboden. Het hof zal met de geconstateerde overschrijding van de redelijke termijn rekening houden, waarbij ook de duur van de procedure als geheel wordt betrokken, door de in beginsel passend en geboden geachte gevangenisstraf voor de duur van 78 maanden te verminderen met 6 maanden. Het hof komt aldus tot oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 72 maanden, met aftrek van voorarrest. Het hof ziet onvoldoende aanleiding om naast de opgelegde gevangenisstraf tevens een geldboete op te leggen. Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de veroordeelde in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering, aan de orde is. Toepasselijke wettelijke voorschriften Het hof heeft gelet op de artikelen 2, 10, 10a en 11b van de Opiumwet en de artikelen 47, 57, 63 en 420bis van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij rechtens gelden dan wel golden. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht: Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 primair, 3 en 4 tenlastegelegde heeft begaan. Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij. Verklaart het onder 1, 2 primair, 3 en 4 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar. Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 72 (tweeënzeventig) maanden. Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht. Dit arrest is gewezen door mr. E.C. van Veen, als voorzitter, mr. M.C. Bruining en mr. M.S. Lamboo, leden, in bijzijn van de griffier mr. T. Kherad. Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 3 juli 2025. Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Waar wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal ‘Onderzoek EEMS’, onderzoeksnummer DHRAA19069 van de politie eenheid Den Haag, Dienst Regionale Recherche, met bijlagen (doorgenummerd pagina 1 t/m 1870). De hierna aangehaalde bewijsmiddelen voor de bewezenverklaarde feiten dienen in onderlinge samenhang te worden beschouwd. p. 157-163. p. 263. p. 1540. p. 251-252, Eems methodiekendossier p. 103-104 en p. 108. p. 260-262. p. 263-268. Dataset, totaalbestand Sky-export [account 15], regels 1135 en 1205. p. 849. Proces-verbaal van de verklaring van de verdachte [medeverdachte 4] ter terechtzitting in eerste aanleg d.d. 13 juni 2022. p. 165-166. p. 174-175. p. 34-35. p. 135-138. p. 140-141. Dataset, totaal bestand Sky export [account 15]. p. 561, p. 561-562, p. 569. p. 397-604 en p. 1813-1828. p. 1653, p. 1677 en p. 921. p. 784. p. 763. p. 348-350. p. 165-166. p. 178-179. p. 523-524. p. 453-455. p. 308 en p. 310. p. 139 ev. p. 85 ev., p. 90 ev., p. 656 ev. en p. 777 ev. p. 43 ev., p. 212, p. 571, p. 729 ev. p. 23 ev. p. 157 ev., p. 263 ev. p. 280, p. 551, p. 1878-1279. p. 99-101. p. 117. p. 81. p. 521-522. p. 795. p. 152. p. 523. p. 145. p. 471. p. 471. p. 471. p. 146. p. 147-148. p. 31. p. 140-141. p. 35. p. 778. p. 102-103, 105, 111, 113-118. p. 41-42, 620-624, 764-773. p. 567, p. 744, p. 1652-1656, p. 1805-1812, p. 1813-1818, p. 1819-p. 1824 en p. 1825-1828. p. 308, p. 310, 322, p. 511-513, p. 1801-1804, p. 1830, p. 1833, p. 1835 en p. 1837. p. 324-327. p. 11 van het beslagdossier. p. 487. p. 473-486. p. 921, p. 1653 en p. 1677. p. 935-936, p. 943-944, p. 1631, p. 1653, p. 1753. p. 921-922, p. 1679-1683 , p. 1712-1714. p. 815, p. 819, p. 1789-1790. Het proces-verbaal van de verklaring van de verdachte [medeverdachte 4] ter terechtzitting in eerste aanleg d.d. 13 juni 2022. p. 670-673. p. 182, p. 191, p. 34-349, p. 669-673 p. 350, p. 194. p. 761-763. p. 666. p. 1319. Bijlage 1 bij repliek officier van justitie van 27 juni 2022. p. 305, p. 497, 569-570, p. 667, p. 696-697, p. 698-699, p. 780-786. p. 563 p. 597-604. p. 511-513. p. 793. p. 326. p. 725. p. 219, p. 226, p. 310, p. 502 en p. 546-548. p. 608-611. p. 103-104. p. 165-166. p. 351-355.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.